10 do’s om de impact van chronische pijn op je partner te ‘managen’

Geschatte leestijd: 14 minuten.

Als er érgens in het proces van leren omgaan met chronische pijn dingen mis kunnen gaan, ligt dat op het terrein van de relaties met je dierbaren. Veel mensen vinden ‘iets’ van die pijn; ik schreef al vaker over vooroordelen. Maar ook jijzelf hebt vooroordelen over anderen met chronische pijn. Ook ik heb ze. Wat veel pijnpatiënten zich, zeker in de beginfase, minder realiseren is dat jouw chronische pijn ook veel impact op je partner heeft. En dat hij, of zij, er iets van vindt. Tien concrete, direct toe te passen, tips als je leeft in een relatie waarin je chronische pijn ‘cadeau’ hebt gekregen.

Waar ik hieronder, omwille van de leesbaarheid, “hij”, “zijn” of “hem” schrijft geldt natuurlijk net zo goed “zij” en “haar”. In de praktijk zijn er net wat meer vrouwelijke pijnpatiënten dan mannelijke, dus zijn er andersom net wat meer mannelijke partners van pijnpatiënten dan vrouwelijke.

Chronische pijn en je relatie of huwelijk

Mensen gaan doorgaans een relatie aan als ze jong, en dus gezond zijn. Samenwonen en/of trouwen blijkt goed voor de volksgezondheid: mensen die zijn getrouwd (of samenwonen), zijn een stuk gezonder dan mensen die alleen wonen. Omgekeerd is iemands gezondheid ook van invloed op de kans dat zijn huwelijk strandt in een scheiding. Gehuwden met twee of meer chronische aandoeningen (zoals een hoge bloeddruk, kanker of astma) hebben een twee keer zo grote kans op echtscheiding. Een ziekte kan dus een grote druk op iemands relatie leggen.

Zo bleek al uit een onderzoek in 1996 van de Erasmusuniversiteit Rotterdam, onder 19.000 inwoners uit de regio Eindhoven. Een onderzoek van het CBS, gehouden in 2003, toont aan dat bij 10% van alle scheidingen gezondheidsproblemen de oorzaak zijn.

Chronic illness is the leading cause of death and disability in the United States. Experts say it also increases the risk of divorce from the 40-50% norm to as much as 75%. Given the relationship between chronic diseases and conditions—such as diabetes, heart disease, cancer, stroke, immune conditions, arthritis, etc.—and divorce, it becomes prudent to plan what steps to take if one should become seriously ill. This is especially true for older married couples.

HG Legal Resources

Een ander onderzoek keek naar de scheidingspercentages van getrouwde stellen waarbij één ervan, ouder dan 50, leed onder een serieuze aandoening. Eén-derde van de huwelijken leidde tot scheiding, één-kwart tot weduwschap. Het percentage mannen dat scheidt van zijn vrouw als deze ziek wordt, stijgt met 6% (ten opzichte van de cijfers wanneer niemand ziek is). Factoren die meespelen zijn de aard van de aandoening en de duur van de periode van de ziekte. Maar ook de impact van de ziekte op de verzorgingsbehoefte, de beperkingen in werkmogelijkheden en het feit dat (gezamenlijke) sociale activiteiten minder makkelijk worden.

De cijfers in onderzoeken variëren ongetwijfeld, maar het is dus als chronisch pijnpatiënt zeker zaak om de impact van chronische pijn op je partner goed in de gaten te houden.

Maar hoe ‘manage’ je nu de impact van chronische pijn op je partner?

Kun je die impact wel ‘managen’? Mwah, dat denk ik eigenlijk niet. Die impact ís er gewoon. Het is geen zakelijk project dat je managet, het draait veel om gevoel. Maar er zijn wel degelijk dingen om rekening mee te houden en do’s & don’ts.

Tien concrete, direct én duurzaam toe te passen tips om de impact van jouw chronische pijn op je partner niet uit het oog te verliezen:

  1. Begrip tonen voor de positie van je partner
  2. In gesprek gaan én blijven met je partner
  3. Je partner meenemen in het proces en je eigen denken
  4. Je partner pijn’vrije’ fasen gunnen
  5. Oog houden voor de belangen van je partner in je relatie
  6. Je partner betrekken bij je pijnbehandelingen
  7. Intimiteit en seks blijven combineren in combi met chronische pijn
  8. De humor er een beetje in blijven houden
  9. Je partner als ‘helpende hand’ zien…maar hem andersom ook helpen en anderen om hulp vragen
  10. Je partner af en toe verrassen

1. Begrip tonen voor de positie van je partner

‘Hij snapt er werkelijk niks van. Denkt zeker dat het een lolletje is dat ik lekker de halve dag op bed kan liggen, als hij moet werken. Alsof ik geen pijn heb. Alsof dat Netflix me niet de keel uitkomt. Kon ik maar lekker werken en had hij maar pijn, ik wil zo ruilen’.

Oké, misschien wat uitvergroot, maar gevoelens van wederzijdse jaloezie liggen zeker op de loer als je leeft met chronische pijn. Als persoon met chronische pijn kun je daarbij behoorlijk onzeker worden. Want, veel verandert. Je mobiliteit verandert. Je baan verandert. Je hobby’s veranderen. Je vriendschappen veranderen. Je inkomsten veranderen. Je afhankelijkheid wordt groter en gevoel van eigenwaarde daalt, haast als een soort communicerende vaten (als je niet oppast).

Je slachtoffer voelen is zo verschrikkelijk logisch. Want ik ga ervan uit dat je zelf niet hebt gevraagd om deze k%&*!@ situatie met pijn. Maar…je partner ook niet. Op het moment dat jullie, recent of langer geleden, een relatie kregen speelde de pijn wellicht nog helemaal niet. Je partner is net zo goed slachtoffer als jij. Alleen heeft het niet zoveel zin om in dat slachtofferschap te blijven hangen. Het verbetert je situatie met pijn niet. En het komt niet ten goede aan de kwaliteit van je relatie.

Het feit dat je snapt dat dit óók van grote invloed is op het leven van je partner benoemen, kan al een eerste verschil maken. Even wegblijven van het leed voor jezelf, maar begrip tonen voor dat van hem.

2. In gesprek gaan én blijven met je partner

Niets is vanzelfsprekend. Samen leven met chronische pijn al helemaal niet. Terwijl erover communiceren soms hartstikke eng is. Maar er níet over praten, het onderwerp doodzwijgen, zelf proberen op te lossen of volledig in je slachtofferrol kruipen…nou ja, de roze olifant zeg maar.

Heb je chronische pijn, dan heeft dat ook impact op je relatie. Dat kan niet anders.

Ga het gesprek over die roze olifant dus aan.

En dan bedoel ik niet over de uitzichtloosheid van de situatie. Of over welke behandeling je nu weer moet kiezen. Of over die vervelende bijwerking van dat en dat medicijn.

Ga het gesprek aan over de impact van jouw pijn op hem. Over de gevolgen voor zíjn leven, voor jullie relatie.

Ga het gesprek aan over de impact van jouw pijn op hem. Over de gevolgen voor zíjn leven, voor jullie relatie. Dat je dat niet kunt oplossen, maar wel begrip hebt voor zijn situatie en kijk op het geheel. En doe dat niet één keer, niet jaarlijks, maar geregeld. Overdrijf niet, dan wordt het krampachtig, maar check regelmatig hoe hij er in staat. Of er zaken zijn waar hij zich, onbewust of bewust, aan irriteert of waar hij tegenaan loopt. Of er dingen anders kunnen. Of moeten.

Over hoe hij vindt hoe je omgaat met je pijn. Krijg je kritiek, blijf rustig en ga jezelf niet verdedigen. Toon begrip. Dat is iets anders dan over je heen laten lopen, trouwens.

3. Je partner meenemen in het proces en je eigen denken

De fasen in leren omgaan met chronische pijn zijn vergelijkbaar met de fasen van rouwverwerking: ontkenning, boosheid, onderhandelen, depressie/desoriëntatie, aanvaarding.

Ik worstel, wij worstelen, al sinds 2012 (en eigenlijk al eerder) met deze chronische pijn. De fout die ik soms maakte is dat ik regelmatig stappen verder kwam in het rouwproces, in het denken over mijn pijn, maar mijn partner daarin niet meenam.

En met meenemen bedoel ik ook blijven meenemen.

Soms was ik, door therapieën die ik volgde, al sneller bij een volgende fase dan mijn vriendin. Omdat zij nu eenmaal niet overal bij kon zijn (wat ook heel gezond is!), maakte ik samen met behandelaars en therapeuten stappen in het proces. Kreeg ik door artikelen en boeken te lezen meer inzicht in het pijnproces, in wat helpend is en wat juist niet. Leerde ik (heel) langzaam om te gaan met de chronische pijn.

Je kunt niet van je partner verwachten dat hij dat ook allemaal leest, bijhoudt en bijwoont. Dat gaat simpelweg niet. Maar je kunt hem wel kort bijpraten over nieuwe inzichten die je opdoet en (blijven) meenemen in het proces.

4. Je partner pijn’vrije’ fasen gunnen

Pijn’vrij’, dat ben je nooit helemaal als je woont en leeft met iemand met chronische pijn. Die pijn is er helaas…iedere dag, week, maand en jaar. Maar dat betekent niet dat het er altijd maar over hoeft te gaan. Dat alles 100% om ‘jouw pijn’ hoeft te draaien. Dat jij altijd mag ontladen over je pijnlijke situatie, over hoeveel pijn je hebt, hoe slecht je dag weer is begonnen, etc. Doseer liever. Kies milde woorden, geef geen uur-to-uur beschrijving van de pijnintensiteit. Ik overdrijf natuurlijk, maar dat is om het punt wat duidelijker te maken.

Voor je partner is het belangrijk dat er genoeg momenten zijn dat het om jullie draait, om je relatie, en niet om de pijn die jullie ook (deels) gevangen houdt. Dat er aandacht is voor zijn behoeftes, wensen. Of gewoon, voor een alledaags gesprek.

Belangrijk voor die pijnvrije momenten is ook dat je je partner blijft gunnen om er ook zonder jou op uit te gaan. Hem juist géén schuldgevoel aanpraten als hij met vrienden op pad gaat, een korte vakantie alleen wil plannen of die wekelijkse hobby volhoudt. Het zijn belangrijke uitlaatkleppen en momenten voor hem om even afstand te nemen. Denk niet ‘ja lekker dan, en ik maar thuis zitten, ik kom ook nooit meer ergens waarom hij dan wel’. Ten eerste: er is -ondanks je pijn- ook voor jouzelf nog veel mogelijk om afleiding te zoeken, buiten huis of binnenshuis als je echt minder mobiel bent. Ten tweede: juist door hem los van jou dingen te laten doen houdt hij het vol en kan hij er voor jou zijn. Geef ruimte, vertrouwen.

5. Oog houden voor de belangen van je partner in je relatie

Een relatie is 2-richtingsverkeer.

De pijnpatiënt krijgt veel aandacht. Zij is immer degene met pijn, met een chronische ziekte. ‘Hoe is het met je’, ‘hoe gaat het nu’, ‘kan ik iets voor je doen’; iedereen zal de belangstellende en hulpvaardige vragen wel herkennen.

Maar die vragen gaan over het algemeen alléén naar diegene met pijn.

Ik weet nog goed dat we in de spreekkamer van de specialist zaten. Het zoveelste gesprek met de zoveelste behandelaar. Die de zoveelste MRI zou gaan beoordelen.

“Hoe gaat het nu eigenlijk met ú, mevrouw”, vroeg hij aan mijn partner. Als allereeste (openings)vraag van ons gesprek. “Is het voor u nog een beetje te doen allemaal, dat leven samen met iemand met chronische pijn?”

Hij had oog voor de belangen van mijn vriendin. Zette haar even op de eerste plek, om zich vervolgens te buigen over mijn verhaal. Dat maakte zó’n verschil, voor mijn vriendin, maar ook voor mij. Het zei veel over het empathische vermogen van deze arts. Maar ook over zijn begrip voor wat pijn met mensen, met mensen in een relatie, doet.

Hou zelf dus ook oog voor het belang van de ander, niet alleen voor dat van jezelf.

6. Je partner betrekken bij je pijnbehandelingen

In jaren met chronische pijn volgen vele, vele behandelingen en therapieën. In het begin doe je, als je relatie goed is, veel samen. Ga je samen naar gesprekken en behandelingen die een mogelijke oplossing kunnen bieden. Heb je samen hoop.

Naarmate de tijd vordert ging ik ook steeds meer zelf opzoeken. Probeerde ik mijn partner te beschermen tegen de vaak valse hoop van de zoveelste behandeling die het verschil weer niet ging maken. Natuurlijk probeerde ik daarbij mijn eigen verwachtingen ook zo laag mogelijk te houden, mezelf te beschermen tegen die valse hoop.

Het vergt ook gewoon veel tijd, al die bezoekjes. Zeker als er reistijd mee gemoeid is en je vijf, zes behandelingen nodig hebt voordat er überhaupt een verschil zou kunnen optreden. Als hardwerkende partner (om de gezinsinkomsten op peil te houden) kun je daar niet iedere keer vrij voor maken. En de planners bij de behandelaars houden natuurlijk geen rekening met volle agenda’s van partners. Take it or leave it.

Toch heb ik altijd geprobeerd uitleg te geven aan mijn partner over wat de behandeling inhoudt, waarom ik er wel of niet voor kies, wat de behandelaar heeft uitgelegd en wat we wel en niet mogen verwachten. Niet om ‘het altijd maar weer over die pijn te hebben’, maar wel in verkorte vorm. Om het beeld en het proces helder te houden.

De eerste echt goede ‘partnermodule voor mensen met chronische pijn’ moet ik nog tegenkomen. Iets dat verder gaat dan twee uurtjes op een maandagochtend of donderdagavond.

En soms was mijn vriendin “onderdeel van” de behandeling. Zeker de wat uitgebreidere revalidatietrajecten hebben wel aandacht voor de rol van de partner. Al vond ik die aandacht nog altijd erg beperkt. De eerste echt goede ‘partnermodule voor mensen met chronische pijn’ moet ik nog tegenkomen. Iets dat verder gaat dan twee uurtjes op een maandagochtend of donderdagavond. De impact is groot, dus verdient dat een serieuze partnerbenadering.

7. Intimiteit en seks blijven combineren in combi met chronische pijn

De humor vergaat je wel een beetje hoor. Sufheid als bijwerking van de medicijnen, een geheugen als een zeef, de pijn op zichzelf natuurlijk; menig pijnpatiënt is al wat blij als zij zichzelf ’s avonds (op tijd) in bed en ’s ochtends op tijd weer uit bed weet te krijgen. Los van alle behandelingen, operaties en therapieën waardoor het lijf soms écht even niet kan, of de geest niet wil. Of de medicijnen die direct doorwerken op je hormonen, doorbloeding etc. En niet te vergeten de eigenwaarde die door verlies aan werk, zingeving of perspectief sterk is gedaald.

Behoefte aan intimiteit en seks kunnen behoorlijk veranderen als je leeft met chronische pijn. Want ook een partner kan banger worden om het pijnlijke lijf van de ander nog aan te raken. Ziet een zwaar vermoeid persoon naast zich, die niet altijd overstroomt van positiviteit. En in sommige gevallen sluipt ook nog eens het uiterst aantrekkelijke apneumasker (bijwerking van de morfine), of een ander hulpmiddel, de slaapkamer binnen. Of is juist de partner oververmoeid, door extra diensten (om het gezinsinkomen op peil te houden) of gewoon de stress.

Allemaal waar. En niet echt intimiteit-verhogend. Maar tegelijkertijd is intiem zijn en seks hebben juist goed voor de relatie. Én kan het een positieve invloed op de pijn hebben.

Belangrijk dus om dit bespreekbaar te houden. En te zoeken naar oplossingen; denk aan een verandering in medicatie (of moment van inname), het opnieuw zoeken naar zingeving, het aanpakken van je eigen emoties.

En trouwens, “intimiteit” is natuurlijk op vele manieren in te vullen. Als “seks” er op enig moment even niet in zit, zijn er natuurlijk nog genoeg andere manieren om te laten zien dat je blij bent met je partner en genegenheid te tonen.

Meer tips? Ik kan je van harte het hoofdstuk ‘Intimiteit en seks’ in het hieronder genoemde boek “Lieve Help” van Anna Raymann aanraden.

8. De humor er een beetje in blijven houden

Dealen met chronische pijn is loodzwaar. Echt, ik kan het weten. En mijn partner ook. Je kan er samen voor kiezen om in die loodzware fase te blijven hangen. Ik raad het je niet aan.

Ik noemde het al eerder, de humor vergaat je soms wel een beetje. Om leren gaan met chronische pijn is geen lolletje, maar mag desondanks af en toe wel lollig zijn.

In een relatie waar chronische pijn een onderdeel is, is humor en relativering een overlevingsinstrument. Het maakt het loodzware weer wat lichter.

Dat begint vaak met zelfreflectie; zelfinzicht. Welke rol heb je zelf in het pijnproces? Hoe stel jij je op? Als slachtoffer die het ‘allemaal maar is overkomen’? Dat is natuurlijk ook zo, maar daarin blijven hangen gaat je op de langere termijn niets brengen.

In iedere relatie die langer duurt is humor en relativering een belangrijk instrument. In een relatie waar chronische pijn een onderdeel is, is het een overlevingsinstrument. Maakt het het loodzware weer wat lichter. Dat betekent trouwens niet dat je alles maar moet weglachen, of dat er geen tranen meer mogen vloeien bij de zoveelste tegenvallende uitslag van een onderzoek. Maar wel dat je daarna weer de schouders eronder zet, het positieve opzoekt. Veel pijnpatiënten passen uiteindelijke de nodige zelfspot toe, om af en toe ook afstand te kunnen nemen van hun situatie.

9. Je partner als ‘helpende hand’ zien…maar hem andersom ook helpen én anderen om hulp vragen

Denk ook aan praktische hulp. Veel partners vinden het moeilijk om (praktische) hulp aan anderen te vragen. Dat voelt wellicht als falen: ‘ik kan het gezin heus wel alleen managen hoor’. Maar in een gezin zijn, meestal, niet voor niets twee partners min of meer in evenwicht. En de taken, gelukkig steeds vaker in Nederland, min of meer gelijk verdeeld.

Auto wassen, de weekendboodschappen doen, kinderen heen-en-weer sjezen, benzine tanken, het tien-minutengesprekje op school, mee naar de tandarts, een ochtend of middag aan het veld staan of op de tribune zitten: een gezinsleven kent vele, vele momenten van aandacht die ergens nodig is. En ook een relatie zonder kinderen heeft, wellicht andere, maar ook genoeg van dat soort momenten.

Help hem om hulp te vragen. Stel een kookschema op waarbij anderen af en toe voor jullie gezin mee-koken. Vraag belangstellende visite om zelf iets mee te nemen bij de koffie, zelf thee te zetten of ook even een klusje te doen zodat je partner ook lekker mee kan ontspannen. Regel een andere vader, of moeder, die de kids meeneemt naar de sportclub. Maak een appgroep aan waarin je praktische vragen kunt stellen of waarin mensen hun hulp (concreet!) kunnen aanbieden. Even wat extra boodschappen door iemand laten meenemen, de was of strijk een keer door een buurman of vriendin laten doen, overschakelen op een schoonmaakster die de basisboel op orde houdt: er zijn zóveel manieren om anderen concreet in te schakelen en daarmee je partner te ontlasten.

10. Je partner af en toe verrassen

Ja, is dat niet voor iedere relatie gezond?

Niet in een sleur verzanden, maar juist oog houden voor elkaar. Échte aandacht aan elkaar besteden, iets leuks in te plannen, elkaar weer eens te verrassen…en vooral lief te blijven voor elkaar. Ondanks de pijn.

Er zijn genoeg boeken en blogs geschreven over het in stand houden van een gezonde relatie, dus dat ga ik hier niet herhalen.

Maar júist in een relatie met chronische pijn is die aandacht voor je partner zo essentieel. Laten zien dat niet alles centreert rondom jou als pijnpatiënt, maar oog hebben voor zijn behoeftes. Is het moeilijk om dingen georganiseerd te krijgen, bijvoorbeeld omdat je niet of minder mobiel bent, betrek dan iemand anders die dingen voor je kan regelen. En natuurlijk is er via internet genoeg te regelen en bestellen. Zelfs als je (veel) op bed ligt.

De beste stuurlui…

Klinkt goed toch, tien concrete tips om oog te houden voor de impact van chronische pijn op je partner? Dan zal het bij huize ‘De Grote Keet’ in Breda allemaal wel vlotjes verlopen?

Nou nee. Tips opschrijven kost een uurtje en (internet)papier is geduldig.

Je bewust zijn is stap één. Maar het gaat er uiteindelijk om dat je het ook doet. En doorlopend doet. En blijft doen. Ook als het moeilijk is, moeizaam gaat, als de pijn de overhand weer eens neemt.

In de loop der tijd ben ook ik wijs(/zer) geworden. Een relatie met pijn onderhouden is hard werken. Dat geldt voor iedere relatie, zonder dat het ‘werken’ negatief hoeft te zijn trouwens. Maar dat geldt zéker als chronische pijn de derde partner in je relatie is geworden.

Deel je ervaringen

  • Leven jullie in een relatie met chronische pijn? Herken je de situaties zoals in bovenstaande tips beschreven?
  • Wellicht heb je aanvullende tips voor het gezond houden van je relatie, ondanks én met de chronische pijn?
  • Welke rol heeft chronische pijn in jullie relatie gekregen? Welke ups & downs heeft dat opgeleverd? En welke móóie momenten heb je beleefd, juist door de situatie met jouw pijn (of die van hem)?

Deel je gedachten en ervaringen via de reacties hieronder.

Meer lezen

Een heel praktisch én prikkelend boek is Lieve Help van Anna Raymann. Echt, ik kan het ieder stel aanraden dat moet dealen met chronische pijn, maar ook met een chronische ziekte in algemenere zin. Het staat bomvol praktische tips en is lekker snel met veel humor geschreven. Het is trouwens niet alleen op ‘de partner’ gericht, er zijn ook hoofdstukken geschreven voor andere dierbaren in je directe omgeving. Te beginnen met je kinderen.

Bestel Lieve Help rechtstreeks bij Anna of via onderstaande link bij Bol, zolang de voorraad strekt. Het is ook mogelijk Lieve Help als e-book (pdf) te bestellen.

Samenvatting: De oplossing voor PIJN – Korbmacher

Geschatte leestijd: 19 minuten.

“Voorkomen is beter dan genezen.” Dat is een waarheid als een koe. Maar ook een van de grootste dooddoeners. Want, in de wereld van de chronische pijn, is vooralsnog héél veel aandacht voor dat ‘genezen’ en relatief weinig aandacht voor het voorkomen. Pijnmedicatie, injecties, behandeltherapieën, operaties, neurostimulators: er zijn ontzettend veel medische ingrepen en instrumenten om het pijngehalte naar beneden te krijgen. Maar ik heb in de loop der jaren weinig structureels aangereikt gekregen wat betreft gezonde levensstijl, beweging, voeding, voorlichting over pijn. Ja, op ad-hoc basis wel, of als je het zelf opzoekt, maar niets pro-actiefs op programma-basis vanuit bijvoorbeeld een ziekenhuis, pijnkliniek of overheid. Michael Korbmacher publiceerde een boekje, in print en pdf, dat zich richt op kennis rondom pijn én preventie. In dit blog een samenvatting van “De oplossing voor PIJN”.

Wie is Maikel Korbmacher?

Maikel Korbmacher is afgestudeerd fysiotherapeut en heeft, na een aantal jaren specialisaties, opleidingen en werkplekken (o.a. als fysio in de topsport) in 2008 zijn eigen fysiopraktijk opgericht, Fysiotherapie4ALL. Slogan: “de specialist in pijn”.

Wij willen mensen graag helpen, omdat wij geloven dat elk probleem opgelost kan worden en dat we alle pijnklachten kunnen bestrijden of in ieder geval beduidend verminderen. Want iedereen verdient een pijnvrij leven.

Maikel Korbmacher, in “De oplossing voor PIJN”

Mijn wantrouwen slaat meteen aan als ik dit soort zinnen lees. Terecht of onterecht, maar ik vind het altijd zo ‘goeroe’-achtig klinken. In dit geval had ik dat dus ook, maar werd toch getriggerd om door te lezen omdat Maikel zélf chronisch pijnpatiënt is, of was. Het opzetten en uitbouwen van zijn fysiobedrijf had een duidelijke keerzijde: veel overwerk, veel stress, grenzen continu verleggen. En dat leidde uiteindelijk tot pijn. Veel pijn.

Zodanig veel dat ook Maikel in het traject van onzekerheid, twijfelen aan eigen gesteldheid, ziekenhuizen en diagnoses terecht kwam. “Als je pijnklachten hebt en je weet niet wat de oorzaak is, maakt het je gek. Niemand gelooft je en de onzekerheid slaat toe”. Uiteindelijk inspireerden twee mensen hem om anders te leren kijken naar pijn: wetenschapper en pijnexpert Lorimer Moseley én Wim Hof, die ademhaling, mindset en koudetraining toepast om je immuunsysteem te versterken. Beide mannen lieten hem inzien dat je lijf een enorm zelfherstellend vermogen heeft en dat dáár wellicht juist de sleutel ligt om chronische pijn te verminderen.

In de reeks ‘samenvattingen’ ditmaal de visie van Maikel Korbmacher.

Waarom deze samenvatting?

  • Op het eerste gezicht wordt er nog niet zoveel gepubliceerd over chronische pijn. Zoom je in, dan zijn er in de loop der tijd toch al behoorlijk wat pijnboeken geschreven. Door samenvattingen aan te bieden krijg je grip op wat er zoal verkrijgbaar is…en wat waarde toevoegt aan de kennis die je al hebt.
  • Een samenvatting van een boek is handig voor het snelle overzicht. Om te beoordelen of het de moeite waard is om het hele boek te gaan lezen, lenen of kopen. Een samenvatting is te beknopt om het boek te kunnen vervangen.
  • Een samenvatting van een boek is ook ná het lezen van het volledige boek handig. Je vindt er snel een compleet overzicht, je kan het later nog eens nalezen als bijvoorbeeld de inhoud wat is weggezakt.
  • Een samenvatting bevat uiteraard weinig nuance. Het heeft geen toelichtende anekdotes of voorbeeldverhalen waardoor stof tastbaar wordt. Het heeft geen illustraties…soms zegt één beeld meer dan 1000 woorden. Het heeft geen toelichtende tabellen en het bevat vaak niet de retourvragen aan de lezer, die je aan het denken zetten.

Kortom: Een samenvatting geeft grip, maar is ook altijd beperkt.

Tips bij het lezen van De oplossing voor PIJN

  • Probeer bij alles wat je leest hetgeen je leest op je eigen situatie toe te passen. Wat vind jij van, hoe denk jij over, in hoeverre pas jij al toe wat je leest, in hoeverre wíl je toepassen wat je leest.
  • Uiteraard is de samenvatting deels ook míjn interpretatie van wat ik lees; het zijn de zaken die mij in het boek zijn opgevallen of triggeren die ik opschrijf. Daarmee ben ik verre van volledig, dat is ook niet het doel van de samenvatting. Het kan dus zijn dat jij juist andere zaken haalt uit het oorspronkelijke boek dan ik.
  • De oplossing voor PIJN kan soms wat technisch worden. Maar het is daarnaast goed leesbaar en niet te dik. Ook de technische zaken worden gerelateerd aan pijn. Even doorzetten dus, soms.

Inhoudsopgave De oplossing voor PIJN- Maikel Korbmacher

Ik las de print-editie 2020.

Inleiding

‘Stress’ is de rode draad in ‘De oplossing voor PIJN’. Positieve stress, die nuttig is in bepaalde omstandigheden, maar ook een teveel aan stress, dat belemmert. Homeostase verstoring, ofwel het uit balans raken van je lichaam door een teveel aan prikkels. En die leidt weer tot onder- of juist overbelasting.

Een pijnvrij leven draait om je fysiek, brein en intern milieu.

Er zijn drie factoren van invloed op je algemene gezondheid:

  1. Fysiek: je lichamelijke gesteldheid; de invloed van bewegen en sporten op je uithoudingsvermogen en belastbaarheid.
  2. Intern milieu: alles wat te maken heeft met interne processen in je lichaam; denk aan stofwisseling, ademhaling, hormoonhuishouding.
  3. Brein: de aansturing van je lichaam: idealen, gedachten, gevoelens.

Fysiotherapie4ALL gaat er van uit dat een of meerdere van deze factoren van invloed zijn op klachten als pijn.

Wat is pijn precies?

Pijn is in beginsel een positief signaal met een waarschuwende functie in je lichaam dat er ‘iets mis is’. Bij acute pijn is er een duidelijke oorzaak, een beschadiging. Bij chronische pijn is die schade er veelal niet meer, blijft de pijn zelf prikkels geven aan het systeem en wordt het zenuwstelsel steeds gevoeliger voor prikkels.

Iedereen ervaart pijn anders, reageert anders op dezelfde schade. Blijkbaar is het brein dus van invloed op de wijze waarop je pijn ervaart. Gespannenheid of stress kan je brein sterker activeren en gevoeliger maken. Stressbelasting, fysiek of mentaal, brengt je lijf in een ‘vecht- of vlucht-status’. Adrenaline zorgt ervoor dat je hart sneller gaat kloppen, je bloed sneller gaat stromen. Daarnaast zorgt cortisol ervoor dat je bloedsuiker stijgt en er meer brandstof vrijkomt voor je spieren: vechten of vluchten. Normaal duurt deze situatie vrij kort. Maar bij continue stressbelasting komt je brein niet meer tot rust, blijven je zenuwen en spieren te lang aangespannen. Dat zorgt voor overgevoeligheid en leidt uiteindelijk tot klachten als prikkelbaarheid, overspannenheid, burn-out, depressies, slecht slapen, etc.

Langdurige pijn zorgt ervoor dat je brein deze situatie als ‘normaal’ gaat beschouwen. Je gaat minder ondernemen en bewegen en raakt gefrustreerd. Medische behandelingen helpen niet of niet voldoende. Een neerwaartse spiraal, die tot steeds meer pijnklachten leidt. Mensen denken vaak dat dit proces niet meer om te keren is, maar het zenuwstelsel is flexibeler dan we denken. Door nieuwe ervaringen ontstaan nieuwe verbindingen in je hersenen. Dit werkt ook zo bij pijn.

Maikel kwam door zijn eigen pijnperiode tot het inzicht dat bij chronische pijn soft skills, zoals communicatie, uitleg, voorlichting, haast nog belangrijker waren in zijn werk als fysiotherapeut dan de fysieke, meer technische, handelingen. En dat chronische pijn los staat van weefselschade; dat er schade kan zijn zonder pijn (denk aan de hoeveelheid hernia’s waarbij mensen géén pijn hebben) en pijn zonder weefselschade (‘niets te zien op welke scan of MRI dan ook’). De boeken en lezingen van Moseley leerden hem dat het belangrijkste is er achter komen wáárom je brein je nog beschermt en hoe je deze buffer kunt verkleinen. Maar ook dat bewegen een van de sleutels is: ‘movement is king’. En vooral: dat het tijd kost om je brein opnieuw te trainen.

Fysieke factoren die van invloed zijn op je pijn

Bewegen houdt het bindweefsel gezond en zorgt voor een goede belastbaarheid van spieren, pezen en botten. Daarnaast beïnvloedt bewegen je organen, huid en mentale toestand. Van invloed op dat bindweefsel zijn: uithoudingsvermogen, kracht en belastbaarheid.

Uithoudingsvermogen (cardio)

Uithoudingsvermogen is de capaciteit van zuurstof die het lichaam tijdens de belasting kan volhouden. Zuurstof zet vetten, suikers en eiwitten om in energie. Een goede conditie zorgt voor een beter uithoudingsvermogen en dat zorgt weer voor gezond bindweefsel. Afval- en opbouwproducten worden -bij schade- sneller verwerkt, wat voor een sneller herstel zorgt. Door te trainen gaat je hart efficiënter werken; inactiviteit (bijvoorbeeld door steeds vaker en langer te zitten of liggen) heeft juist een negatieve invloed op je hartfunctie. Dagelijks bewegen en je uithoudingsvermogen verbeteren zorgt er ook voor dat je longfunctie verbetert, waardoor het zuurstoftransport beter verloopt.

Krachttraining

Wanneer je niet actief bent, neemt de productie van spier-, pees-, bot- en kraakbeenweefsel af. Zeker na je dertigste! Juist met krachttraining neemt de belastbaarheid van je lichaam weer toe. Krachttraining kan op verschillende manieren en in verschillende intensiteit. Begin je met krachttraining, dan is dat vaak gericht op krachtuithoudingsvermogen: train je met een lager gewicht dan herhaal je vaker, met een hoger gewicht minder vaak. Je traint het uithoudingsvermogen van je spieren. Maar je kunt ook trainen om de omvang van je spieren, je spiermassa, uit te breiden. Met meer spiermassa kun je dagelijkse activiteiten of zwaardere werkzaamheden beter aan. Het trainen van je rompspieren (‘core stability’) is essentieel om blessures te voorkomen. Maar ook de manier waarop je je oefeningen uitvoert, langzaam of (te) snel, met te veel of te weinig gewicht, met voldoende of te weinig rust, is belangrijk. Begin je met krachttraining, kies dan altijd voor professionele begeleiding.

Voeding, en specifieker de eiwitten die zorgen voor aminozuren, is daarbij belangrijk om spieren op te kunnen bouwen. Juist de combinatie van beweging en de juiste voeding maakt je lijf gevoeliger voor opbouw van je spieren. En dat geldt voor alle leeftijden! Maar beweeg je te weinig, of kies je voor voeding met weinig eiwitten, dan verlies je meer spiermassa dan dat je toevoegt.

Belasting, belastbaarheid

Belastbaarheid is de hoeveelheid belasting (hoeveelheid prikkels) die je lichaam aankan zonder klachten te krijgen. Met training bij een fysiotherapeut is vaak het doel om je belastbaarheid te vergroten, je lichaam sterker te maken. Maar er is ook een keerzijde: stop je weer met de oefeningen of belast je je lijf weer minder, dan verminder je je belastbaarheid weer. Ook onder- of overbelasting kan ervoor zorgen dat je belastbaarheid afneemt. Heel belangrijk bij het trainen van je belastbaarheid is ook voldoende rust en hersteltijd. Krijgt je lichaam te weinig tijd om te herstellen, dan kan je belastbaarheid afnemen in plaats van toenemen.

Door een te eenzijdige belasting van je spieren, bijvoorbeeld door lang te zitten, is er minder doorbloeding van je spieren. Door minder energie kan je spier minder goed aanspannen én ontspannen. Er ontstaan knoopjes en verkrampte spieren.

Hoe het intern milieu van invloed is op je pijn

Alle processen in je lichaam vallen onder het ‘intern milieu’: denk aan zuurstoftransport, stofwisseling, voeding, hormoonhuishouding. Al deze tezamen beïnvloeden je lichaamsevenwicht (homeostase).

Voeding en voedingsstoffen

Voedingsstoffen uit je voeding worden in de darmen omgezet in brandstof.

Koolhydraten (zetmeel en suikers) zijn daarbij een van de belangrijkste voedingsstoffen voor energie. Glucose, bloedsuikers, heeft het lichaam nodig om organen te laten functioneren. Vers fruit, aardappelen, groenten en volkoren producten zorgen voor koolhydraten. Maar krijg je er teveel van binnen, dan worden de koolhydraten omgezet in vet.

Eiwitten (proteïnen, ofwel ketens van aminozuren) zijn eveneens essentieel, voor groei en herstelprocessen. Dierlijke eiwitten zitten in bijvoorbeeld melk, yoghurt, kaas, kip, vleeswaren. Plantaardige eiwitten zitten in o.a. brood, aardappelen, sojaproducten, granen en peulen. Eiwitten werken bijvoorbeeld ook door in het immuunsysteem.

Ook vetten zijn een bron van energie. Vetten zijn brandstof, maar ook zorgen ze voor opbouw van cellen en warmte-isolatie. Verzadigde vetten in dierlijke producten (vlees, melk) zorgen voor een hoger cholesterol (met het dichtslibben van bloedvaten als risico). Onverzadigde vetten in vette vis en olieën zorgen voor een lager cholesterol en beïnvloeden de zenuwfuncties.

Vitaminen en mineralen zijn microvoedingsstoffen. Ze leveren niet zelf energie, maar zijn wel nodig voor het vrijmaken van energie uit vetten, eiwitten en koolhydraten. Daarnaast beïnvloeden ze lichaamsprocessen, zorgen voor opbouw en herstel van weefsel, voor een betere spijsvertering en stofwisseling. Ook werken ze door in het immuunsysteem, gaan dus ziekten tegen.

Voeding is van invloed op je stressniveau. Bijvoorbeeld alcohol en cafeïne, maar ook afslanksupplementen, maken je zenuwstelsel ‘ongeruster’. Hoe meer ‘kleur’ op je bord, hoe beter je de koolhydraten, vetten, eiwitten en vitaminen mixt. Alleen met teveel koolhydraten (brood, koek, etc.) moet je oppassen. Vaak levert het instant bevrediging op, maar daarna juist een lager energieniveau, stemmingswisselingen en méér eetlust.

Ketogeen dieet

Wanneer je voor een langere tijd erg weinig koolhydraten eet en juist veel (gezonde) vetten en eiwitten, gaat je lichaam op zoek naar een andere manier om brandstof te vinden -ook wel ‘staat van ketose’ genoemd. Het lichaam spreekt de vetreserves aan (meer vetverbranding), om spierafbraak tegen te gaan. Je eetlust neemt af, je verliest lichaamsvet en je gezondheid bevordert. Maar, van invloed op pijn: ook worden de zenuwen minder gevoelig en de hersenfunctie verbetert. Je kunt beter nadenken, voelt minder pijn, bent minder moe en hebt minder een hongergevoel.

Een ketogeen dieet heeft voor- en nadelen en is geen wondermiddel. Lees er meer over bij het Voedingscentrum.

Intermittent fasting

Net als bij een ketogeen dieet boots je met intermittent fasting (‘vasten’) voedselschaarste na. Dat kun je tijdelijk doen, of onderdeel maken van een nieuw voedingspatroon. Je haalt als het ware de energie uit je vetreserves. Je celreparatie neemt toe, je ontwikkelt meer spiermassa, je insulinespiegel daalt en geactiveerde genen hebben een positieve invloed op je immuunsysteem. Je leeft langer, valt af, het maakt je hart gezond, vermindert ontstekingen in je lichaam en je hersenfunctie verbetert.

Maar ook hier geldt: het heeft voor- en nadelen en is geen wondermiddel. Lees er meer over bij bijvoorbeeld het Voedingscentrum of bij SoChicken.

Fysiologie van het bindweefsel

Bindweefsel (cellen, vezels, matrix) zit in alle structuren van je lichaam: spieren, botten, pezen, organen, etc. Iedere structuur heeft andere belastingprikkels nodig om te kunnen herstellen. Bindweefsel verbindt weefsels, biedt ondersteuning, slaat energie en mineralen op, transporteert, herstelt en beschermt.

Door actief te bewegen wordt de weefseldoorbloeding verhoogd en neemt zuurstof in de cellen toe. Het draagt bij aan het herstel van bindweefsel. Bij chronische aandoeningen is het extra belangrijk je bindweefsel gezond en fit te houden door voldoende te bewegen, goed te eten (gebalanceerd) en op tijd rust te houden.

Zuurstof

Bij een gezond en fit lichaam hoort voldoende zuurstof. Bij te weinig zuurstof moeten organen veel harder werken en kunnen klachten als hoofdpijn, kortademigheid of coördinatieproblemen ontstaan. Maar ook een juiste PH-waarde (zuurgraad) is essentieel voor een goede gezondheid. Hier komen mineralen bij kijken, zoals calcium en magnesium, die ervoor zorgen dat zuren worden geneutraliseerd. Stress of een verkeerde ademhaling of voeding kunnen er juist voor zorgen dat voorraden mineralen uitgeput raken, dat de PH-balans verstoord raakt. Botontkalking of huidproblemen zijn vaak het gevolg, maar ook pijnklachten, diabetes, fibromyalgie en allergieën zijn gevolgen van verzuring.

Voeding kan zorgen voor verzuring, bijvoorbeeld door alcohol, cafeïne, zuivel. Maar deze zuren zitten bijvoorbeeld ook in (pijn)medicatie en antibiotica. De maag filtert zuur uit de voeding, maar bij een teveel aan zuren (brood, koffie, eieren, kaas, yoghurt etc.) werkt dit niet goed meer. Er worden dan mineralen uit bijvoorbeeld bot- en spierweefsel gehaald om de zuren te neutraliseren, waardoor er problemen op spierniveau kunnen ontstaan. Natuurlijk zijn er ook voedingsmiddelen die juist ontzurend werken, bijvoorbeeld salades, citroen, tomaat, noten.

Door een onbalans van zuurstof en koolzuur uit je ademhaling stijgt de PH-waarde van je bloed. Je lichaam probeert dit te compenseren maar dit kan leiden tot pijnlijke spieren, vermoeidheid, hoofdpijn, maagklachten. Met ademhalingstraining kan je de PH-waarde herstellen.

Hormonen

Hormonen controleren vrijwel alle processen in je lichaam. Ze zijn belangrijk bij groei, stofwisseling en in het immuunsysteem. Ze beïnvloeden je organen, bepalen je energieverbruik, spieropbouw en opslag van vet. Verkeerde voeding, beweging of stress verstoren je hormoonhuishouden.

Homeostase

Vrijwel alle pijnklachten hebben te maken met homeostase, het evenwicht in lichamelijke processen. Interne (conditie bindweefsel, zuurstofwaarde, bloeddruk etc.) en externe factoren (stress, werkdruk, relatie, belastbaarheid) hebben invloed op fysieke klachten.

Stofwisseling

Stofwisseling is nodig om voedingsstoffen om te kunnen zetten in bouwstoffen en energie. Maar ook om afvalstoffen te kunnen verwerken en reserves aan te maken en te gebruiken. Alles aan biochemische processen dat plaatsvindt in cellen valt onder stofwisseling (metabolisme). Het omzetten van koolhydraten, eiwitten en vetten en het afbreken van dode cellen en weefsels voor energie (brandstof, spieractiviteit, warmte, werking van organen) valt onder katabolisme. Het opnemen van voedsel door je lichaam voor energie, groei, voortplanting of het immuunsysteem valt onder anabolisme. Zowel katabolisme als anabolisme vallen dus onder stofwisseling. Vitamines, zuurstof, hormonen en enzymen zijn nodig als hulpstoffen voor de stofwisseling.

De processen in je lichaam zelf hebben energie nodig, het verwarmen van je lijf kost energie en je activiteiten kosten energie. Voor een optimale stofwisseling is voldoende en de juiste voeding essentieel. Maar ook de momenten waarop je je lichaam voedt, de spreiding, is belangrijk.

Medicatie

Pijnstillers maskeren de pijn. Je hebt niet minder pijn, maar je voelt het minder. Het gevaar is dat je over je eigen grenzen heen blijft gaan. Het lichaam zelf heeft ook een pijnstiller: de endorfines. Endorfines blokkeren de pijnsignalen uit de hersenen. Je stimuleert aanmaak en gebruik van endorfines door voldoende te bewegen, door koud te douchen (vermindert stress, remt ontstekingen, bevordert herstel), met een goede nachtrust, met een positieve mindset en via voeding (met name kruiden).

Tips voor een goed intern milieu

  1. Ontbijt met hoge voedingswaarde en goede verteerbaarheid: fruit, groentesap, smoothie
  2. Zorg voor voldoende zuurstof (ademhaling)
  3. Een nooit teveel in één keer: kies voor bv. 5x per dag
  4. Snack met fruit
  5. Vermijd suiker, foute koolhydraten en foute vetten
  6. Laat oppeppers als koffie, chocolade, cola etc. staan
  7. Vermijd strenge diëten
  8. Drink lauw water met citroensap, rooibosthee, minder koffie, geen frisdrank, geen alcohol
  9. Beweeg matig intensief, iedere dag
  10. Breng balans in belasting en belastbaarheid
  11. Stimuleer endorfines door actieve beweging
  12. Kies ook eens voor iets buiten je comfortzone, bv. intermittent fasting

Hoe het brein van invloed is op je pijn

De huidige maatschappij vraagt veel van ons; de stress en werkdruk brengt regelmatig een flinke mentale belasting met zich mee: de psychische factor van stress.

Stress

Stress is spanning op je lichaam. Je hebt chemische stress (gassen, verontreinigingen), mechanische stress (houding, beweging), psychische stress (emotioneel) en thermische stress (oververhitting, koeling). Stress kan functioneel zijn, maar teveel stress is dat niet.

Primaire fysiologische reactie

De lichamelijke reactie op stress is al eeuwen dezelfde: vechten of vluchten. Het lichaam slaat direct alarm, adrenaline en noradrenaline komen vrij. Je hartslag verhoogt, je ademhaling versnelt, je huidbloedvaten trekken samen, je bloed wordt dikker en je gaat meer zweten.

Secundaire fysiologische reactie

Na de eerste lichamelijke reactie slaat het tweede stress-systeem aan. Het cortisol-hormoon verhoogt je bloedsuikerspiegel voor extra brandstof en het onderdrukt de activiteit van het immuunsysteem: alle energie moet richting de vecht-of-vlucht reactie.

Pas ná de bedreigende ervaring geeft je lichaam eventuele pijn of vermoeidheid aan, pas als het lichaam weer ‘veilig’ is. In de huidige praktijk kan dat best lang duren; denk aan het ziek worden tijdens de zomervakantie of pas na pensionering. Ondertussen stel je jezelf dus continu bloot aan stress en blijft je lichaam in de overlevingstand.

Waar vroeger vooral sprake was van acute stress, is er tegenwoordig meer chronische stress: steeds vaker terugkerende (relatief vaak kleinere) stressmomenten. Ook perfectionisme, piekeren of bezig zijn met reacties van anderen zijn voorbeelden van zulke momenten. Zeker als die momenten voortduren, niet worden afgerond met herstel, gaat je lichamelijke en mentale conditie steeds verder achteruit.

Lichamelijke stress herken je aan bv. slaapproblemen, chronische vermoeidheid, duizeligheid of hoofdpijn. Psychische symptomen zijn bv. snelle irritatie, weinig zelfrespect, problemen met concentratie of veel klagen en zuchten. Ook mensen die zeggen ‘niet zonder stress te kunnen’ zitten in een neerwaartse spiraal, ze hebben behoefte aan adrenaline en endorfine, maar kampen tegelijkertijd met een verhoogde cortisolspiegel.

Hoe ontkom je aan stress?

  1. Bedenk een uitweg, liefst iets fysieks. Ga wandelen of fietsen, of boksen.
  2. Maak zaken voorspelbaar. Je eerste lezing is nog vol stress, je tiende meestal niet meer.
  3. Bouw controle en eigen regie in. Plan een pauze, praat in plaats van pieker.
  4. Laat los, daar waar je geen controle hebt of krijgt.

Bewustwording

Onderzoek je stress en/of andere klachten, word je bewust van de factoren die er voor zorgen. Als je de aanleiding of oorzaak kent, kun je een oplossing zoeken.

Conditionering

  • Klassieke conditionering: goed gedrag belonen, slecht gedrag bestraffen: we passen het zowel bij dieren als mensen toe.
  • Operante conditionering: gedrag wordt beloond of gestraft en vervolgens vertoon je gewenst of niet-gewenst gedrag. Je leert daarmee van je gedrag en de beloning.

Ook bij pijn werkt het zo: geconditioneerde pijngerelateerde angst. Als een bepaalde beweging altijd pijn oproept, ga je die beweging vermijden. Tegenwoordig denkt men dat niet alleen de angst voor de pijn een signaal van ‘gevaar’ is voor je lichaam en brein, maar ook al het vermijdingsgedrag zelf. De oplossing hiervoor is dat je niet gedrag gaat vermijden, maar juist je grenzen gaat opzoeken. Bijvoorbeeld: juist gaan bewegen i.p.v. beweging vermijden.

Slapen

Tijdens je slaap herstelt je lichaam. Spieren ontspannen, je ademhaling, hartslag en hersenactiviteit vertragen. Niet het aantal uur telt, maar de kwaliteit en regelmaat van de slaap. Te weinig slaap zorgt voor een verminderde belastbaarheid; je cortisolspiegel daalt niet genoeg. En daardoor vermindert ook weer je vermogen om in slaap te vallen en de hoeveelheid diepe slaap: een vicieuze cirkel.

Slapen, hard werken om je cortisolspiegel omlaag te krijgen…

Coördinatie

Je brein coördineert de samenwerking tussen spieren en tussen spieren en organen. Raakt die coördinatie verstoord, dan levert dat lichamelijke klachten op. Bewegen, trainen en oefenen leert je brein zich weer aan te passen.

Aandacht, gedachten en emoties

  • Aandacht: als je gefocust bent en blijft op pijn, kun je de pijn die je ervaart erger maken. Maar ook: als je de pijn aanvaardt, er geen oordeel aan verbindt, voel je ook minder pijn.
  • Gedachten: met je gedachten kun je de pijn erger maken, catastroferen. Benader je de pijn positiever, of minder negatief, dan voel je ook minder pijn.
  • Emoties: Emoties zijn van invloed op je spierspanning. Door onverwerkte pijn is het voor het zenuwstelsel moeilijk om terug te keren naar de normale, ontspannen staat. Maar: los je de emotionele blokkade op, dan geef je je lichaam het signaal dat het kan gaan herstellen.

Autonome zenuwstelsel

Het animale zenuwstelsel regelt houding en beweging. Het staat onder invloed van de wil en maakt het mogelijk om bewust actie te ondernemen.

Het autonome zenuwstelsel staat niet onder invloed van die wil, reguleert belangrijke lichaamsprocessen. Het sympathische autonome zenuwstelsel is actief tijdens alle momenten gedurende de dag wanneer je in actie komt: werk, wandeling, sport, etc. Het versnelt je hartslag, spant je spieren aan, maakt je ademhaling of bloedsomloop sneller. In rust of tijdens je slaap werkt je parasympathische autonome zenuwstelsel. Het zorgt voor een tragere hartslag en bloeddruk, voor vertering, spierontspanning en opslag van voedingsstoffen.

Bij stress is het sympathisch zenuwstelsel overactief en kan het parasympathisch zenuwstelsel het lichaam niet tot rust brengen; hetgeen voor overbelasting zorgt. En daardoor ontstaan zowel lichamelijke klachten (ziektes, ontstekingen, blessures) als mentale klachten (overspannenheid, burn-out, angsten). Als dit lang duurt kom je in een ‘freeze’ modus terecht (dus niet meer vechten of vluchten).

Door te werken aan de band tussen je lichaam en je geest kan je de ‘nervus vagus’ activeren, de langste meest complexe zenuw in je lichaam die je brein met de belangrijkste organen verbindt. Dit bereik je door bv. yoga, mindfulness, meditatie maar ook door te zingen of met acupunctuur. Met een actieve nervus vagus komt je lichaam weer meer toe aan rust en herstel en neemt je belastbaarheid langzaam weer toe.

Medicatie en pijn

Pijnstillers kunnen snel doorwerken op je pijn, maar nemen niet de oorzaak weg. En: je hebt er meestal steeds meer van nodig plus er zijn allerlei bijwerkingen.

Alternatieven op pijnstillende medicatie: beweging, gezonde voeding, natuurlijke pijnstilling (CBD-olie etc,), ademhalingstechniek, rust, een betere balans in belastbaarheid.

Je fysiek, intern milieu én je brein beïnvloeden pijn

Je eigen lichaam heeft een groot herstellend vermogen. Artsen, therapeuten en medicijnen kunnen ondersteunen, maar je moet het uiteindelijk zelf doen. Maar hoe doe je dat nu?

Maikel Korbmacher vat samen:

Fysiek

  • plan rust in tussen je verschillende activiteiten
  • zorg voor voldoende beweging: uithoudingsvermogen en kracht
  • hierdoor verbetert je stofwisseling, maak je hormonen aan waardoor je je goed voelt, waarmee je meer energie krijgt, minder pijn voelt, een betere balans krijgt en zuurstof efficiënter wordt getransporteerd

Intern milieu

  • eet veel groentes en fruit
  • beperk de koolhydraten
  • vermijd slechte vetten
  • probeer af en toe intermittent fasting uit
  • slik geen medicatie maar gebruik natuurlijke producten

Brein

  • kies voor een positieve mindset en positieve leefstijl
  • geniet van de mensen en dingen om je heen
  • plan leuke activiteiten
  • er is meer mogelijk dan je denkt

Is dat makkelijk? Nee. Maar wanneer je de regie terugneemt over jouw lichaam en weer zelfredzaam wordt, met ondersteuning van een coach/begeleider, herstel je het evenwicht en verminder je je pijnklachten. Geen ‘quick fix’, maar wel een mogelijke duurzame oplossing van je pijn.

Wij geloven dat er voor ieder probleem een oplossing is, dus er is meer mogelijk dan je denkt

Maikel Korbmacher, De oplossing voor PIJN, 2020

Deel je ervaringen

Wat ik vind van “De oplossing voor PIJN”?

Ik vind het geen makkelijk boek, op sommige momenten zelfs erg technisch. Je kunt zien dat het geschreven is door een fysiotherapeut die inzoomt op technische aspecten van het lichaam. Maar het bevat regelmatig wel de vertaling naar ‘wat betekent dit nu voor je pijn of andere klachten’. Los van of je de inhoud van alle processen nu precies snapt, zet het wel aan het denken over bijvoorbeeld voeding en beweging. Ik snap nu meer wáárom bepaalde beweging goed is, waarom bijvoorbeeld krachttraining goed is tegen pijn, etc. Welke gevolgen de oefeningen die ik twee keer per week braaf uitvoer bij de fysio nu precies hebben in mijn lijf. Wáárom voeding van invloed kan zijn op pijn, en hoe dat werkt. Welke elementen een rol spelen rondom de invloed van je brein op pijn.

De claim “De oplossing voor pijn” is natuurlijk erg sterk, triggerend bedoeld. Want dé oplossing, die is er niet. Maar het boek legt wel op een uitvoerige manier de link tussen fysieke en breinprocessen en klachten als chronische pijn.

Lezenswaardig dus voor iedereen die de processen achter zijn of haar pijnklachten beter wil begrijpen.

  • Ervaar jij dat bijvoorbeeld je voeding van invloed is op de gejaagdheid in je lichaam, het stresslevel? Zo ja, op welke manier?
  • Doe jij, al dan niet trouw, regelmatig oefeningen gericht op kracht en uithoudingsvermogen? En zo ja, doe je dat thuis of in een fitnesscentrum? Wat zijn je ervaringen?
  • Welke genoemde onderdelen van je geest, je brein, zorgen bij jou vooral voor meer of minder pijn? Ervaar je veel stress, slik je uitgebreide pijnmedicatie, of slaap je slecht? Of alledrie?
  • Hoe kijk jij naar de mind-body boodschap van Maikel Korbmacher, met ook wel elementen uit het bio-psycho-sociale model? Ervaar jij jouw pijn ook echt als voortkomend uit een combinatie van die drie onderdelen?

Deel je ervaringen via de reacties hieronder.

Meer lezen

Ik maak regelmatig samenvattingen van boeken over chronische pijn, vanuit een streven naar meer kennisdeling en het makkelijk toegankelijk maken van informatie. Je vindt ze in het blogmagazine Chronische pijn.

“De oplossing voor PIJN” is tegen betaling te bestellen via Fysiotherapie4ALL. Er is regelmatig een kortingsactie. Je kunt je gegevens tevens achterlaten als je periodieke updates wilt ontvangen (nieuwsbrief). Ook geeft men andere e-boeken uit, over bijvoorbeeld Gezonde voeding en over de principes van Fitness & Training.

  • Maikel Korbmacher geeft regelmatig lezingen en webinars. Laat je gegevens (naam en e-mailadres) achter op de website van Fysiotherapie4ALL om een webinar te volgen.
  • Maikel Korbmacher is geïnspireerd door de boeken van Dr. Lorimer Moseley. Zie bv. het e-book (augustus 2020) “Explain Pain”.
  • Een ander persoon die Korbmacher heeft geïnspireerd is Wim Hof. Bekend van de ‘Wim Hof Methode‘, sterk gericht op het beheersen van je ademhaling, op koude training en op mindset/commitment.
  • Korbmacher noemt ook de documentaire ‘Heal’, over de genezende krachten van je geest. O.a. te zien op Netflix.

Meer kennis draagt bij aan minder pijn – lezing Isala pijnkliniek

Geschatte leestijd: 16 minuten.

Kennis is macht. Maar op het gebied van chronische pijn betekent meer kennis ook nog iets anders: minder pijn. En nee, dat is geen garantie. Maar wanneer je kennis opbouwt over hoe pijn werkt en welke methoden er allemaal zijn om chronische pijn te benaderen, maak je vaak bewustere keuzes. En dat betekent soms ook bétere keuzes.

Als er één positief aspect is aan de corona periode, vind ik dat het feit dat veel presentaties -noodgedwongen- online worden gegeven. En als iets toch al opgenomen wordt, dan ook maar direct online breder aanbieden. Zeker op het gebied van chronische pijn is dat prettig; er is meer online te bekijken en het scheelt de chronisch pijnpatiënt veel reistijd en ongemakken. Bij het Isala ziekenhuis in Zwolle hebben ze dat al veel eerder begrepen. Al in 2012 werden er onder de noemer “Isala Publieksacademie” lezingen gegeven over allerlei onderwerpen. Ook chronische pijn kwam aan bod, met een combilezing door Harry Naber en Gerrit Keizer.

En hoewel de lezingen alweer bijna gedateerd lijken -in tien jaar tijd kan er veel veranderen aan medische inzichten- blijken de presentaties nog verrassend actueel. De principes achter de pijnbehandeling door het Isala Pijncentrum staan acht jaar later nog steeds overeind.

Allereerst een samenvatting van beide lezingen, die op dezelfde ochtend (10-04-2012) vlak na elkaar werden gegeven.

Aansluitend op de twee lezingen was er een vragenronde, waarin onderstaande vragen aan bod kwamen:

Van acute pijn naar chronische pijn – Harry Naber over chronische pijn

Harry Naber is anesthesioloog/pijnarts en werkt al sinds 1999 bij het Isala ziekenhuis in Zwolle (voorheen Sophiaziekenhuis en ziekenhuis Weezenlanden).

Tip: bekijk zeker ook bovenstaande volledige registratie op YouTube van de lezing van Harry Naber. Hij kleedt zijn lezing aan met veel voorbeelden en anekdotes; niet alleen ‘leuk’ om te horen maar het maakt zijn boodschap ook beeldender en tastbaarder.

Wat is pijn?

Pijn is niet een moment, maar een gevoel. De pijnreceptor, het pijngevoel én wat je er vervolgens mee doet: het is één groot geheel. Het is ook een heel delicate balans: pijn en pijnbehandelingen zijn veel meer dan “iets heel eenvoudigs”.

Pijn zie je soms aankomen, soms niet. Pijn is heel individueel, je kan dus nooit iets grofmazigs zeggen over “wat iemand met pijn voelt”. Geen mens is hetzelfde.

Iets wat er heel mooi uitziet, kan ongelooflijk pijn doen. Denk aan een prachtige zee-egel. Ga je er in staan, dan doet de prik zelf pijn, maar ook de pijn van alles wat er omheen stuk gaat: het geheel.

Wat is van invloed op pijn?

Pijn is onderhevig aan het moment dat het gebeurt. De psyche en omstandigheden hebben invloed op het pijngedrag.

Denk aan een gebroken hart, waarbij de pijn naar binnen is gegaan. De pijn is reëel, het pijngevoel is reëel en dus is er ook een reële behandeling nodig.

Dhr. Naber laat een video zien over het moeizame herstel van een patiënt na een botbreuk. Door zwelling en gips duurde het lang voordat patiënt kon gaan bewegen; er ontstond bewegingsangst en te weinig beweging. Met hulp van fysio werd dat beter, maar de pijn bleef: de pijn was chronisch geworden. Rondjes lopen, trappen lopen, het werd allemaal lastig. De patiënt sliep beneden, fietste niet meer naar haar werk. De pijn was reëel, maar de angst versterkte dat. Het verbeterde langzaam na verwijdering van alle schroeven en plaatjes; patiënt durfde weer te gaan bewegen en langzaamaan ging de pijn weer naar de achtergrond.

Hoe ontwikkelt pijn zich?

Pijn is als een druppel in het water die langzaamaan uitdijt. Na de acute pijn komen er langzaamaan allerlei zaken omheen, waardoor acute pijn chronisch wordt.

Onderzoek laat zien dat acute pijn die niet direct behandeld wordt, zich in 15-20% van de gevallen ontwikkelt tot chronische pijn. Die pijn kan 6-12 maanden aanhouden.

Chronische pijn beïnvloedt je leven, je welzijn.

Het is dus héél gevaarlijk, risicovol, om acute pijn niet goed of niet snel genoeg te behandelen.

Hoe wordt pijnprikkel verwerkt?

Pijn ontstaat bv. vanuit een wond → allerlei stoffen en zenuwprikkels komen vrij → die gaan naar het ruggenmerg → daar vinden allerlei processen plaats; de pijn, prikkels en stoffen worden geschakeld, beïnvloed en gaan door naar een volgende cel → 1) dat signaal gaat terug naar zenuw in ruggenmerg met reflex naar ledemaat: “weg bij gevaar” 2) het signaal gaat óók via ruggenmerg omhoog naar hersenen in het netwerkcentrum → signalen worden overgedragen en gaan naar hersenschors: daar word je bewust en voel je de pijn.

Er volgt een reactie van hersenen: stoffen komen vrij op meerdere niveaus in je lijf. Ruggenmerg is actief centrum waar een geheugen kan ontstaan voor de pijn. Het pijnsignaal gaat eerst naar het netwerkcentrum, dan naar de hersenschors.

Hoe ontwikkelt acute pijn zich tot chronische pijn?

Op al die plaatsen (zenuwen, ruggenmerg, hersenschors) ontstaan processen die chronische pijn kunnen ontwikkelen. Er komt doorlopend een prikkel binnen ‘er gaat iets mis’. Als pijn in de zenuw weer oplost maar ergens in het ruggenmerg gaat een pijnsignaal door met zenden, denkt het ruggenmerg “hé, ik krijg weer een signaal via dezelfde zenuw, dat zal wel pijn zijn” → er ís geen pijn meer, maar je ervaart het wel zo. Het is niet meer dezelfde scherpe pijn, maar een doffere, branderige, gemene pijn. Die krijg je ook niet snel meer weg.

Ook in de hersenen kan zo’n pijncentrum ontstaan. Dat is vaak een scherpe, stekende pijn, alsof er nog met messen wordt gestoken.

Je gaat vervolgens het gedrag vermijden dat die pijn triggert.

Alleen maar inzoomen op de zenuw om de pijn weg te halen werkt dus niet meer: een groter gebied is actief. Je “algehele activatiesysteem” wordt getriggerd en bereidt je voor op een reactie.

De pijn in het ruggenmerg of de hersenen wordt daar “onderhouden”, gaat niet makkelijk meer weg, is continu bij je: chronische pijn.

Hoe zit pijn bij een mens in elkaar? Het pijnmodel en de pijncirkels van Löser.

  1. directe pijn: nociceptie: pijn vanuit weefsel zelf, het begin van de pijn
  2. pijngewaarwording: hoe komt de pijn binnen (omstandigheden, kan je doorgaan of niet)
  3. pijnbeleving: wat hou je er aan over: wat ga je er mee doen, hoe ga je er mee om
  4. pijngedrag: hoe pas je gedrag aan omdat je pijn hebt (bv. isoleren, of juist aandacht geven)

Ofwel:

er is letsel → dat leidt tot pijn → dat leidt tot aanpassing van gedrag → als dat te lang duurt heeft het impact op je leven.

Wat doet een pijnkliniek?

Normaliter buigt een team van artsen zich over je heen om te gaan sleutelen.

Bijvoorbeeld het Isala ziekenhuis, maar eigenlijk alle pijncentra in en buiten Nederland, werken met een breder pijnteam.

  • huisarts: is beschouwend ten aanzien van jou als mens, voor wat betreft je welzijn
  • regieverpleegkundige: is de ‘spin in het web’: afspraken, juiste volgorde van afspraken, data, etc.: zorgt dat het team z’n werk kan doen
  • neuroloog, orthopeed
  • fysiotherapeut
  • ‘prik’dokter
  • psycholoog of psychiater → bv. gedragstherapie inzetten, spiegelfunctie

Pijn invalideert. Je bent wel gek als pijn je niet gek maakt; pijn invalideert.

Je omgeving durft vaak niet door te pakken in het proces van herstel. (Opbouwende) kritiek geven terwijl je het al moeilijk hebt is vaak erg lastig. Een psycholoog of psychiater kan dat wel. Zijn rol is om de gevolgen die pijn op je leven heeft duidelijk te krijgen, bij jezelf en je omgeving. Het gebeurt regelmatig dat je dat zelf niet zo goed door hebt. Soms kan hij met gedragstherapie ingesleten gedragspatronen veranderen, samen volgende stappen zetten.

Het pijnteam neemt sámen een beslissing over in te zetten behandeling.

Op welke manier kan medicatie chronische pijn beïnvloeden?

Een van de behandelvormen door het pijnteam kan medicatie zijn. Met medicatie zet je op meerdere niveaus in: hersenen, ruggenmerg en op de plek waar weefsel is beschadigd. Medicatie kan afwisselen, naar gelang van de fase in het behandelproces en plek van de pijn.

  • zenuw verdoven: zodat pijn niet meer in ruggenmerg komt, zodat er geen geheugen voor pijn ontstaat. Begin van chronische pijn ontstaat op moment dat acute pijn ontstaat; dat moet je eigenlijk voorkomen.
  • ruggenmerg: verdovingsmiddelen, morfine-achtige, alpha-II agonisten bv. medicijn voor hoge bloeddruk
  • hersenen: o.a. opioïden, middelen die zenuwirritatie dempen, bv. ook medicijnen die normaal voor epilepsie worden gebruikt.
  • soms worden bv. ook medicijnen gegeven die bloedvaten verwijden, zodat bloed er makkelijker heen kan, afvalstoffen worden afgevoerd en patiënt minder pijn voelt.

Goede uitleg door arts over verschil acute en chronische pijn is belangrijk voor begrip bij patiënt.

Pijnstilling kun je vergelijken met een piramide, met een brede basis en smalle top.

  • laagste trap ibuprofen, paracetamol
  • midden: tussencategorie pijnmedicatie
  • hoog: morfine-achtigen

Manier van inname kan ook belangrijk zijn: zetpil, smelttablet, morfinepleister. Pleister werkt langer (aantal dagen tot week), smelttablet is makkelijk in te nemen en verteerbaar, maar bv. ook je neus (spray) kan heel goed medicatie opnemen en wordt snel verwerkt in je bloed. Medicatie komt dan niet eerst in je maag en lever, die er op gericht zijn om medicijn uit je lijf te werken.

Welke fasen zijn in pijnbestrijding te onderscheiden?

  • fase 1: basis: diagnose, pijnstillers, oefenprogramma’s, fysiotherapie, TENS stimulatie, kennis en gedragstherapie
  • fase 2: kortdurende pijnbehandeling, bv. een prik, branden, wat zwaardere medicatie
  • fase 3: zwaardere ingrepen: neurostimulator, operatie, pijnpompen

‘De wonderprik’ bestaat niet, maar je kan wel stapsgewijs pijn veranderen.

Hoe geef je aan hoeveel pijn je hebt? Vaak door een cijfer te geven, score van 0 tot 10. Dan heb je iets meetbaars in handen om pijn naar beneden te krijgen. Nadeel is dat je zelf dat cijfers wilt en kunt beïnvloeden, waar andere factoren ook een rol bij kunnen spelen.

Alternatief: score bepalen ahv pijn-smileys. Bevat minder de psychische gedachte.

Belangrijk is om altijd de patiënt erbij te betrekken: wat ga je doen, wat verwacht je daarvan, wat is niet te verwachten. Wees helder en voorkom shopgedrag. Er zijn geen wondermiddelen, ook al worden die soms wel te koop aangeboden. Bv. acupunctuur werkt soms, maar op heel bescheiden manier. Soms werkt placebo-effect, dat met positieve reviews dan weer wordt uitvergroot.

In de literatuur wordt een behandeling soms afgeserveerd ‘omdat het maar in 30% van de gevallen werkt’ -maar ja, je zult maar 1 van die 30% zijn. Een ervaren iemand kan je daarin begeleiden: wat kan in jouw ‘case’ het verschil maken.

Medicatie leidt vaak tot bijwerkingen, die soms erger dan de pijn zijn; bereid een patiënt daar op voor. Van sommige geneesmiddelen weet men gewoon nog niet goed hoe het werkt, bv. paracetamol. Maar het wérkt wel!

Pijn is een totaalsysteem in je lichaam waar heel veel factoren op inwerken; te simpele voorstelling van zaken is gewoon niet reëel. Daarom is een combinatiebehandeling met verschillende insteken in de pijnbestrijding zo essentieel.

Tip: ook Bart Morlion bespreekt in zijn boek PIJN nut en noodzaak van een multidisciplinaire pijnbehandeling; lees de samenvatting van PIJN!

Van PijnCentrum naar PijnVRIJCentrum– Gerrit Keizer over chronische pijn

Gerrit Keizer is anesthesioloog/pijnarts bij het Isala ziekenhuis in Zwolle.

In 1986 liep dhr. Keizer zijn eerste co-schap bij reumatologie – daar heeft hij veel ervaring met pijn opgedaan: reuma, vaatafwijkingen etc. Meeste indruk maakte patiënt van <20 met pijnlijk been. Gezond, sportief, met van de ene op andere dag een gezwollen, warm, pijnlijk been. Veranderde naar blauw en heel koud. Veel onderzoek in academisch ziekenhuis gedaan; er was niks te vinden. Einddiagnose post-traumatische dystrofie, dat heet tegenwoordig CRPS-type 1 (complex regionaal pijnsyndroom). Men wist simpelweg niet hoe dit te behandelen; het advies was een combi van fysiotherapie, pijnstilling en evt. een placebo.

Wat is pijn?

Er bestaan ook mensen die géén pijn kunnen voelen. Je hebt pijn nodig om te kunnen overleven, maar pijn ‘als gevangenis’ is een ander verhaal. Het invalideert.

Vanaf je geboorte leer je wat pijn is, maar niemand kan je echt vertellen wat pijn nu is. Je weet dat pijn gevaarlijk is en dat je een pijnstiller kunt nemen om minder pijn te voelen. Nog steeds weten we niet goed hoe het werkt, maar het werkt wel.

Pijn wordt pas een probleem als het de hele dag aanwezig is, of elke keer terugkeert. Dan wordt het onverdraaglijk.

Welke ziektebeelden gaan met pijn gepaard?

  • CRPS-1: onverklaarbaar opgezwollen onderdeel van je lichaam dat pijn doet, vaak iets roder of juist blauwer, temperatuur is anders dan normaal. Levert rare pijnen op: kriebelende mieren, branderig gevoel.
  • Gordelroos: pijn gaat via één zenuw, gordel om je lichaam; pijnlijk schraal gevoel, daarna blaasjes gevuld met vocht en virus. Ontstaat na waterpokken-infectie. Virus gaat via zenuw naar huid.
  • Trigeminus neuralgie: alles wat je aanraakt doet pijn; in zenuwtakken treedt pijnsyndroom op.
  • Fibromyalgie: pijnlijke drukplekken: spieren, botten
  • Multiple Sclerose: aangetaste zenuwen doen pijn
  • Letsel ruggenmerg
  • Hersenletsel

Hoe meet je iets als ‘pijn’?

Pijn wordt altijd in de hersenen geregistreerd, het zit dus áltijd (letterlijk) tussen je oren.

Dat kan je met f-MRI zichtbaar maken: functionele MRI. Met kleine prikjes kan je registreren wat er in de hersenen gebeurt: de pijn van de prikjes zorgt voor een toenemende hersenactiviteit. Dat verbruikt zuurstof, daardoor neemt doorbloeding toe, daarmee zit er meer hemoglobine in -en dat kan je meten.

Waarom krijgen sommige mensen chronische pijn en anderen niet?

Er is een aantal risicofactoren:

  • de intensiteit van de initiële pijn (het letsel)
  • leeftijd: hoe ouder, hoe meer kans
  • de oorzaak van de pijn -bv. een bloeding in de hersenen
  • het feit of je man of vrouw bent: chronische pijn komt iets meer bij vrouwen voor
  • psychosociale factoren: hoe voel je je; als je niet lekker in je vel zit heb je meer kans op het ontstaan van chronische pijn; bv. je relatie, het feit dat je ontslagen wordt of ontslag dreigt
  • erfelijke aanleg

Hoe wordt pijn verwerkt in je lichaam?

In je ruggenmerg wordt een pijnsignaal onderdrukt of juist versterkt doorgegeven. Er zijn centra in hersenen die pijn tegengaan, pijnprikkels onderdrukken; dat gaat de hele dag door, onbewust. Soms slaat dat juist op hol, waarbij letterlijk bijna alles pijn doet, iedere aanraking. Er is een mechanisme in je centrale zenuwstelsel dat kan helpen om pijnsignalen te onderdrukken. Zo’n mechanisme kan je ook met bijvoorbeeld een placebo activeren. Daarmee kan je chronische pijn ook weer tegengaan.

Als mensen veel vertrouwen in jou als arts of behandelaar hebben, kan je de werking van dit mechanisme ook weer beïnvloeden.

De zenuwpunten waar de pijnsignalen doorheen gaan hebben alleen ook andere functies, bijvoorbeeld rondom het reguleren van emoties. Krijg je plotseling heftige pijn, dan word je angstig -die gevoelens spelen ook mee bij de verwerking van pijnsignalen. Duurt dat gevoel lang, dan kan je depressie ontwikkelen, of slapeloosheid. Heb je veel en lang pijn, dan vermindert je vermogen tot diepe slaap -en word je dus minder uitgerust wakker.

Wat zijn voorbeelden van behandelvormen bij chronische pijn?

Allereerst is een inzicht in hoe pijn werkt pijn belangrijk: je kunt als patiënt zelf veel beïnvloeden: “Baas in eigen brein”. Is er onherstelbare schade in je lijf, dan lukt dit echter niet meer.

  • bij een hernia (radiculair pijnsyndroom) kan je de zenuwwortel heel gericht behandelen.
  • je kan neuromodulatie inzetten: met elektrische signalen ruggenmerg bewerken, zodat pijnsignalen er niet meer langs kunnen. Werkt goed bij bv. pijn op de borst.

Pijn is een gevangenis. Je wilt dus bevrijd worden. Dát is doel van pijnkliniek Isala: pijnvrij worden. Men spreekt bij Isala dus niet over het PijnCentrum Isala, maar over het PijnVRIJCentrum Isala.

Vragen aan Harry Naber en Gerrit Keizer

Wat moet je doen als je bij een reguliere specialist niet verder komt qua behandeling van pijnklachten?

Dhr. Keizer: heb geen schroom, bespreek het met de specialist en vraag om doorverwijzing naar een pijncentrum. Het gaat om jouw leven, om jouw pijnklachten.

Welke criteria zijn er om doorverwezen te worden naar een pijncentrum en wie verwijst?

Dhr. Keizer: er is maar één criterium: pijn hebben. Zo simpel is het; vraag dus om die verwijzing als je niet verder komt met je pijnklachten. Dhr. Naber vult aan: vaak is het de huisarts die primair doorverwijst, in samenspraak met jou als patiënt. Hij kent jouw verhaal en (behandel)geschiedenis en kan in de verwijzing specifieke omstandigheden meegeven die belangrijk zijn voor het pijnteam.

Zit de patiënt eigenlijk ook in het pijnteam?

Dhr. Naber: Altijd. Het is niet zo dat je meevergadert in het team; vaak heb je één aanspreekpunt. Dat aanspreekpunt is een lid van het pijnteam, die de meningen van andere leden ophaalt en met je bespreekt. Als iemand denkt een bijdrage te kunnen leveren aan de behandeling van jouw pijn, gaat dat via het aanspreekpunt naar jou als patiënt. Natuurlijk heb je daarin zelf inspraak.

Hoe zorg je ervoor dat anderen je pijn serieus nemen?

Dhr. Naber: pijn is altijd je eigen beleving. Wil je dat anderen jou serieus nemen, neem dan zelf die ander ook serieus. Vertel wat de pijn met je doet, maar zie de ander ook als een spiegel die jou nuttige input kan leveren. Misschien zie je zelf gedrag over het hoofd dat bijdraagt aan je pijn; geef de ander ruimte om dat met je te bespreken. Dat is moeilijk, maar essentieel als je begrip van de ander wil.

Wat kan je doen tegen bijwerkingen van pijnmedicatie?

Dhr. Naber: Heb je heftige bijwerkingen van een medicijn (jeuk, misselijkheid, geen eetlust e.d.), check dan of er andere toedieningsvormen zijn met dezelfde werkzame stof. Denk aan een neusspray, of een pleister (patch). Misselijkheid komt vaak voort uit het feit dat een medicijn in één keer een hele hoge dosering afgeeft van de werkzame stof, waarbij een pleister de stof meer geleidelijk afgeeft (een constante spiegel opbouwt).

Komt chronische pijn ook veel bij kinderen voor?

Dhr. Keizer: bij kinderen komt fantoompijn voor, na een amputatie. Maar tegelijkertijd is bekend dat bij kinderen onder de 7 jaar géén fantoompijn optreedt; blijkbaar is er iets in de ontwikkeling van het centrale zenuwstelsel dat daar een rol bij speelt.

Hoe kan fibromyalgie (weke delen reuma) worden behandeld?

Dhr. Keizer: de origine is nog onbekend maar met name de verstoring van de hele diepe slaap door de pijn speelt daarbij een rol. Chronische pijn zorgt er voor dat je veel minder diep slaapt, je wordt vaker (bijna) wakker. Fibromyalgie zorgt er voor dat het aantal keer dat je ’s nachts wakker wordt verder toeneemt, tot wel 50x per nacht. Ook droom je dan meer; dromen komen met name voor bij minder diepe slaap. Medicatie kan er bij helpen om de diepe slaap te stimuleren, waardoor je uitgeruster wakker wordt.

(aanvulling door mijzelf: doordat je uitgeruster bent, kan je overdag weer meer; denk bv. aan beweging, vrijwilligerswerk, etc. Dat helpt weer bij het beter omgaan met de chronische pijn, waardoor de kans toeneemt dat deze minder prominent wordt)

Wordt de bestrijding van chronische pijn vergoed en hoeveel behandelingen zijn er nodig?

Dhr. Naber: het valt onder reguliere zorg, zeker de behandelingen in het ziekenhuis. Voor wat betreft fysiotherapie moet je natuurlijk rekening houden met door de verzekeraar gestelde maxima. Een aantal verregaande behandelvormen, bijvoorbeeld het implanteren van een neurostimulator, is heel duur en daardoor is er een beperkt aantal per ziekenhuis mogelijk. De achtergrond daarbij is dat meerdere pijnspecialisten verspreid over het land zo voldoende ervaring kunnen opbouwen met deze behandeling. Dat zorgt helaas voor wachtlijsten.

Het aantal behandelingen is echt heel individueel; dat wisselt sterk per individu en behandelvorm. Het is dus ook echt individuele, op maat gemaakte, therapie.

Wat vinden de specialisten van ‘de Macedonische therapie’ bij CRPS?

Dhr. Keizer: Er is een dame in Macedonië, mevrouw Shinka, die patiënten met posttraumatische dystrofie (CRPS-type I) behandelt met een stevige vorm van manuele therapie: flink bewegen, zonder rekening te houden met de pijn, juist ‘door de pijn heen bewegen’. Het is een vrij hardhandige therapie, die inmiddels ook door een aantal fysiotherapeuten in Nederland wordt toegepast, bedoeld om de functie van met name handen en voeten weer terug te winnen. Ondersteuning tegen de pijnklachten is zeker wel nodig, pijnbestrijding gaat immers om meer dan alleen de functie van ledematen terugkrijgen. De therapie ‘doet gewoon zeer’, dus een sterke motivatie is nodig. Daarmee stimuleer je ook weer het zelfgenezend vermogen van het brein.

Wat zijn eigenlijk de bijwerkingen van paracetamol, het bekende ‘pilletje tegen de pijn’?

Dhr. Keizer: wat veel mensen niet weten is dat je echt maximaal-maximaal 4g per dag mag gebruiken, ofwel 8 paracetamols van 500mg. Neem je meer, dan krijgt de lever echt een te grote klap. Paracetamol is zeer giftig voor de lever. Dhr. Naber: daarnaast krijg je ook regelmatig maagklachten, misselijkheid, een vol gevoel, oprisping. Gebruik je paracetamol in combinatie met andere medicatie (dubbeltherapie, hetgeen goed kan werken tegen pijn) en ben je vaak misselijk, laat dan juist eens eerst de paracetamol achterwege. Los van maag en lever zijn de bijwerkingen van paracetamol bij normaal gebruik vaak onschuldiger: huidirritatie, een milde allergische reactie. Er zijn andere medicijnen met heftiger bijwerkingen, maagbloedingen of nierfalen.

Op welke manieren kan emotie doorwerken op pijn in je lichaam?

Bij chronische pijn, pijn die langer duurt dan enkele weken, gaat je humeur meespelen. Je slaapt slechter, je dag/nacht ritme verschuift, je wordt chagrijnig. Daar reageer je emotioneel op, hetgeen je pijn weer kan versterken. Tegelijkertijd werkt bijvoorbeeld ook een depressie in op je weerstand, je wordt vatbaarder voor ziektes. Je lichaam is continu bezig met herstellen, het herstellend vermogen van je lichaam wordt aangetast en je bent kwetsbaarder. Je laat letterlijk je hoofd hangen en je houding verandert, hetgeen weer van invloed is op je lijf. Je emotionele gesteldheid is dus van invloed op je lijf en daarmee kan pijn worden getriggerd. Maar: het werkt ook andersom, denk bv. eens aan hoe goed je je voelt na een hardloopsessie: lichamelijke inspanning zorgt voor een goed gevoel, je gebruikt je lijf (beweging) om je beter te voelen.

Deel je ervaringen

  • 2012 Lijkt alweer zo lang geleden. Wat vind jij van de inhoud van bovenstaande? Zijn er naar jouw idee nieuwe inzichten in de afgelopen jaren bijgekomen als het gaat om behandeling van chronische pijn?
  • Heb jij ervaring met behandeling van chronische pijn, als patiënt? Zo ja, wat heeft in jouw geval wel of niet gewerkt, en waarom denk je?
  • Heb jij gebruik gemaakt van een pijn(behandel)centrum en/of van een multidisciplinair pijn(management)programma? Wat vond je van de diverse onderdelen van het programma? Ik heb mijn ervaringen al eerder beschreven.
  • Doet jouw ziekenhuis, net als Isala, aan actieve voorlichting en kennisdeling met patiënten? Wat zijn jouw ervaringen daar mee?

Deel je ervaringen via de reacties hieronder.

Meer lezen

Schone en vuile pijn: hou eens grote schoonmaak!

Geschatte leestijd: 5 minuten.

Dagelijks pijn hebben heeft een grote impact op haast alle facetten van je leven. Pijnmanagement is er op gericht om de pijn weer beheersbaar te krijgen. Een van de uitgangspunten in pijnmanagement tools is het onderscheiden van schone pijn en vuile pijn. Door meer inzicht te krijgen en eens goed schoonmaak te houden in je gedachten over je pijn kun je de pijn uiteindelijk ontdoen van “niet-helpende gedachten”.

Tip: een snel overzicht van dit blog? Lees eerst de samenvatting.

Wat is (chronische) pijn?

Bij pijn wordt een onderscheid gemaakt tussen acute pijn en chronische pijn. Pijn heeft normaal gesproken de functie van alarmsysteem. ‘Er is iets mis, daar moet iets aan worden gedaan’ -dit heeft ook wel de overlevingsreflex. Bij chronische pijn vervaagt die alarmfunctie.

Chronische pijn is pijn die langer duurt dan drie maanden. Of pijn die langer duurt dan normaal gesproken staat voor herstel van een bepaalde kwaal of ziekte.

Bij chronische pijn is het alarmsysteem niet meer functioneel: de alarmwekker gaat nog steeds af, maar er is eigenlijk geen letsel meer. Dat betekent niet dat de chronische pijn geen ‘echte’ pijn is. Je voelt de pijn wel degelijk en deze is reëel. Alleen is deze pijn niet meer functioneel om je te waarschuwen.

Pijn betekent dus niet altijd schade of letsel: ‘je voelt wel pijn, maar er is niets meer kapot’). En schade betekent niet altijd pijn: ‘je schaaft je huid, dat doet heel even pijn, maar daarna niet meer’.

Wat is van invloed op hoe je pijn beleeft?

De mate waarin iets pijn doet, hangt af van de betekenis die je aan de pijn geeft. De pijn die je voelt wordt niet bepaald door de mate waarin weefsel in je lichaam daadwerkelijk gevaar loopt. De pijn wordt bepaald door het gevaar dat het weefsel volgens je brein loopt. Twee aspecten zijn daarbij van belang:

  1. Je hebt geen directe, bewuste, invloed op de betekenis die je brein geeft aan pijn in je lichaam. Je hebt er ook geen bewuste controle over.
  2. Álles dat volgens je brein van belang kan zijn voor de inschatting van het gevaar dat je lichaamsweefsel loopt, is van invloed op de pijn. Alles.

Welke drie factoren beïnvloeden pijn?

Uit onderzoek blijkt dat er drie factoren zijn die de beleving van pijn beïnvloeden:

  1. Aandacht: pijn trekt letterlijk de aandacht. Wanneer je pijn ervaart, leidt dat je af van waar je op dat moment mee bezig bent. Maar hoe meer aandacht je aan het gevoel van pijn besteedt, hoe erger je pijnbeleving zal zijn.
  2. Gedachten: de gedachten die je over de pijn hebt spelen een sterke rol in de pijnbeleving. Zeker als je je pijnklachten als een ramp ervaart kunnen gedachten met je aan de haal gaan, het zogenaamde ‘catastroferen’ (zie ook verderop). Dat leidt weer tot meer pijn.
  3. Gevoelens: pijnprikkels gaan makkelijker je lijf door als je in een negatieve stemming bent. Pijn en emoties worden deels in hetzelfde hersengebied verwerkt.
Emoties beïnvloeden je pijnbeleving

Wat is schone pijn en vuile pijn?

De lichamelijke pijn die je ervaart, die is er gewoon en noemen we ook wel ‘schone’ pijn. Deze pijn wordt dus gekleurd door aandacht, gedachten en gevoelens. Deze drie factoren kunnen de pijn versterken. Die ‘plus’-pijn wordt ook wel ‘vuile’ pijn genoemd.

Vuile pijn = schone pijn plús belemmerende gedachten en gevoelens over je pijn.

Emotionele pijn, bijvoorbeeld als gevolg van sombere gedachten en gevoelens, geeft in je brein dezelfde hersenreactie als een fysieke pijnervaring. Ook emotionele pijn kan dus pijnklachten uitlokken. Daarbij komt dat gedachten en emoties de pijnbeleving kunnen beïnvloeden.

  • negatieve emoties en gedachten versterken de pijnbeleving
  • positieve emoties en gedachten kunnen de pijnbeleving dempen

Wat zijn voorbeelden van gedachten die je pijn vuil maken?

  • Ik kan vandaag alweer minder doen dan ik van plan was
  • Al die medicatie in mijn lijf, het is alleen maar slecht voor mijn lichaam
  • Het zit me nog steeds dwars dat mijn man gisteren boos werd omdat ik tot niets in staat was
  • Ik word er verdrietig van dat mijn zoon teleurgesteld was. Ik had beloofd te gaan voetballen, maar kon dat door de pijn niet waarmaken.
  • Ik maak me zorgen om mijn baan; ik ben door die pijn verre van productief de laatste tijd.
  • Enz.

Vuile pijn is de pijn die voortkomt uit je verzet tegen de pijn, met de bijbehorende gevoelens. De pijn die ontstaat vanuit de teleurstelling dat de medische of ‘alternatieve’ oplossingen die je hebt gezocht, niet leiden tot minder pijn. De pijn die ontstaat vanuit al die veranderingen in je leven.

Wat is centrale sensitisatie?

Je lichaam (je zenuwstelsel) kan steeds gevoeliger worden voor het ervaren van pijn, naarmate negatieve emoties en gedachten over pijn aanhouden. Dat toenemen van gevoeligheid voor pijn heet centrale sensitisatie.

Centrale sensitisatie = het steeds gevoeliger worden voor pijnsignalen. Je brein ontspoort zodat uiteindelijk ook niet-schadelijke pijnsignalen door je hersenen als ‘gevaarlijk’ worden gezien.

Ofwel, je ‘schone’ pijn raakt steeds verder vervuild.

  • de aanwezige hersengebieden en lichaamssensoren worden steeds gevoeliger voor het ervaren van pijn
  • het gebied dat pijn registreert in de hersenen wordt groter
  • de drempelwaarde om een pijnsignaal door te laten wordt steeds lager – pijn wordt dus steeds sneller toegelaten tot je brein. En de filter om dat signaal door te laten werkt steeds minder goed.
  • ook niet-schadelijke pijnsignalen worden dan tóch als dreigend geïnterpreteerd: de beschermingsreactie van het brein ontspoort

Door deze sensitisatie worden uiteindelijk ook je spieren gespannen en overgevoelig. Ze staan continu in vluchthouding. Je gaat slechter slapen, je bent veel sneller moe, je wordt steeds onzekerder wanneer je je lichaam belast, je conditie wordt slechter, etcetera.

Hoe zorg je er nu voor dat je jouw pijn zo min mogelijk vervuilt?

Hoe kun je nu je vervuilende gedachten een halt toeroepen? Hoe zorg je ervoor dat je het centrale zenuwstelsel kalmeert? En hoe ga je terug naar een leven waarin je toekomt aan de voor jou belangrijke zaken? Een leven waarin de pijn wel een rol speelt maar je meer berustend kunt kijken naar je chronische pijn?

Hoe je helpende gedachten ontwikkelt om weer van vuile naar schone pijn te gaan, vind je in een volgend blog.

Samengevat

Chronische pijn is pijn die langer duurt dan drie maanden, of langer dan normaal herstel. Het alarmsysteem in je brein is niet langer functioneel, er is geen direct gevaar meer en vaak ook geen schade.

Pijn wordt beïnvloed door drie factoren in je brein: aandacht, gedachten en gevoelens. De fysieke pijn (schone pijn, de letterlijke pijn die je voelt) raakt door je brein gekleurd (vuile pijn, de fysieke pijn plus de gedachten en gevoelens over die pijn). Voorbeeld: ‘ik voel die stekende pijn in mijn linkerbeen alweer, dat zal wel weer niets worden met dat uitje vanmiddag, ik baal daar verschrikkelijk van’.

Houdt dit proces lang(er) aan dan kan er sprake zijn van centrale sensitisatie: je wordt steeds gevoeliger voor pijn, je pijnsysteem ‘slaat op hol’.

Deel je ervaringen

  • Was jij al bekend met de begrippen schone pijn en vuile pijn?
  • Welke (vervuilende) gedachten heb jij zoal (gehad) omtrent je chronische pijn?
  • En hoe ben je daar mee omgegaan?

Deel je -schone of vuile- gedachten en ervaringen via de reacties hieronder.

Meer lezen

Lees ook het vervolg op dit blog: Van vuile naar schone pijn – helpende gedachten.

  • Fysiotherapie4All heeft een duidelijke uitleg over centrale sensitisatie online gezet.
  • Winnock, een medisch specialistische revalidatiekliniek, heeft een uitgebreid document over centrale sensitisatie, ofwel de overgevoeligheid van het centrale zenuwstelsel. Lees het hier:

Pijnmanagement Programma’s: multidisciplinaire benadering van chronische pijn

Geschatte leestijd: 23 minuten.

Chronische pijn is beklemmend. Chronische pijn heeft een gigantische impact. Duurt sowieso langer dan drie maanden -stel je het eens voor, 3 maanden dagelijks pijn! En blijft langer hangen dan de ‘normale’ periode die staat voor herstel van een medisch issue. Maar ja, wat is normaal? Een op de vijf Nederlanders heeft het in meer of mindere mate. In België zelfs een op de vier. De medische en maatschappelijke kosten worden geschat op 20 miljard (!) euro per jaar. Om er van af te komen shoppen we ons allemaal helemaal suf, en dat is ook logisch. Je hebt een probleem, dus wil je een oplossing. Maar wat als al dat medisch gewinkel niets, of niet genoeg, oplevert? Met de kennis van nu had ik een aantal jaar terug toch wat andere keuzes gemaakt. Maar da’s achteraf. Een artikel over de toenemende populariteit van multidisciplinaire pijnmanagement programma’s.

In dit blog:

Mijn zoektocht blijkt verre van uniek

In de beginfase van mijn voortdurende pijnklachten dacht ik dat ik zo ongeveer de enige was bij wie pijn lang bleef hangen.

How little did I know.

Het lichaam van de meeste mensen met een hernia herstelt zichzelf. Of mensen worden geopereerd en zijn dan -al dan niet grotendeels- van hun pijnklachten af.

Maar bij mij gebeurde dat natuurlijk weer niet (ja, ik weet het, slachtofferrol).

De pijn ging niet vanzelf weg, óók niet na mijn hernia-operatie in 2013. Inmiddels weet ik dat er miljoenen mensen zijn, alleen al in Nederland zo’n twee tot drie miljoen, die rondlopen op de hobbelige weg van chronische pijn. Oké, niet allemaal vanwege rugklachten en ook de intensiteit van de pijn varieert, maar in ‘chronische pijn’ was ik zeker niet uniek.

Verre van.

Wat me de laatste tijd frustreert is dat er óók nu weer mensen aan het begin staan van hun zoektocht naar een oplossing voor die aanhoudende pijn. En nu weet ik wel, iedereen heeft ook recht op zijn of haar eigen zoektocht en kennis opbouwen is essentieel om te leren begrijpen wat er aan de hand is. Maar die kennis is tegelijkertijd nog zó versnipperd, zó weinig toegankelijk.

En hoe graag had ik zeven, acht jaar geleden een wegwijzer gehad.

Winkelcentrum Behandeling voor Chronische Pijn

Welkom in het ‘Winkelcentrum voor Behandeling van Chronische Pijn’.

Wat me in mijn zoektocht is opgevallen is dat er bij de ingang van het shoppingparadijs, grof gesteld, eigenlijk twee soorten hulpaanbieders staan.

1. De ene soort hulp staat luid en duidelijk zijn handelswaar aan te prijzen.

Kom naar ons, wij helpen u van uw vervelende pijn af. Dat doen we op basis van een gedegen intake en vooral de jarenlange praktijkervaring. Heeft u last van x, y of z, dan kunnen wij dat verhelpen. Zoek niet verder, bel, mail of app ons.

Het type ” wij van WC Eend, wij hebben dé wijsheid in pacht”.

2. De andere soort hulp is veel bescheidener.

Heeft het uitgangspunt ‘iedereen is anders, iedere klacht is anders’. Ook hier wordt vaak jarenlange praktijkervaring aangeboden, in combinatie met wetenschappelijk onderbouwde behandeling.

Maar: zonder beloftes en zonder garanties op succes.

Ik ben er een aantal keer ingetuind. Want natuurlijk is optie 1 heel aanlokkelijk.Vaak vind je online patiëntcases die heel erg lijken op jouw verhaal. Aangekleed met real-life patiëntervaringen die bevestigen dat ze natúúrlijk baat hebben gehad bij de behandeling. Soms wordt de behandeling vergoed, soms gedeeltelijk, vaak ook helemaal niet: omdat het nog experimenteel is, omdat er nog geen wetenschappelijke onderbouwing is.

Optie 2 klinkt vaak meer gedegen. Geen beloftes vooraf. Maar ook hier wel succesverhalen en patiëntervaringen die bevestigen wat over de behandeling wordt verteld. Ook hier heb ik me een aantal keer aangemeld. Nooit is me vooraf beloofd dat de kans op succes groot zou zijn, wel gaf men altijd aan resultaten te hebben geboekt bij soortgelijke patiënten.

Hoop, dus.

Pijnarts Bart Morlion gaf het al aan. Er is niet één oplossing voor chronische pijn. Niet één alom bekende succesfactor die écht helpt…want dan zou de hele wereld naar ‘die ene shop’ komen.

De weg naar minder pijn zit ‘m in “een beetje van dit, een beetje van dat”. Uitproberen, experimenteren, volhouden, een positieve basis houding, kennis vergaren, positief zijn, etcetera.

Het Multidisciplinair Pijnmanagement Programma

Door actieve therapie de levenskwaliteit bevorderen, ondanks en met respect voor de eigen beperkingen.

Filosofie LAC (Leuvens Algologisch Centrum) Pellenberg, pijncentrum van het UZ Leuven

De laatste jaren wordt er meer en meer gepleit voor een zorgvuldige combinatie van (medisch) onderzoek, aandacht voor levenshouding, een vorm van actieve beweging, afgewogen medicatie en sociaal-maatschappelijke aandachtspunten; allemaal noodzakelijke aspecten om te onderzoeken als iemand de diagnose ‘chronische pijn’ krijgt.

Oorzaken zijn divers

De uitingsvormen van chronische pijn zijn divers. Van lage rugpijn tot tintelende vingers, van voortdurende hoofdpijn tot prikkelbare darm en van overal aanwezige brandende pijn tot het niet kunnen verdragen van licht of geluid. Je zal het maar hebben.

Chronische pijn gaat vaak gepaard met minimaal één en soms meerdere achterliggende ziektes. In een goed pijnmanagement programma is er dus ruim aandacht voor eventuele achterliggende ziektebeelden.

Multi-disciplinaire aanpak

Uitgangspunt van steeds meer pijnklinieken, in en buiten Nederland, bij chronische pijn is een aanpak waarin meerdere disciplines samenkomen. Een multidisciplinaire aanpak dus.

Pijler 1: Medich-technisch

Er volgt altijd eerst medisch-technisch onderzoek naar het ‘waarom’ van de pijn: waar uit deze zich, wat kan dat betekenen, is er fysiek iets aantoonbaar (een hernia, een tumor, etc.). Daar waar mogelijk wordt dat, na bespreking in een multidisciplinair team, ook medisch-technisch behandeld. Daarbij kun je denken aan een operatie, maar ook aan infiltraties, bv. injecties of behandeling met radiofrequentie.

Of aan allemaal.

Pijler 2: Farmacologisch (medicatie)

Ook wordt bekeken of medicatie het verminderen of zelfs helemaal wegnemen van de pijnklachten kan ondersteunen. Hoewel men tegenwoordig weer, meer dan vroeger, steeds terughoudender wordt in het uitschrijven van medicijnen betekent dat natuurlijk niet dat er helemáál geen medicatie wordt uitgeschreven. Medicatie kan prima iets toevoegen aan het beheersbaar maken van de pijn, mits het maar onderdeel is van een breder programma.

En mits je eigen neuroloog je geen junkie-XL begint te noemen, dat dan ook wel.

Bij wie dat het geval was? Mmmm.

Pijler 3: Pijnmanagement

De derde pijler in een multidisciplinaire aanpak is het pijnmanagement programma. Dit is gericht op het aanvaarden van de pijn (acceptance) en het aanpassen (commitment) aan een levensstijl die gericht is op het beheersen van de pijn.

Anders gezegd: je leven zo zinvol mogelijk maken ondanks de pijn.

Je zou ook kunnen zeggen dat de drie pijlers samen het pijnmanagement programma vormen. De pijlers volgen elkaar, in een goed pijnmanagement programma, ook niet op in tijd (eerst pijler 1, dan pijler 2 etc.) maar werken juist parallel aan elkaar. In die zin is het pijnmanagement programma ook niet een ‘laatste redmiddel’ als je verder helemaal uitbehandeld bent, júist niet. Maar in de praktijk is het dat vaak nog wel, ook bij mijn traject. Na een aantal (hernia)operaties, het vastzetten van mijn onderrug, het plaatsen van een neurostimulator, een aantal zenuwinjecties en een duizelingwekkend aantal aanvullende therapieën was mijn pijnmanagement programma voor mij wel the last resort.

Helaas wat minder exotisch dan ik had gehoopt.

De filosofie van al deze centra draait om een multidisciplinaire aanpak met actieve participatie van de cliënt. Waar ‘medicijnen’ of ‘een operatie’ meer passieve interventies zijn (het vergt relatief weinig energie van patiënt of arts), staat of valt het pijnmanagement programma met de bereidheid van de cliënt om zich actief te committeren aan het programma.

Ik was bereid, uiteraard.

Onderdelen van pijler drie van het Pijnmanagement Programma

Pijnmanagement programma’s bieden vrijwel altijd een combinatie van onderdelen aan. Zo ook het pijnmanagement programma dat ik volgde bij Revant, revalidatiecentrum in Breda.

Acceptance and Commitment Therapy (ACT) stond aan de basis van dit programma: een focus op breinprocessen, op het psychosociale aspect.

Niet alle onderstaande onderdelen zijn altijd aanwezig in een dergelijk programma, en er zullen ook andere onderdelen zijn die ik hier niet noem. Het is in ieder geval wel altijd multidisciplinair; een combinatie van meerdere activiteiten.

Fysiotherapie

Fysiotherapie is met name gericht op het (weer) in beweging komen en het wegnemen van eventuele bewegingsangst. Een fysiotherapeut in een pijnmanagement programma onderzoekt jouw bewegingspatroon, of je te veel of juist te weinig beweging krijgt gedurende een dag,. Natuurlijk horen daar oefeningen bij, ga je aan de slag met fitness-apparaten, loopbanden en hometrainers. Maar ‘beweging’ kan bijvoorbeeld ook zwemmen zijn, of een potje tafeltennis of badminton.

Mijn ervaringen met fysiotherapie

In de loop der jaren heb ik al op heel wat plekken fysiotherapie gekregen. Mijn fysiotherapeut bij het revalidatieprogramma was vooral gericht op de hoeveelheid beweging die ik normaliter gedurende de dag, week krijg. Maar ook op het ontdekken van wat ík leuk vind qua sport en beweging, in combinatie met wat haalbaar is. We gingen tafeltennissen dus (hij was best goed, ik won) en badmintonnen (hij had een betere conditie, dus won). Samen met mijn fysiotherapeut bouwde ik een beweeg-schema op dat heel erg gericht was op opbouw: rustig aan beginnen en dag na dag geleidelijk opbouwen. Daarnaast was ‘mindfulness’ ook een onderdeel van de fysiotherapie; het bewust worden van je eigen lichaam en manieren zoeken waarop je innerlijke rust vindt, soms ook in combinatie met ademhalingstechnieken.

Mindfulness et Moi, dat bleek nog niet helemaal liefde op het eerste gezicht.

Psychologie

Een psycholoog is op zoek naar wat mensen doen en hoe ze het doen, maar ook wat mensen voelen, wat ze denken en hoe ze tot beslissingen komen. Idealiter probeert een psycholoog om de cliënt zodanig te helpen dat ze zelf de gewenste verandering kunnen verwezenlijken. Een psycholoog in een pijnmanagement programma is met name gericht op het leren omgaan met pijn (hij of zij doceert, jij leert).

Mijn ervaringen met psychologie

Mijn psycholoog maakte in haar behandelingen telkens een combinatie van theorie en oefeningen. Verschillende onderwerpen kwamen aan bod, zoals ‘volgens welke waarden leef je’, ‘welke doelen stel je jezelf in een leven met pijn’, ‘hoe ga je om met je innerlijke stem die oordelen geeft over pijn’, ‘hoe neem je afstand van je gedachten’ en ook wat basiskennis over (chronische) pijn, zoals ‘hoe ontstaat pijn’, ‘welke soorten pijn zijn er’ etc. Omdat ik zelf al behoorlijk (…) wat boeken en artikelen over pijn had gelezen, hebben we aan het theoretische deel wat minder aandacht besteed. Ik vond de sessies met de psycholoog niet vervelend, maar merkte wel dat ik zelf al redelijk wat kennis had opgebouwd. Daarnaast was mijn psycholoog nog behoorlijk jong en zelf ook lerende; persoonlijk had ik liever een iets ouder iemand voor me gehad.

Maatschappelijk werk

Een maatschappelijk werker is ook onderdeel van het multidisciplinaire team. Deze brengt samen met jou je gezinsleven in kaart, zoomt in op onderlinge rollen, op de impact die pijn op het gezin en je relatie heeft. Maatschappelijk werk is sterk gericht op zingeving in je leven; dat kan arbeidsparticipatie zijn, vrijwilligerswerk, maar ook de vraag of je voldoende uitlaatkleppen hebt (hobby’s). Waar nodig wordt gekeken of er praktische hulp gewenst is in het gezin (opvoeding, schoonmaak, e.d.).

Mijn ervaringen met maatschappelijk werk

De maatschappelijk werker zag ik slechts eens in de twee weken een uurtje. Omdat ik voor mezelf al wel helder had welke zingeving ik in mijn leven wilde hebben (muziek, Muziekids) en zelf ook de relatie met mijn werkgever onderhoud (ook al ben ik er momenteel niet actief), was haar rol beperkt. Ook hier weer: de gesprekken waren niet vervelend, maar voegden niet heel veel toe.

Ergotherapie

Een ergotherapeut helpt mensen die – door lichamelijke of psychische beperkingen – problemen hebben bij het uitvoeren van hun dagelijkse handelingen. De ergotherapeut kijkt samen wat de cliënt belangrijk vindt en zoekt naar mogelijkheden en aanpassingen. Vervolgens wordt er een individueel plan opgesteld. De ergotherapeut adviseert, traint, coacht en geeft voorlichting om de praktische belemmeringen zoveel mogelijk te verminderen. 

Mijn ervaringen met ergotherapie

We startten de sessies met inzoomen op mijn dagelijks leven: hoe ziet je dag, je week eruit? Is er voldoende balans, voldoende rust, in activiteiten en ontspanning? Een tweetal weken hield ik een urenschema bij, waarop je per uur noteerde wat je deed en hoe lang. Balans houden in mijn dagelijks leven is iets wat ik al tientallen jaren doe (natuurlijk niet áltijd met succes), het is een tweede natuur geworden.

De winst van de ergotherapeut zat ‘m met name in het nóg bewuster worden over je houding: als je zit, als je fietst, als je klust, als je tilt. Hoewel ook het letten op mijn houding voor mij een automatisme was, heeft ze toch nog goede input kunnen geven bij een aantal van die automatismes. Vooral de ‘starthouding’, de houding die je aanneemt als je begint met een activiteit, is essentieel voor het (rugtechnisch) goed uitvoeren van een activiteit. En daar was ook bij mij nog winst te behalen. Daarnaast, omdat ze -met alle respect 😉 ook een stuk ouder was, kwam ze bij mij wél op terreinen die de psycholoog onontgonnen liet. Ook dat leverde uiteindelijk winst op.

Creatieve therapie

“Creatieve Therapie” is een verzamelnaam voor diverse soorten psychotherapie die een beroep doen op de creativiteit die in iedereen aanwezig is. Gevoelens worden tijdens creatieve therapie op non-verbale wijze geuit. Door middel van bijvoorbeeld schilderen, muziek maken, toneelspelen en dansen worden gevoelens en problemen uitgebeeld en onderzocht. Het doel van creatieve therapie is het (h)erkennen van problemen en het vervolgens in gang zetten van processen van acceptatie, verandering en persoonlijke ontwikkeling. Het geeft inzicht in de innerlijke conflicten en bevordert de verwerking.

Mijn ervaringen met creatieve therapie

Het onderdeel waar ik vooraf tegenop zag.

Ik heb héél veel met muziek, maar nu eenmaal weinig met tekenen, schilderen, knutselen en dergelijke. En…’muzikanten dansen niet’, dus met dans heb ik al helemaal weinig 🙂

Toch waren de sessies creatieve therapie best leuk. En ja, ik heb geschilderd en geknutseld. Ik vond het er wel iets te veel bovenop liggen; ik moest bijvoorbeeld mijn pijn in een tekening op papier zetten. En vervolgens gingen we dan, heel informeel, de tekening wat analyseren. Het lag allemaal iets te voor de hand waar dat naar toe ‘moest’ gaan. Maar, ik kan me voorstellen dat veel mensen die wél iets met tekenen, schilderen, kleien en knutselen hebben, dit een leuk onderdeel vinden. En, serieus, ik was nog trots ook op onderstaande creatieve uitspatting 🙂

Wat denk je, is het museumwaardig? 😉

Pijnmanagement Programma’s wereldwijd

Alleen al in Amerika zijn er naar schatting 50 tot 100 miljoen (oké, ruime schatting, men kijkt blijkbaar niet op een miljoen meer of minder) mensen met chronische pijn. Wereldwijd wordt het aantal geschat op 1.5 miljard (!) (Bron).

Wereldwijd zijn de laatste jaren, en op sommige locaties al veel eerder, dan ook pijnmanagement centra opgericht. Enkele voorbeelden.

The Walton Centre, Engeland

Het Walton Centre in Liverpool is het meest gespecialiseerde neurologisch centrum in Engeland. Jaarlijks worden er ruim 120.000 mensen behandeld en ruim 18.000 worden er intern opgenomen. Het pijnmanagement programma van het Walton Centre, dat al sinds de 60’er jaren van de vorige eeuw actief is, staat model voor pijnprogramma’s op andere locaties binnen en buiten de UK.

Het Walton Centre heeft een publicatie gemaakt over haar Pijnmanagement programma:

Bekijk het programma van het Walton Centre online.

De kliniek Pellenberg, België

Campus Pellenberg -onderdeel van UZ Leuven- is de pijnkliniek van Professor Morlion, beroemd in Europa als pijndeskundige. Het pijncentrum is vooral bedoeld voor patiënten met complexe pijnproblemen, waarbij men het pijnniveau of de pijn probeert te verminderen en de kwaliteit van leven te verbeteren door een brede aanpak van de aandoening en de beïnvloedende factoren. De kliniek biedt naast een uitgebreid pijnmanagement programma ook medisch-technische interventies als injecties, echogeleide infiltraties en infiltraties van triggerpoints.

Campus Pellenberg heeft een publicatie gemaakt over haar programma:

Bekijk het programma van Campus Pellenberg online.

Cleveland Medical Center Pain Management, USA

The American Chronic Pain Association heeft algemene info opgesteld over Painmanagement Programs in de USA. Juist in Amerika zijn er ontzettend veel sterk gespecialiseerde pijnklinieken, verspreid over het land.

Het Cleveland Medical Center (CMC) won in 2015 de Excellence in Pain Management Award van de American Pain Society. CMC biedt diverse technieken aan voor een medisch-technische oplossing van de chronische pijn, maar besteedt ook veel aandacht aan ‘patient education’. Daarnaast doet CMC veel onderzoek naar nieuwe technieken voor pijnbehandeling. Er worden jaarlijks ruim 13.000 nieuwe patiënten met chronische pijn behandeld.

Bekijk het programma van Cleveland Medical Center online.

Singapore Pain Management Centre

Het Singapore Pain Management Centre is onderdeel van Singapore General Hospital én het eerste en grootste centrum in Singapore gericht op behandeling van chronische pijn. Ook dit centrum maakt in haar behandeling een combinatie tussen medische, fysieke en psychologische aspecten van chronische pijn. SPMC functioneert ook als opleidingscentrum en is in die hoedanigheid geaccrediteerd door de Australian and New Zealand College of Anaesthetists (ANZCA) Faculty of Pain Medicine. Als enige opleidingsfaciliteit voor chronische pijn buiten Australië en Nieuw-Zeeland.

Bekijk het programma van het Singapore Pain Management Centre online.

Pijnprogramma’s bij revalidatiecentra in Nederland

Zie Welke revalidatiecentra bieden ondersteuning bij chronische pijn voor een overzicht van een aantal revalidatiecentra en links naar meer centra.

Voorbeeld van inhoud van een pijnrevalidatieprogramma: Tolbrug, Jeroen Bosch ziekenhuis ‘s-Hertogenbosch

Mijn ervaring met Pijnmanagement programma’s

Ik volgde in 2019 zo’n multidisciplinair programma dus, bij Revant in Breda. Dergelijke centra zijn er landelijk, in iedere regio vind je er wel minstens één.

Bij Onderdelen van pijler drie van het Pijnmanagement Programma las je al mijn persoonlijke ervaring met de individuele onderdelen bij Revant.

In hoofdzaak zijn dergelijke programma’s gebouwd op:

  1. Kennis opbouwen over chronische pijn
  2. Bewust worden van de manier waarop je zelf invloed hebt op je leven
  3. Toepassen op je eigen leven (‘heropvoeden’ noemt Professor Morlion dat) en
  4. Nadenken over hoe je je leven mét chronische pijn zo zinvol mogelijk kunt invullen.

Ik denk dat het goed is dat je vóórdat je aan een pijnmanagement programma begint, zelf al:

  • kennis hebt opgebouwd over hoe chronische pijn werkt
  • weet welke factoren van invloed zijn op pijn
  • een idee hebt welke theorieën er zoal zijn rondom chronische pijn en behandeling (cognitieve gedragstherapie, acceptance and commitment therapy, biopsychosociaal model, etcetera.)
  • nagedacht hebt over jouw eigen leven en op welke facetten daarin je chronische pijn impact heeft

Je hoeft echt niet ieder boek over chronische pijn gelezen te hebben, maar boeken als De Pijn De Baas, Overleven met chronische pijn en PIJN zijn wel basisstof. Samenvattingen helpen dan om snel grip te krijgen op een boek en naderhand nog eens na te lezen.

Twijfelpunt

Waar ik niet helemaal over uit ben, is de timing van deelname aan een pijnmanagement programma.

  • Voorwaarde voor mijn programma bij Revant was dat ik alles (maar dan ook echt álles) wat met een medisch-technische oplossing -denk aan: operaties, injecties, medicatie e.d.- en liefst ook alle aanvullende ‘alternatieve’ therapieën had afgesloten.
    • Immers, zo is de redenatie van Revant en van een aantal andere pijnmanagement programma’s, als je toch nog twijfelt of ingreep x of therapie y misschien alsnog ‘de grote allesomvattende oplossing’ voor je pijn brengt, zal je er nooit helemaal voor open staan om te berusten in het feit dat je pijn niet meer weggaat. En daardoor er ook niet voor open staan om je leven zodanig in te gaan richten (qua beweging, qua participatie, qua balans) dat je kunt leven mét pijn.
  • In het boek PIJN van Bart Morlion pleit hij veel meer voor een gelijk oplopend traject, waarbij medische interventies, pijnmedicatie én multidisciplinair programma naast elkaar lopen. Júist omdat er geen ‘allesomvattende’ totaaloplossing bestaat, en mensen daar van doordrongen moeten worden vóórdat ze laten sleutelen aan hun lijf.
    • Júist het traject, zo redeneert Morlion op basis van vele jaren ervaring met pijnpatiënten, waarbij je langs allerlei heel concrete en ook heel vage behandelingen ‘shopt’ is voor veel chronisch pijnpatiënten uiteindelijk enorm teleurstellend…want hoogstens helpt de behandeling voor even, tijdelijk, of als een placebo, maar niet op de langere termijn.
    • Veel medisch-technische ingrepen zijn dus niet nodig (want: leveren geen duurzaam effect) en juist de psychosociale kant moet veel eerder worden aangeboden. Vóórdat mensen zó teleurgesteld zijn geraakt dat het een enorme opgave wordt om ze nog te motiveren voor een andere, psychosociale, kijk op het leren omgaan met chronische pijn.

Een extra factor die hier nog in meespeelt, en ook heel individueel is, is de vraag ‘wanneer ben je er mentaal aan toe’? En met ‘er’ bedoel ik dan ‘aan het idee dat je met pijn moet leren leven, dat je milder naar je pijn moet gaan kijken’. Oók ik wilde tot een (klein) aantal jaar terug weinig weten van ‘leer leven met je pijn’, ‘denk anders over je pijn’ en ‘omarm je pijn in plaats van er tegen te vechten’.

Ja dáág, dacht ik, wat nou ‘omarmen’…gewoon wegsnijden die boel…en dóórrrrrr… (oké, ik dacht iets genuanceerder, maar ik chargeer even).

Zowel bewustwording als timing zijn dus heel belangrijk.

Financieel dilemma

Een deel van de medisch-technische wereld is qua uitgangspunten rondom behandeling van chronische pijn wel degelijk aan het veranderen, wordt voorzichtiger en terughoudender als het gaat om het ‘technische’ deel van de behandeling.

Een ander, voorlopig groter, deel (nog) niet. Er is in het ziekenhuis nog veel georganiseerd rondom financiering van concrete medische behandelingen: een operatie, mri-scan of epidurale injectie, daarop wordt de arts afgerekend, dat is omzet draaien voor het ziekenhuis. Een consult van 1,5 uur, dat is verloren tijd, daarmee is de arts niet ‘actief in de operatiekamer’. Terwijl voor chronische pijn de oplossing op termijn wel meer in die 1,5 uur bewustwording zit, dan in die hernia-operatie. Als je een paar weken met een patiënt bezig mag zijn middels consulten, is zo’n dure operatie of behandeling wellicht niet meer nodig, is de filosofie van pijnarts Bart Morlion. Dat scheelt direct veel zorggeld én de patiënt wordt zelfredzamer, minder afhankelijk van sociale vangnetten. Dus scheelt het ook maatschappelijk nog eens veel geld.

De ‘achterhaalde hegemonie van de medisch-technische onderzoeken en behandelingen‘ noemt Morlion het. Ofwel ‘de eenzijdige druk richting apparatieve geneeskunde, chirurgie en medicatie‘.

Ook financieel moet er in zorgland dus nog veel veranderen voordat een andere benadering mogelijk wordt…en dat zal nog een flinke tijd vergen.

Multidisciplinaire teams: dúrven samenwerken

Zo’n multidisciplinaire aanpak klinkt mooi en gebeurt op steeds meer locaties. Eén probleem (‘chronische pijn’) vanuit meerdere disciplines aanpakken om gezamenlijk een effect te bereiken. Eén stap verder is de interdisciplinaire aanpak, het bijna-ultieme samenwerken volgens Morlion. Een verandering in visie in en financiering van de pijnklinieken is daarvoor nodig, men moet de medische kliniek thema-overschrijdend gaan inrichten. En teams van artsen moeten ook met elkaar dúrven samenwerken, over de eigen grenzen heen durven kijken, elkaar durven aanspreken én tegenspreken.

Een team van artsen, fysiotherapeuten, psychologen, maatschappelijk werkers dat sámen met de patiënt een behandeltraject afstemt. Waar gezamenlijke doelstellingen worden bepaald. Waar gekeken wordt naar invloed van medicatie en reeds uitgevoerde interventies. Waar gekeken wordt naar omgevingsfactoren en gedrag bij de patiënt dat klachten mogelijk versterkt. Waar onderzocht wordt of meer kennis bij de patiënt nodig is, en vervolgens eerst een pijneducatie programma wordt aangeboden; ‘daarna weer verder’. Waar iedereen altijd alle vragen mag stellen. En waar iedereen elkaar aanspreekt op actieve participatie.

De overtreffende trap van samenwerking tussen artsen en patiënt is de transdisciplinaire aanpak. Daarbij kunnen collega’s vakoverschrijdende taken van elkaar overnemen; de grenzen tussen disciplines vervagen dan, tot ze uiteindelijk kunnen worden opgeheven. Net als bij ‘een cake’: alle afzonderlijke ingrediënten vervagen in het uiteindelijke -geslaagde- eindresultaat.

Mijn ervaring met samenwerkende teams

Een pijnmanagement programma is eigenlijk ook een bundeling van kennis, een fysieke locatie waar alles samenkomt. Mijn ervaring was dat er toch ook nog wel veel langs elkaar heen wordt gewerkt. Dat er weinig onderling overleg plaatsvond. Dat je als patiënt ook weinig hoort over wat men onderling in het behandelteam van jouw ‘case’ vindt. Wie welke insteek maakt, en waarom. Betrek de patiënt daar nog meer bij zou ik zeggen, doe het écht samen. En biedt ook info online, filmpjes archief, apps, oefeningen etc. Bij Revant ging veel nog adhoc, een tip hier en daar, een kopietje uit de map dat je meekreeg, enzovoort. Het online zorgdossier waar ‘alle artsen en behandelaars transparant in rapporteren’ staat nog echt in de kinderschoenen.

In een multidisciplinaire aanpak is het geheel zoveel meer dan de som der delen. Een mens is een holistisch wezen, met een lichaam en een psyche. Ook in behandelingen kun je hem het beste benaderen met een evenwaardige focus op het mentale én het fysieke.

Bart Morlion, in PIJN

Heeft het pijnmanagement programma mij ‘de oplossing’ gebracht?

Nee.

De pijn is er nog steeds, die is ook niet verminderd.

Maar ho, pijnvermindering was ook niet het doel.

Daarom heb ik het idee dat het mij toch wel iets heeft gebracht. En dan bedoel ik met ‘iets’ met name een toegenomen inzicht dat het zoeken naar oplossingen, naar ‘dé oplossing’, echt zinloos is. Dat het ‘m eerder moet gaan zitten in berusting (‘acceptatie’ weiger ik in de mond te nemen). In zoeken naar nieuwe zingeving en het ‘zo zinvol mogelijk maken van je leven’. In een combinatie van voldoende beweging, afleiding, rust, inspanning en ontspanning. Misschien wel in voeding, een voor mij nog onontgonnen terrein. En ja, ook in medicatie, als ondersteunend element, niet als hoofdelement (wat het een tijd wel is geweest -junkie-XL, weet je nog).

Maar vooral dus in het besef dat ‘dé oplossing’ voor chronische pijn niet bestaat. En wat dat betreft had ik die boodschap best wat scherper gehoord willen hebben, in mijn gevecht van een aantal jaren om ‘de oplossing’ te vinden. Misschien dat ik dan destijds toch wat andere keuzes had gemaakt?

Maar…anderzijds stond ik er toen gewoon ook nog niet voor open. En het is per definitie achteraf geklets, nu eenmaal gebleken is dat geen enkele behandeling tot échte afname van pijn heeft geleid.

Wat is er nodig: resources

Geld, geld, het draait altijd weer om geld. Om verandering te bewerkstelligen, om een andere mindset te bereiken, is nu eenmaal geld nodig. Geld voor materialen, voor onderzoek en vooral voor uren van mensen.

Maar het draait ook om visie. Artsen die anders leren denken, minder technisch, meer holistisch. Patiënten, die niet voor iedere kwaal direct een technische oplossing ‘eisen’. En de maatschappij, die weer leert dat een sociaal vangnet net zo belangrijk is als een snelle medische ingreep.

Voor nu wil ik het toch vooral nog even over dat geld hebben.

Financiering medische sector

Ik schreef al dat er in de medische sector, de wereld van de pijn, een andere manier van denken en van financieren nodig is.

  • Meer geld voor multidisciplinaire teams.
  • Meer geld voor extra onderzoek naar chronische pijn, nu de maatschappelijke impact zó groot aan het worden is. Met bijna drie miljoen patiënten met chronische pijn is deze groep groter dan bijvoorbeeld het aantal mensen met hart- en vaatziekten. Het is belangrijk dat onderzoek op grotere schaal kan worden uitgezet, zodat data ook beter vergelijkbaar worden.
  • Meer geld voor opleidingstrajecten in geneeskunde opleidingen gericht op pijn en chronische pijn: méér bewustwording bij artsen al tijdens hun opleiding.
  • Meer geld voor consulten en pijn(educatie)programma’s in plaats van alleen maar geld voor technische ingrepen.
  • Meer geld voor inkorten van de wachtlijsten bij pijnrevalidatiecentra (bén je eindelijk zover om je pijn aan te pakken, moet je 6-12 maanden wáchten).
  • Meer geld voor samenwerking tussen al die pijnprogramma’s wereldwijd: van elkaar leren en geen zaken tiendubbel opzetten.

Financiering aan patiëntkant

Een aantal patiëntenverenigingen heeft indirect aandacht voor ‘pijn’ als bijkomend nadeel van een andere ziekte. Maar zij hebben vaak vooral veel kennis in huis over het primaire ziektebeeld, niet over chronische pijn. En dan is er ook nog een grote groep patiënten die juist chronische pijn als primaire, op zichzelf staande ziekte, heeft.

Ik heb een aantal partijen gericht op chronische pijn in kaart gebracht in het artikel Welke organisaties bieden hulp bij chronische pijn. Ondanks het best al wel indrukwekkende aantal partijen dat ook daar al genoemd staat, valt het tegen als je écht inzoomt. En is er:

  • nog weinig samenwerking tussen bestaande partijen
  • überhaupt weinig diepgravender kennis aanwezig, geschreven in een stijl die aansluit bij de behoefte van de ‘moderne’ patiënt anno 21e eeuw.
  • weinig praktische informatie en tips voorhanden; tips die je bijvoorbeeld wel vindt in het boek Overleven met chronische pijn van Anna Raymann. Maar ja, een boek is ook maar een boek. En geen online cursus. Of e-health spreekuur. Of videoreeks (ga eens zoeken op Youtube op chronische pijn en je wordt helemaal gek van de versnippering). Of checklist.

Naar mijn idee is duurzame financiering nodig om een patiëntenvereniging / community / platform Chronische Pijn op te richten (NL/België) die aansluit bij de moderne mens die multidisciplinair over chronische pijn denkt. Een initiatief dat keuzehulp kan ontwikkelen die de bumpy road iets minder hobbelig maakt, die de valkuilen iets minder diep maakt en dat gewoon praktische tools en tips biedt aan iedereen met chronische pijn. Wil je meedenken, neem dan contact op.

Wat ik ook graag zou willen financieren? Een positief platform voor chronische pijnpatiënten.

Zeuren en klagen kunnen we allemaal, maar er gebeuren ook zóveel mooie dingen in zoektochten van mensen naar nieuwe zingeving. Normaliter gaan mensen daar mee aan de slag na pensionering; chronisch pijnpatiënten doen dat soms jaren eerder al. En daar ontstaan hele mooie kleine en grote initiatieven, waarmee mensen toch maatschappelijk betrokken willen blijven, ook al lukt dat misschien niet (volledig) meer in het arbeidsproces.

Laat dát nu eens landelijk zien, denk ik dan. Met een goed gefinancierd positief platform of een community waar mensen het zelf kunnen laten zien en ook anderen kunnen betrekken. Dit aspect geldt trouwens voor íedere chronisch zieke, niet alleen voor chronische pijnpatiënten. Doelgroep en bezoekersaantallen verzekerd, denk ik dan. En: de één inspireert de ander weer, zodat er straks een golf van positieve input door chronisch ziek positief Nederland gaat. Moet je eens kijken wat dat aan geld (/besparing) oplevert.

Wil je met mee meedenken? Goed idee voor financiering? Neem eens contact met me op, dan drinken we een (al dan niet virtuele) kop koffie.

Terug naar het winkelcentrum.

Ik sluit af met een ‘rondje shoppen’. Twee ervaringen van, toevalligerwijs, deze week.

EMDR, 14-09-2020

Ik was pasgeleden in gesprek met een psycholoog. Zij hoorde mijn verhaal aan en ik zag haar gedachten afdwalen. Ze staarde even uit het raam. ‘Weet je waar ik aan zit te denken’, zei ze. ‘Ik had laatst een ervaring met een patiënt bij wie ik EMDR toepaste’.

Eye Movement Desensitization and Reprocessing, afgekort tot EMDR, is een therapie voor mensen die last blijven houden van de gevolgen van een schokkende ervaring. Het brein wordt afgeleid met een repeterend ‘iets’ voor de ogen, je gaat terug naar die schokkende ervaring, en lost deze -op een manier die ik nog niet ken- vervolgens op in je hersenen.

‘Is dat niet iets voor jou’, vroeg ze. ‘Ik kan me zo voorstellen dat die chronische pijn na die hernia’s en andere ingrepen zich ook als een soort trauma heeft vastgezet in je brein. Denk er eens over na.’

Mesoloog, 15-09-2020

Ik kan alleen onze kelder de schuld maar geven in deze ervaring. Naast mijn woonhuis heeft zich een praktijk voor mesologie gevestigd, al enkele jaren terug. Boven de praktijk wonen studenten.

Mesologie valt onder de complementaire geneeskunde. Mesologen kunnen vrijwel alle symptomen (lichamelijk en psychisch) met elkaar verbinden, tot een totale diagnose. En advies geven hoe symptomen stapsgewijs te verlichten. Een onderdeel binnen de mesologie is voeding, en de invloed daarvan op (kwalen in) ons lichaam.

Iets hield me al jaren tegen om er binnen te stappen. Eerst omdat ik mesologie gewoon niet kende. Toen ik meer had gelezen, had ik een volgend argument: ‘je moet niet bij je buren binnenstappen voor medische consults’.

Totdat ik een vage geur van vocht rook in onze kelder. Een schimmelachtig geurtje. Op onderzoek uit en…ja hoor. Een vochtplek in de muur, schimmel te zien. Na onderzoek door een loodgieter was de conclusie helder: ‘het lek komt vanaf de buren. Stap eens bij hen binnen’.

Toeval wil dat ik de laatste dagen het boek PIJN van pijnarts Bart Morlion heb gelezen. Naast pijnarts is de heer Morlion ook fervent hobbykok en in het boek komt dus regelmatig iets over voeding, kruiden en planten voorbij. En de grote hoeveelheid effecten daarvan op allerlei kwalen…maar zeker ook op chronische pijn.

Ding dong. Op deze dinsdagochtend stap ik binnen, om via het pand van de mesoloog even in de kelder van de buren te kunnen kijken. Een kelder die niet echt in gebruik is, maar waar wel leidingen lopen en de watermeter zit. Al snel blijkt daar iets meer dan te druppelen, ook daar een vochtige muur en een lek.

‘Nu ik er toch ben’, hoor ik mezelf zeggen…’misschien is het toch eens goed een afspraak in te plannen…’

Shop till you drop. Maar pas op, de weg is hobbelig!

Ps ja ik ben die grootverbruiker van de zorgverzekering. Ik heb het nog nooit uitgerekend, maar het verbaast me behoorlijk dat ik nog nooit een telefoontje van Hugo de Jonge heb gekregen dat ‘de portemonnee een kéér leeg is’. Dat doe ik overigens niet omdat ik nou zo graag de maatschappij op kosten wil jagen. Maar omdat ik van die verdomde pijn af wil. Of doe ik nou alles wat ik hierboven heb geschreven in één Ps teniet?

Deel je ervaringen

  • Heb jij ervaring met pijnmanagement programma’s? Of wel eens samengewerkt met een multidisciplinair team, voor je chronische pijnklachten?
  • Welke afwegingen heb jij gemaakt rondom keuzes voor operaties en andere ‘technische’ behandelingen? Heb jij veel laten sleutelen aan je lijf, of bewust juist niet? Wat heeft het één of het ander je opgeleverd?
  • Heb jij ideeën hoe de financiering in dit verband langzaamaan of sneller kan veranderen? Hoe non-technische ingrepen beter gefinancierd kunnen worden dan nu?
  • Heb je gedachten over het financieren en realiseren van een positief platform voor chronisch zieken en/of chronische pijnpatiënten? Een positief platform waarop zij kunnen laten zien hoe ze blijven bijdragen aan de maatschappij?
  • Wat vind jij van medisch shoppen? Waar ligt de grens voor jou?

Deel je ervaringen en gedachten via de reacties hieronder. Ik lees ze.

Meer lezen

Lees ook het blog over PIJN, het boek van Bart Morlion en andere posts over chronische pijn.

  • Lees het interview ‘Er is weer meer in mijn leven dan mijn rug‘. Een interview met Ineke, een deelneemster aan het RealHealth pijnprogramma van de Maartenskliniek in Nijmegen.
  • Kijk hoe Andre Bandell, geïnterviewd door de Volkskrant, ‘medisch shoppen’ omdraaide naar ‘leren leven met chronische pijn’.

Bewust leven en je taalgebruik aanpassen mét chronische pijn

Geschatte leestijd: 12 minuten.

Ik volg af en toe Dr. David Hanscom met zijn site Back in Control en DOC-programma (Direct your Own Care). Hanscom is een Amerikaanse orthopedisch chirurg die in de loop der jaren volledig is overgestapt van chirurgische interventies naar een behandelwijze zónder traditionele (rug)operaties. Zijn uitgangspunt is zelfregie van de chronisch pijnpatiënt en een multi-disciplinaire aanpak met veel aandacht voor de achtergronden van de patiënt. David Hanscom heeft zélf ook zo’n 15 jaar geworsteld met chronische pijn. In een recente podcast interviewde hij psychotherapeut Jake Eagle, over bewust leven en het aanpassen van je ‘taalgebruik’ als mede-oplossing voor leven met chronische pijn.

Jake Eagle

Jake Eagle is 25 jaar lang psychotherapeut (Santa Fe) en startte de Live Conscious community (‘Bewust Leven’). Tegenwoordig probeert Jake verder te kijken dan therapie alleen, die toch vaak gericht is op ‘wat is geweest’. En bij het coachen van mensen niet teveel naar dat verleden maar juist naar het heden en de toekomst te kijken.

Met de techniek Perception Language (letterlijk: ‘de taal van het waarnemen’) helpt hij mensen om met hun eigen taalgebruik -gesproken en in je eigen hoofd- in het hier en nu te blijven. Dat helpt om verbinding aan te gaan met anderen, en helpt uiteindelijk ook om weer verbinding met jezelf aan te gaan. Ofwel: het ‘empoweren van jezelf’, om het in mooi Nederlands uit te drukken 😉

Wat is Perception Language?

  • Perception Language is een specifieke techniek die je niet ‘zomaar een keer per dag’ toepast, je gebruikt het iedere keer als je spreekt. In jezelf, of in contact met anderen. Het is een taal die uitgaat van de tegenwoordige tijd, die je helpt om in het hier en nu te blijven. Want, juist dat hier en nu kun je het beste beïnvloeden, niet het verleden of dat wat nog moet komen.
  • Bij perception language wordt alles wat te maken heeft met ‘lof’ of ‘schuld’ weggehaald. Doel is om zelf minder oordelend te worden, maar ook minder waarde te hechten aan het oordeel van een ander. De taal is gefocust op dat wat je zelf ervaart, op je eigen interpretatie van iets dat gebeurt, op jouw subjectieve oordeel. En niet op dat wat je van een ander vindt, uit een soort van neiging tot zelfverdediging.
  • Met Perception Language wordt het makkelijker om naar anderen te luisteren zonder dat je in de verdediging schiet of direct oordeelt over de ander. De taal stelt je in staat om meer van jezelf te laten zien -en juist daardoor wordt verbinding met anderen makkelijker.

Wat wordt bedoeld met Bewust leven?

Als je bewust leven onderdeel maakt van je dagelijkse praktijk, bevrijd je jezelf uiteindelijk van conflicten en negatief taalgebruik. Bewust leven betekent

  • ‘verstandig’ leven
  • je tempo vertragen
  • diep (er) nadenken en
  • iets voor een ander overhebben

Bewust leven betekent ook doorlopend bewuste keuzes maken. Kiezen met wie je een verbinding wilt aangaan, bewust kiezen volgens welke waarden je wilt leven, welk werk je wilt doen, welke (maatschappelijke) bijdrage je wilt leveren. Ook word je je gaandeweg bewuster van het feit dat je voortdurend zélf invloed hebt op hoe je je leven wilt leiden.

Perception Language, de uitgangspunten

Jake vertelt dat er zes ‘basisregels’ zijn rondom het toepassen van perception language. In deze podcast worden er uiteindelijk drie uitgelicht.

Één. Je neemt continu zelf verantwoordelijkheid voor je gevoel.

In plaats van ‘jij maakt me boos’ zeg of denk je ‘ik word boos’. In plaats van ‘dat maakt me blij’ zeg je ‘ik maak mezelf blij door…’. Het gevoel komt uit jezelf, door jezelf, niet door wat iets of iemand anders doet. Jake noemt het ‘verb-ing’ (verb = werkwoord).

David vult Jake aan met het uitgangspunt dat je eigen gedachten niet per definitie ‘echt’ zijn (echt in de zin van ‘de waarheid’), maar dat het jouw versie van de werkelijkheid is. Als je jezelf dat voortdurend realiseert, leer je je brein anders omgaan met dingen die je ervaart. Dat wat je waarneemt is je eigen gevoel, niet dat van een ander, en het is je eigen vertaling van wat er gebeurt of wat je ziet.

Twee. Je gebruikt de taal altijd in de tegenwoordige tijd.

‘Return to the now’. Dat betekent dat je dat wat eerder, vroeger (dat kan gisteren, twee weken geleden of twee jaar geleden zijn), gebeurd is, altijd beschrijft in het hier en nu. Je gaat niet in op wat er destijds is gebeurd, waarom dat gebeurde, hoe je je toen voelde, wat het toen met je deed, maar je brengt het naar het nú: wat doet die gebeurtenis nú nog met je. Hoe kan iemand jou, of jij een ander, nú helpen.

De achterliggende gedachte is dat je het verleden toch niet meer kunt oplossen of veranderen. Als je in een gesprek toch terug dreigt te gaan naar ‘dat wat vorige week gebeurde’, dwing je jezelf om je bewust te worden van het hier en nu: waar zit je nu, hoe laat is het nu, hoe voel je je nu. Wat wil je nú nog met die vervelende gebeurtenis van vorige week? Wil je dat iemand zich verontschuldigt? Wil je dat iemand het uitlegt? Wil je afspraken maken hoe jullie vanaf nu met elkaar omgaan? Met deze vragen blijf je weg van het ‘klagen over wat al gebeurd is’ en kom je bij datgene wat bijdraagt aan de oplossing, aan de toekomst.

David legt de parallel met chronische pijn: het heeft uiteindelijk geen zin om te (blijven) klagen over het probleem dat je hebt, hoe verschrikkelijk die pijn wel niet is. Daarmee maak je de pijn alleen maar groter. De oplossing zit ‘m veel meer in het loslaten, juist óók ten opzichte van de pijn vergevingsgezind zijn.

Drie. Je blijft in je taalgebruik weg van ‘lof’ en van ‘schuld’.

Jake noemt dit de meest essentiële ‘regel’.

Het elimineren van schuld en kritiek (elkaar of jezelf de schuld geven van iets, kritiek hebben op iets wat iemand doet) is niet zo complex te begrijpen.

Maar er is een andere kant van die medaille: door toe te staan dat iemand anders je over iets de hemel in prijst, zodat jij je goed voelt, geeft ‘die ander’ nog steeds veel macht over jouw gevoel. Daarbij komt dat jouw gedrag erop gericht blijft om die lof van die ander te blijven ontvangen: wat kan ik doen zodat hij mij blijft prijzen voor wat ik doe? Het idee van dit uitgangspunt is dat je wegblijft van het labellen van andere mensen, als in ‘dat wat jij doet is super’, of ‘ik vond het helemaal niks wat je nu deed’. Het wegblijven van lof en schuld maakt het makkelijker om met mensen écht de verbinding aan te gaan.

Voorbeeld 1: verschillende visies

Stel je hebt onenigheid met iemand over een bepaald onderwerp: de één vindt a, de ander vindt b. Wat dan vaak gebeurt is dat mensen eerst hun eigen standpunt gaan verdedigen met argumenten. Vervolgens gaan ze de ander ‘aanvallen’ (hard of mild) op het andere standpunt, uit de neiging om de ander te overtuigen van het eigen gelijk. Maar wie heeft er eigenlijk toestemming gegeven om de ander te mógen overtuigen? En wat gebeurt er als je iemand gewoon géén toestemming geeft om jou te overtuigen van het andere standpunt? Vaak komt dan het besef dat je gewoon…van visie verschilt. Niets meer, niets minder. De enige vraag die dan telt is ‘kun je, ondanks je eigen verschillende standpunt, ook met die andere visie uit de voeten’…’does it work for you’? Kun je je eigen agenda laten varen, uit respect voor de visie van de ander?

Voorbeeld 2: doelpunt maken

Stel je kind heeft een voetbalwedstrijd gespeeld en net een prachtig doelpunt gemaakt. Als ouder kan je hem dan enorm gaan complimenteren, hem de hemel in prijzen…maar je kunt ook gewoon vragen ‘wat voor gevoel gaf jou het maken van dat doelpunt?’ De stortvloed aan complimenten is vaak een controlemechanisme over de ander (de een vindt het fijn, de ander wordt er ongemakkelijk van). Door te vragen wat het met hém doet blijf je respectvol naar zijn gevoel…wat dat gevoel ook is. En daarbij help je het kind om naar zijn eigen gevoel te gaan (trots op zichzelf, ‘ik ben de beste voetballer ter wereld’), in plaats van jóuw gevoel over hem uit te storten.

Aan de slag met bewust leven en perception language

Ik vond het, ondanks het beluisteren van de hele podcast, nog wat lastig om de term ‘perception language’ te vertalen. Daarom zocht ik de definitieve van perceptie op. Wat houdt het begrip nu precies in?

Perceptie betekent letterlijk waarneming. Dit proces gaat gepaard met interpretatie, selectie en organisatie van zintuiglijke informatie. Perceptie is waarneming in de breedste zin van het woord. De vijf mogelijkheden van de zintuigen van een mens: horen, zien, ruiken, voelen en proeven zijn eigenschappen waarbij perceptie een belangrijke rol speelt. Perceptie is ook de manier waarop mensen tegen dingen aankijken: ”Wat is jouw perceptie bij het geschetste probleem?”

Bron: Ensie

Perception language betekent dus letterlijk ‘de taal van het waarnemen’. In plaats van dat je met je taalgebruik oordeelt, schakel je over naar pure waarneming. Het botst naar mijn idee nog wat met de term ‘interpretatie’ in bovenstaande definitie, want interpretatie bevat volgens mij al een soort oordeel. Aan de andere kant, als je het puur opvat als het voor jezelf verwerken van wat je hoort, ziet, ruikt, voelt of proeft, dan gaat interpretatie meer om de waarneming dan om het oordeel bij die waarneming.

Perception language en chronische pijn

Hoe kun je de uitgangspunten van perception language nu toepassen op chronische pijn? Drie voorbeelden, aan de hand van de drie uitgangspunten die in de podcast aan bod komen.

Uitgangspunt een: eigen verantwoordelijkheid voor je gevoel.

Jake vertelt in de podcast dat, wanneer je chronische pijn hebt, je het risico loopt om jezelf vooral als slachtoffer te zien. De pijn hindert je in allerlei zaken, het legt je lam, je relatie wordt er op z’n zachtst gezegd meestal niet beter van, je lijdt. Jake noemt het ‘victimizing yourself‘. Oók in de meeste therapieën die zijn gericht op chronische pijn wordt de pijn gezien als iets dat losstaat van jezelf, als iets dat jou ellende bezorgt. Perception language maakt je er bewust van dat de waarde die jij aan je chronische pijn hangt, door niemand anders dan jóu wordt gecreëerd.

Ofwel, je neemt zelf verantwoordelijkheid voor het gevoel, het label, dat je aan jouw pijn hangt. Laat je de pijn de controle over je houden? Maakt de pijn je voortdurend somber? Ben je slachtoffer van de pijn? Biedt de pijn je nieuwe kansen? Zorgt de pijn voor nieuwe, verdiepende, contacten? Jij bepaalt, jij bent verantwoordelijk. En niemand of niets anders.

Uitgangspunt twee: de tegenwoordige tijd.

‘Die pijn ook altijd. Vorige maand had ik zo’n goede maand. Ik kon meer doen, er kwam weer wat werk uit m’n vingers. Daarvóór had ik een paar hele slechte maanden, dus ik was eigenlijk zo blij dat het weer wat beter ging.’

Het zijn gedachten die iedereen met chronische pijn bekend voor zullen komen. Maar uiteindelijk helpen ze niet echt. Het continue vergelijk van het hier en nu met periodes ervoor, je kan jezelf er helemaal gek mee maken.

Wellicht is het beter om dan maar echt bij het hier en nu te blijven. Te dealen met de situatie zoals hij nu is. ‘Het gaat nu even wat minder. Ik voel meer pijn en dat geeft me een vervelend gevoel. Ik krijg minder gedaan dan ik zou willen. Maar tja, het is zoals het is. Ik verander er niets aan. Laat ik een wandeling maken, kijken of beweging me nu wat helpt.’

Uitgangspunt drie: geen lof, geen schuld.

‘Heb je gisteren wél energie gehad om boodschappen te doen en te koken? Wat fantastisch. Echt goed van jou. Complimenten hoor.’ (‘Zou je vaker moeten doen’, zegt het irritante stemmetje, dat de ander in mijn eigen hoofd nadoet, er dan nog achteraan).

‘Gisteren heb je voor ons gekookt. Ik ben benieuwd hoe dat voor je was. Je bent er even uit geweest om boodschappen te doen, en daarna heb je eten gemaakt. Het smaakte mij erg goed. Jou ook?’

Hoewel ook het tweede voorbeeld nog een indirect compliment bevat, ligt de focus bij het gevoel dat de persoon zelf had bij de maaltijd. En is hij of zij nieuwsgierig wat het koken met jou deed, in plaats van je direct te overladen met (al dan niet valse) complimenten. Wegblijven bij lof in dit geval, maar puur benoemen wat een actie met het gevoel doet en de ander ruimte bieden voor een eigen interpretatie.

Wil je je verder verdiepen in deze technieken?

De website Live Conscious (zie ‘Meer lezen’) heeft een paar honderd artikelen over ‘bewust leven’ en het concept van ‘perception language’.

Natuurlijk worden er online e-courses aangeboden. Daarnaast organiseren Jake en Hannah een of twee keer per jaar 8-daagse retreats of ‘labs’ (van ‘laboratorium’) in een groepssetting van ongeveer 20 mensen. Acht dagen intensief werken met bewust leven en waarnemend taalgebruik.

In de termen van Jake:

  • een week lang anoniem opgaan in een warme groep, zonder je geschiedenis en baggage
  • een week lang zonder oordelen van anderen, zonder ongevraagde feedback of mensen die je vertellen over wat je zou moeten doen of wie je zou moeten zijn
  • een week lang niet meer nadenken over hoe anderen je zien en zonder na te hoeven denken over wie gelijk heeft en wie niet

Hoewel de setting van die retreats me wel wat érg Amerikaans -en toegegeven, ook wel een beetje ‘zweverig’ overkomt, lijkt me een weekje leven met bovenstaande uitgangspunten behoorlijk fijn.

“This shift in speaking and thinking creates unlimited space for choice. I not only take responsibility for myself, but also create a fluid sense-of-self, with which I can create more ease, curiosity and joy in my life.”

Quote van deelnemer aan Live Conscious retreat in Playa Viva, Mexico.
Foto door Randolph Langenback, Playa Viva Mexico

Nog even over dat slachtofferschap

We hebben er allemaal wel eens last van. De slachtofferrol. Het kan ook een tactiek zijn, een manier van overleven: het hele verhaal van die chronische pijn, het wordt je allemaal aangedaan. Maar je kunt er ook voor kiezen te stoppen met slachtoffer zijn, ‘victimhood’ zoals de Amerikanen zeggen.

  • neem gewoon de beslissing om jezelf -vanaf vandaag- niet meer als slachtoffer te zien
  • schrijf het op, zet er een datum boven, en hang het briefje op een plek die je minstens iedere dag tegenkomt
  • besef dat het een keuze is die je zelf, met je hele intelligentie, maakt
  • besef dat je af en toe nog opnieuw in de valkuil zult trappen; wees daar gewoon eerlijk over
  • zoek naar aanvullende tools (online, therapie) die je helpen uit de slachtofferrol te blijven (chronische pijn levert nu eenmaal veel frustratie op en die kan je niet alleen herprogrammeren)
  • stop met ‘proberen’ – iets ‘proberen’ is de ultieme invulling van slachtoffer zijn. Schrijf dat ook op hetzelfde papiertje met een groot kruis erdoor.
  • en als laatste, schrijf het woord ‘doen’ erbij, als tegenhanger van ‘proberen’

Het feit dat chronische pijn niet tastbaar is, niet meetbaar, maakt het extra moeilijk. Veel mensen in je omgeving zien niet aan je dat je pijn hebt: het is simpelweg niet zichtbaar. Dat zorgt ervoor dat mensen ook geregeld twijfels uiten of die pijn wel ‘echt’ is. Het ideale uitgangspunt voor slachtofferschap. Laat jezelf niet in die positie plaatsen. Maar plááts jezelf er ook niet in.

Meer lezen over slachtoffer zijn? David Hanscom schrijft er uitgebreid over.

De volledige podcast luisteren?

Deel je ervaringen

  • In hoeverre was je je vóór het lezen van dit artikel bewust van je eigen taalgebruik rondom chronische pijn? Van patronen in dat taalgebruik die je uiteindelijk niet helpen, maar ‘gijzelen in de situatie’?
  • In hoeverre gebruik jij, rondom je chronische pijn, taalgebruik waarin je vaak terugkijkt naar wat is geweest? Blijf je vaak hangen in het verleden, in ‘het probleem chronische pijn’?
  • Vind en voel je jezelf 100% slachtoffer van chronische pijn? Heeft deze pijn je eigenlijk ook dingen gebracht?
  • Wat betekent bewust leven, in de context van hetgeen besproken in het artikel, voor jou? In hoeverre leef jij al bewust of wat kun je veranderen om bewuster te gaan leven?

Deel je gedachten via de reacties hieronder.

Meer lezen

Ik blog regelmatig over chronische pijn, blader eens door het Blog magazine.

  • Ook geïnteresseerd in de uitgangspunten van Dr. David Hanscom? Bezoek zijn site Back in Control en volg een van zijn social media, blogs of podcasts.
  • Meer weten of Jake Eagle’s Live Conscious, het Perception Language programma en de periodieke wereldwijde retreats/’labs’? Kijk eens rond op de website van Jake en zijn vrouw Hannah.
  • Een groot aantal van de podcast-interviews van David Hanscom en zijn gasten is online terug te luisteren. David praat ontzettend snel (vind ik), daar moest ik even aan wennen. Zijn gasten, die veelal vaker aan het woord zijn, hebben vaak een veel rustiger spreektempo.
  • Lees ook eens dit artikel over ‘in het moment, hier en nu, zijn’, in plaats van proberen in het nú te zijn. Een subtiel, maar ook ontzettend groot, verschil.

Op zoek naar een concreet voorbeeld hoe je je taalgebruik kunt aanpassen? Jake Eagle heeft een (e-)book uitgegeven, Get Weird, waarin de communicatie wordt gevolgd tussen twee broers die hun onderlinge relatie willen herstellen. Een les in open-minded zijn, in het hier en nu blijven en het vermijden van spanning en conflict.

Samenvatting: Zorgboek Pijn, Stichting September / Pijn-Hoop

Geschatte leestijd: 7 minuten.

Met chronische pijn leren leven ís goed mogelijk, maar hoe doe je dat nu, in de dagelijkse praktijk? Het Zorgboek Pijn is geschreven op basis van de ervaringen van andere mensen met pijn: mensen die met vallen en opstaan hebben geleerd hoe ze een plezierig, bevredigend leven kunnen leiden, ondanks de pijn. Je vindt er informatie over medicijnen, bewegen, ontspannen, alternatieve behandelwijzen, zakelijke gevolgen en andere onderwerpen.

Waarom deze samenvatting?

  • Op het eerste gezicht wordt er nog niet zoveel gepubliceerd over chronische pijn. Zoom je in, dan zijn er in de loop der tijd toch al behoorlijk wat pijnboeken geschreven. Door samenvattingen aan te bieden krijg je grip op wat er zoal verkrijgbaar is…en wat waarde toevoegt aan de kennis die je al hebt.
  • Een samenvatting van een boek is handig voor het snelle overzicht. Om te beoordelen of het de moeite waard is om het hele boek te gaan lezen, lenen of kopen. Een samenvatting is te beknopt om het boek te kunnen vervangen.
  • Een samenvatting van een boek is ook ná het lezen van het volledige boek handig. Je vindt er snel een compleet overzicht, je kan het later nog eens nalezen als bijvoorbeeld de inhoud wat is weggezakt.
  • Een samenvatting bevat uiteraard weinig nuance. Het heeft geen toelichtende anekdotes of voorbeeldverhalen waardoor stof tastbaar wordt. Het heeft geen illustraties…soms zegt één beeld meer dan 1000 woorden. Het heeft geen toelichtende tabellen en het bevat vaak niet de retourvragen aan de lezer, die je aan het denken zetten.

Kortom: Een samenvatting geeft grip, maar is ook altijd beperkt.

Tips bij het lezen van Zorgboek Pijn

  • Probeer bij alles wat je leest hetgeen je leest op je eigen situatie toe te passen. Wat vind jij van, hoe denk jij over, in hoeverre pas jij al toe wat je leest, in hoeverre wíl je toepassen wat je leest.
  • Uiteraard is de samenvatting deels ook míjn interpretatie van wat ik lees; het zijn de zaken die mij in het boek zijn opgevallen of triggeren die ik opschrijf. Daarmee ben ik verre van volledig, dat is ook niet het doel van de samenvatting. Het kan dus zijn dat jij juist andere zaken haalt uit het oorspronkelijke boek dan ik.

Inhoudsopgave

Zorgboek Pijn is een uitgave (2011) van Stichting September in samenwerking met Stichting Pijn-Hoop. Een stichting die dé oplossing wil bieden om een ingewikkelde boodschap daadwerkelijk over te brengen. Dat doet de stichting met de publicatie van praktische publicaties, zoals het Zorgboek Pijn.

Introductie

Pijn is biopsychosociaal.

  • Bio: lichamelijke beschadiging hersenen, ruggenmerg en zenuwen; spelen grote rol
  • Psycho: pijnbeleving: denken, voelen
  • Sociaal: pijngedrag

Ofwel: pijn is ingewikkeld, er is veel op van invloed.

Soorten pijn en begrippen

Er wordt onderscheid gemaakt tussen acute en chronische pijn.

Er is ook verschil tussen weefsel- en zenuwpijn. Zenuwpijn is meestal niet afhankelijk van beweging of belasting; weefselpijn wel.

Fantoompijn / gerefereerde pijn is pijn op een andere plaats dan waar de oorzaak ligt.

Sensitatie = pijngevoeligheid.

Wanneer een zenuw wordt geprikkeld, levert dit korte, scherpe pijn op (door de A-deltavezels in zenuw) en langerdurende doffe pijn (door de C-vezels in de zenuw).

Poorttheorie: als de “poort” openstaat wordt de pijnprikkel naar de hersenen vervoerd, als de poort dichtstaat is er geen geleiding naar hersenen. Poort kan ook voor een deel gesloten staan. De hersenen kunnen andersom ook beïnvloeden of een poort pijnprikkels doorgeeft of niet. Ben je angstig, dan kan je ook gevoeliger worden voor pijn; de pijndrempel gaat omlaag: sensitatie neemt toe.

Centrale sensitatie ontstaat door o.a.:

  • bewegingsangst
  • somberheid
  • onjuiste gedachten over pijn

In het ruggenmerg kruisen de pijngeleidende banen naar de andere zijde van het lichaam.

De hersenen kunnen zelf ook stoffen aanmaken die pijn remmen: endorfinen, enkefalinen.

Dimensies van pijn

Pijn is:

  • lichamelijk
  • psychisch
  • sociaal

Negatieve spiraal: cirkel van Löser; een pijnmodel dat uit vier cirkels bestaat, die de onderdelen van pijn weergeven:

  1. lichamelijke beschadiging (leidt tot…)
  2. gewaarwording van pijn in hersenen (leidt tot…)
  3. pijnbeleving (leidt tot…)
  4. pijngedrag
Crikel van Löser, Bron

Van invloed op pijnbeleving:

  • karakter
  • gedachten over pijn, die leiden tot gevoelens, die leiden tot gedrag: negatieve spiraal kan ontstaan

Van invloed op pijngedrag:

  • sociale omstandigheden, cultuur, godsdienst, reacties van omgeving
  • mate van onbegrip of juist sociale steun

Pijndiagnose

Eerste stap: zoeken naar (behandelbare) oorzaak + eventuele behandeling. Is er geen behandelbare oorzaak, dan spreekt men van chronische pijn. Gevolg: medisch shoppen; risico dat je teveel gericht blijft op verhelpen van pijn in plaats van te leren leven met pijn.

Tweede stap: inventarisatie van de ernst van de pijn en gevolgen daarvan (voor werk, relaties, hobby etc.) -> er zijn meerdere methodes hiervoor. Ook wel “pijn anamnese” genoemd.

Pijn aanpak

Brede aanpak: biopsychosociaal. 

  • bio = lichaam
  • psycho = gedachten en emoties
  • sociaal = gedrag

Er wordt een diagnose gesteld: van acuut naar chronisch.

Er wordt ingezet op leren leven met de pijn: “de pijn de baas”.

Aanpak is altijd op maat, persoonlijk.

Zelfzorg: 

  • heft in eigen handen nemen: gezond leven, ontspannen.
  • omgaan met de gevolgen van pijn: jijzelf, je partner, je naasten
  • behandelingen: verbetering van functioneren in dagelijks leven: revalidatie, pijnstillers, therapieën

Plan van aanpak 

…om met chronische pijn een nieuw leven op te bouwen

  1. inzicht krijgen in ontstaan pijn: van acuut naar chronisch
  2. inzicht krijgen in behandelingen, therapieën, hulpverlening en medicatie
  3. inzicht krijgen in mogelijkheden voor zelfzorg en gevolgen: wat moet worden aangepast in dagelijks leven (werk, hobby’s, bewegen, gezond leven)
  4. leren omgaan met pijn, doelen stellen: bv. minder medicatie, werkzaamheden aanpassen, afleiding zoeken
  5. inzicht krijgen hoe je je “zorgen” te lijf kan gaan: financiën, relatie, gezin, familie, collega’s/werk
  6. hulp zoeken: activiteiten tijdig leren stoppen, omgaan met belastende activiteiten

Ad 2: inzicht in behandelingen

Bewegen

  • pijn vermijden is niet goed, het opzoeken van de pijn wel
  • met regelmaat bewegen maar niet te fanatiek: grenzen leren kennen

Praten over pijn

  • delen van gevoelens
  • voorkomen van eenzaamheid
  • wegnemen van onbegrip
  • hulp vragen

Revalidatie

  • gericht op dagelijkse activiteiten; activiteiten op een andere manier doen
  • aandacht voor gedachten over pijn
  • fitter worden
  • graded exposure: stapsgewijs activiteiten weer oppakken
  • individueel behandelplan: screening, observatie, uitvoering, nazorg

Fysiotherapie

  • beweeglijk blijven
  • graded activity
  • ontspanning (ademhaling, acupunctuur)
  • conditie verbeteren

Cognitieve gedragstherapie

  • samenhang gedachten/gevoelens en gedrag “denken en doen”
  • gedachten over pijn kunnen hinderpalen zijn: hoe ga je om met pijn

a) gedachten:

  • “ik kan er niks aan doen”, “er is iets helemaal mis”: voorbeelden die leiden tot catastroferen
  • doel: anders over pijn leren denken

b) gedrag:

  • doel: op andere manier met pijn omgaan
  • heldere doelen stellen: wat wil je weer gaan bereiken / kunnen
  • oefenen en experimenteren met een andere aanpak

Ontspanningstraining

Bereiken van lagere spierspanning door o.a. betere ademhaling.

Ad 3: inzicht krijgen in mogelijkheden voor zelfzorg en gevolgen

  • opbouwen van een nieuw leven
  • veranderen is lastig, dus kleine stappen maken
  • vooruit kijken ipv achteruit, omgeving erbij betrekken, tijd nemen voor verandering, anticiperen op tegenslagen, hulp aanvaarden
  • bijhouden van een dagboek helpt: grenzen kennen en vooruitgang zien

Gezond leven

  • een gezonde leefstijl helpt
  • gezonde voeding: niet teveel eten, voldoende water
  • letten op een goede BMI
  • niet roken

Ontspannen

  • pijn veroorzaakt stress, stress versterkt pijn
  • stress kan leiden tot ongezonde stress en die heeft weer lichamelijke gevolgen
  • vermogen om te relativeren, minder te moeten, meer aandacht te besteden aan dingen die lukken
  • cognitieve gedragstherapie en mindfulness kunnen ondersteunen om bewust te ontspannen en leuke dingen te doen

Ad 4: omgaan met pijn

  • doseren van belasting (‘graded activity’): voorkom overbelasting
  • pijn niet uit de weg gaan: angst voor pijn is een risicofactor
  • keuzes leren maken
  • pijn toelaten en om leren gaan met machteloosheid, wanhoop

Partner & naasten

  • belangrijk dat ook zij hun gevoelens delen
  • onderdeel van acceptatieproces
  • ook zij hebben informatie en kennis nodig
  • zij kunnen de goede dingen versterken en hulp bieden
  • belangrijk om gelijkwaardigheid te bewaken 
  • belangrijk om ook een eigen leven te blijven leiden

Pijnmedicatie

  • pijnstillers: bestrijden de pijnklachten, niet de oorzaak
  • neuropathische pijnmedicatie: hebben effect op pijnwaarneming in de hersenen

Ad pijnstillers

  • paracetamol, NSAID’s, opioïden, middelen tegen neuropathische pijn
  • let op het plafondeffect: méér nemen van een bepaalde pijnstiller zorgt niet meer voor méér pijnstilling

NSAID: ‘non steroïdal anti-inflammatory drugs’: anti-ontsteking

Opioïden: veelal met gereguleerde afgifte: opbouwen van een constante hoeveelheid in bloed. Verstopping (obstipatie) is vaak een bijwerking.

Neuropathische pijn is zenuwpijn. O.a. diabetes kan oorzaak zijn. Middelen o.a. Amitriptyline, Gabapentine, Lyrica.

Organisaties

Welke organisaties kunnen je ondersteunten:

  • Stichting Pijn-Hoop
  • PVVN
  • Pijnpatiënten naar één stem
  • PijnPlatform NL
  • IASP is de International Society for the Study of Pain

Je vindt een overzicht in het blog Welke organisaties bieden hulp bij chronische pijn?

Er komt steeds meer ketenzorg: organisaties maken gebruik van een gedeeld informatiesysteem: efficiënter en effectiever.

Deel je ervaringen

  • Heb jij het boek ook gelezen en mis je iets in deze samenvatting?
  • Wat vond je positieve en minder positieve dingen in het Zorgboek Pijn? Heeft het boek je geholpen, en zo ja op welke manier?
  • Welke impact heeft het boek op jouw aanpak van chronische pijn gehad?

Deel je ervaringen via de reacties hieronder.

Heb je zelf een samenvatting van dit boek gemaakt?

  • Ik vind het leuk deze te lezen.
  • Wellicht heb jij aanvullingen gemaakt die ik, met jouw toestemming, kan toevoegen aan bovenstaande samenvatting.
  • Laat het me weten door contact op te nemen.

Van welk boek zou jij graag een samenvatting lezen?

  • Reageer via de reacties hieronder en ik zet het boek op de leeslijst.

Meer lezen

  • Het Zorgboek Pijn lijkt op dit moment (september 2020) niet verkrijgbaar; noch rechtstreeks via de stichting, noch via Bol.com, noch via Stichting Pijn-Hoop. Wellicht worden er financiële middelen gezocht voor een herdruk?
  • Mijn exemplaar vond ik in de openbare bibliotheek Breda. Heeft jouw bibliotheek deze niet, dan kun je vaak (gratis of tegen een kleine vergoeding) een boek uit een andere bibliotheek laten overkomen.

Samenvatting: De Pijn De Baas – Frits Winter

Geschatte leestijd: 20 minuten.

De Pijn De Baas van dr. Frits Winter is een klassieker op het gebied van boeken over chronische pijn. Het boek kan je concreet helpen om je eigen therapeut te worden, zodat je zelf de invloed van de pijn op je leven leert terugdringen. Het boek wordt ook veel gebruikt als basis in therapie- en revalidatietrajecten. Het boek leert je stapsgewijs en systematisch de pijn onder controle te krijgen, zodat het uiteindelijk een minder prominente rol in je leven krijgt.

Waarom deze samenvatting?

  • TOp het eerste gezicht wordt er nog niet zoveel gepubliceerd over chronische pijn. Zoom je in, dan zijn er in de loop der tijd toch al behoorlijk wat pijnboeken geschreven. Door samenvattingen aan te bieden krijg je grip op wat er zoal verkrijgbaar is…en wat waarde toevoegt aan de kennis die je al hebt.
  • Een samenvatting van een boek is handig voor het snelle overzicht. Om te beoordelen of het de moeite waard is om het hele boek te gaan lezen, lenen of kopen. Een samenvatting is te beknopt om het boek te kunnen vervangen.
  • Een samenvatting van een boek is ook ná het lezen van het volledige boek handig. Je vindt er snel een compleet overzicht, je kan het later nog eens nalezen als bijvoorbeeld de inhoud wat is weggezakt.
  • Een samenvatting bevat uiteraard weinig nuance. Het heeft geen toelichtende anekdotes of voorbeeldverhalen waardoor stof tastbaar wordt. Het heeft geen illustraties…soms zegt één beeld meer dan 1000 woorden. Het heeft geen toelichtende tabellen en het bevat vaak niet de retourvragen aan de lezer, die je aan het denken zetten.

Kortom: Een samenvatting geeft grip, maar is ook altijd beperkt.

Tips bij het lezen van De Pijn De Baas

  • Probeer bij alles wat je leest hetgeen je leest op je eigen situatie toe te passen. Wat vind jij van, hoe denk jij over, in hoeverre pas jij al toe wat je leest, in hoeverre wíl je toepassen wat je leest.
  • Uiteraard is de samenvatting deels ook míjn interpretatie van wat ik lees; het zijn de zaken die mij in het boek zijn opgevallen of triggeren die ik opschrijf. Daarmee ben ik verre van volledig, dat is ook niet het doel van de samenvatting. Het kan dus zijn dat jij juist andere zaken haalt uit het oorspronkelijke boek dan ik.

Inhoudsopgave De Pijn De Baas

Een van de klassiekers op het gebied van chronische pijnmanagement

De versie die ik heb gelezen is de 10e druk, 2009. Er zijn al ruim 50.000 exemplaren van verkocht en het verscheen tevens in het Engels, Pools en Deens. Frits Winter is gezondheidspsycholoog, ontwikkelingspsycholoog en beroepskeuzepsycholoog en heeft een eigen praktijk in Haaksbergen. De cognitieve gedragstherapie staat centraal in zijn aanpak.

Introductie

De kern van dit boek draait om een switch in denken.

van:

Hoe raak ik mijn pijn kwijt?

naar:

Hoe kan ik ondanks de pijn mijn leven waardevol invullen?

Je wordt als lezer aan het denken gezet over de vraag: “Hoe…word je je eigen therapeut.” Centraal in het boek staat ook het uiteindelijk te bereiken doel: Rustgevende ontspanning na gedoseerde inspanning. 

Beluister hieronder een gesproken inleiding op het boek De Pijn De Baas (bron):

Les 1: Chronische Pijn

Met pijn valt te leven, maar met uitzichtloosheid niet. Pas wanneer je weer zin en inhoud aan je leven kunt geven, bestaat er een kans dat je met pijn leert leven.

Pijnvermindering is geen doel op zich, maar een automatisch gevolg van veranderingen die je doorvoert.

Pijn geeft normaliter nuttige en betrouwbare informatie over schade aan je lichaam. Maar niet altijd geeft je lichaam de juiste info, denk bv. aan nog onontdekte kanker. Soms geeft pijn een misleidend signaal, bv. pijn die je ergens anders in je lichaam voelt dan waar de schade zit. Daarbij kunnen soms zowel het bewegingssysteem als het gevoelssysteem in de war raken, bv. bij zenuwpijn. 

Simpel opereren werkt veelal niet, bijvoorbeeld een operatie waarbij er zenuwen worden doorgesneden; het zenuwstelsel verandert immers voortdurend en past zich aan. Het brein, de gedachten, leerervaringen en emoties zijn daarbij belangrijke elementen die invloed uitoefenen.

Pijn is wel iets dat altijd serieus genomen moet worden. Het is vaak een signaal van overbelasting, fysiek of mentaal. Hoe harder je er tegen vecht, hoe sterker het signaal wordt. Overbelasting kan optreden op alle niveaus van belastbaarheid; als je meer wilt doen c.q. doet dan je qua belastbaarheid aankunt ga je in feite nog steeds achteruit: met steeds meer moeite en pijn kun je steeds minder. Een strijd tegen je eigen lichaam, die je nooit kunt winnen.

Mensen vinden het moeilijk om een verminderd prestatievermogen te accepteren. Je wordt afhankelijker van anderen, er ontstaat schaamte en schuldgevoel. Je raakt gefrustreerd, zeker als de medische wereld geen oplossing meer biedt.

Extra gevaar is dat pijn wisselt in intensiteit. Daarbij doe je al snel teveel op een goede dag en te weinig op een slechte dag. Dat is dubbel negatief van invloed op je belastbaarheid. Beter is het toepassen van de “salamitechniek”: iedere dag precies dezelfde belasting en dezelfde mate van rust, zonder dat je overbelast (of onderbelast).

Les 2: Inspanning

De pijn an sich is frustrerend, maar ook dat deze je functioneren belemmert. Alle rollen die je hebt komen ter discussie te staan.

Pijn invalideert: je verkrampt, neemt onnatuurlijke houdingen aan. Volledige rust, of te weinig bewegen, lost niets op maar verergert de pijn juist. Het opbouwen van voldoende conditie en spierkracht is belangrijk, maar wel met de juiste begeleiding, zonder prestatiedrang of het snel willen boeken van successen.

Hoeveel pijn iemand aankan is mede afhankelijk van of je vrijwillig de pijn opzoekt (topsporter) of de pijn gedwongen ondergaat. Of je wel of niet de situatie kunt beïnvloeden maakt ook een groot verschil.

De enige weg naar verbetering is af te leren gaan op je verstand, niet op je gevoel. Een dagindeling op basis van tijdregistratie voorkomt over- of onderbelasting, maar zorgt uiteindelijk ook voor groei van je belastbaarheid. En vermindering van je pijn. Denk bv. aan verstandig wennen aan de zon na een winterperiode, in plaats van direct te lang in de zon (want: “het is zo fijn”) en verbranden, zodat je weken daarna nog last houdt.

Actie: vaststellen van je basisniveau. Gedurende langere tijd je activiteiten en rusttijden opschrijven, plus of er een toename of afname was in pijn.

Doel: een basisniveau bepalen met precies zoveel activiteiten waarbij de pijn niet de overhand krijgt (toenemen mag wel, maar de benodigde hersteltijd moet wel hanteerbaar blijven). 

Basisniveau is dus nuttige tijd, waarin je actief kunt zijn. Vervolgens ga je het basisniveau geleidelijk uitbreiden, de belastbaarheid opbouwen, waarbij je piekbelasting (met teveel pijn) vermijdt. Ofwel, het ontdekken van je basisniveau en de groeimogelijkheden, voor allerlei activiteiten die je doet of wilt doen. 

Basisniveaus verschillen bij verschillende activiteiten. Bij opbouwen start je 10 tot 20 % onder je basisniveau en probeer je in stapjes van 10% te verbeteren, rekening houdend met tussentijdse terugval (remissie). Systematisch, en zeer geleidelijk. 

Hoe actiever je kunt zijn, hoe beter de pijn te verdragen zal zijn. En maak het sterke sterker: train ook de niet-pijnlijke delen van je lichaam.

Les 3: Spanning en ontspanning

Bij voortdurende pijn loopt spanning in je lijf steeds verder op. Je wordt belemmerd door “het pijnmonster” in alle facetten in je leven. Onzekerheid, onrust, machteloosheid en gespannenheid zijn het gevolg. Externe omgeving kan dit nog eens versterken door onbegrip, maar ook bv. door extra druk vanuit werkgever of vanwege je financiële situatie.

Spanning vergt veel energie. Ook pijn vraagt veel energie. Het lijf maakt nieuwe energie aan (ATP, Adenosine Trifostaat, een ‘drager van energie’) wanneer je spieren ontspannen zijn.

Een teveel aan spierspanning kan leiden tot overgevoeligheid voor prikkels, gegeneraliseerde pijn (“overal pijn”), emotionele kwetsbaarheid, onzekerheid en angst, concentratieverlies en geheugenproblemen, chronische vermoeidheid, slapeloosheid, spijsverteringsproblemen, gestoorde motoriek en sensibiliteit, veranderingen in het afweersysteem en veranderingen in behoeftes.

Ontspanning is iets anders dan vaker op vakantie gaan, sporten of gezond eten. Ontspanning is het slapper maken van je spieren. Dat kan door drugs/medicatie, door systematisch spieren aan te spannen, door ademhaling, door bidden, door te genieten van eten, door ontspannende gedachten en visualisaties op te roepen, door het concentratievermogen te herontwikkelen, door een veilige omgeving te creëren (romantiek, eigen sfeer, natuur).

Ontspannen betekent meestal iets niet doen.

Tips:

  • bezigheid zoeken die echt bij je past
  • tijd en ruimte maken
  • vaste plaats kiezen
  • inspanning en ontspanning afwisselen
  • aan je concentratie werken: focussen

Les 4 Chronische vermoeidheid

Chronische pijn gaat vaak samen met chronische vermoeidheid; een soort uitputtingssyndroom. Passiviteit en inactiviteit gaan het echter niet oplossen.

Om energie in je lichaam aan te kunnen maken is energie nodig, middels energiereserves. Een goede energievergelijking gedurende de dag zorgt voor deze reserves.

Er zijn twee soorten vermoeidheid: lichamelijk en psychisch.

  • De verhoogde spierspanning, conditieverlies en de pijnmedicatie kosten fysiek energie. Fysiek energie opbouwen kan door lichaamsbeweging (endorfinen), goede eetgewoonten, voldoende en juiste vorm van slaap, pauzes te nemen.
  • Psychische vermoeidheid komt vaak voort uit een gebrek aan succes, meer willen dan je kunt.

Dit ombuigen heeft een proces nodig met fasen vergelijkbaar met rouw: ontkenning, opstand, moedeloosheid, acceptatie (realiteitsbesef dat er nog mogelijkheden zijn ondanks de pijn)

Van een patroon van véél dagelijkse inspanning (met een beetje rust) moet je niet naar een patroon van weinig dagelijkse inspanning (en veel rust), maar naar de salamitechniek: een aantal periodes van inspanning telkens gevolgd door een gelijke periode van rust, enz. Daarvoor is het nodig een goede afleidingsactiviteit (hobby) te hebben en de juiste prioriteiten te (kunnen) stellen. Succeservaringen zijn daarbij nodig om in een positieve flow te komen.

Les 5 Pijn en de ander.

Pijn levert kans op isolement op. Zeker als je gewend bent problemen zelf op te lossen, je slecht kunt uiten, veel waarde hecht aan onafhankelijkheid. Goede communicatie is extra belangrijk: aangeven waar je wel en geen behoefte aan hebt, hoe anderen kunnen helpen: dat creëert solidariteit.

Hulp durven vragen, en hulp durven ontvangen; emoties niet opkroppen, niet “flink doen”: de kwaliteit van de communicatie bepaalt of je de band met de ander weet te versterken of juist niet. Door pijn heb je veelal minder tijd, je partner ook; de kwaliteit van de gesprekken telt dan dubbel.

Pijn kun je niet zien; je moet er herhaaldelijk over communiceren.

Complicerende factoren:

  • pijn is onbegrijpelijk
  • pijn is niet interessant
  • pijn is een pijnlijk onderwerp
  • pijn is niet constant
  • pijn is onvoorspelbaar
  • pijn veroorzaakt negatieve emoties

Koester vooral geen schuldgevoelens rondom het communiceren over pijn. De ander voelt je niet automatisch aan en kan er ook van balen.

Partner types:

  • verzorgend, begripvol; probeert je in alles te ontzien
  • (te) relativerend: het valt allemaal wel mee, staat niet open voor gevoelens rondom pijn
  • supporter: behandelt je als gelijkwaardig persoon, heeft begrip, maar doet geen pogingen om het probleem voor je op te lossen

Idealiter accepteer je de hulp van de ander, net als dat je zelf anderen wilt helpen. Warmte, humor en mentale rijkdom kunnen samengaan met fysieke problemen. Geef de ander complimenten, waardeer de hulp die wordt geboden, ook van kinderen. Maak het pijnprobleem bespreekbaar met partner en kinderen. Wordt van een doe-het-zelver een goede delegeerder.

Les 6 Gedragsverandering

De invloed van pijn is alleen terug te dringen als je zelf je gedrag bepaalt, niet wanneer de pijn het gedrag bepaalt. Wordt gedrag positief beloond, dan zal dit gedrag toenemen.

Lang veel aandacht voor pijn kan lijden tot een steeds moeizamer leven. Ook therapie en veel aandacht van artsen (medisch winkelen) voor (vergeefse) pijnbehandeling levert negatieve aandacht voor de pijn op. Alles lijkt immers beter dan alleen te staan met de pijn. Ook het ontkennen of negeren van pijn werkt tegengesteld: verstoppen kost veel energie.

Juist het geven van de juiste aandacht aan pijn, door eerlijk voor de pijn en beperkingen uit te komen, kan helpen om te leren gaan met die pijn. Daarnaast helpt het om aandacht te besteden aan ieder goed gevoel en elke verbetering (“aandacht voor goed gedrag geeft moed”).

Juist door evenwichtig te oefenen (los van meer of minder pijn) kan je je mogelijkheden stapsgewijs vergroten. Via ontspanningsoefeningen kun je je leren concentreren op de delen van je lichaam die goed voelen. Ook door nieuwsgierig te zijn naar de pijn, objectief, kun je de pijn milder maken (“manipuleren van aandacht”).

Drie factoren bepalen de effectiviteit van de beloning:

1. Tijd 

Wanneer: liefst directe beloning na gedrag -> bij pijn komt de straf veelal pas een tijdje na de activiteit, nadat je over je grenzen bent gegaan. De beloning in de vorm van “rust” of “pijnstiller” komt pas als je al veel te veel pijn hebt; dat bevordert afhankelijkheid van de pijn. Juist door volgens een vast patroon, een vast ritme, tijdig te rusten voorkom je dat de pijn te sterk wordt en krijg je de pijn onder controle.

2. Frequentie (zo vaak mogelijk)

Alleen via een geleidelijk groeiproces kun je vooruitgaan: kleine successen boeken met soms stilstand of een terugval. Daarin heb je bemoediging nodig, geen kritiek (als in “heb je weer teveel gedaan” enz.). Hoe minder negatieve emoties, hoe beter. Goed werkt het door vorderingen te objectiveren, bv. tijd noteren dat je op bent en dat je rust.

3. (on)Voorspelbaarheid

Onverwachte beloningen zijn leuker dan voorspelbare, maar het onvoorspelbare karakter van chronische pijn maakt het ook moeizaam. Het stimuleert dat je “maar iets probeert, het er op waagt”, met de ene keer een gunstig effect qua pijn en de andere keer niet. 

Op korte termijn zal je worden gestraft als je meer gaat doen, minder pijnstillers neemt; maar op de langere termijn behaal je winst. De voldoening van het op tijd gestopt zijn, moet opwegen tegen de ergernis van het nog niet klaar zijn: je krijgt meer zelfrespect naarmate je er vaker in slaagt haalbare en realistische doelen te stellen.

No pain, no gain: als je met je pijn leert leven, hoef je nergens meer bang voor te zijn. Je kunt heel veel pijn aan, als je weet dat deze nuttig of noodzakelijk is om een doel te bereiken.

Les 7 Gevoelsbeïnvloeding

Kennis en wilskracht bij gedragsverandering is essentieel. Maar daarmee alleen lukt het niet, het draait met name ook om het hebben van een goed gevoel bij de veranderingen. Een aantal extra technieken helpt hierbij.

Anders denken

Als je geen tijd hebt om over een conflict na te denken, dan levert het conflict minder emoties op. Weinig aandacht, of de juiste mate van aandacht geven aan een conflict helpt dus, tegelijk met het benaderen van een conflict vanuit meerdere invalshoeken (objectivering). Je manier van denken beïnvloedt ook je pijn. Een pessimistisch, pijnlijk, ‘catastrofaal’ denken geeft een uitputtend gevoel; een realistisch denken (de pijn is hoe dan ook beïnvloedbaar en hanteerbaar) bepaalt wat je voelt en hoe je vervolgens handelt.

Anders handelen

Handelingen zijn vaak rechtstreeks het gevolg van gevoelens. Verander je je gedrag, dan veranderen ook gedachten en gevoelens. Je kunt een gedragspatroon kiezen dat min of meer los staat van hoe je je voelt. Bewust toegeven aan je gevoel en vervolgens kiezen voor een ander gedrag maakt dat je gedrag je gevoel beïnvloedt (‘trainen van je mentale conditie’). Een goede voorbereiding op mogelijke pijn doet de angst verminderen en heeft een gunstige invloed op de pijnbeleving, kan de pijn enigszins dempen.

Anders gezegd: als je ruimte creëert voor je emoties, als ze er mogen zijn, dan kan je ze hanteren en via gedrag ook weer andere emoties bij jezelf losmaken. Bv. toegeven aan pijn, even flink huilen, daarna goede muziek opzetten en daar door je tranen heen toch weer van genieten.

Moeten moet niet

Te lang presteren onder spanning heeft een verlammende werking. Activiteiten waar je vrijwillig voor kiest, gaan per definitie makkelijker. Geef vooral positieve aandacht aan positief gedrag, al dan niet met beloning. Elke druk roept een tegendruk op. Druk en moeten versterkt ook de pijn: hoeveel pijn je aankunt is sterk afhankelijk van of je de pijn vrijwillig opzoekt, of gedwongen de pijn moet ondergaan. Zelf het heft in handen nemen betekent angstreductie en dus ook pijnreductie. Kies activiteiten waarbij je gaat als je je goed voelt, en weggaat wanneer je wilt.

Op tijd stoppen

Stop wanneer het nog leuk is, anders breek je snel af wat je met veel moeite hebt opgebouwd. Het gevoel dat je weg kunt, kan al bevrijdend werken en daardoor de spanning weghalen. Zorg voor laatste positieve indrukken bij een activiteit, dat neemt de spanning weg om de activiteit nogmaals te doen. Verminder de druk van jezelf, maar ook die van anderen.

Pijnmanagement:

  • zelf bepalen wat haalbaar en redelijk is
  • werken aan een aantrekkelijk dag-/weekprogramma
  • plezier krijgen in bezigheden omdat ze mogen, niet moeten
  • zorgen voor een ontspannen klimaat waarin ‘moeten’ een bijrol vervult

Een nieuwe levensstijl

Je pijnverleden is van invloed op hoe hardnekkig de pijn is. Maar ook: welk leerproces is daarbij ontstaan? Wanneer je extreme pijn kunt voorkomen, dan wordt de gevoeligheid niet meer groter. Elke keer wanneer je je forceert maak je de desensibilisering ongedaan.

Een veilig klimaat en succesvolle ervaringen zijn nodig om de druk in allerlei activiteiten niet meer op te laten lopen. Daardoor krijg je weer meer vertrouwen. Geforceerd doorzetten (vechten) helpt niet, maar helemaal niets doen (volledige inactiviteit) ook niet. Juist door de pijn regelmatig op een juiste wijze op te zoeken kan het pijnprovocerende karakter ervan verdwijnen; op een veilige, rustige en gedoseerde manier. Een terugval naar oud gedrag hoort daar meestal bij, maar die is van korte duur als je de nieuwe aanpak consequent hanteert.

Les 8 Vertrouwen

Pijn stelt de goede relatie tussen lichaam en geest ter discussie. Er komt een scheiding in jezelf, dat ‘rotlijf’ doet niet meer mee met wat de geest wil. De pijn haalt langzaam maar zeker de kwaliteit uit je leven weg; doelloosheid en zinloosheid komen in de plaats. Pas als er weer mogelijkheden, nieuwe doelen, komen kan je leven met pijn. Maar er is een emotionele weerstand om grenzen en beperkingen te respecteren. Zelfvertrouwen en zelfrespect is nodig om weer te kunnen en willen luisteren naar je lichaam.

Zelfrespect

Schaamte, zelfverwijt staat herstel in de weg. Nieuw mededogen, acceptatie en respect is nodig om weer te kunnen groeien. En als je jezelf wat meer respecteert en accepteert, dan wordt het voor anderen ook makkelijker. 

Een aantal vooroordelen staat groei in de weg. Het feit dat je moet dragen wat je hebt, dat zelfkritiek nuttig is, hulp vragen zwak, dat je beter moet zijn dan anderen etc. Zolang je niet in jezelf investeert, jezelf accepteert, raak je jezelf kwijt.

Wees jezelf

Vertrouwen is een voorwaarde voor genezing en herstel. Gebrek aan acceptatie, minderwaardigheidsgevoelens, leiden tot angst. Door jezelf continu met anderen te vergelijken gedraag je je niet natuurlijk, niet als jezelf. Je bent echter zelf verantwoordelijk voor je geluk, niet de situatie waarin je zit. Wat anderen denken is onbelangrijk. Je bepaalt alleen zelf hoe je je voelt, niet een ander.

Gelijkwaardigheid

Het feit dat anderen taken van je overnemen kan een gevoel van misbaarheid bewerkstelligen, je kunt je overbodig gaan voelen. Zeker als ook rolwisselingen plaatsvinden, bv. als je als man thuis zit en je vrouw fulltime aan het werk is. Gelijkwaardigheid binnen je relatie is belangrijk, ook al is de onderlinge taakverdeling veranderd. Belangrijk daarbij is aan je omgeving te blijven aangeven dat je zoveel mogelijk zelf wilt blijven doen, ook al duurt het wat langer. Belangrijk is ook dat men je blijft betrekken bij planning en organisatie, los van de uitvoer. Je rol kan veranderen richting advies geven, raad en steun bieden.

Opkomen voor jezelf

Door lang pijn te hebben kan het gebeuren dat de omgeving je als patiënt gaat behandelen. Men gaat je ontzien. Iedereen gaat een rol spelen, niet meer zeggen wat men eigenlijk denkt. Dit gebrek aan gelijkwaardigheid verwoest je eigenwaarde. Goede communicatie over je eigen positie is essentieel om, ondanks de pijn, een volwaardige plaats te behouden.

Wat wil jij

Maak duidelijk aan je omgeving wat je werkelijke behoeften en wensen zijn, en hoe men je daarbij kan helpen. Laat los dat je zelf de enige bent die alles kan oplossen, maar voorkom ook dat dingen buiten je om gebeuren.

Problemen delen

Zolang je blijft communiceren over problemen, over de pijn, is er niet zoveel aan de hand. Een gezinsstructuur kan veel hebben. Kinderen vinden het vaak prettig te ervaren dat ook een ouder gebreken, emoties en angsten heeft. Het praten over problemen schept ook een band.

Mobiliseer je omgeving

Als goede manager maak je gebruik van de talenten en kwaliteiten in je omgeving. Anderen voelen niet vanzelf aan hoe ze je kunnen steunen of praktisch helpen, dus daarover moet je helder communiceren.

Vragen staat vrij

Alleen wanneer je duidelijk aangeeft wat je wel en niet wil vanuit je omgeving en tegelijkertijd dankbaarheid toont, zal je omgeving hulp blijven aanbieden. Belangrijk is dat je zelf de regie blijft voeren én open en eerlijk bent over je tekortkomingen.

Lichamelijke intimiteit

Bij een pijnprobleem kunnen angst en onzekerheid lichamelijk contact in de weg gaan staan. Angst om te falen en tekort te schieten verstoren de veilige sfeer die nodig is voor intimiteit en seks. Ook hier is goede communicatie essentieel. Toneelspelen brengt je nergens.

Noodzakelijke eigenschappen

Om weer terug te komen uit een situatie van chronische pijn is een aantal kenmerken nodig, vergelijkbaar met een topprestatie leveren:

  • autonomie: eigen doelstellingen kiezen, eigen verantwoordelijkheid en regie
  • actiebereidheid, zonder te gokken: eigen kennis en werkmethodiek gaan de uitkomst bepalen van acties die je doet, niet het toeval. Rustig problemen analyseren zonder teveel te gokken is essentieel, maar fouten maken en gecalculeerde risico’s nemen mag.
  • realistisch aspiratieniveau: met kleine stapjes geleidelijk meer actief zijn en de pijn opzoeken: belastbaarheid uitbouwen volgens een groeimodel. Het ‘alles of niets’ principe werkt niet.
  • toekomstgericht: nieuwe initiatieven en plannen ontwikkelen zonder teveel terug te kijken naar wat niet meer haalbaar is; verantwoord experimenteren
  • gericht op mogelijkheden: verder ontwikkelen van sterke punten en vooral kijken naar wat nog wel kan
  • hoop op succes: dit leidt tot initiatief en experimenteren; zowel geslaagde als mislukte experimenten leveren informatie op over de meest succesvolle manieren om vooruit te komen

Les 9 Levensstijl

Bij chronische pijn geeft je lichaam aan dat er een fundamentele verandering nodig is. Door pijnstillers zet het herstel niet in. Nieuwe vaardigheden zijn nodig om tot een pijnvriendelijke levensstijl te komen.

Pijn en bewustzijn

Pijn uit het verleden, uit het heden en in de toekomst beïnvloeden en versterken elkaar.

Door drukke bezigheden komt je onderbewustzijn niet toe aan het wegwerken van pijn of trauma’s uit het verleden. Een pijnsignaal geeft aan dat het tijd is om daaraan te werken. Pijn kan ook aangeven dat de huidige draagkracht en draaglast niet in balans zijn. Allerlei factoren in je huidige leven kunnen daarop van invloed zijn. Tegelijkertijd geeft de huidige pijn ook angst en zorgen naar de toekomst, die een eigen leven kunnen gaan leiden. Belangrijk is om te kijken wat je er op dit moment aan kunt veranderen, je te richten op doelstellingen die wel haalbaar en concreet zijn.

Richtlijnen om de pijn te leren hanteren:

  • neem de pijn serieus: ga er zorgvuldig mee om om de schade zoveel mogelijk te beperken, ook al staat de pijn misschien niet in verhouding tot objectieve feiten.
  • zoek de oplossing, niet de oorzaak: het blijven zoeken naar medische oorzaken is vaak een doodlopende weg, leidt alleen tot grotere frustratie. Beter is om te kijken naar factoren die de pijn beïnvloeden.
  • herken de invloeden van vroeger: ervaringen uit het verleden bepalen hoe je wél en hoe je niet wilt zijn; negatieve emotionele ervaringen van vroeger laten sporen na.
  • vorm je persoonlijkheid: toevallige factoren kunnen een persoonlijkheid sterk beïnvloeden, maar je kunt ook zelf de verantwoordelijkheid over je ‘programma’ terugnemen. De manier waarop je met een pijnsituatie omgaat, zijn bepalend voor geluk. Aangeleerde slechte gewoonten hoe om te gaan met de dagelijkse pijn kunnen geherprogrammeerd worden.
  • wees baas over je gewoonten: laat je gemoedsrust niet afhankelijk zijn van het schema dat je jezelf ooit heb opgelegd. Vind een meer evenwichtig ritme om je activiteiten uit te voeren, pas de patronen aan als dat noodzakelijk is. ‘Zo ben ik nu eenmaal’ is gewoonweg niet waar.
  • maak het minder beladen: het creëren van een nieuwe levensstijl en een nieuwe omgeving zorgen voor minder spanning; de factoren die de pijn oproepen worden zoveel mogelijk uitgeschakeld. Systematische desensitisatie zorgt er voor dat de pijn afneemt: door regelmatig en volgens een veilig systeem de pijn op te zoeken. Wanneer je weet hoe je leven er in het slechtste geval uit komt te zien, wanneer je op het slechtste bent voorbereid, kan de praktijk alleen nog maar meevallen; dat gevoel leidt tot vermindering van spanning. Er komt berusting en hoop op succes.

Wanneer je de activiteiten die gekoppeld zijn aan pijn regelmatig op een gedoseerde manier opzoekt, dan kan de signaalfunctie van die activiteiten veranderen. Niets doen, of geforceerd doorzetten gaan niet werken, gedoseerd opzoeken wel. Het vechten of vluchten laat je los, een ander rustiger gedrag komt er voor in de plaats.

Les 10 Gemotiveerd aan de slag

Een nieuw werkprogramma is nodig om de pijnsituatie te veranderen. Een sterke motivatie is daarvoor nodig. Duidelijkheid, haalbaarheid, aantrekkelijkheid van het programma is nodig, gecombineerd met eigenschappen om het te kunnen uitvoeren.

Wat wil ik: doelstelling

Concreet en helder vaststellen op welke manier de juiste afwisseling van optimale inspanning, weldadige rust en stimulerende afleiding ingepast kan worden in je programma. Bv. bepaalde medicatieverlaging, een dagelijks sportprogramma, een vastgestelde tijd voor een werkactiviteit, enz. Succesjes zijn nodig om hogere doelen te bereiken.

Wat baat het: winst

Normen en waarden, maar ook kennis beïnvloeden de aantrekkelijkheid van een te behalen doel. Hoe meer je weet, hoe meer je wilt weten en hoe makkelijker je kennis verzamelt. Hoe meer je van pijn weet, hoe meer macht je krijgt en zelfvertrouwen je uitstraalt om aan de slag te gaan. 

Een kostenberekening (wat kost het om een bepaald doel te behalen) is eveneens nodig: wat moet je laten om minder pijn te bereiken. Eerst zullen de kosten hoog zijn, later lager.

Hoe haalbaar is het

Je mening over de kans op succes bepaalt de motivatie bij het opbouwen van je mogelijkheden. Tussentijdse succeservaringen zijn nodig, tussentijdse doelen eveneens, om het einddoel haalbaar te maken.

Therapieprogramma

  • hoe breng je systematisch meer inspanningen in je therapieprogramma: bezigheden zijn nodig om de pijn op de achtergrond te zetten, mits gedoseerd, gezien de beperkte belastbaarheid. Elke leegte vult zich met negatieve emoties; gebruik je spieren meer en je hersens minder!
  • hoe zorg je voor voldoende ontspanning: passief genieten is nodig om écht te kunnen ontspannen, span je spieren systematisch aan en ontspan weer, zorg voor een gelijkmatige ademhaling
  • hoe breng je meer afleiding en plezier in je leven: voldoende afleiding zorgt voor pijndemping; zoek activiteiten die overeenkomen met je voorkeuren

Stel vast wat je wilt gaan doen, hoe je dat wilt realiseren en wanneer je ermee begint. Deel je plannen met anderen, zodat ze je kunnen ondersteunen.

Vragen en antwoorden

Iedere les in De Pijn De Baas sluit af met een aantal vragen aan jezelf, horend bij de thematiek van de les. Ik vond het verhelderend om de antwoorden op deze vragen voor mezelf op te schrijven en er regelmatig naar terug te gaan.

Het gaat te ver om ook alle vragen in deze samenvatting op te nemen, maar ben je in het bezit van het boek grijp dan zeker eens terug naar deze vragen én je antwoorden.

Het systematisch antwoord geven op de vragen per les geeft ook een zeer goede basis voor bijvoorbeeld het stellen van eigen doelen in je eigen therapieprogramma, of als basis voor een revalidatieprogramma. Het laat je gestructureerd nadenken over vragen als ‘Hoe sta ik er eigenlijk in’, ‘Hoe typeren anderen mij’, ‘Wat wil ik zélf gaan bereiken’, ‘Wat kan ik concreet doen om beter te ontspannen’, enz.

Deel je ervaringen

  • Heb jij het boek ook gelezen en mis je iets in deze samenvatting?
  • Wat vond je positieve en minder positieve dingen in De Pijn De Baas? Heeft het boek je geholpen, en zo ja op welke manier?
  • Welke impact heeft het boek op jouw aanpak van chronische pijn gehad?

Deel je ervaringen via de reacties hieronder.

Heb je zelf een samenvatting van dit boek gemaakt?

  • Ik vind het leuk en nuttig deze te lezen.
  • Wellicht heb jij aanvullingen gemaakt die ik, met jouw toestemming, kan toevoegen aan bovenstaande samenvatting.
  • Laat het me weten door contact op te nemen.

Van welk boek zou jij graag een samenvatting lezen?

  • Reageer via de reacties hieronder en ik zet het boek op de leeslijst.

Meer lezen

Meer lezen over chronische pijn? Blader eens door het Blogmagazine Chronische Pijn.

  • Heb je het boek zelf nog niet gelezen, kijk dan eens of je eigen bibliotheek een exemplaar uitleent.
  • Wil je, omdat het één van de klassiekers is in de wereld van chronische pijn, het boek in je eigen boekenkast plaatsen, schaf het dan via onderstaande link aan. Je aankoop draagt bij aan méér opvang en beleving met muziek voor kinderen en jongeren in ziekenhuizen.