Bewuster keuzes maken met een tussenjaar

Geschatte leestijd: 10 minuten.

Ik was een jaar of 11, 12 misschien.

Ik besteedde er uren aan. Ja echt, uren.

Per week, soms.

Aan wat? Computeren?

Nee, dat was toen…een andere tijd.

Aan meisjes?

Nope, te vroeg nog toen. 😉

Aan piano spelen?

Ook niet. Ik zat destijds nog vol in ‘de blokfluit’. En tafeltennis, andere hobby.

Aan turen in de bosatlas.

Ja echt, met m’n hoofd in die atlas. Prachtig vond ik dat -en 35 jaar later nog steeds. Hoe landen in elkaar zitten, hoe grenzen lopen, al die dorpen, steden, metropolen, gebergtes, rivieren, nationale parken. Nou ja, alles dus wat je in een atlas vindt. Je kunt er heerlijk bij wegdromen.

‘Aardrijkskunde’ was mijn favoriete vak op de middelbare school. Niet alle elementen trouwens, dat gedoe over grondsamenstellingen enzo neigde net iets te veel naar biologie, natuurkunde of scheikunde. Not ‘my cup of tea’. Maar de rest wel.

Ik vertaalde dat in de laatste jaren van mijn middelbare school naar ‘reizen’ en ‘toerisme’. Kreeg een gezonde honger naar het buitenland, erop uit trekken. Gelukkig had je destijds nog een voordelige versie van Interrail (dat heette toen ook al zo), dus treinde ik met twee middelbare schoolvrienden dwars door Europa. Prachtig. Ik was ‘opperhoofd treinschema’…niets leuker dan treintijden puzzelen en verbindingen zoeken…als we nu eerst naar zus reizen, dan kunnen we vanuit zus weer verder naar zo…enzovoort. Een mooie treinzomer was dat.

Je praatte eens wat met de decaan, vroeg her en der opleidingsbrochures op (er was nog geen internet, althans niet de openbaar toegankelijke versie), deed op papier een beroepskeuzetest. Maar het was voor mij al heel lang duidelijk: die interesse in landen, volkeren en ‘buitenland’ ging ik in een studie toerisme vertalen. Nationale Hogeschool voor Toerisme en Verkeer (NHTV, tegenwoordig BUAS), in Breda. Lekker dichtbij het ouderlijk huis, maar wel op kamers natuurlijk.

Studie-uitval

Op Nederlandse hogescholen stopt gemiddeld bijna 1 op de 3 studenten in het eerste jaar met een studie. Op universiteiten ongeveer 1 op 5. Dat zijn studenten die niet van studie wisselen, maar helemaal stoppen met hun studie. In de jaren na het eerste studiejaar zijn de getallen rondom uitval zelfs nóg hoger: méér studenten stoppen dus ná het eerste studiejaar dan tíjdens het eerste jaar. Wel kan het zijn dat een deel van de studenten een jaar later weer terugkomt; men is er ‘tijdelijk’ tussenuit. Maar een aanzienlijk deel verdwijnt dus helemaal uit het hoger onderwijs. Een onderzoek onder Fontys studenten liet twee hoofdredenen zien voor uitval: ‘gebrek aan motivatie’ en ‘het maken van een verkeerde studiekeuze’.

Deze uitval leidt niet alleen tot financiële schade, maar uiteraard heeft het mentaal ook flinke gevolgen. Onzekerheid over keuzes, kan ik het wel, is mijn volgende keuze dan wél goed, de financiële druk wordt groter.

Ik heb mijn toerisme hbo met veel plezier doorlopen. Ik vond de (meeste) vakken leuk, het was een goede combinatie van ‘leren’ en ‘doen’ (hoewel ik wel iets meer theorie en iets minder groepswerk had gewild). Een prima brede opleiding gericht op managementfuncties in de wereld van toerisme en vrijetijd. En we konden zelfs extra cursussen SEPR doen (vakbekwaamheid reisburobedrijf), waar ‘topografie’ een groot onderdeel van was. Rijtjes stampen dus met de wereldtopografie; ik vond het leuk. Weet nu nog zo te zeggen wat de hoofdsteden van -bijvoorbeeld- Madagaskar en Burkina Faso zijn*.

Maar achteraf, vijfentwintig jaar later, twijfel ik toch of die “toerisme-opleiding” nu wel de juiste is geweest. Ik had vooral interesse in de wereldproblematiek en in volkeren wereldwijd. Het had dus net zo goed een wetenschappelijke studie ‘culturele antropologie’ kunnen zijn. En óók vanaf kinds-af-aan had ik een interesse in schrijven. Waarom niet gekozen voor een journalistieke studie, al dan niet gecombineerd met een schrijversvakschool of cursussen ‘schrijven’? Ook vond ik ‘bibliotheken’ hele prettige omgevingen en zag ik mij er later zo werken. Na twee eerste min of meer mislukte banen bij touroperators (ik ben niet zo voor werken in teamverband, vergaderen, enz.) koos ik een andere werkrichting, die wel weer zijdelings met ‘toerisme’ te maken had.

Ondanks mijn 100% overtuiging ‘toen’, heb ik een twijfel achteraf.

Het proces van keuzes maken

Er is in de loop der tijd al veel geschreven over het maken van een goede studiekeuze. Er zijn allerlei tips, checklists en tools om zo’n keuze te maken. Maar ik (en niet alleen ik) kom er steeds meer achter dat voor het maken van een écht goede keuze, het belangrijk is om eerst even een periode ‘stil’ te staan. Even op de rem te trappen voordat je keuzes gaat maken. Tijd te besteden aan processen die voorafgaan aan die definitieve keuzes.

Hoe kan je in hemelsnaam ‘goede’ keuzes maken als je nog niet weet waar je talenten nu écht liggen? Wat je eigenlijk zelf wilt kúnnen, waar je ambities liggen. Waar je nu écht gelukkig van wordt? En als je antwoord geeft op dat soort vragen…hoe eerlijk ben je dan naar jezelf?

JoHo, de organisatie waar ik al ruim 20 jaar werkzaam ben, heeft er informatiepagina’s over gemaakt. Je leest er over ‘Talenten & Mogelijkheden‘, over ‘Zelfkennis & Zelfinzicht‘, maar ook over ‘Waarden & Normen‘ – waar hecht niet J.P. Balkenende maar jijzélf nu echt waarde aan? Daarnaast werkt JoHo aan de ontwikkeling van een competentietool en biedt de organisatie uitgebreide info en wegwijzers voor de mogelijke invulling van een tussenjaar, vaak met een internationale component.

Keuzes maken met een tussenjaar

Uit onderzoek (helaas nog beperkt in aantal) blijkt dat het kiezen van een tussenjaar, veelal tussen middelbare school en vervolgopleiding, de kansen op studiesucces in het hoger onderwijs vergroot. Ruim de helft van de scholieren die een tussenjaar nemen, doet dit vanwege twijfel over studiekeuze. En meer dan 33,3% (!) kiest tijdens of na het tussenjaar een ander studie dan daarvoor gedacht. Dat vind ik bizar veel: 33% van de duizenden jongeren die een tussenjaar nemen kiest voor een (heel) ander levensvervolg dan eerst gedacht.

De jarenlange praktijk van Joyce (Yourjourney.academy en Jongleren) wijst uit dat veel jongeren vastlopen tijdens keuzes rondom studie, werk en tussenjaar en hierdoor ook vaak last hebben van stress (fysiek en emotioneel). Jongeren ontwikkelen allerlei lichaamsklachten omdat ze twijfelen over de te maken vervolgkeuzes. Joyce vindt het belangrijk ze te helpen relativeren en te laten beseffen dat het antwoord al in henzelf zit. Te laten zien dat ‘keuzes maken’ vaak helemaal niet zo moeilijk is, dat je bijna nooit ‘keuzes for life’ maakt (want je kan altijd weer een ander pad op gaan). Maar, dan is het wél belangrijk dat je als jongere de tijd neemt voor het stilstaan bij jezelf vóórdat je je keuze maakt én dat je goede begeleiding krijgt bij de verschillende stappen in het keuzeproces.

Is een tussenjaar alleen voor jongeren?

Nee. Bij een ‘tussenjaar’ wordt vaak gedacht aan twijfelende middelbare scholieren. En ook nog wel eens aan het stereotiepe van de rijkeluiszoon of -dochter met hoogopgeleide ouders die hun kind ‘even op tussenjaar sturen’. In de praktijk is die groep natuurlijk veel breder en diverser.

Maar wat mij betreft zouden er veel meer momenten in je leven moeten zijn om een ‘tussenjaar’ of ‘tussenperiode’ in te plannen. Het moment tussen studie en je eerste baan. Het moment vóórdat je de meer serieuze vaste relatie in gaat. Het moment rondom het ‘dertigersdilemma’: je gaan settelen met een vast huis, vaste relatie, wel of geen kinderen. En ook de veertigers kennen zo’n dilemma en de bekende zingevingsvragen: trouw blijven aan je werkgever of toch nog eenmaal die grotere carrièremove maken, het gevoel van ‘is dit het nu’? Over de midlife crisis bij man en vrouw wordt dan weer wel wat meer geschreven, maar een mooi moment zou wat mij betreft ook het pensioenmoment kunnen zijn: wat gaan we nu doen, welke (levens)keuzes maken we nu, waar willen we onze energie (al dan niet nuttig of maatschappelijk) aan gaan besteden.

Soms wordt het hip een ‘sabattical’ genoemd -er even tussenuit, een adempauze- maar wat mij betreft zijn dit allemaal momenten voor een periode waarin je een pas op de plaats maakt en heel bewust nadenkt over waar je staat en waar je naar toe wilt. Ideale momenten voor dat tussen’jaar’.

Benut aanwezige expertise voor een beter tussenjaar

Hiervoor benoemde ik al de voorwaarde die Joyce van YourJourney stelt bij de relativering van de keuzestress: mits goed begeleid. En: er zitten ook risico’s aan zo’n tussenjaar.

Het TussenjaarKenniscentrum bracht enkele risico’s in kaart:

  • na het tussenjaar nog niet weten wat je moet kiezen
  • teveel verveling tijdens het jaar
  • moeite met het oppakken van activiteiten na de break
  • geen zin meer hebben in geplande activiteiten
  • omgekeerde cultuurschok, na terugkeer van een periode in het buitenland

Zaak is dus om deze risico’s zoveel mogelijk te overzien en te beperken. In de loop der jaren is er veel ervaring opgedaan rondom het effectief invullen van een tussenjaar, júist er op gericht om te komen tot een beter zelfinzicht, betere zelfkennis en slimmere keuzes.

De combinatie van

  • een afgebakend programma waarin je, in een ongedwongen setting en buiten je comfortzone, écht aan het werk wordt gezet om je zelfinzicht te vergroten en
  • een periode waarin je jezelf uitdaagt, kan proeven aan je vervolgkeuze(s), kunt experimenteren met subkeuzes en je te maken keuzes in de praktijk kan testen en
  • een reflectiemoment of reflectieperiode waarin je, samen met begeleiders en anderen, terugkijkt op deze ervaringen en vooruit kijkt naar zelfstandig te maken vervolgkeuzes

blijkt daarin voor veel mensen, ongeacht hun leeftijd, goed te werken.

Twee voorbeelden

De theorie is leuk maar…’hoe doe je dat dan’? Twee voorbeelden van programma’s die speciaal ontwikkeld zijn voor iedereen die nadenkt over een Tussen’jaar’.

Wereldroute

Student Prepare Programme Curaçao

  • 6-weeks programma op Curaçao
  • bereid je voor op het studentenleven en world citizenship
  • ontwikkelen van personal skills, zelfstandigheid
  • verdiepingssessies om stapsgewijs te komen tot studie-inzichten en studiekeuze
  • global engagement onderdeel om je snel aan te passen aan andere culturen
  • véél extra activiteiten als duiken, surfen, suppen, catamaran zeilen, dansen, zwemmen, hiken
  • incl. huisvesting, verzekering en praktische ondersteuning
  • mogelijkheden voor aanvullende stage of werken op Curaçao

YourJourney

MYJourney Málaga – Special Edition Stad

  • een week in Málaga, zuid-Spanje vol persoonlijke ontwikkeling, nieuwe energie, groei en hernieuwde focus
  • sportieve, culturele en ontspannende activiteiten
  • verblijf in het centrum van Málaga, eigen kamer en gedeelde faciliteiten
  • 1:1 en groepscoachingssessies, zéér ervaren coach
  • toegang tot online programma met lesvideo’s en werkboek
  • naar keuze extra activiteiten in je vrije tijd: yoga, koken, tarot, massage: er kan veel
  • mogelijkheden voor aanvullende taalcursus of stage in en om Málaga; ook kun je kiezen voor alleen het online programma

Er zijn legio activiteiten te benoemen die je, los van leeftijd, tijdens een tussenjaar kan ondernemen; JoHo brengt er veel in kaart op de informatiepagina Gap Year & Tussenjaar en via de daar opgenomen crossroads en organisatieprofielen. Of je nu een wereldreis of lange reis wilt maken, een of meerdere taalcursussen wilt volgen, een stage, werkervaringsplaats of baan zoekt om je skills te verbeteren of ergens op de wereld wilt bijdragen en leren met vrijwilligerswerk.

Wereldplicht?

Met het tussenjaar stimuleer je dus het bewuster keuzes maken op belangrijke beslissingsmomenten. Maar een internationale invulling van zo’n tussenjaar lost mogelijk ook een ander probleem op. Ik vind dat er vanuit overheid en politiek ook wel eens meer aandacht mag komen voor onze internationale mobiliteit…verdergaand dan ‘de jaarlijkse vakantie naar Zuid-Europa’. We groeien allemaal op als wereldburgers, we hebben het over culturele integratie en meer begrip voor elkaar, maar los van een incidenteel Europees subsidieprogrammaatje voor scholieren of studenten wordt nergens gestimuleerd dat grotere groepen Nederlanders eens over de Nederlandse of Europese grenzen heen kijkt.

Waarom niet een vervangend ‘iets’ bedenken voor wat vroeger ‘dienstplicht’ of ‘maatschappelijke stage’ heette? Waarom niet een (semi-verplicht) ‘Wereldjaar’ waarin je heerlijk de tijd krijgt na te denken over jezelf en je vervolgkeuzes? Ongeacht leeftijd, opleidingsniveau en achtergrond. Waarin je gestimuleerd wordt in contact te komen met andere culturen, met activiteiten die je leuk vindt maar ook een beetje buiten je comfortzone liggen? Waarin grotere groepen mensen de mogelijkheid (keuzehulp & financiële prikkel) krijgen een periode in het buitenland door te brengen?

Ik denk dat, als we dat structureel en over langere periode stimuleren, er na verloop van tijd ook heel wat issues op het gebied van cultureel onbegrip, racisme, vluchtelingen en nieuw kolonialisme opgelost raken. Ik schreef er al eens eerder over: Meer informele culturele ontmoetingen zijn nodig om culturele diversiteit niet steeds (vaker) te laten ontsporen.

Terug naar de bosatlas.

Mijn huis ligt vol met wereldbollen. Aan de muren hangen landkaarten van Spanje (favoriete land) en Mallorca (favoriete eiland). Ik kreeg vorig jaar de nieuwste versie van de good old Bosatlas cadeau. Met die honger naar topografie en landkaarten is het dus best goed gekomen. In de periode voorafgaand aan ons ouderschap hebben Carina en ik behoorlijk wat kunnen reizen, profiterend van goede ticketdeals (destijds nog een voordeel als je zijdelings met de reissector te maken hebt). Daarna is het een aantal jaren ‘Europa’ geworden, wat ook prima was.

Nu komt langzamerhand de tijd weer dat we ook weer eens buiten ons eigen continent kunnen gaan kijken; vorig jaar met de Midden-Oosten cruise en hopelijk ook binnen enkele jaren met de drie kids. Als ‘wereldburger’ laat ik ze graag kennismaken met al die andere mooie, soms ruwe, soms hartverwarmende, soms totaal andere en soms verrassend gelijke culturen op ons wereldbolletje.

* die hoofdsteden zijn respectievelijk Antananarivo en Ouagadougou

Deel je ervaringen

  • Welke keuze(s) heb jij gemaakt aan het eind van je middelbare schooltijd, of welke denk je te gaan maken? En waar waren of zijn die op gebaseerd?
  • Welke voor- en nadelen zie jij bij een tussenjaar en welke onderdelen zou jouw ideale tussenjaar moeten bevatten?
  • Wat vind jij van het idee van een ‘wereldplicht’ als vervanging van de vroegere militaire dienstplicht of maatschappelijke stage? Denk je dat een of meerdere internationale ervaringen kunnen bijdragen aan meer begrip voor andere culturen, buiten en binnen Nederland?
  • In welke levensfase bevind jij je nu? Heb je tot nu toe al eens een ‘pas op de plaats’ ingepland om bewust na te denken over je volgende stappen in studie, werk of privéleven?

Meer lezen

Luister de Spotify Podcast-serie van YourJourney over studie, stress en het maken van (eigen) keuzes. In onderstaande aflevering gaat het over het zélf maken van keuzes. Joyce vertelt over haar keuze om te gaan emigreren naar Spanje, waar zeker niet iedereen in haar omgeving het mee eens was. Maar alle goedbedoelde adviezen, tips of waarschuwingen ten spijt: het was háár keuze.

Heal ME. Wow, veel directer dan dit wordt het niet.

Geschatte leestijd: 6 minuten.

Soms heb je van die ervaringen die je even recht in je gezicht meppen. Zonder dat je ze aan ziet komen. Een mokerslag noemen ze dat, geloof ik. Heal Me, en specifieker één song, was er zo één. Terug naar afgelopen vrijdagavond.

Ik zit in de trein, op weg naar mijn eigen ‘helende ervaring’ die ‘repetitie met OnCue’ heet. Iets met muziek, ouder wordende mannen en (een beetje, want medicatie) bier.

Vaak zet ik dan in de krappe 20 minuten die de treinreis duurt muziek op. Ik heb al een aantal dagen in mijn hoofd dat ik het ‘live from home’-concert van Melissa Etheridge wil terugluisteren. Dat concert, met de ijzersterke titel Heal M.E., heeft ze op 20 juni gegeven.

Ik zet YouTube aan, aan mobiele data geen gebrek, mondkapje op, en luisteren (/kijken) maar.

Even wat achtergrond.

Ik luister al jaren naar de muziek van Melissa Etheridge. Al vele jaren. Dat begon al op de middelbare school, en ook in mijn studententijd luisterde ik veel naar haar muziek. Later ben ik ook wel eens naar een live concert in Vredenburg (Utrecht) geweest. Dat concert maakte destijds al veel indruk; Melissa in pure, rauwe, vorm in haar eentje op het podium. Geen band -dat vond ik eerst nog jammer. Totdat ze de hele tent op z’n kop zette met stevige rockers én héél intieme songs. Haar muziek en optreedstijl heeft natuurlijk flink wat overlap met die andere Amerikaan, Springsteen, dus het is niet helemaal gek dat haar muziek mij (meer dan) bevalt.

Nog wat meer achtergrond.

Ik weet dat dit Heal ME concert van ongeveer een uur enorm beladen is. Dat het haar eerste optreden is in weken. Dat ze in die tussenliggende weken niet of nauwelijks heeft gezongen. Want de familie Etheridge is in rouw. Melissa’s zoon, Beckett Cypher (21), is halverwege mei van dit jaar overleden, na een slopende strijd tegen een opioïden-verslaving. Als gevolg van een enkelbreuk door een snowboarding actie raakte Beckett stapsgewijs verslaafd. Een strijd tegen een verslaving die ook aan de basis stond van Melissa’s cd “The Medicine Show” uit 2019.

Trouwe fanbase

In de weken na half mei volg ik wat berichten van Melissa op Twitter en Facebook. Het feit dat haar zoon aan een opioïdenverslaving is overleden komt toch harder binnen dan ik in eerste instantie had gedacht. Ik merk al snel dat Melissa er online heel open over communiceert met haar achterban, een hele trouwe groep ‘fans’ die een warm bad van sympathie over haar uitstort. Vrijwel direct na 13 mei kondigt ze -begrijpelijkerwijs- aan een periode niet actief te zullen zijn met muziek. Maar óók direct meldt ze op termijn júist in haar muziek troost te zoeken en ‘soon‘ weer live te willen optreden, door corona noodgedwongen vanuit huis.

Heal M.E.

Dat gebeurt dus op 20-06-2020. Ergens rondom middernacht (NL tijd) gaat ze live voor een ‘from home’ concert dat ruim een uur zou gaan duren. In de dagen voorafgaand heb ik al wel wat online aankondigingen gezien; korte filmpjes van Melissa Etheridge zelf ter aankondiging c.q. ‘promotie’. Met de nadruk op het feit dat ze zélf graag weer muziek wil maken, dat muziek haar kracht geeft en troost biedt, hetgeen ze juist nu zo hard nodig heeft. Ik denk er nog even over om wakker te blijven voor dat bijzondere event, maar dat wordt ‘m niet. In de dagen erna blijft het gevoel hangen dat ik de stream, die blijkbaar met nogal wat technische mankementen te maken had, wil terugkijken. Maar iets houdt me nog tegen.

Tot dat moment van vrijdagavond in de trein dus. Een onbewust wellicht veilig gekozen moment, want ik zou maar een minuutje of 15 à 20 kunnen kijken. Even sfeer proeven. Sterke concerttitel trouwens, Heal M.E. Simpel, kort, en alleszeggend.

Ze start met ‘You Are My Sunshine’, een overbekend lied van oorspronkelijk Johnny Cash. Slik. Je ziet en hoort de emotie zodra ze klaar is met deze song, er volgt een diepe zucht.

Melissa wisselt woorden en volgende songs af, de treinomgeving verdwijnt uit mijn beeld; ik zit gebiologeerd te kijken. Haar verhaal en emotie komen binnen.

En, zonder melodramatisch te willen doen, dan volgt de mokerslag.

Vanaf 09:40 in bovenstaande link de introductie, vanaf 12:10 de song zelf. Hieronder haar origineel, dat al op de cd “The Medicine Show” uit 2019 blijkt te staan (maar ik heb die cd nog niet eerder geluisterd; ken het lied dus nog niet).

Here Comes The Pain.

Zoals gezegd, ik zag hem gewoon even niet aankomen. De emotie en beladenheid van het concert natuurlijk wel, maar de kracht van deze song niet. Tekst en melodie komen keihard binnen.

Here Comes The Pain, Melissa Etheridge (2019)

The bones get broken
And the skin gets torn
And the scars, they bleed
Like the day they were born
When the mouth gets wise
To the haunt’s disguise

Here comes the pain
Here comes the pain

Well, the dreams get lost
In the clouds of sorrow
And the hopelessness
Is hard to swallow
Beyond repair
What the soul can bear

Here comes the pain
Here comes the pain, hey

And it feels like kissing Jesus
As it melts into your veins
When the whole damn world is busted
There’s no need in bein’ sane
Beyond repair
What the soul can bear
The nerves, they tear
Dying a death of despair, oh

Here comes the pain
Here comes the pain, oh
Here comes the pain
Here comes the pain

Oh, Lord, I’m comin’
Oh, Lord, I am comin’
Hear me
Who’s gonna hear this?
Oh, oh, who’s gonna feel this?
Oh, oh, who’s gonna hear this?
Oh, oh, who is gonna feel this?

Het mooie aan deze tekst is ook weer dat je er allerlei interpretaties aan kan geven. Het verhaal van Beckett inmiddels kennende is het wel duidelijk waar de song voor Melissa over gaat. Maar het is abstract genoeg om er ook andere boodschappen in te kunnen herkennen. ‘Pijn’ is uiteraard multi-interpretabel.

Opioïdenverslaving

Beckett Cypher was dus verslaafd aan opiaten. Maar, zoals Melissa in haar concert ook vertelt, er speelde meer dan dat. De opiatenverslaving was ‘een van de elementen die meespeelde in zijn dood’, zeer waarschijnlijk het gevolg van een overdosis.

Ik heb in de loop der tijd veel gelezen over verslaving aan opioïden en er met diverse artsen over gesproken. Wil je een snelle blik, lees dan even de uitleg op EOS Wetenschap:

“Opioïden bezetten opioïdreceptoren in het brein, het ruggenmerg en de darmen. Er bestaan verschillende soorten van die receptoren, en de activering ervan geeft verschillende effecten. Een remming van de pijnsignalen naar het brein, maar ook ongewenste effecten zoals constipatie en een vertraging van de ademhaling.

Vanaf vier à zes weken gebruik kan wel lichamelijke afhankelijkheid ontstaan. Je lichaam bouwt tolerantie op, waardoor je steeds hogere dosissen nodig hebt voor hetzelfde pijnstillende effect. Stop je, dan kun je afkickverschijnselen zoals braken en diarree vertonen. De lichamelijke afhankelijkheid kan samengaan met psychische afhankelijkheid. Je krijgt de neiging steeds meer en steeds vaker opioïden te gaan gebruiken, ook als je geen pijn hebt maar bijvoorbeeld bang bent die te krijgen. 

Over het risico op verslaving zijn experts het niet eens. In studies schommelt het percentage gebruikers dat verslaafd raakt tussen de 3 en 8 procent.” 

Ik heb de afgelopen jaren verschillende opiaten moeten gebruiken -ook in hoge dosis. De laatste tijd heb ik die weer wat verlaagd en de medicijncocktail in overleg met mijn pijnarts wat verbreed. Ik vind de opiatendiscussie complex; de meeste mensen met chronische pijn nemen deze medicijnen natuurlijk niet voor niets. Natúúrlijk moet je voorzichtig zijn met hoeveelheden en combinaties van medicijnen. Natúúrlijk is er een risico van verslaving met vergaande gevolgen, dat maakt bijvoorbeeld het verhaal van Beckett Cypher wel duidelijk. Natúúrlijk ligt er een grote verantwoordelijkheid bij farmaceuten en (huis)artsen in werking en voorschrift van medicatie.

Maar de mensen die claimen dat je nooit moet beginnen aan opiaten gaan simpelweg te kort door de bocht en snappen weinig van de impact die chronische pijn op iemand kan hebben.

Here Comes The Pain.

Ik ga nog een moment vinden om de rest van Heal M.E. te luisteren en kijken. Deze eerste 20 minuten brengen al heel wat teweeg. Dit hele concert, deze hele boodschap, is voor mij de ultieme kracht van muziek. Pijnlijk, maar helend.

Today I joined the hundreds of thousands of families who have lost loved ones to opioid addiction. My son Beckett, who was just 21, struggled to overcome his addiction and finally succumbed to it today.

Melissa Etheridge op social media, 14-05-2020

Deel je ervaringen

  • Heb jij een soortgelijke ervaring met muziek of een bepaalde song, die in jouw situatie net zo hard binnenkwam dan Melissa Etheridges song bij mij?
  • Hoe ervaar jij de kracht van muziek?
  • Als je te maken hebt met chronische pijn (bij jezelf, of bij iemand uit jouw omgeving): hoe kijk jij aan tegen de discussie omtrent opiaten? Welke nuances zou iedereen moeten maken?

Deel je gedachten via de reactiemogelijkheid hieronder.

Meer lezen

Ik schrijf regelmatig over chronische pijn. Blader door het Blogmagazine Chronische Pijn.

  • Uitgebreid opioïde pijnstillers dossier van het Vlaams Expertisecentrum Alcohol en Drugs (VAD)

Coverphoto by Peter Brooker/Shutterstock (1454845r). Melissa Etheridge (2L) with daughter Bailey, son Beckett and mother Edna. Melissa Etheridge honoured with Star on The Hollywood Walk of Fame, Los Angeles, America – 27 Sep 2011

Over alles waar pleegzorg om draait. Én over één bijzonder moment.

Geschatte leestijd: 7 minuten.

Daar zit ik dan. Op de achterbank van een BMW; het model is me even ontgaan. Maar het type en uitstraling van de auto past goed bij zijn uiterlijk en stijl. Netjes, opgeruimd, brandschoon. Links van mij mijn zoon van ruim 10, direct voor mij op de passagiersstoel mijn heerlijk pré-puberende dochter van net 13. Achter het stuur mijn pleegzoon van 21. Apetrots ben ik op hem. En op ons. Lees met me mee; ik vertel je gaandeweg waar volgens míj pleegzorg nu écht om draait.

Twaalf jaar hebben we hem niet gezien. Natuurlijk, die jaren vlogen voorbij en in al die jaren is er ontzettend veel gebeurd. In zijn leven, in ons leven. Als jochie van 9 jaar hebben we hem, na enkele hele fijne weekend-pleegjaren, weggebracht naar zijn ‘vaste’ woonplek. We brachten hem naar een pleegvader in de buurt van Den Bosch, op een buitenterrein dat heel veel ruimte en uitdaging biedt aan kinderen in zijn leeftijd. Wat vonden wij het spannend. En wat vond hij dat ongetwijfeld ook spannend, hoewel we dat niet zo aan hem zagen.

Zijn rijstijl op de weg van Breda naar een vakantiepark ergens op de Veluwe is beschaafd. Ongetwijfeld heeft ‘ie die wat aangepast aan zijn bijrijders. We hebben geen haast. Het is druk op de weg. En hij mag toch maar maximaal 100 rijden. Onderweg babbelen we wat. Ik realiseer me tijdens de autorit opeens hoe bijzonder dit is. Destijds brachten wij hem na ieder pleegweekend terug naar zijn voor toen vaste woonplek, een jeugdzorginstelling net onder Breda. En later brachten wij hem weg naar zijn volgende ‘levens’bestemming, op die ongetwijfeld fijne maar ook wel bijzondere plek vlakbij Den Bosch. En nu rijden wij met hem mee. Voor een nieuw weekend samen, om de draad na ruim tien jaar weer op te pakken.

Er gaat natuurlijk een verhaal vooraf aan dit ritje naar de Veluwe.

Dat verhaal start mid december 2019. De verjaardag van onze pleegzoon is rond Kerstmis. Ieder jaar zoeken we rond die datum op de social kanalen even op zijn voor- en achternaam. Gewoon, leuk, en nieuwsgierig naar wat er van hem geworden is. Destijds lieten wij hem los, zoals je dat doet als weekendpleeggezin. Kinderen zijn vaak een intensieve periode bij je, eens in de twee, drie weekenden, voor een afgebakende tijd. Soms is dat een paar maanden of een jaar, in de praktijk (van onze ‘pleegcarrière’) toch vaak meerdere jaren.

Honderden kinderen wachten jaarlijks vergeefs op een plek in pleegzorg.

De zoektocht naar vaste verblijfplaatsen voor kinderen die in jeugdzorginstellingen wonen is vaak moeizaam. Eind 2018 wachtten in Nederland 255 kinderen en jongeren op een start van een pleegzorgtraject. 465 Kinderen en jongeren waren al wel aangemeld bij pleegzorg, maar voor hen was nog geen gezin beschikbaar. Ofwel; 720 jeugdigen wonen in een jeugdzorginstelling zónder concreet perspectief op een vervolgplek. Eind 2017 was dat aantal 785, eind 2016 936. Ook in 2020 zoeken nog altijd honderden kinderen en jongeren een vaste nieuwe, veilige en stabiele woonomgeving. In totaliteit verblijven er jaarlijks tussen de 20.000 en 25.000 kinderen bij pleegouders; ruim 80% woont er fulltime, zo’n 15% in deeltijd, bijvoorbeeld in het weekend en/of in de vakantie. Het Jeugdwet-adagium dat ieder kind ‘zoveel mogelijk in een gezinssituatie moet opgroeien’ wordt -en werd- in de praktijk dus nog lang niet altijd ingevuld.

Nieuwsgierig naar de wereld van pleegzorg? Bekijk de meest recente Factsheet Pleegzorg (2018):

Zoeken, vinden, aftasten, kennismaken. En opnieuw opbouwen.

Maar goed, we zoeken dus ieder jaar uit nieuwsgierigheid altijd even op zijn naam. Lange tijd levert dat geen passend profiel op. In 2018 denken we hem even gevonden te hebben, maar na contact te leggen blijkt het toch iemand anders te zijn. Qua profielfoto had het hem kúnnen zijn, al twijfelden we toen ook al. In 2019 doen we -weer in de kerstperiode- vanuit een vakantieadres een nieuwe poging. En opeens…reageert hij. Met een profielfoto die onmiskenbaar hém is. Geen spat veranderd: dezelfde blik, dezelfde oogopslag, alleen…12 jaar ouder. Bijzonder hè, hoe je dan toch direct iemand herkent.

Heel voorzichtig bouwen we een eerste contact op. We leggen uit wie we zijn, waarom we hem nu benaderen. We laten de regie van vervolgcontact volledig bij hem liggen; als hij het wil, houden we contact. Er volgt een hele bijzondere periode van stapsgewijs opnieuw met elkaar kennismaken. Verhalen, herinneringen en ervaringen uitwisselen, fotoboeken bekijken, videofilmpjes van destijds zien. Hij ziet zichzelf als kind terug, in bewegend beeld. Herinneringen komen bovendrijven. Zijn pleegvader blijkt ook veel fotoboeken te hebben gemaakt van de periode na zijn verblijf bij ons: vakanties, uitstapjes, zijn hond als trouwe kameraad…er trekt een heel tienerleven aan ons voorbij. Zó bijzonder om te zien! Hij heeft het goed gehad, zo op het eerste gezicht te zien. Een bijzondere verblijfplek, maar goed voor zijn situatie; warm, uitdagend, met veel sociale contacten.

Hoeveel onthoudt een kind van zeven, acht jaar oud zich jaren later nog?

We vragen ons af hoeveel hij zich nog weet te herinneren van de periode bij ons. Hoeveel onthou je, als je tussen je zesde en negende levensjaar eens in de paar weekends bij een pleeggezin logeert? Onze oudste dochter Ana, destijds een baby en peuter, weet hij zich nog goed te herinneren. Hij heeft Ana’s luiers verschoond, geholpen met flesvoeding, meegelopen met wandelingetjes buiten om haar te laten slapen. Ruim voor de geboorte van Tijs is hij verhuisd. Al pratende komen er uiteindelijk toch behoorlijk veel herinneringen bovendrijven, waarbij de foto’s en videobeelden (lang leve het digitale tijdperk!) goed helpen.

In de maanden na de eerste hernieuwde kennismaking bouwen we het contact voorzichtig weer op. Niet te snel, vooral weer op aangeven van hem. Maar hij wil wel en krijgt direct een hele bijzondere band met Ana; ze hebben heel veel broer-zus jaren in te halen. Ana heeft al een bijzondere band met onze andere pleegzoon, nu 24, met wie we altijd contact hebben gehouden. En nu krijgt ze er opeens nóg een grote broer bij! De middagbezoekjes worden dagbezoeken, er volgt weer een eerste nachtje, een eerste logeerweekend, een doordeweeks bezoek. De loyaliteit naar eigen ouders én pleegvader is er zeker en is ook heel mooi om te zien. Maar hij toont ook een gretigheid om het contact met ons te herstellen en weer uit te bouwen.

Welkom in ons midden…

En daar zitten we dus. In de auto, voor een eerste ‘lang weekend weg’-uitstap, midden in corona-tijd. We gaan -op afstand- de verjaardag van ‘opa’ vieren. Ook dat gaat een hernieuwde kennismaking opleveren. Hij schakelt snel, noemt mijn schoonvader ook al ‘opa’ en mijn vriendin ‘mama’. Geheel vanuit zichzelf. Hij heeft het goed bij zijn pleegvader, woont er nog altijd en heeft het daar naar zijn zin. Hij straalt aan alles uit ook behoefte te hebben aan een moederfiguur in zijn leven. Mijn vriendin neemt die rol als vanzelf weer op zich. Natuurlijk. Zoals het zo’n twaalf jaar geleden ook was. Niet zijn échte moeder, dat weten we allemaal; als pleegouder ben je zeker geen vervanging van de echte ouders. Nooit. De loyaliteit van pleegkinderen naar hun echte ouders blijft groot, wat er ook allemaal (eventueel) gebeurd is in het verleden.

Ik kijk wat uit het raam terwijl de reis richting midden-Nederland vordert. Op de achterbank in de auto bij mijn 21-jarige pleegzoon. Ik had het je eind 2019 niet kunnen voorspellen…

Dit is waar pleegzorg om draait.

Dít is waar pleegzorg om draait, wat mij betreft. Kinderen opvangen, loslaten en altijd opnieuw welkom heten. Mits de relatie natuurlijk in de basis goed is…of zelfs ook in gevallen waarbij die basis verstoord is geraakt. Tweede, derde en vierde kansen bieden, als het moet. Kinderen en jongeren die in de wereld van jeugdzorg en pleegzorg belanden kiezen daar niet zelf voor. Het minste wat je kan doen is er dan voor hen zijn; als ze jong zijn, als je ze moet loslaten, of wanneer er opnieuw contact ontstaat. Kiezen voor pleegzorg kán ook een verbintenis ‘for life’ inhouden.

Het is belangrijk dat er pleegouders zijn. Pleegzorg is een vorm van vrijwilligerswerk die nog altijd niet heel bekend is in Nederland, zo laten ook de jaarlijkse campagneresultaten van Pleegzorg Nederland zien. Natuurlijk kennen veel mensen de term ‘pleegzorg’ wel, maar wat het nu precies inhoudt, welke vormen er zijn, wat de criteria zijn om pleegouder te worden, hoe dat in de praktijk werkt…het is voor velen nog onbekend. Het zou anders moeten zijn; er is jaarlijks nog altijd een tekort aan plekken voor pleegkinderen. Er is een verloop in aantal pleegouders: pleegouders stoppen er om allerlei redenen mee en nieuwe ouders melden zich aan. In 2018 zijn 2566 pleegouders geaccepteerd, maar zijn er ook 2317 gestopt. Dat is een netto groei van slechts 249, terwijl er nog enkele duizenden nodig zijn.

Ik gun het alle kinderen in Nederland en daarbuiten, die om wat voor reden dan ook (tijdelijk of voorgoed) afscheid hebben moeten nemen van hun ouders. Pleegzorg vervangt niet de ‘echte’ ouders en dat is ook niet het doel. Maar het biedt kinderen wel een vangnet wanneer het nodig is en waar ze later met een hopelijk positief gevoel op terug kunnen kijken. En het biedt pleegouders een rijk en dankbaar gevoel: een verrijking van en voor je leven.

Ps

Hoe het weekend is verlopen? Prachtig. Ook de hernieuwde kennismaking met opa, oma en tante ging voorspoedig, vol wederzijds respect en allerlei verhalen van vroeger. Hij straalde in alles uit zich weer bij ons thuis te voelen. Bewoog zich heel natuurlijk opnieuw in ons midden. Hij kwam lekker los, maakte grapjes, discussieerde mee. Hij vertrok op de laatste dag een paar uur eerder dan wij weer richting zuiden, terug naar zijn vertrouwde thuis bij zijn pleegvader. Het afscheid was hartelijk; tot de volgende keer kerel.

Mooi toch, dat je het in je jonge leven lang niet altijd makkelijk hebt gehad, maar inmiddels op twee ‘vertrouwde thuizen’ kunt bouwen.

Deel je ervaringen

  • Heb je zelf een soortgelijke ervaring als pleegouder? Dat je na jaren een pleegkind weer terugziet en opnieuw een relatie met elkaar opbouwt?
  • Of heb je er wel eens over nagedacht om pleegouder te worden, maar hield iets je tot nu toe nog tegen?

Deel je ervaringen via de reacties hieronder. Contact opnemen mag altijd, ook als je vragen over pleegzorg hebt. Ik vertel je er alles over.

Meer lezen

  • Meer weten over Pleegzorg? Lees andere berichten in het Blogmagazine Pleegzorg.
  • Benieuwd naar de feiten over en achtergronden bij Pleegzorg? Andere verhalen van pleegouders lezen? Pleegzorg.nl is een zeer goed startpunt.
Campagnesong Open je Wereld.nu, ontstaan uit een samenwerking tussen ‘Voice of Holland’ singer-songwriter Collin Hoeve en John Goessens, manager wonen en opgroeien bij een van de pleegzorg/jeugdzorgorganisaties in Nederland.

Meer informele culturele ontmoetingen zijn nodig om culturele diversiteit niet steeds (vaker) te laten ontsporen.

Geschatte leestijd: 12 minuten.

Multiculturalisme. De multiculturele samenleving. Culturele diversiteit. Er is al zóveel over geschreven de laatste jaren. Waarom lijkt het toch steeds minder vaak te lukken om verschillende culturen met elkaar te laten samenleven? Onderling elkaars culturen te respecteren? Ik denk dat er wel veel en steeds meer culturele diversiteit is, in Nederland en overal op de wereld, maar dat culturen elkaar onderling gewoon te weinig (kunnen) ontmoeten. Er zijn veel meer laagdrempelige momenten en activiteiten nodig waarop mensen aan elkaars cultuur kunnen proeven, als vanzelf begrip en respect voor ‘de andere cultuur’ krijgen. Dat begint al in het onderwijs, maar ook bibliotheken kunnen een rol spelen. En de overheid zou veel meer het ‘reizen’ en het opdoen van buitenlandervaringen kunnen stimuleren én faciliteren.

Ik las deze week een mooie zin in de nieuwsbrief van de Nieuwe Veste, de Bredase bibliotheek annex cultuurcenter.

Culturele diversiteit of multiculturalisme verwijst naar een harmonieuze samenleving waarin de mensen zijn verbonden in begrip en respect voor elkaar, en voor elkaars cultuur.

E-nieuwsbrief Nieuwe Veste Breda

In de nieuwsbrief legde de Nieuwe Veste de link met de protesten tegen racisme, in navolging op de dood van George Floyd. Daar wil ik het nu niet over hebben, maar wél over het nastreven van culturele diversiteit.

Ik ben er van overtuigd dat veel problemen die ontstaan rondom racisme, onbegrip voor situaties van vluchtelingen en botsingen tussen verschillende culturen voortkomen uit een tekort aan interculturele ervaring, het ‘te weinig verkeren in een internationale omgeving’. Zoals altijd begint het met je niet (genoeg) kunnen verplaatsen in de situatie van een ander. En zeker als die ander dan ook nog een andere cultuur heeft, andere opvattingen heeft ontstaan vanuit een andere culturele opvoeding, kan het onbegrip al snel groot worden.

Wereldburgerschap

Een van de oplossingsrichtingen om racisme en cultureel onbegrip tegen te gaan ligt in het stimuleren van burgerschap. Het stimuleren om actief mee te doen aan een samenleving begint al in het basis- en middelbare onderwijs: het ontwikkelen van kennis, vaardigheden en een houding die stapsgewijs actief burgerschap ontwikkelt. Vanaf jongs af aan leren mensen zo om mee te denken, om een mening te ontwikkelen en deze aan te scherpen via meningen van anderen. Het ontwikkelen van burgerschap betekent ook het ontwikkelen van kennis omtrent een democratie, mensenrechten, het omgaan met conflicten, sociale verantwoordelijkheid nemen, mensen gelijkwaardig behandelen, kennis ontwikkelen over duurzaamheid én het omgaan met maatschappelijke diversiteit.

Burgerschapsonderwijs, in het verlengde van het vroegere maatschappijleer, wordt steeds meer een vast element op scholen. De laatste jaren zijn speciale programma’s ontwikkeld voor jongeren op scholen om hen te leren over (actief) burgerschap. Goed vind ik dat daarbij ook op meer en meer scholen een stap verder wordt gezet met wereldburgerschap, dat vaak samenvalt met internationaliseringsdoelstellingen. Leerlingen maken zo al op jonge leeftijd kennis met de internationale samenleving: hoe kun je je actiever opstellen in de wereld. Om de cultuur van de ander beter te begrijpen is het belangrijk dat je leert door de bril van een ander te kijken.

Culturele diversiteit in een land

Hoeveel verschillende culturen er in een specifieke regio, bijvoorbeeld “een land”, te vinden zijn bepaalt de mate van culturele diversiteit van die regio. De wereld wordt sowieso kleiner en steeds meer mensen krijgen de mogelijkheid te reizen, zich internationaal te bewegen. Tegelijkertijd lijkt het aantal conflicten op de wereld weer toe te nemen, waardoor vanzelf ook meer vluchtelingenstromen op gang komen. Ook door klimaatverandering, met droogte of juist overstroming als gevolg, is de kans dat bestaande spanningen verder toenemen groter. Culturen verspreiden zich dus, waardoor je ook in jouw woonomgeving te maken krijgt met meerdere culturen.

Over heel Nederland gezien is het aantal inwoners met een migratieachtergrond ongeveer een vijfde van de bevolking (22,6%). Tien jaar geleden was dit nog 16 procent. Dit blijkt uit een diversiteitsonderzoek (2017) het van Centraal Bureau voor de Statistiek, de Jeugdmonitor, de Buurtintegratiemonitor en het Sociaal Cultureel Planbureau. Ongeveer 25% van alle jongeren tot 25 jaar in Nederland heeft een migratie-achtergrond. Natuurlijk zijn er grote regionale verschillen; bijvoorbeeld Amsterdam en Den Haag zijn twee gemeenten waarin het aantal autochtonen net onder de 50 procent ligt. De instroom van vluchtelingen heeft maar een beperkte invloed (0,3% in topjaar 2015): beperkt in grootte, maar cultureel wel heel divers.

De komende decennia groeit de bevolking alleen nog door mensen met een migratieachtergrond, en daalt het aantal inwoners met een Nederlandse achtergrond. In 2017 heeft 23 procent van de bevolking een westerse of niet-westerse migratieachtergrond, in 2060 zal dat naar verwachting 34 procent zijn. Het aantal culturen in Nederland zal in omvang en diversiteit dan wel steeds verder toenemen; of een land echt een multiculturele samenleving is wordt natuurlijk vooral ook bepaald door de vraag in hoeverre de culturen met elkaar mengen, of meer ‘naast elkaar bestaan’. En om te kúnnen mengen, is een wederzijds vermogen nodig om zich in de ander te willen verdiepen: wereldburgerschap.

Culturele diversiteit bij een bedrijf

Bedrijven en organisaties presteren beter als zij mensen in dienst hebben met  verschillende culturele en etnische achtergronden. Cultureel diverse bedrijven halen een hogere omzet, hebben betere kansen om te overleven, zijn vaak creatiever (ook in het vinden van oplossingen), hebben een hogere werknemerstevredenheid en hebben een beter imago.

Het vergroten van het werknemersbestand met werknemers van diverse culturen begint natuurlijk bij de werving, zowel via al bestaande cultureel diverse werknemers als via netwerken buiten de organisatie. Maar evenzo belangrijk is het om zowel leidinggevenden als huidige werknemers te trainen om kwaliteiten en talenten van cultureel diverse werknemers beter te herkennen en waarderen: inclusief leidinggeven en inclusief samenwerken.

De Rijksoverheid stelde enkele jaren geleden 9 principes vast voor meer culturele diversiteit in een bedrijf (voor werking van de achterliggende links lees het volledige artikel op Rijksoverheid.nl):

Ook deed het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid onderzoek naar cultureel diversiteitsbeleid bij werkgevers. De uitkomsten van het onderzoek lieten negen principes zien om tot een goed functionerend diversiteitsbeleid te komen:

  1. Bepaal waarom culturele diversiteit van waarde is voor de organisatie (de business case voor diversiteit).
  2. Bepaal (SMART-) doelstellingen
  3. Zet effectieve maatregelen en instrumenten in om een meer divers personeelsbestand te kunnen realiseren.
  4. Leiderschap vervult een cruciale rol bij het realiseren van meer culturele diversiteit in het personeelsbestand.
  5. Zorg voor draagvlak voor culturele diversiteit
  6. Klimaat waarbinnen diversiteitsmanagement plaatsvindt is relevant.
  7. Communicatie, zowel in- als extern levert een bijdrage aan culturele diversiteit.
  8. Kennis en vaardigheden zijn nodig om meer culturele diversiteit te kunnen realiseren.
  9. Monitor en evalueer de voortgang en resultaten van de gevoerde strategie en maatregelen.

Download het volledige onderzoek:

Hoe cultureel divers zijn Nederlandse bedrijven eigenlijk?

Hoewel meer dan 92 procent van de bedrijven vindt dat diversiteitsmanagement belangrijk is voor het internationale succes van de onderneming, is het aantal bedrijven waarbij het diversiteitsbeleid ook echt verankerd is in de cultuur met 44 procent nog altijd in de minderheid (2018 studie diversiteitsbeleid, Michael Page). Vooral de grotere Nederlandse bedrijven hebben moeite om inzicht te krijgen hoe cultureel divers hun personeelsbestand eigenlijk is. Daartoe heeft het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid de Barometer Culturele Diversiteit ontwikkeld. Organisaties en bedrijven kunnen hun personeelsbestand aanleveren bij het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) en krijgen dan een geanonimiseerde lijst terug waarop te zien is welk percentage van het personeel een bepaalde achtergrond heeft. Die informatie kan worden uitgesplitst naar al bekende subgroepen van de personeelsadministratie, zoals functiegroep of aantal jaren in dienst.

Het idee is dan om door het verbeterde inzicht bedrijven bewuster te maken hoe cultureel divers men al is, of nog niet. En met die toegenomen bewustwording komt dan hopelijk ook het uiteindelijk handelen om het bestand divers te krijgen. Zeker omdat dit zoals eerder al genoemd aantoonbaar leidt tot meer omzet, beter toegang tot de volledige markt en een beter imago. Het zorgt ervoor dat je als bedrijf in een bredere pool passend talent kunt aantrekken én dat je huidige werknemers minder snel vertrekken. Een open en inclusieve bedrijfscultuur is zeker voor millennials erg belangrijk; een doelgroep die veel bedrijven graag aan zich willen binden.

Bibliotheek bevordert de interculturele dialoog

Even terug naar de bibliotheek, waar dit artikel begon. Mijn bibliotheek, de Nieuwe Veste, schrijft: “De bibliotheek heeft als belangrijke taak om context en duiding te bieden bij de actualiteit, om feit van fictie te scheiden, om gesprekken en debatten te faciliteren en zo de interculturele dialoog te bevorderen en actief burgerschap te ondersteunen“. De bibliotheek c.q. het cultuurcentrum is bij uitstek al een locatie waar nieuwkomers terecht komen om de Nederlandse taal te leren en de cultuur te leren kennen. In de bieb komen mensen tegenwoordig op een hele laagdrempelige manier met elkaar in contact, het lukt steeds vaker om juist door die laagdrempeligheid bruggen te slaan tussen verschillende culturen.

Die doorlopende dialoog is zeker noodzakelijk. Met alleen streven naar meer culturele diversiteit ben je er namelijk niet. Als er in een land, stad of bedrijf, heel veel verschillende culturele subgroepen zijn die elkaar niet of nauwelijks waarderen, waar mensen alleen maar in hun subgroepjes verkeren, ben je misschien wel cultureel divers maar kunnen mensen nog niet meedoen. Pas als de omgeving inclusief is, in de zin dat verschillen tussen mensen worden erkend én gewaardeerd, is het mogelijk problemen van diversiteit te vermijden, en de meerwaarde ervan te benutten. Ofwel: het gaat dus niet om diversiteit, maar om inclusiviteit.

Inclusiviteit versus diversiteit

Waar het goed is te streven naar diversiteit en veel verschillende mensen met verschillende afkomst in een land, stad of bedrijf te krijgen, is het nog beter en effectiever om al die verschillende groepen met elkaar te verbinden en te laten samenwerken. Inclusiviteit gaat over onderlinge verbondenheid. Een inclusieve organisatie is een samenhangend geheel van mensen die zich tot elkaar verhouden en zich met elkaar identificeren. In een inclusieve samenleving of organisatie kijken mensen naar elkaar om, ook over de grenzen van hun eigen ‘subgroep’ heen. Dan ontstaat echte saamhorigheid, het ‘wij’-gevoel.

Culturele diversiteit door ervaring op te doen in een internationale context

Als er meer culturele diversiteit ontstaat is het essentieel vaardigheden te ontwikkelen en activiteiten te kiezen die culturele nieuwsgierigheid aanwakkeren. Maar ook om een stap verder te gaan dan alleen kennis ontwikkelen en nadenken over het leren kennen van andere culturen: het is belangrijk het ook te dóen, daadwerkelijk in contact te komen met die andere culturen. Maar hoe?

Onderwijs: school en studie

Ik schreef al eerder over het belang van lessen (wereld)burgerschap op scholen. Al in het basisonderwijs en op de middelbare school leren kinderen via activiteiten en lessen om te gaan met kinderen van andere culturen. Onderwijs zorgt voor het ontwikkelen van een kritische geest die nodig is om vooringenomenheid tegen te gaan, om je aan te passen aan een sociale omgeving die cultureel gevarieerd is.

Studeren jongeren verder dan krijgen ze op veel hbo’s en universiteiten te maken met culturele diversiteit onder studenten. Een groeiend aantal universiteiten en hogescholen werkt ook aan de international classroom, aan ‘internationalisation at home’: het creëren van internationale leeromgevingen om interculturele en internationale competenties en vaardigheden op te doen.

In multiculturele samenlevingen die steeds complexer worden, moet onderwijs ons helpen de interculturele bekwaamheden te verwerven die ons in staat stellen samen te leven met – en niet ondanks – onze culturele verschillen.

Wereldrapport Unesco nr. 2: Investeren in culturele diversiteit en interculturele dialoog

Het Unesco wereldrapport stelt het zo mooi: “(…) Het versterken van interculturele competenties dient dus niet beperkt te worden tot het klaslokaal maar uitgebreid te worden tot de ‘universiteit van het leven’”. Ook kunst bijvoorbeeld kan helpen om wereldbeelden te verbreden, kunst bevordert interculturele openheid.

Naast “onderwijs” en “kunst” zie ik ook “stage lopen” en “reizen” als belangrijke onderdelen van die ‘universiteit van het leven’.

Stage lopen

Ik schreef al eens eerder over mijn eigen ervaringen met een stage bij Inguat (Instituto Guatemalteco de Turismo) en scriptie in Maleisië (haalbaarheidsonderzoek van een beach resort). Deze buitenland-ervaringen hebben écht mijn wereldbeeld verbreed, groen als ik destijds was waar het gaat om ervaringen buiten het Nederlands/Europese cultuurbeeld. Niet alleen is een stageperiode in het buitenland goed voor je zelfbeeld en persoonlijke ontwikkeling, ook draagt het aantoonbaar bij aan interculturele en internationale competenties en vaardigheden.

Aan de Haagse Hogeschool doet men al lang, tegenwoordig onder de noemer ‘Global Learning’, onderzoek naar het verwerven van internationale competenties via studie of stage in het buitenland. Lees bijvoorbeeld dit onderzoek van Hooven en Walenkamp uit 2013.

Ook ik zag, in tien projectjaren “jongeren en wereldburgerschap” bij JoHo, wat een buitenlandervaring (formele of informele stage, vrijwilligerswerk) met interculturele kennis en vaardigheden en wereldbeeld van die jongeren doet. Niet zelden werd er na terugkeer uit het buitenland een hele andere vervolgstudie of baankeuze gemaakt. En in alle gevallen werd de omgeving van die jongere betrokken bij zijn of haar ervaringen in het buitenland, waardoor een veel grotere groep mensen aan het denken werd gezet over ‘andere’ culturen.

Veel Hogescholen en Universiteiten zijn toch nog altijd een beetje huiverig voor te grote aantallen studenten die naar het buitenland gaan. De risico’s zijn relatief groot denkt men, op het gebied van gezondheid en veiligheid, of wellicht door het ontbreken van voldoende grip op voortgang en kwaliteit van de studie of stage in het buitenland. Dat gaat gepaard met nog steeds enige vooroordelen vermoed ik; op veel plekken buiten Nederland zal immers een kwalitatief vergelijkbare of zelfs betere stage of studie kunnen worden gevolgd dan ‘thuis, in Nederland’. Het wordt dan ook hoog tijd voor een overkoepelende instantie die, los van scholen en ministerie, waakt over de kwaliteit van stageplaatsen, voorbereiding en begeleiding van studenten en die studenten helpt bij het vastleggen van het geleerde (kennis en vaardigheden, zowel qua studie als op persoonlijk als intercultureel vlak) tijdens de periode in het buitenland.

Reizen

Een buitenlandse studie of stage ‘afdwingen’ dat zal niet gaan gebeuren denk ik. Maar ik gun iedere jongere op z’n minst toch een gap year als overbruggingsjaar tussen studie en werkzame leven. Niet meteen doorstomen richting carrière, maar even een pas-op-de-plaats om goed na te denken over de vervolgstap, even van de studie los te komen en te werken aan persoonlijke ontwikkeling en wereldbeeld. Datzelfde geldt voor de begin-dertigers die vaak voor de vervolgkeuzes in carrière komen te staan (‘laatste’ kans om via een nieuwe studie nog écht een ander carrièrepad te kiezen) en voor de mid-veertigers of begin-vijftigers (‘nog eenmaal kiezen voor iets radicaals anders binnen de talenten en vaardigheden die zijn opgedaan’). En vooruit, laten we dan ook de mid-zestigers benoemen die nog ‘een’maal iets groots kunnen doen voordat ze zich definitief overgeven aan de perikelen van de ouderdom

Ik gun al deze mensen op die wezenlijke momenten in hun leven de kracht van het ‘reizen’, als onderdeel van die ‘universiteit van het leven’. Nieuwe mensen ontmoeten, totaal andere gewoontes en gebruiken met eigen ogen zien, geuren opsnuiven en volledig andere geluiden horen dan je normaliter gewend bent. En dat hoeft niet extreem te zijn, het hoeft ook niet persé aan de andere kant van de wereld: zo’n ervaring moet vooral passen bij waar je voorkeuren liggen. Maar een beetje out-of-de-comfortzone mag het wel zijn, juist om je weer eens aan het denken te zetten. Ik denk dat het geheel van die reiservaringen vervolgens ontzettend veel zou doen voor de culturele diversiteit en vooral de inclusiviteit op eenieders thuislocatie.

Je kan het mensen niet verplichten, zo’n wereldbeeld veranderende -of verdiepende- stage- of reiservaring, maar je kan vanuit de overheid wel stimuleren en faciliteren. Ik denk dat er heel veel gelden die nu nog gaan naar tolerantie bevorderende activiteiten, culturele integratieprogramma’s en ook op het gebied van budgetten voor bijvoorbeeld veiligheid en racisme, kunnen worden ingezet voor andere zaken. Besteed die nu maar aan het faciliteren van die stages en reizen ter bevordering van (wereld)burgerschap. Mits die buitenlandervaringen en het interculturele contact ‘echt en authentiek’ zijn, los van te simpele folklore en ‘gearrangeerd spektakel’.

‘Cultureel toerisme’ (…) kan helpen cultureel begrip te bevorderen door anderen in hun natuurlijke omgeving te plaatsen en een diepere historische betekenis te geven aan andere culturen. Wanneer bevolkingsgroepen hierbij betrokken worden, kan dit ook het gevoel van eigenwaarde vergroten en bijdragen aan een duurzame ontwikkeling.

Wereldrapport Unesco nr. 2: Investeren in culturele diversiteit en interculturele dialoog

Deel je ervaringen

  • Hoe sta jij tegenover een samenleving waarin meerdere culturen mét elkaar in plaats van naast elkaar samenleven, écht sámen leven?
  • Zie jij een rol voor bibliotheken en cultuurcentra in Nederland om de culturele dialoog tussen subculturen in Nederland meer op gang te brengen en levend te houden?
  • Heb jij ervaringen opgedaan in het buitenland of in Nederland waardoor je culturele vooroordelen gingen verschuiven of veranderen? Zo ja, welke en waardoor veranderde je wereldbeeld?
  • Wat vind jij van het idee dat een overheid bij veel meer groepen mensen uit de samenleving en op veel meer momenten in ons leven stimuleert om naar het buitenland te gaan voor intercultureel contact? Is het ‘ieder voor zich’ of ligt er ook een taak mede bij de overheid?
  • En denk je dat die buitenlandervaringen ook helpen bij meer intercultureel contact na terugkeer in Nederland?

Meer lezen

Item van Human Dimensions over inclusiviteit, voorbij het wij-zij denken:

Ik heb last van vooroordelen. Ja, echt!

Geschatte leestijd: 11 minuten.

Hoe minder we over een aandoening weten, hoe sneller we de symptomen ervan aan ‘karakter’ toeschrijven.

Ik moet het toch even een keer over vooroordelen hebben.

Ik heb er ook last van.

Ik uit ze ook, in mijn hoofd. Niet (oké dan, bijna niet) in real life. Ik heb me ooit voorgenomen om nooit meer een vooroordeel uit te spreken. De aanleiding voor dat voornemen was niet zo fraai. Dat is meestal zo, als je je voorneemt om ‘nóóit meer dit of dat te doen’.

Ik noemde een journaliste van een tijdschrift een ‘domme muts’.

Yep.

In een e-mail aan een collega.

Yep.

In diezelfde mailwisseling-bundel met mijn collega zat een rechtstreekse mail aan deze vriendelijke dame. Zodat hij haar e-mail adres ook had.

Yep.

Ik vroeg die collega even iets uit te zoeken (een of ander intern feitje, dat ik nodig had voor een leuk artikel in dat tijdschrift), en haar het antwoord rechtstreeks, dus niet via mij, te laten weten. Hij had immers haar mailadres al ontvangen van mij.

Yep.

Lang verhaal kort, hij stuurde haar het antwoord op de vraag door te replyen op “een” mail van mij. Je raadt het al. Ik geloof niet dat het artikel destijds nog geplaatst is. Om een of andere reden kwamen we er bij die redactie ook in de jaren daarna niet meer doorheen.

Vooroordelen: alleen nog maar in mijn eigen hoofd

Ik nam mij op dat moment voor om vooroordelen nooit meer uit te spreken, mondeling of schriftelijk, alleen nog maar -heel af en toe- in mijn eigen hoofd.

Ik heb destijds -serieus- mezelf afgevraagd wáárom ik dat vooroordeel eigenlijk uitsprak, wat het doel ervan was. Hoeveel ik nou werkelijk van haar wist. Oké, toegegeven, op dat moment stelde ze mij, als “pr mannetje” van ons bedrijf, ook niet de meest diepgravende vragen. En ook zij had een aantal vooroordelen over het onderwerp waar we het toen over hadden, ik geloof “vrijwilligerswerk in het buitenland”. M a a r – d a n – n o g. Het was gewoon een domme actie van me, ik wist niets van haar, ik oordeelde hard op basis van een paar vragen.

Welkom in het rijk der zieken

Hoe minder we over een aandoening weten, hoe sneller we de symptomen ervan aan karakter toeschrijven.

Het is een zin die ik tegenkwam in het boek Welkom in het Rijk der Zieken, van Hannah Bervoets. Een roman over het thema chronische pijn. Ik ben op drie-vierde van het boek, ik moet het nog steeds een beetje laten bezinken.

De hoofdpersoon, chronische pijn-patiënt, is op dat moment in gesprek met Marla. (…) “Het grappige is,” gaat Marla verder, “wat Susan in de jaren zeventig over kanker schreef is op dit moment heel herkenbaar voor mij, ook al heb ik zelf geen kanker. Maar toen zij het essay schreef wisten ze nog niet veel over tumoren. Men dacht dat kanker een symptoom van karakterfalen was: kreeg je kanker, dan had je vast last van stress, of je kropte je seksuele gevoelens te veel op, dáár kwam het door. Susan schrijft: hoe minder we over een aandoening weten, hoe sneller we geneigd zijn de symptomen ervan aan karakter toe te schrijven.” Marla (…) antwoordt: “Dat gaat tegenwoordig precies op voor fibromyalgie. Echt, fibromyalgie is de kanker van nu: we weten niet wat het veroorzaakt, dus zal het wel door onderdrukte verlangens komen, door verdriet, algemene ontevredenheid met het leven – o ja, patiënten zullen hun pijn wel aan zichzelf te danken hebben!”

(Fibromyalgie is een vorm van reuma waarbij niet de gewrichten maar de spieren en het bindweefsel aangedaan zijn. Het wordt ook wel wekedelenreuma of spierreuma genoemd).

(…)

“Kanker was als een zware kracht die het lichaam overnam, de patiënt was verdoemd, de ziekte was een taboe. Je praatte er niet over, sommige dokters vertelden hun patiënten niet eens waar ze aan leden, en patiënten die het wel wisten schaamden zich, werden paria’s voor hun omgeving – kun je je dat voorstellen?”

Vooroordelen bij chronische pijn

Fibromyalgie is maar een voorbeeld van een ziekte met chronische pijn die toevallig in dit boek benoemd wordt. Maar ik merk het vaker: ook bij chronische pijn zijn er vooroordelen, zijn er patiënten die zich schamen, die twijfelen aan eigen sociale gesteldheid. ‘Beeld ik het me allemaal in, stel ik me aan, is mijn pijngrens gewoon heel laag, kom op, tanden erop en doorzetten.’

Ook ík heb periodes gehad, naarmate de onderzoeken vorderden, dat ik aan mezelf begon te twijfelen. Vaak op momenten dat de pijn even wat afzakte. In plaats van dat je even geniet van een periode met minder pijn, gaan die vooroordelen in dat hoofd aan het werk. ‘Zie je wel. Het valt allemaal best mee. Het is best te doen. Klaar, over en uit.’ Maar evenzo vaak kwam die pijn dan snoeihard weer terug. En realiseerde ik me later dat ik de berg medicatie voor het gemak even vergeten was, die dagelijks mijn lijf in ging -en gaat-. Ik moest echt leren genieten van het moment met even minder pijn, in plaats van meteen zelf vraagtekens te gaan zetten.

Het zal ongetwijfeld ook wel te maken hebben met hard zijn voor jezelf, met een hoge lat, een vorm van perfectionisme. In alle (wat meer experimentele, alternatieve, of hoe ik ze ook niet precies weet te benoemen) therapieën die ik in de laatste acht, negen, jaar heb ondergaan werd er regelmatig gegraven naar in het onderbewuste verborgen trauma’s, gebeurtenissen in een ver verleden die er mid-veertig opeens uitkwamen in de vorm van pijn. Je zou bijna wíllen dat je een trauma had, om een antwoord op de terugkerende vraag te hebben ‘maar is er dan écht niets dat je je weet te herinneren?’ Nee, echt niet, ik heb een behoorlijk onbezorgde jeugd gehad. Sorry.

Blij was ik uiteindelijk met de neurochirurg in het Bredase Amphia, een vriendelijke, opgewekte ambitieuze man van eind dertig, naar eigen zeggen behorende ‘bij de top 3 neurochirurgen van Nederland’ (o ja? ja), die een meer technische diagnose stelde van ‘een volgende hernia’, ‘zwakke onderste tussenwervelschijven’ en, helaas ook, ‘ergens in het traject opgelopen en blijvende zenuwschade’. Of hij het bij het rechte eind heeft, niemand zal het zeggen, maar het klonk aannemelijk. Er is daarna verder gesleuteld, als allerlaatste poging om de pijn te verminderen, maar helaas (tot nog toe).

Het vooroordeel van ‘het zit allemaal tussen je oren’ ligt enorm op de loer voor iedereen die worstelt met chronische pijn. Sterker nog, dat werd me ook een keer verteld, door de -ook al vriendelijke- dame die de scepter zwaaide over de neurostimulatoren in het ETZ in Tilburg. Carina en ik schrokken en schoten al bijna in de verdediging, totdat ze glimlachend uitlegde dat ‘pijnsignalen letterlijk in het brein, dat zich zo ongeveer tussen je oren bevindt, worden geregistreerd’. Standaard grapje.

En nu weet ik ook wel, er is ook een type pijnpatiënt waarbij je je ook wel eens kunt afvragen of het niet gewoon beter is om toch wél eens uit bed te komen, in beweging te gaan, zoeken naar iets dat je wél motiveert. Maar ook dáár moet je heel voorzichtig zijn. Je kunt niet (voor)oordelen over andermans situaties. Ik zie verhalen voorbij komen van mensen die het écht gewoon niet getroffen hebben en ellende op ellende over zich heen hebben zien komen. Echt heel beperkt zijn geworden en weinig meer (kunnen) ondernemen. En ook daar zie ik mensen nog wisselend omgaan met die situatie.

Vooroordelen over mensen met (chronische) pijn

Vooroordelen, of tips, of hoe je je zou moeten gedragen…afijn, hier een aantal vooroordelen:

  • Het zit allemaal tussen je oren.
  • Kop op, zo erg is het allemaal niet, gewoon wat leuke dingen doen. (Ik doe mijn best, alleen leuke dingen doen helpt na acht jaar niet echt meer).
  • Het ligt aan je voeding: gewoon gezonder eten!
  • Je ziet er beter uit…gaat beter zeker? (Nee, ik probeer er alleen nog steeds verzorgd uit te zien, ik ben ook maar een mens).
  • Je bent gewoon te lui; ik wil ook wel eens een maandje niks doen, lijkt me heerlijk! (Wil je dat ook jaar in jaar uit? En ik doe niet ‘niks’.)
  • Meer bewegen; alles begint bij beweging en sport! (Weet ik, ik heb het al een keer of 85 gehoord).
  • Je hebt gewoon nog last van een trauma uit het verleden, werk aan je psyche en je pijn verdwijnt. (Been there, done that, en nee, geen trauma’s gevonden).
  • Je bent altijd zo vrolijk…zóveel pijn kun je dan toch niet hebben??
  • Een beetje pijn hebben we allemaal wel eens, flink zijn!
  • Al die pillen ook, daar zou ik ook pijn van krijgen! (Euhm, oorzaak en gevolg?…en ja, ik ken de verhalen over pillenverslaving…)
  • Rugpijn? Ach man, ik weet wat je voelt. Vorige week nog, ging ik ook door m’n rug!
  • Je bent ook zo druk…al die stress…dat zou mij ook pijn bezorgen. Gewoon wat minder doen!
  • We zien je weer vaker, ben je weer helemaal beter? (Nee, ik zoek afleiding)

Ik las een recent interview met pijnarts Bart Morlion (België). Een vooraanstaand arts als het gaat om chronische pijn. Morlion is ook voorzitter van de Europese pijnfederatie. In het interview benoemt hij ook de vooroordelen bij veel werkgevers. Er is nog niet al te veel welwillendheid om medewerkers met chronische pijn weer beetje bij beetje aan het werk te laten gaan. Dit terwijl “net alle mechanismen die maken dat je met je brein met iets kan bezig zijn zo waardevol zijn in de behandeling van pijn. Een van de krachtigste cognitieve modulaties – zo noemen we de breinprocessen die kunnen bijdragen tot pijndemping – dat is de job. En vooral als het een job is waarin je je goed voelt en waarin je ook wat bevlogen kan zijn,” aldus Morlion. Met andere woorden, een van de sleutels tot oplossing ligt in het vinden van maatschappelijke zingeving, in in een of andere vorm weer kunnen deelnemen aan het arbeidsproces.

Maatschappelijk zinvol bezig zijn, weer kunnen deelnemen aan het arbeidsproces, is een van de sleutels tot demping van chronische pijn.

Bart Morlion, pijnarts

Chronische pijn: van ‘bijvangst’ naar zelfstandige ziekte

De diagnose ‘chronische pijn’ is een hele complexe. Met tientallen mogelijke oorzaken, met evenzoveel verloop-van-de-ziekte situaties. Maar het is wel ook echt een op zichzelf staande ziekte, niet iets dat ‘er toevallig bijkomt’.

Chronische pijn is in Nederland eindelijk erkend als een zelfstandige ziekte. Het Zorginstituut Nederland beschouwt constant aanhoudende pijn niet langer als ‘slechts’ een vervelend bijverschijnsel of een bijkomend effect van een kwaal of een aandoening. Vanaf nú is continu-pijn een op zichzelf staande ziekte, die overal in het land gelijkelijk behandeld dient te worden, stelt het instituut.

René Steenhorst, Meerovermedisch.nl

Een zelfstandige ziekte dus. Hoera. Maar let wel, bovenstaand bericht is van 22 februari 2020. Ofwel, pas van drieënhalve maand geleden. Het is het resultaat van jaren onderzoek én lobby om chronische pijn echt als zelfstandige ziekte op de kaart te krijgen.

Bij langdurige pijn verandert het ‘sensorische zenuwstelsel’, zo blijkt uit onderzoek. De pijn blijft in het lichaam, terwijl de letterlijke oorzaak van die pijn al weg is. Het lichaam luistert als het ware naar een echo van de pijn; pijnsignalen blijven maar doorgezonden worden vanuit het lichaam naar het brein, zonder noodzaak. Bij hevige en aanhoudende pijnprikkels past het zenuwstelsel zich aan: het versterkt prikkels en houdt ze in stand, het raakt ‘gesensitiseerd’. Dit leidt tot ziekteverschijnselen en beperkingen die de hele mens beïnvloeden: lichaam, geest en sociale omgeving, bio-psycho-sociaal.

Die ‘overprikkeling’ is ook uitgangspunt van trainingen als ‘Retrainpain‘ en producten als ‘Reducept‘: (een deel van) de oplossing ligt in het ‘heropvoeden’ van het brein om die signalen, die pijn, niet meer als alarmsignalen te beschouwen. Waar medicatie slechts een lapmiddel is (het stopt de pijnreceptoren vol, waardoor de overdracht van pijnsignalen wordt geremd), is het opnieuw trainen van je brein dat het de signalen anders moet interpreteren een meer structurele oplossing. Maar zo simpel als het klinkt, zo moeilijk is dat in de praktijk. Blijkt uit de ervaringen van mensen die aan de slag gaan.

Aantal mensen met chronische pijn neemt toe

In Nederland leven inmiddels rond de 2,2 miljoen mensen met pijn, zo’n 18 procent van de bevolking. Andere schattingen gaan al bijna uit van bijna 3 miljoen mensen. Bij elkaar gaat het om meer mensen dan alle patiënten met hart- en vaatziekten, diabetes en veel vormen van kanker samen. Natuurlijk zijn er gradaties in mate van pijn en mate van impact op iemands dagelijkse leven, maar het zijn gigantische aantallen. Alleen al in Nederland.

Ruim 20% van de mensen met pijn heeft al meer dan 20 jaar die pijn. In die zin ‘heb ik nog wel wat jaartjes te gaan dus’ 🙂 Dat chronische pijn nu door zowel het Nederlandse Zorginstituut als door de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) als zelfstandige ziekte wordt beschouwd (vanaf 2022 gaat men wereldwijd werken met nieuwe pijndiagnoses) is belangrijk voor het stellen van de juiste diagnose, voor behandelkeuze, voor onderzoek, beleidsbeslissingen én voor vergoedingen vanuit de gezondheidszorg. Want veel pijnpatiënten lopen nog tegen enorme barrières aan waar het gaat om allerlei vergoedingen. Veel zorgverzekeraars lopen nog achter de feiten aan, want dat bespaart geld. Vanaf 2022 zullen ook zij moeten gaan meebewegen.

Ken jij mensen met chronische pijn?

Kijk eens om je heen. Kijk eens in je eigen omgeving, in je eigen netwerk, of je mensen kent die vaak last-minute een afspraak afzeggen. Die vaker dan gemiddeld ‘nee’ zeggen op een uitnodiging. Die je ziet op ‘goede’ momenten, maar dat dat dan niet betekent ‘dat het weer beter met ze gaat’. Nee: ze hebben een goed moment. Of: ze zoeken afleiding. En spreek de eventuele vooroordelen die je over ze hebt uit. Maar dan alleen in je eigen hoofd. Ik kan je dat van harte aanbevelen. Om meerdere redenen 😉

En o ja, laatste tip voor wie meer tips wil hoe om te gaan met mensen met chronische pijn: lees eens het boek, of de e-versie, van Anna Raymann: ‘Lieve Help’. Ik heb het liggen, je kan het zo van me lenen. Of bestel het via Boek-en-Steun (€10 + €4 verzendkosten) of via Bol.com (€13,80), zie de ad hieronder. Het is levensveranderend.

Pijn is het meest voorkomende symptoom bij álle aandoeningen en ziekten, maar het kan ook een ziekte op zichzelf worden. Zó moeten we chronische pijn ook zien: als een ziekte van het zenuwstelsel.

prof. dr. André Wolff, eind 2017, bij de aanvaarding van het hoogleraarschap anesthesiologie en pijngeneeskunde aan de Rijksuniversiteit Groningen.

Nog wat pijnlijke weetjes

  • Bij 60% van de mensen met chronische pijn komt dit voort uit de onderrug. Nek- en schouderklachten volgen al snel met respectievelijk 58 procent en 54 procent. 49% van de mensen heeft last van de onderarmen, handen of vingers, 48% van de de benen, 46% van de enkels en voeten en ook 46% van het hoofd. Bron: Meerovermedisch, op basis van een onderzoek uit 2015 onder 741 pijnpatiënten door het Erasmus Medisch Centrum in Rotterdam en het ‘Samenwerkingsverband Pijnpatiënten naar één stem’.
  • Pijn sloopt, bleek uit ditzelfde onderzoek, dat nog altijd actueel is: 89 procent van de ondervraagde pijnpatiënten meldde vermoeidheid, slaapstoornissen (60%), stijfheid (59%), zit- en staproblemen (62%), een beperkte mobiliteit (51%), concentratieproblemen (53%) en gevoelloosheid en tintelingen (51%).
  • Het onderzoek tekende een 5,7 op voor de kwaliteit van de pijnzorg in Nederland.
  • De gemiddelde pijnbeleving scoort een 7,2 (0 is geen pijn, 1 is minst denkbare pijn, 10 is meest heftige pijn).

Deel je ervaringen

  • Heb jij jezelf wel eens betrapt op vooroordelen (of blunders richting journalisten)?
  • Heb je als chronische pijnpatiënt wel eens te maken gekregen met vooroordelen?

Deel je ervaringen via de reacties hieronder.

Meer lezen

Een breed perspectief op chronische pijn kán soms helpen…soms ook niet…

ps Filmpje gezien? Ik, in verschillende hoedanigheden (film, boek, gesprek, blog, webinar, podcast) al een aantal maal. Ik ben zo benieuwd naar ‘de stap hierna’. Wat nu als je je dit realiseert, als je al deze elementen hebt ontleed, als je je leven inderdaad hebt aangepast. Welke factor kan dan nog invloed hebben op de hoeveelheid pijn? Tijd? ‘Time heals all wounds’…is het gezegde.

Wie het weet, mag het zeggen.

‘Kusje erop…en klaar’. Over placebo’s en schijnoperaties bij pijnklachten.

Geschatte leestijd: 11 minuten.

De werking van placebo’s -nep’medicijnen’- is van alle tijden. Al in onze jonge jaren ervaren we dat ‘een snoepje’ of ‘kusje erop van je vader of moeder’, soms net zo goed kan helpen als een pijnstiller. Waar placebo’s eerder nog meer in de hoek van ‘kwakzalverij’ zaten, wordt tegenwoordig veel wetenschappelijk onderzoek gedaan naar de werking en inzet van placebo’s. Maar hoe werkt het als placebo’s worden ingezet bij -vaak heftige- chronische pijnklachten? En in hoeverre heeft het lichaam zelf een genezend vermogen? Een artikel over placebo’s, schijnoperaties en (relatief) nieuwe visies in Amerika.

Wat is een placebo?

Een placebo is meestal een nepmedicijn. Om te testen of een medicijn effectief is, krijgt bijvoorbeeld de helft van een groep proefpersonen het echte medicijn. De andere helft, de controlegroep, krijgt een placebo. Tijdens de test weten noch de proefpersonen, noch de onderzoekers, welke pillen echt zijn en welke nep.

Een placebo kan trouwens allerlei uitingsvormen hebben, bijvoorbeeld een neppil die uiterlijk gezien 100% lijkt op de echte pil maar geen werkzame stoffen heeft, een nepoperatie die qua verloop exact lijkt op de echte operatie, een nepinjectie waarbij wel degelijk iets (maar zonder werkzame stoffen) wordt geïnjecteerd of een nepbehandeling.

Over (de inzet van) placebo’s

In de loop der tijd is er behoorlijk veel onderzoek geweest naar de inzet van placebo’s. Een artikel van NEMO Kennislink vat deze mooi samen:

  • twee neppillen werken beter dan één neppil
  • blauwe pillen kalmeren beter dan rode
  • rode pillen hebben weer een sterker stimulerend effect dan blauwe
  • rode capsules verdrijven beter pijn dan witte of groene
  • duurdere medicijnen of pillen met een bekende naam werken beter dan onbekende pillen
  • het placebo-effect neemt toe als de dokter meer tijd neemt om de patiënt het zogenaamde effect ervan uit te leggen, als deze een witte jas draagt, of aangeeft dat het om een sterk werkend middel gaat
  • een placebo-injectie is effectiever dan een placebopil
  • placebo’s hebben gemiddeld een effect van een derde (variërend tussen de 20 en bijna 60 procent)
  • een placebo waaraan een stof is toegevoegd die een verwachte bijwerking van het echte medicijn veroorzaakt – bijvoorbeeld misselijkheid – werkt beter werkt dan een gewone placebo: het ‘actieve placebo’-effect.
  • placebo-effecten zijn vooral sterk bij aandoeningen die moeilijk zijn te specificeren en complexe oorzaken hebben, zoals (chronische) pijn, vermoeidheid, astma, depressie, en symptomen waarin alleen de patiënt zelf kan aangeven of er verlichting of verergering van de klachten zijn, zoals pijn, benauwdheid en depressie 

Er zijn, aldus het artikel, twee hoofdoorzaken voor het ‘werken’ van een placebo:

  1. Verwachtingen: een arts wekt verwachtingen over de uitkomst van de behandeling en patiënten willen daar graag in geloven.
  2. Conditionering: mensen kunnen leren dat bepaalde middelen en handelingen helpen, waardoor het lichaam daar ook werkelijk op reageert.

Nepoperatie, of schijnoperatie

Pasgeleden zag ik een uitzending van Dokters van Morgen. Iemand met een verschoven wervel, rugklachten en pijn kreeg een operatie waarbij cement in de wervel werd gespoten. Althans, dat dacht ze. Feitelijk kreeg ze een placebobehandeling. Er werd daadwerkelijk een naald klaargemaakt inclusief cement -als patiënt hoor en ruik je dat. Je hersenen registreren dus het ‘echte’ middel. Maar dat werd vervolgens niet geïnjecteerd -al werd er wel gedaan alsof.

Onderzoek onder negentig soortgelijke patiënten wees uit dat de behandeling mét cement qua pijn achteraf evenzogoed werkte als de placebobehandeling. Mensen waren daadwerkelijk de vaak verschrikkelijke pijn die ze voor de operatie voelden ná de operatie kwijt. Wel was die placebowerking van de nepoperatie op pijn na verloop van tijd uitgewerkt. Ook de proefpersonen kregen dan alsnog de échte operatie met cement, om de botstructuur alsnog te herstellen.

De onderzoeken naar de placebowerking hebben op zowel artsen als patiënten een bevreemdende werking. Als arts wordt je geloof in effectiviteit van een operatie die je vaak al jarenlang uitvoert onderuit geschoffeld. En als patiënt ga je twijfelen aan de echtheid van je klachten, als die met een nepoperatie opeens verdwenen zijn.

Bekijk het volledige item over de nepoperatie bij Zorg.nu | Dokters van Morgen | AvroTros

Afleiding

Ik schreef al eerder over de afleiding die muziek mij brengt. Ik heb al zo’n acht jaar pijn, dagelijks, wisselend in intensiteit maar zodanig dat veel medicatie en een sterke teruggang in allerlei dagelijkse activiteiten nodig is. Veel pijn dus. Ga ik een uurtje muziek maken, piano spelen, zoals ik al meer dan dertig jaar doe, dan zakt de pijn wat. Die is meestal niet helemaal weg, maar wordt wel degelijk naar de achtergrond gedrukt. Stop ik met muziek maken, dan is de pijn meestal na zo’n 15 tot 20 minuten weer terug.

Pijndemping door piano te spelen dus. Dat ervaar ik ook als ik met een van mijn bands repeteer of een optreden verzorg. De pijn is niet 100% weg tijdens het spelen, maar wordt wel weggefilterd door “iets” anders.

Vrijwilligerswerk en ‘goed doen’

Recent schreef ik al over de functie van ‘goed doen’ en vrijwilligerswerk op pijnklachten. Uit een onderzoek van de Beijing University kwam naar voren dat pijnpatiënten die iets goed doen voor een ander letterlijk, fysiek, minder pijn voelden of minder pijn ervoeren. Op functionele MRI’s (fMRI) was bij patiënten die tijdens de tests bijvoorbeeld een donatie aan een goed doel deden minder pijngerelateerde breinactiviteit te zien.

Pijndemping dus door ‘iets goeds voor een ander te doen’.

Placebo-effect

Ook de personen die een nepmedicijn of schijnoperatie ontvangen, kunnen zodanig reageren op het medicijn of de behandeling alsof het het echte medicijn c.q. de behandeling was; zowel in werking (klachten verbeteren), als -voor wat betreft medicatie- in bijwerkingen (bijvoorbeeld slaperigheid, duizeligheid): het ‘placebo-effect’.

Dr. Lohle, werkzaam in ETZ (Elisabeth TweeSteden ziekenhuis Tilburg) en betrokken bij het schijnoperatie-onderzoek, geeft aan dat het placebo-effect veel met verwachtingen te maken heeft: als je een bepaald effect verwacht, dan kan er daadwerkelijk fysiek en/of mentaal iets veranderen in je lijf en brein, waardoor het placebo-effect optreedt. Er komen bij de suggestie of verwachting stofjes vrij in je hersenen, die ervoor zorgen dat je ook écht pijndemping ervaart. In die zin helpt je eigen brein dus je eigen lichaam om te herstellen van bepaalde klachten. Dr. Lohle geeft ook aan dat je hersenen, populair gezegd, dus een eigen ‘apotheek’ met zich meedragen, met allerlei laatjes vol werkzame stoffen die kunnen meehelpen bij herstel van allerlei klachten. Je moet alleen zelf leren hoe de juiste laatjes voor de juiste klachten te openen.

Iets soortgelijks zal meespelen bij bijvoorbeeld het zelf maken van muziek, het doen van (belonend) vrijwilligerswerk of zelfs bij het ingespannen uitoefenen van een andere hobby of het luisteren naar je favoriete muziek. Veel aanvullend onderzoek is nog nodig om de exacte werking van dit proces in de hersenen te achterhalen.

De hersenen zijn dus gevoelig voor suggestie, voor verwachting. Er zijn daarbij allerlei manieren om je brein voor de gek te houden. Belangrijk is wel dat je je brein dan ook écht voor de gek houdt -het brein is slimmer dan je denkt. Je moet gaandeweg de schijnprocedure niet in de gaten krijgen dat jij wel eens het placebomiddel toegediend zou kunnen krijgen: dan heeft je brein door dat het voor de gek wordt gehouden en werkt het (dus) niet.

Placebo-effect bij pijn, parkinson en depressie

Het NEMO artikel benoemt ook dat placebo’s duidelijke veranderingen en activiteiten in de hersenen veroorzaken. Dat laten MRI’s en functionele MRI’s ook steeds beter echt zien. Placebo’s tegen pijn hebben feitelijk invloed op opiaat- en dopamine receptoren, die betrokken zijn bij de activiteit van neurotransmitters – de boodschappers in de hersenen – die een rol spelen bij de pijnwaarneming. Ook placebomedicijnen tegen de ziekte van Parkinson maken meer dopamine vrij in de hersenen, zoals anti-Parkinsonmedicijnen doen. Placebo’s tegen depressie activeren dezelfde hersengebieden als antidepressiva en dat geldt ook voor een aantal andere placebo’s.

Dr. David Hanscom: Back in Control

Ik volg al een tijdje het nieuws van www.backincontrol.com, een website van Dr. David Hanscom.

Chronic pain has been documented to have a similar impact on your quality of life as terminal cancer. Life becomes one of survival.

Back in control, Dr. David Hanscom

Hanscom neemt chronische pijn zeer serieus. 32 jaar lang is hij actief geweest als orthopedisch chirurg, om in 2018 zijn chirurgische praktijk definitief te stoppen. In al die jaren combineerde hij bij de talloze patiënten met rugklachten die hij behandelde ‘opereren’ met ‘aandacht voor het kalmeren van het centrale zenuwstelsel’.

Hanscom kreeg -typisch- zelf ook chronische pijnklachten, onder andere in een periode waarin hij zelf tegen een burnout aanliep, met onder andere veel angsten, stress, paniekaanvallen, slapeloosheid, tinnitus, nekpijn.

In 1993 stopte hij met het opereren van patiënten met hernia’s en het vastzetten van wervels (spinale fusie, spinal fusion), toen bleek dat de succesratio van dergelijke operaties extreem laag was. Vanaf 2002 is hij veel meer de aandacht gaan leggen op alternatieve manieren om chronische pijn te bestrijden. Hij boekte succes bij chronisch pijnpatiënten door te focussen op pijneducatie, trauma’s of stressfactoren uit het verleden, het gestructureerd en dagelijks opschrijven van gedachten (‘Expressive Writing’), medicatiemanagement, werken aan fysieke conditie en het verbeteren van levensperspectief.

Zelfgenezend vermogen van je lijf

Natuurlijk weten we dat je eigen lichaam een zelfgenezend, zelfherstellend vermogen heeft; Hippocrates benoemde het vroeger al. Lange tijd geloofde men sterk in dat vermogen en was het de taak van de artsen om vooral in dienst te staan van die zelfgenezing. Vanaf de Renaissance, na de Middeleeuwen, is de aandacht hiervoor verslapt en met de opkomst van de moderne geneeskunde zijn we veel meer gaan geloven in het mechanische mensbeeld: veel is door knappe doktoren te ‘repareren’.

Zeker de laatste tientallen jaren is, in de vorm van hypnotherapie en psychotherapie en met de invoering van placebo-onderzoek, weer meer aandacht gekomen voor de invloed van ieder mens op zijn eigen lichaam en geest. Hoewel iedereen wel weet dat het lichaam zichzelf herstelt van bijvoorbeeld een verkoudheid, stress of een klein wondje, is ‘zelfgenezing’ toch nog steeds meer onderdeel van de alternatieve geneeskunst, de homeopathie en het onderzoek naar het onderbewuste.

VOORBEELD: REDUCEPT (nl)

Een tijdje terug werd ik op het spoor gezet van Reducept. Reducept wil met behulp van virtual reality bijdragen aan vermindering van chronische pijn. Middels apps en virtuality brillen ga je bijna letterlijk de pijnsignalen in je lichaam en met name hersenen ‘te lijf’, om daarmee je hersenen en centrale zenuwstelsel als het ware te kalmeren: het is onnodig nog langer pijnsignalen te zenden en registreren. Reducept noemt zichzelf een ‘sportschool voor je hersenen’ en is in feite een online virtual reality training.

De eerste ervaringen van chronische pijnpatiënten die ik lees (2019/2020) zijn nog gematigd; men ervaart veelal nog geen substantieel verschil. Dit in tegenstelling tot wat Reducept zelf claimt. Reducept werkt ondertussen aan wetenschappelijke onderbouwing.

VOORBEELD: COGNITIVE FX (usa)

Door iemand uit mijn directe omgeving leerde ik Cognitive FX (van ‘Fix’) kennen, een behandelkliniek in Utah, USA. Deze kliniek is met name gefocust op het heel gericht behandelen van gebieden in de hersenen die door een hersenschudding beschadigd zijn, of ‘in de war zijn’. Met hersenscans en gerichte taakjes en oefeningen voor de hersenen (EPIC Treatment, Enhanced Performance in Cognition) kan men bijvoorbeeld pijnsignalen in de hersenen ‘herprogrammeren’ en nieuwe routines aanmaken. En daarmee uiteindelijk klachten flink verminderen. Ook hier geldt: als je méér vertrouwen hebt in de artsen en behandeling, neemt de kans op succes van de behandeling toe. Daarmee lijkt ook hier je (positieve) instelling van invloed op de (positieve) uitkomst.

Ik heb een Skype-sessie met Cognitive FX gehad en gevraagd naar resultaten bij chronische pijnpatiënten als gevolg van rugproblematiek. Helaas heeft men hier wel individuele succesverhalen maar nog geen officieel ‘track record’, want de focus ligt immers op mensen met (pijn)klachten n.a.v. een hersenschudding. Met andere woorden: ik was van harte welkom als volgend ‘proefpersoon’ op mijn terrein, à +/- USD 10.000-12.500 per training van enkele weken. Er is bij Cognitive FX zeker ambitie om meer onderzoek te doen naar behandeling van pijnpatiënten met andere oorzaken. Dat zal kostentechnisch gezien voorlopig echter vooral bij Amerikanen worden uitgevoerd, of bij ‘de happy few’ uit het buitenland die het kunnen bekostigen. Toegang tot een betere kwaliteit van leven draait dan uiteindelijk toch weer om geld.

Rethink pain: het opnieuw (op)voeden van je brein

Een van de andere ‘grotere stromingen’ als het gaat om het niet-operatief oplossen van (chronische) pijn is het opnieuw leren (na)denken over pijn. Deze denkrichting zit in het verlengde van het opnieuw trainen van je hersenen om de pijnsignalen te leren negeren, waardoor deze uiteindelijk vanzelf afzwakken en uitdoven. Websites als www.rethink-pain.com, www.tamethebeast.org, www.retrainpain.org zijn erg gericht op het leren begrijpen van het pijnsysteem: hoe werkt pijn, hoe werken je hersenen, op welke manier beïnvloeden je body en je mind elkaar, wat voor invloed hebben slaap, medicatie en relaties op je welzijn, welbevinden én op de pijnreceptoren in je lichaam.

Ooit heeft je brein een gevaar waargenomen, waardoor er een pijnsignaal afgegeven is. Normaliter stopt het signaal automatisch als het gevaar is geweken, maar door allerlei oorzaken kan dat automatische systeem nog steeds staan te loeien (‘chronische pijn’) terwijl het gevaar al lang is geweken. Het idee is dat door beter te begrijpen hoe pijn werkt én door stapsgewijs afstand te leren nemen van de pijn in je lichaam, je het overgevoelig geworden zenuwstelsel weer kunt kalmeren. Vaak bieden de websites gratis online cursussen of sheets aan, die je stapsgewijs door het rethink-traject loodsen. Soms is er een boek, betaalde training, cursus of behandeling door een gecertificeerd behandelaar aan gekoppeld.

Hoop

Als je luistert naar deze podcast (vanaf +/- 09:30) dan worden als best werkende middelen om chronische pijn definitief op te lossen slaap (rust), gedegen informatie, het verminderen van ongerustheid en hoop genoemd. Die hebben alles te maken met neuroplasticiteit, het vermogen van de hersenen om zich te herstellen en te herstructureren. Zeker hoop (en optimisme) wordt benoemd als heel krachtig instrument; het geeft mensen weer een toekomstperspectief. Deze elementen zorgen voor nieuwe chemische reacties en verbindingen in je brein, hetgeen zou bijdragen aan het jezelf weer uit de situatie van voortdurende pijn ‘denken’.

Ik heb in de loop der tijd redelijk wat van dit soort sites en e-courses doorlopen; hoewel er een logica in het geheel zit heeft het (bij mij) nog geen pijndemping gebracht. Ik snap wat er wordt bedoeld; het is niet iets van ‘even wat positiefs denken en hup alles is opgelost’. Maar het gaat om het heel structureel ‘iets’ toepassen om de pijnsignalen in je hersenen uiteindelijk tot rust te laten komen. Alleen…wat dat ‘iets’ dan precies zou moeten zijn, dat is mij nog onduidelijk. En daar wordt ook nog volop onderzoek naar gedaan; was het iets dat makkelijk toepasbaar zou zijn dan zouden er allang niet zoveel mensen meer met chronische pijn rondlopen.

Laatjes openen, hersenen activeren, pijngedachten veranderen: zit het herstel dan toch in de eigen kracht?

Hoewel de sites, nieuwsberichten, podcasts en boeken van Hanscom een hoog “Amerika”gehalte hebben, vol met juichende quotes van ex-patiënten en lange “Thank You Dr. Hanscom”-brieven, ben ik wel nieuwsgierig geraakt in zijn visie en volg ik zijn berichten.

Tegelijk met de theorie van het placebo-effect, de schijnoperaties, het opnieuw trainen van je brein en het openen van de juiste laatjes van je interne apotheek, begin ik meer en meer te geloven in het -al dan niet deels- zelf kunnen / moeten oplossen van chronische pijnklachten.

Is dat terecht? Ik weet het niet. Cynisch gezegd zit er ook niet veel anders op, na talloze rugoperaties, neurostimulatoren, een hele rij artsen, vrachtwagens vol medicatie die maar tijdelijk of gewoon niet helpt en de vele eerdere behandelexperimenten. Als dat allemaal niet helpt…dan moet het misschien toch maar ‘gewoon op eigen kracht’?

To be continued…

Deel je ervaringen

  • Hoe kijk jij aan tegen schijnoperaties en het placebo-effect? Als ‘kusje erop…al klaar’ helpt bij kinderen, werkt de schijnoperatie dan als iets soortgelijks bij volwassenen?
  • Heb je zelf wel eens een placebo ervaren, bijvoorbeeld bij pijnklachten? Heb je een activiteit gevonden die bij jou regelmatig zorgt voor pijndemping ‘op eigen kracht’?

Ik ben nieuwsgierig naar je gedachten en ervaringen. Deel ze via de reacties hieronder.

Meer lezen

  • De hele uitzending van Dokters van Morgen over de placebobehandeling terug zien? Bekijk hem bij AvroTros.
  • Bezoek de websites van Reducept en Cognitive FX voor uitleg over hun behandeling en ervaringen van patiënten die hebben deelgenomen.
  • Meer lezen over pijn en je hersenen? Lees het boek Pijn & het Brein van Annemarieke Fleming & Joke Vollebregt en Back in Control van David Hanscom.
  • Lees een uitgebreid artikel over een schijnoperatie onderzoek en placebo resultaten door Oxford University (chirurg Andy Carr)
  • Lees het volledige artikel bij Nemo Kennislink over de inzet van placebo’s.

De kracht van muziek: alom bekend. En tegelijk nog zo miskend.

Geschatte leestijd: 6 minuten.

Muziek verrijkt het leven en beschermt tegen aftakeling. Muziek heelt, verzacht, troost en leidt af. Muziek luisteren. Muziek maken. Spelen met muziek. Muziek inzetten in de zorg. Muziek als therapie. Antropologen hebben geen enkel volk op de wereld kunnen ontdekken waar muziek niet op een of andere manier een rol speelt. Iedereen kent de kracht van muziek. En tegelijkertijd is die kracht nog zó miskend. Het wordt tijd dat muziek de centrale functie in de maatschappij krijgt die het verdient.

Muziekwetenschappers en de kracht van muziek

Wetenschappers als Prof. Erik Scherder en Dr. Ben van Cranenburgh zijn er al jaren over uit: muziek heeft een enorm ingrijpende invloed op het functioneren van iedereen. Met muziek worden activiteiten mogelijk die tot dan toe uitgesloten waren: mensen met Parkinson lopen zonder hapering op een ritme, mensen met chronische pijn voelen minder pijn bij muziek, demente mensen leven op bij muziek, mensen die een operatie ondergaan met muziek hebben na afloop minder pijnmedicatie nodig.

Ik heb er al vaker over geschreven, maar ook ik merk die invloed van muziek dagelijks. Niet alleen is mijn stemming door muziek te luisteren of te maken beter, ook voel ik de chronische pijn die ik nu eenmaal heb minder als ik muziek maak, piano speel. De pijn wordt als het ware naar de achtergrond gedrukt. Stop ik met spelen, dan komt de pijn na 15, 20 minuten weer tevoorschijn.

Muziek luisteren maar zeker ook zelf muziek maken activeert meerdere delen in het brein, zo leggen deze wetenschappers telkenmale uit aan iedereen die het wil horen. Door een muziekinstrument te leren bespelen ontstaan verbindingen in de hersenen en tussen hersenhelften die ook ‘therapeutisch’ kunnen worden benut, bijvoorbeeld binnen de neurorevalidatie.

Muziekonderwijs en muziektherapie moeten maatschappelijk dan ook veel belangrijker worden dan tot nu toe het geval is geweest, bepleiten mensen als van Cranenburgh en Scherder. Muziek heeft een plek in alle lagen van de bevolking, bereikt alle uithoeken van het brein en zit in alle aspecten van het leven. Maar muziek krijgt nog niet de credits die het op basis hiervan verdient.

De kracht van muziek. Dr. van Cranenburgh schreef er in 2018 een boek over: Muziek en Brein. Kees Weggelaar schreef er de volgende samenvatting van:

De kracht van muziek inzetten rondom de zorg voor kinderen

Sommige kinderen hebben moeite met het interpreteren van gedrag van anderen. Wat bedoelt iemand nou met wat hij zegt, hoe moet je je gedragen in bepaalde sociale situaties. Sommige kinderen hebben een laag of onvoldoende ontwikkeld zelfbeeld of bijvoorbeeld last van faalangst. Hoe kan je in dit soort situaties “muziek” inzetten?

Het hoeft niet altijd te gaan om kinderen met een verstandelijke beperking of kinderen met bijvoorbeeld autisme, hoewel muziektherapie juist ook bij hen veel kan brengen. Voor allerlei kinderen kan muziek een speels instrument zijn om zichzelf beter te leren ontdekken. Het bespelen van instrumenten kan bijvoorbeeld helpen om emoties meer te uiten. Maar spelen met instrumenten is ook iets heel fysieks, je moet ermee aan de slag met je handen, met je mond, je ademtechniek, met afwisseling tussen inspanning en ontspanning. Met behulp van maat, ritme, harmonie, klank en melodie maar ook met stem, improvisatie, spelvormen en bestaande liedjes krijgt een muziektherapeut vaak snel toegang tot de wereld van kinderen.

Ouders geven na afloop van een les muziektherapie vaak aan dat kinderen meer ontspannen zijn, zich beter of makkelijker uiten en dat ze in de loop van de lessen sociaal vaardiger worden. Of juist een beter besef van hun eigen positie ten opzichte van anderen krijgen, een steviger zelfbeeld ontwikkelen, met succes nieuwe vaardigheden aanleren. Kinderen leren via muziek om te gaan met (plotselinge) veranderingen, leren samenwerken, zich beter te concentreren en krijgen meer inzicht in gevoelens van zichzelf en anderen.

Ik kreeg een paar maanden terug via een gesprek met Tatiana van der Heijde een héél klein eerste inkijkje in de wereld van muziek’therapie’ en kinderen. Therapie tussen haakjes, want het lijkt meer gewoon lekker muziek maken en spelen, maar toch bijzonder om te zien hoe zij op een heel speelse manier de band tussen ouders en kinderen versterkt, bijvoorbeeld met lessen ‘Muziek op Schoot’. Ook sprak ik met muziektherapeute Julia Engelbrecht, Praktijk voor vaktherapie Breda, die vertelde over hoe zij muziek inzet om kinderen en volwassenen weer gerichter te leren denken, voelen en handelen.

De kracht van muziek inzetten rondom de zorg voor ouderen

Ouderen worden op latere leeftijd vaak kwetsbaar. Bij veel, niet alle, ouderen is sprake van eenzaamheid en het geheugen gaat achteruit. Het inzetten van muziek en muziek’therapie’ (of eenvoudiger, een muziekactiviteit) bij ouderen, bijvoorbeeld in een verpleeghuis of zorginstelling, leidt vaak tot nieuwe mogelijkheden van interactie en het uiten van gevoelens. Naast het feit dat veel ouderen de activiteit an sich waarderen (afleiding, het breekt de dag) draagt het ook bij aan een betere concentratie en het makkelijker kunnen communiceren.

Bij ouderen met dementie zorgt de inzet van muziek voor minder onrust en depressie. Ouderen met bijvoorbeeld Parkinson of een herseninfarct revalideren aantoonbaar beter wanneer wordt gewerkt met muziek. Muziek kan bijdragen om vergeten herinneringen terug te brengen of te verwerken. Muziek heeft bij ouderen bijvoorbeeld ook een functie rondom de nacht en slapen: vaak treedt bij ouderen een innerlijke onrust op bij het naar bed gaan en later in de nacht. Muziek luisteren bij het naar bed gaan zorgt voor meer rust bij het inslapen en een beter slaappatroon.

Muzikaal mantelzorgen

Muziekactiviteiten of muziektherapie zijn niet altijd direct voorhanden in een zorginstelling. De stichting Miracles of Music heeft een aantal praktische tips op een rij gezet wanneer mantelzorgers of individuele begeleiders of zorgverleners met muziek aan de slag willen:

  • gebruik voorkeursmuziek; vraag naar de favoriete muziek van vroeger; dat geeft ouderen een veilig gevoel en zorgt voor herkenbaarheid
  • kies in de ochtend en avond rustige muziek: zorg voor een fijne start en afsluiting van de dag; gedurende de dag kan je juist muziek kiezen die activeert
  • bespreek het doel van de muziekactiviteit: is het ter ontspanning, afleiding of is ‘activering’ juist een hoofddoel?
  • gebruik muziek juist ook tijdens zorgmomenten: muziek zorgt voor extra rust en afleiding tijdens wassen, aankleden of naar bed gaan
  • zet muziek in om te verbinden: samen zingen of klappen zorgt voor samenwerking; begin zelf en maak zinnen bijvoorbeeld niet af
  • bouw afwisselend ook momenten van stilte in en check, kijk of vraag dan of de persoon de muziek nog steeds prettig vindt

Bron: Miracles of Music

Ik heb zelf nog niet de werking van muziek bij ouderen van dichtbij mogen ervaren. Ik heb uiteraard wel diverse documentaires op tv en internet gezien, waarbij je soms van je stoel valt hóeveel verschil het spelen van een relatief eenvoudig melodietje bij bijvoorbeeld iemand met dementie kan maken. Ouderen die haast bewegingloos in bed liggen, de hele dag, en met een muziektherapeut aan bed opeens bijna letterlijk ‘tot leven’ komen, om na een aantal sessies weer rechtop in bed te zitten en (zachtjes) mee te zingen. Het lijkt me fantastisch om een keer mee te lopen met een muziektherapeut -nee, ik zing nog steeds niet 🙂 en met eigen ogen te zien wat muziek bij ouderen kan bereiken.

Nederlandse Vereniging voor Muziektherapie

Muziektherapie is in Nederland een vaktherapeutisch beroep. De Nederlandse Vereniging voor Muziektherapie, de NVvMT, verenigt muziektherapeuten, studenten muziektherapie, verwijzers en iedereen die belangstelling heeft voor de inzet van muziek.

De NVvMT streeft er naar dat muziektherapie een erkende, innovatieve en bewezen therapievorm wordt, met een plek in alle zorgsectoren en toegankelijk voor alle individuele cliënten.

De vereniging stimuleert meer bewustzijn van de kracht van muziek en muziektherapie. Ze onderhoudt een netwerk van aangesloten muziektherapeuten, een databank met kennis over muziektherapie, een vak– en publiekswebsite en geeft diverse publicaties en tijdschriften uit.

Lees de brochure Muziek Maakt Gezond met uitleg over muziektherapie:

Deel je ervaringen

Ik ben overtuigd van die kracht van muziek. Deels omdat ik gewoon al tientallen jaren, al sinds dat ik klein was, plezier, afleiding en soms ook troost haal uit muziek. Deels vanwege mijn ervaringen met zelf muziek maken en chronische pijn. Maar ik ben ook nieuwsgierig of jij die ervaringen herkent.

  • Heb jij zelf of in je omgeving gezien hoe muziek van invloed is op iemands welbevinden of herstel?
  • Heb jij ervaring met muziektherapie?
  • Wat vind je van het pleidooi van mensen als Scherder en van Cranenburgh om muziek een meer centrale rol te geven in de zorg en de maatschappij?

Meer lezen

  • Dr. Ben van Cranenburgh schreef een boek, Muziek en Brein, dat in 2018 verscheen.
  • Ontdek meer brochures en publicaties van de NVvMT
  • De NVnMT heeft op haar sites een aantal factsheets staan van de AMTA, de Amerikaanse vereniging voor muziektherapie. Per ziektebeeld vind je links naar wetenschappelijk onderzoek naar effecten van muziektherapie. Ik zie dat er ook een ‘Chronische pijn’ factsheet is…
  • Stichting Muziekids benut de kracht van muziek op een hele speelse manier richting kinderen en jongeren in ziekenhuizen en zorginstellingen. Zij mogen samen met muziekprofessionals en muziekvrijwilligers zelf muziekinstrumenten bespelen en ervaren. Aan bed, of in een speciale Muziekids studio in het ziekenhuis.
  • Het TV programma Dokters van Morgen besteedde in 2019 een uitzending aan Muziek als Medicijn, met antwoord op vragen als:
    • Kan muziek helpen bij een operatie?
    • Hoe kan muziek een te vroeg geboren baby helpen?
    • Wat kan muziek doen bij mensen met dementie?
    • Kan muziek helpen om in slaap te vallen?

In actie komen voor ‘het goede doel’. Leuk, maar hoe doe je dat concreet?

Geschatte leestijd: 15 minuten.

Ik krijg in m’n netwerk regelmatig de boodschap “Dat Muziekids hè van jou, ik wil je best helpen…maar ik weet niet zo goed hóe”. Mensen vinden het toch vaak moeilijk om te bedenken wat ze nu zelf concreet, binnen hun eigen netwerk, kunnen betekenen voor een goed doel. Hierbij een blog over het steunen van je favoriete goede doel, met voorbeelden van wat je zou kunnen doen. Ik hou voor het gemak “Muziekids” even aan, naast Stichting JoHo mijn favoriete goede doel. Misschien is niet alles relevant voor jouw situatie, of heb je juist andere opties, maar ongetwijfeld zal veel overlappen. In actie voor het goede doel!

Wat steun je eigenlijk?

Ga je je favoriete doel steunen, zorg er dan voor dat je de ‘slogan’ van je doel helder en kort kunt vertellen. En dat je dat kunt vertalen naar ‘gewone mensentaal’, liefst met een paar concrete voorbeelden van wat er met het opgehaalde geld gerealiseerd kan worden.

Muziekids: méér muziekbeleving voor kinderen en jongeren in Nederlandse ziekenhuizen en zorginstellingen.

Ofwel: lekker samen muziek maken, met leeftijdsgenootjes, muziekprofessionals en -vrijwilligers. Even vergeten dat je “patiënt” bent, gewoon door muziek afleiding hebben en kind zijn. Positieve herinneringen maken en ontdekken dat muziek maken en een instrument bespelen hartstikke leuk is.

In het geval van Muziekids maken donaties het mogelijk dat:

  • er méér uren muziek kan worden gemaakt in een ziekenhuis (Muziekids studio’s),
  • er nieuwe instrumenten kunnen worden gekocht,
  • muziekvrijwilligers vaker op de kinderafdeling langs de bedden kunnen gaan (Muziekids op Reis),
  • de interne opleiding van muziekvrijwilligers kan worden uitgebreid,
  • Muziekids op nieuwe locaties actief kan worden
  • er meer onderzoek mogelijk wordt naar de effecten van de inzet van muziek in de zorg en
  • kinderen en jongeren ook op afstand muziek kunnen maken (Muziekids Online Studio)

Daarbij is het soms handig om in de basis te weten hoe het goede doel gefinancierd is. Muziekids bijvoorbeeld ontvangt geen overheidssubsidies of gelden vanuit de zorgsector of ziekenhuizen. Daarom is Muziekids volledig afhankelijk van spontane financiële steun en acties om geld bijeen te brengen.

Zelf doen, of aansluiten bij een bestaande actie?

Natuurlijk is het mogelijk om je aan te sluiten bij bestaande acties en events; je hoeft het wiel niet altijd zelf uit te vinden of een actie helemaal zelf op touw te zetten. Laat je bijvoorbeeld sponsoren voor Muziekids als je toch al meedoet aan een sportwedstrijd of meespeelt tijdens een muziekevenement.

Maar wil je wel zelf iets bedenken, dan zijn er ongelooflijk veel mogelijkheden. Een aantal voorbeelden hieronder.

OK, hou je vast, here we go ðŸ˜„🎶.

Rechtstreeks doneren

De waarschijnlijk makkelijkste en meest directe manier van het steunen van een goed doel: doneren. Prettig voor wie wel de financiële middelen maar niet al te veel tijd heeft: gewoon, ouderwets geld storten. Nou ja…ouderwets…

  • je kan bij Muziekids geld doneren via iDeal of creditcard. Muziekids schrijft dan eenmalig, of periodiek als je dat wilt, een door jou aangegeven bedrag af van je rekening
  • je kan dat “algemeen” doneren, of specifiek labellen aan één bepaald ziekenhuis
  • ook kan je via “Tikkie” heel gemakkelijk doneren, door een bedrag in te vullen en in te loggen op het “internetbankiersysteem” van je eigen bank (zoals je al je betalingen waarschijnlijk al via site of app op je smartphone of tablet doet). Iedereen met een Nederlandse betaalrekening kan betalen via Tikkie.
  • ook kan je via SMS aan Muziekids doneren
    • eenmalig, door MUZIEKIDS te sms’en aan 4333; je doneert dan eenmalig €3
    • maandelijks, door MUZIEKIDS AAN te sms’en aan 4333; je doneert dan maandelijks €3 totdat je het abonnement weer UIT zet (je leest vanzelf hoe dat moet)

Natuurlijk kan je bij veel goede doelen ook ‘donateur’ worden, een mooie manier als je je duurzaam verbonden voelt met een doel en je dat ook wilt uiten door een donateurschap. En vaak ontvang je als donateur ook nog extra voordelen.

SMS actie voor Muziekids

Jubilea

Een jubileum op het werk, een zilveren of gouden bruiloft, zoveel jaar werkzaam als vrijwilliger bij een vereniging, 10 jaar samen met je partner…er zijn vele momenten in iemands leven waarbij er iets te vieren valt. En waarbij de netwerk waarschijnlijk aan je vraagt “wat wil je graag hebben”. Steeds meer mensen zoeken een origineel cadeau: een maatschappelijk doel. Iedereen kan zich wat voorstellen bij hoe het is om een kind in het ziekenhuis te hebben. Daarom ontvangt Muziekids regelmatig een mooi bedrag als jubileumbesteding.

Social media

Hoe bekender het goede doel, hoe meer mensen er over horen ‘via-via’. Die naamsbekendheid is zó belangrijk. Social media, van Facebook tot Instagram en van TikTok tot Snapchat: het zijn de bekende kanalen waar mensen dagelijks op posten. Muziekids is bijzonder actief op veel social media kanalen; zowel Stichting Muziekids landelijk als de afzonderlijke Muziekids studio’s plaatsen vrijwel dagelijks berichten over de muziekactiviteiten in en buiten het ziekenhuis.

Abonneer je op de accounts; like en deel eens een bericht zodat ook jouw vrienden of collega’s er over horen. Maar bijvoorbeeld Facebook maakt het ook makkelijk om een ‘online donatie campagne’ te starten, bijvoorbeeld als cadeau-inzamelingsactie voor je verjaardag of bij een andere bijzondere gelegenheid.

Afstuderen

Steeds meer studenten kiezen rondom hun afstudeermoment voor een inzamelingsactie voor Muziekids, als origineel ‘cadeau’ om samen met vrienden, ouders en bekenden iets maatschappelijks te doen. Regelmatig ontvangt Muziekids donaties vanuit bijvoorbeeld conservatorium-studenten, die een muziekevent organiseren als afstudeeropdracht. Dat kan een eigen afstudeerconcert zijn, of een muziekavond/festival waarbij meerdere acts optreden. Maar ook bijvoorbeeld studenten eventmanagement organiseren een eindopdracht waarbij ze de koppeling leggen tussen een event en een maatschappelijk doel als Muziekids.

Benefiet muziekoptreden voor Muziekids door Fontys Academie voor Muziekeducatie

Actie met school

Ik vind het bijzonder om te zien hóeveel scholen in actie komen voor Muziekids. Men organiseert een hardloopwedstrijd, een goede doelen dag, een theater avond, men gaat auto’s wassen met hele klassen, organiseert rommelmarkten, de schoolband speelt voor Muziekids…echt, op scholen gebeurt ontzettend veel voor dit muzikale goede doel.

Bijzonder vond ik ook dat juffen Isabelle en Carla van De Spoorzoeker, de school van mijn kids in de Belcrum (Breda), geen seconde hoefden na te denken toen ik “Muziekids” opperde als volgende goede doel voor de ‘goede doelen dag’. Heel snel ontstond er een projectteam en werd er druk gebrainstormd over hoe ‘muziek’ (in de volle breedte) als thema kon worden uitgewerkt. Daarbij helpt het dat deze school al een draaiboek klaar heeft liggen voor het organiseren van een goede doelen dag; zo zal er hopelijk veel kennisuitwisseling tussen scholen zijn. Corona gooide voorjaar 2020 roet in het eten dus werd de goede doelen dag alsnog verplaatst naar het najaar, maar Muziekids blijft staan als goede doel.

Voor scholen is het steunen van een goed doel natuurlijk ook een leerzaam traject, waarbij kinderen zelf gaan nadenken over hoe het doel te steunen. Men leert over maatschappelijke doelen, waarom die er zijn, hoe je mee kunt doen. En bij specifiek Muziekids is ‘muziek’ natuurlijk ook een bestaande lesactiviteit (op een gelukkig weer groeiend aantal scholen), dus zijn er mooie koppelingen te maken met de lessen die toch al gegeven worden. Ook in het kader van de bekende Kinderpostzegelactie kunnen scholen ‘Muziekids’ adopteren als hun goede doel.

En niet te vergeten…iedere school communiceert ook regelmatig met ouders van de kinderen. Natuurlijk raakt Muziekids zo ook indirect bekend bij een paar honderd ouders…die ook allemaal weer werkgevers, vriendengroepen en sportclubs hebben die betrokken kunnen raken…

Comenius schoolactie voor Muziekids

Sporten voor Muziekids

Ik noemde het eerder al even, maar sportevenementen, klein of groot, zijn natuurlijk bij uitstek mooie momenten voor het extra steunen van een goed doel. Zo zijn er sponsorlopen voor Muziekids, gaan sportverenigingen regelmatig aan de slag met wedstrijdopbrengsten of kantinedonaties, organiseren scholen zwemestafettes of ‘rondjes rond de school’, zijn er buurtacties met ‘penalty schieten voor het goede doel’.

In behandeling bij mijn vertrouwde fysio (Monné, Breda) vertelde ik aan mijn vaste fysiotherapeut Tim over mijn vrijwilligerswerk voor Muziekids. Tim schakelde snel en Monné bleek al even op zoek naar een goed doel om te steunen. De link tussen muziek, preventie, ontspanning en zorg was snel gelegd. Monné organiseerde een actie rondom de in heel Breda en omstreken bekende Singelloop Breda, waarbij een deel van de inschrijfkosten naar Muziekids gaat. Superleuke en spontane actie van een sociaal betrokken bedrijf!

Instagram post Loop Mee Met Monné, Sporten voor Muziekids

Bedrijfsacties voor Muziekids

Het voorbeeld van Monné net laat al zien hoe je als bedrijf betrokken kunt worden bij het werk van Muziekids. Zo zijn er al talloze bedrijven geweest sinds 2010 die hun maatschappelijke betrokkenheid toonden aan Muziekids. Het mes snijdt daarbij uiteraard aan twee kanten: goed voor de kinderen en jongeren die Muziekids bereikt, maar óók goed voor het bedrijf. Natuurlijk is het logisch dat het bedrijf in zijn eigen marketing de maatschappelijke actie uitlicht.

Regelmatig worden er bedrijfsjubilea gekoppeld aan Muziekids, waarbij mooie donaties worden gedaan. Ook bij afscheidsrecepties van directeuren, managers, medewerkers of bestuurders wordt Muziekids regelmatig gekozen als ‘goed doel’.

Een wat nieuwere vorm van ‘doneren’ zijn de Business Challenges die ‘teambuilding’ koppelen aan ‘maatschappelijke betrokkenheid’. Een team van collega’s dat zich een dagdeel of dag volledig inzet om zoveel mogelijk donaties voor Muziekids op te halen, of nieuwe partners te scoren. Soms in de vorm van een wedstrijd tussen teams van collega’s: wie haalt het meeste op? Goed voor de teamspirit, betrokkenheid bij het bedrijf en het opdoen of aanscherpen van (nieuwe) vaardigheden. En goed voor Muziekids.

Daarnaast doneren veel partijen in de vorm van gratis producten of diensten, in de vorm van kennis en tijd: van het sponsoren van flyers tot het beschikbaar stellen van iPads voor de muziekstudio’s en van het mee-designen van een website tot het meebouwen aan of inrichten van nieuwe studio’s: Muziekids heeft een aantal hele trouwe business partners en een steeds groeiend aantal bedrijfssponsoren. Denk bijvoorbeeld ook aan het sponsoren van iets als ‘catering’ tijdens events die Muziekids organiseert of die ten goede komen aan Muziekids. Of aan instrumenten (professioneel en/of speelgoed), studiomeubilair, studiobelichting, studio-raamzonnewering, kantoormeubilair, vervoermiddelen. Hoe meer kosten er kunnen worden bespaard, hoe meer er resteert om te besteden aan het uiteindelijke doel: muziekbeleving voor kinderen en jongeren in ziekenhuizen en zorginstellingen.

Werk je bij een bedrijf, vraag dan intern eens na of er mogelijkheden zijn om ‘Muziekids’ te adopteren als goed doel!

Muzikanten voor Muziekids

Muziekids leent zich natuurlijk bij uitstek voor leuke muzikale muzikanten-voor-Muziekids acties. Ik benoemde al even de benefietconcerten en afstudeeroptredens voor het goede doel. Muziekids weet aan iedere muziekstudio een bekende Nederlandse muzikant te binden, naamgever van de studio en tevens ambassadeur. Van Guus Meeuwis tot Ali B en van René Froger tot Nick en Simon. Natuurlijk zorgen bekende muzikanten ook voor een groei in naamsbekendheid.

Wat ik persoonlijk heel mooi vind om te zien zijn de optredens van minder bekende of lokaal bekende bands en muzikanten, die hun gage van een optreden afstaan aan Muziekids. De koppeling van een klein of groot bedrag én het feit dat veel bezoekers van zo’n optreden Muziekids als goed doel een keer voorbij zien komen is mooi: directe donatie-inkomsten én naamsbekendheid.

Benefiet optreden voor Muziekids van een jeugdige band, samen met Candy Dulfer

PR maken

De meest basic maar o zo effectieve manier: gewoon pr maken op plekken waar dat logisch is. Leg bijvoorbeeld een stapel Muziekids flyers op plekken waar veel relevant publiek is of langskomt. Zo heeft Muziekids meer materiaal, ook weer gesponsord door drukkerijen etc., dat inzetbaar is bij pr-acties.

Naast fysieke pr is online pr vaak erg effectief; Muziekids heeft logo’s, banners maar ook mooie “verhalen” die online geplaatst kunnen worden op plekken waar veel en relevante bezoekers komen. Ik blog regelmatig over Muziekids; natuurlijk mogen die berichten ook elders opgenomen worden!

Iets waar je misschien niet direct aan denkt of wat meer iets is voor als je toevallig contacten hebt: regel een interview met de (lokale) krant, radio of tv (naamsbekendheid!). Iedere dag maar weer moet die krant of uitzending met nieuws en wetenswaardigheden worden gevuld; als je het een beetje slim aanpakt en niet direct de ‘wij willen gratis reclame’vraag stelt is er vaak veel mogelijk. Zeker als je het combineert met nieuwsfeiten en/of eigen ervaringsverhalen.

Lezen met Muziekids. In 2013 besteedde het branche magazine Huisartsenservice, al aandacht aan Muziekids’ muzikale jeugdproject voor de zorg. Mooi artikel!

Winkels & horeca: retail voor Muziekids

Vraag eens of je vertrouwde bakker, slager, groenteman, kapper of supermarkt een spontane actie heeft voor Muziekids. Of wellicht een leuk winkelevent kan koppelen aan een donatie voor Muziekids. Zo zijn er al verschillende winkeliers en horecazaken geweest met een sympathieke actie voor het goede doel Muziekids.

Een mooie en recente actie was die van de Bagels & Beans keten, die meerdere winters producten op hun menu zette waarvan een deel van de opbrengst naar Muziekids ging. Iedere actie van een winkel, klein of groot, zorgt voor extra middelen om muziek de ziekenhuizen in te krijgen…maar het gaat natuurlijk lekker hard als zo’n winkelketen met meerdere zaken verspreid over Nederland in actie komt voor Muziekids. Ook hier weer: naast de directe donatie-inkomsten zorgt dat ook weer voor groeiende naamsbekendheid. Ook zijn er al meerdere muziekzaken en aanverwante bedrijven die bijvoorbeeld instrumenten doneeerden of geluid en licht sponsorden tijdens events voor Muziekids.

Mooie terugkerende Bagels & Beans menuactie voor Muziekids

Schenkingen en Nalatenschappen

Muziekids krijgt zo af en toe bijzondere schenkingen. Zo doneerde Guus Meeuwis niet al te lang geleden een . Maar ook schenkingen van particulieren, van mensen die niet met naam en toenaam genoemd willen worden, van vriendengroepen, clubs. Of in de vorm van nalatenschappen.

Bijzondere schenking aan Muziekids van dit keer maar liefst €5.000!

Draagvlak

Veel ziekenhuizen en zorginstellingen zien steeds meer de kracht van muziek, als afleidend instrument voor álle patiënten, maar zeker ook kinderen en jongeren. Moest ‘vroeger’ nog uitgebreid uitgelegd worden waarom ‘muziek’ een activiteit in een ziekenhuis zou moeten zijn (lees het Muziekids Magazine maar eens door), tegenwoordig ziet men sneller de kracht van muziek. Kinderen worden relaxter, vinden de nodige afleiding en ontspanning, gaan niet meer met (grote) tegenzin naar het ziekenhuis, de sfeer in het ziekenhuis verandert: met muziek gebeurt er véél dat goed is voor patiënt, ouder én ziekenhuis.

Het draagvlak voor muziek in de zorg en ziekenhuizen groeit. Er wordt steeds meer onderzoek gedaan naar de kracht van muziek. Maar Muziekids is er nog lang niet. Het ambitieuze doel van ‘muziekbeleving in ieder ziekenhuis en zorginstelling van Nederland’ ligt nog ver buiten bereik. Welk draagvlak is nu beter dan de vraag van de patiënt, of ouder, zelf? Vraag eens in je eigen ziekenhuis rond aan arts, medewerker of bestuurder of er al een beleid op het gebied van muziek is, of zij Muziekids kennen, en zo ja waarom Muziekids nog niet aanwezig is (als dat zo is). Verandering van binnenuit!

Draagvlak voor Muziekids – ook op bestuurlijk niveau. Met burgemeester en Muziekids ambassadeur Jan van Zanen.

Vrijwilligerswerk is uiteraard ook een vorm van doneren!

Welke vaardigheden, kennis en kunde heb jij die je zou kunnen inzetten voor Muziekids? Wellicht ben je zelf muzikaal vaardig en kan je goed met kinderen overweg en ben je geschikt als studioleider of muziekvrijwilliger op een nieuwe locatie? Vergis je niet, het is een pittige functie, waarbij muzikaal toptalent ondergeschikt is aan ‘muziek kunnen maken op het niveau van kinderen’.

Maar er zijn meer manieren om bij te dragen. Van pr maken tot events mee organiseren, van actief worden op social media tot stagelopen: wellicht ben jij wel uitermate geschikt als Muziekids vrijwilliger!

Kleine acties, groot gebaar

Soms begint het steunen van een goed doel heel dichtbij, op kleine schaal, met een groot gebaar. Het organiseren van een cupcake verkoop ‘voor het goede doel’, een flesseninzameling langs de deuren in de buurt (buiten corona tijd), een spontane sponsorloop van een paar kinderen in de buurt voor Muziekids: de mooiste en meest vertederende acties zijn vaak die van de kinderen zelf die zich voor kinderen in moeilijker omstandigheden willen inzetten.

Heel mooi vond ik het zelf om te zien hoe ook mijn kinderen enthousiast werden om zich voor Muziekids in te zetten, toen ze het woord “Muziekids” wel erg vaak in ‘huize Hommel’ hoorden vallen. Mijn middelste zoon Tijs besloot bijvoorbeeld direct om flessen in te gaan zamelen om het statiegeld te kunnen doneren en mobiliseerde al zijn vrienden om zich voor de schoolactie-voor-Muziekids in te spannen. Een hele middag lang (en nóg een, en nóg een) struinde hij langs de deuren in de wijk om overal flessen op te halen. Bijkomend voordeel: al die mensen horen een keer het woord Muziekids vallen…

Festivals en events voor het goede doel

Ik zag een festival lange tijd als iets waar ‘vooral heel veel geld heen moet’. Nou is dat volgens mij nog steeds wel zo, maar tegelijkertijd heeft een wat groter festival -maar ook de braderie of het jaarlijkse muziekfestival in je dorp- vaak een behoorlijk groot bereik. En wordt het op zichzelf ook weer interessant voor sponsoren en adverteerders. Veel grotere festivals zoeken contact met goede doelen die zij mee kunnen laten profiteren van dat bereik, of waarmee ze hun eigen duurzaamheids- of maatschappelijke beleid (verder) vorm kunnen geven. En: één en één is nog altijd twee of zelfs drie; bedrijven zijn vaak bereid al dan niet extra te sponsoren als het geld dat zij besteden daarmee éxtra ten goede komt aan maatschappelijke doelen. Goed voor het bedrijf, goed voor het festival en goede doel.

In deze tijden van corona ligt het misschien de komende periode weer anders. De culturele sector heeft het natuurlijk zwaar en een jaar zonder festival en zonder extra inkomsten hakt er financieel in. Maar ik ben er van overtuigd dat de komende jaren nieuwe kansen ontstaan.

Wil je jouw goede doel helpen, leg dan eens contact met de commissie “pr, media” of “externe relaties” van de events in je directe omgeving en vraag of er samenwerkingsmogelijkheden zijn. Wellicht is er fysieke ruimte voor je doel om zich te presenteren; wellicht zijn er mogelijkheden om het doel vermeld te krijgen op de website of in het eventmagazine of nieuwsbrief.

De relatie tussen muziekevents en Muziekids ligt voor de hand, zo was er al eens een mooie samenwerking tussen het drukbezochte Nickelodeon festival en Muziekids. In 2020 legde ik contact met Singelloop Breda; een in en om Breda ‘wereld’beroemd event met 18.000 deelnemers, 500 vrijwilligers en 80.000 bezoekers. Singelloop Breda koppelt haar event jaarlijks aan een goed doel, waarbij een deel van het inschrijfgeld ten goede komt aan het goede doel én er veel extra pr en publiciteit aan het doel wordt gegeven. Hoewel men zeker enthousiast is over Muziekids, was ik voor 2020 net te laat: mijn timing was verkeerd. Maar wél zegde men toe aandacht te willen geven aan Muziekids in de uitgaande communicatie. Bedenk maar eens hoeveel van die bijna 100.000 mensen op een of andere manier een bijdrage zouden kunnen leveren!

Muziekids pop-up studio tijdens het Nickelodeon Festival 2019

Met z’n allen voor het goede doel

Ik ben er eens goed ingedoken. Heb proberen uit te zoeken hoeveel groepen, serviceclubs als Rotary en Lions, business clubs, vriendengroepen, sportteams etc. zich jaarlijks in en om Breda inzetten voor een goed doel. Ik ben nóg bezig: het zijn er erg veel. Veel mensen willen zich in club- of verenigingsverband, of gewoon met een stel collega’s of vrienden, graag inzetten voor hun goede doel. Daar komt ook het succes van bv. KWF Kankerbestrijding en KiKa vandaan. Enerzijds organiseer je ‘iets leuks’, iets waar iedereen graag aan mee wil doen, vaak ook met een competitief element. Anderzijds steun je een doel, iets waar bij voorkeur iedereen die meedoet iets mee heeft, hetgeen extra motiveert om je beste beentje voor te zetten.

Bedenk eens in je eigen kring met wie je je zou willen inspannen voor Muziekids. Wat zou een gedeelde activiteit kunnen zijn? Welk (haalbaar) streefbedrag zie je voor ogen?

En ja, mannen én vrouwen, dat mag ook best iets ‘stoers’ zijn en/of iets waar je je lol uithaalt, iets waar uitdaging in zit. Een motortoertocht, een bierfestival, een BBQ challenge voor het goede doel, een sportieve uitdaging, een outdoor challenge, een wijnproeverij…

Motortoertocht voor Muziekids

Online crowdfunding

Een leuke moderne manier van € inzamelen voor een goed doel (of een bedrijf) is het starten van een eigen online crowdfunding campagne. Vaak heel effectief voor een gericht project waarbij in relatief korte tijd een bedrag behaald wordt. Soms kan je een crowdfundingcampagne mee laten lopen bij een andere activiteit, bijvoorbeeld als je een actie tijdens een event of festival houdt. Door het communiceren van een specifiek webadres waarop donaties kunnen worden gedaan, kan je zo heel inzichtelijk maken hoeveel er wordt opgehaald -en heb je geen gedoe met contante betalingen of dure pinapparaten.

Er zijn verschillende online crowdfundingplatforms waarbij de techniek voor het klaarzetten van een campagne al voor je geregeld is, tegen een (klein) percentage van de behaalde opbrengst.

Deel je ervaringen

  • Geïnspireerd? Misschien heb jij een nog veel beter idee om € op te halen voor Muziekids. Deel het in de reacties. Iedere euro draagt bij aan méér muziek voor kinderen en jongeren in Nederlandse ziekenhuizen en kinderklinieken.
  • Mis je een categorie in bovenstaand overzicht? Kan ik me voorstellen; er zijn zóveel actierichtingen mogelijk. Deel het via een reactie en ik voeg de optie toe.

O ja, even praktisch

  • Organiseer je een actie voor het goede doel? Vergeet niet duidelijk te maken op welk rekeningnummer donaties kunnen worden gemaakt.
  • Donaties aan Muziekids kunnen worden gestort op ABN/AMRO bankrekening NL43ABNA0587898550, t.n.v. Stichting Muziekids Hilversum
  • Geef bij acties altijd even aan dat donateurs kenbaar kunnen maken waarvoor de gift bestemd is: Muziekids in algemene zin, de studio’s of een specifieke studio, of een bepaald ander Muziekids doel.

Stichting Muziekids helpt je mee

Bij een actie voor het goede doel sta je er uiteraard niet alleen voor. In mijn voorbeeld, Muziekids, denkt de stichting vaak met mensen mee, juist doordat er sinds 2010 al zóveel is georganiseerd is er veel ervaring opgebouwd rondom fondsenwervende acties. Maar de stichting communiceert alle acties ook in eigen (social) kanalen, zodat je actie meer aandacht krijgt. Er zijn folders, stickers, posters, gadgets en andere pr middelen beschikbaar die je nodig kunt hebben bij acties. En er is veel inspiratie voor het opstarten van een actie online te vinden.

Meer lezen?

Ik geloof heilig in de kracht van muziek in de zorg, want ik heb het zelf ervaren met het piano (blijven) spelen en actief blijven in bandjes, ondanks mijn eigen chronische ziekte.

  • Hoe mijn betrokkenheid bij Muziekids is ontstaan lees je op de Muziekids pagina.
  • Voor concrete tips bij het starten van een actie voor Muziekids kijk je bij Muziekids op de Actiepagina.

A quote a day keeps the doctor away

Geschatte leestijd: 8 minuten.

Quotes, als in vaak korte uitspraken die je aanzetten tot nadenken. Ik hou ervan. Niet geheel toevallig hangt bij ons op de wc dan ook zo’n Omdenken scheurkalender, met een vaak prikkelende dagelijkse quote. In dit artikel een paar quotes die inspireren. Althans, die míj inspireren.

Taal aan het woord

“Taal is zeg maar echt een ding”, in huize Hommel, om maar even Paulien Cornelisse te quoten.

Carina en ik schrijven allebei zo veel als mogelijk, deels ook werkgerelateerd. Zijn dus een groot deel van de dag met woorden en taal bezig. Voor mij zit ‘m dat ook echt in het ‘schrijven’. Ik hou niet van bellen per telefoon (sowieso een fenomeen uit de vorige eeuw), al zal mijn collega met wie ik vroeger regelmatig urenlang kon overleggen daar wellicht wat verbaasd van opkijken. Ik hou ook niet zo van groepsgesprekken; ik luister dan meer dan dat ik zelf aan het woord ben. Een één op één gesprek, face2face, vind ik prima, maar spreken in grote groepen, laat staan een presentatie geven, nee, ik vermijd het.

Typen daarentegen…ik hou van schrijven. En van lezen. Mijn teksten zijn vaak lang, mijn mails zijn uitgebreid, vaak tot schrik van de ontvanger. Dat krijg je al snel, als je naast schrijven ook nog houdt van nuance 😉

Quotes die inspireren

Inspirerende quotes die ik tegen kom probeer ik dan ook altijd op te schrijven c.q. te bewaren. Deze week was het wel erg raak bij Omdenken. Ik deel er drie en geef een korte 😉 toelichting.

Dromen en moed

En tijd. En geld. En geduld. En verstand.

Nee, ik ben het er natuurlijk wel mee eens. Eén ding is essentieel: de moed om je dromen (stapsgewijs) om te zetten tot daden. Ik ben best een dromer, zo regelmatig. Kan goed wegdromen bij de gedachte aan een optreden op mainstage Pinkpop. Aan het maken van een wereldreis, met partner en kinderen. Aan het moment waarop íeder ziekenhuis en íedere zorginstelling in Nederland een muziekbeleid heeft ontwikkeld.

Maar om die dromen waar te maken, is vooral een grote dosis moed nodig. Daarbij moet ik denken aan de moed die Robbert de Vos, initiatiefnemer in 2009/2010 van Muziekids, nodig had om zijn droom stapsgewijs om te gaan zetten in daden. Van de eerste keer binnenstappen bij een ziekenhuis, het Tergooi in Hilversum, om samen met kinderen een middagje muziek te maken tot de bouw van de eerste complete muziekstudio in Tilburg. Om het steeds terugkerende “mooi plan, echt, maar geen financiën” stapsgewijs om te buigen naar een “mooi plan, echt, laten we samen zoeken naar financiering”. Er is moed voor nodig om jouw stichting met enthousiaste vrijwilligers om te bouwen naar een professionele organisatie met oog voor allerlei belangen én waarbij het kind, de jongere en de muziekvrijwilligers nog steeds centraal staan. Het zal best zo zijn dat “de meeste dromen bedrog zijn”, om Marco Borsato te quoten, maar deze droom van Robbert begint toch aardig werkelijkheid te worden. Tegelijkertijd is er nieuwe moed nodig om de komende jaren verder te bouwen.

En ook ik verzamelde in 2018 moed om de eerste mailtjes en telefoontjes naar Amphia Breda eruit te doen, als eerste stap naar een droom van Muziekids in Breda, die hopelijk komende jaren stapsgewijs steeds meer werkelijkheid gaat worden.

De droom van Robbert de Vos, Muziekids: van dromen naar dóen.

Hoop

Ik denk dat veel mensen zich in bovenstaande quote zullen herkennen. Hoop is essentieel in soms bange dagen, is nodig om angstige momenten -die iedereen heeft- door te komen. Ik zie dat veel mensen met chronische pijn zich vastklampen aan hoop. Hoop op een dag zonder pijn, hoop op een nieuwe medicatiesoort die nu wél eens aanslaat, hoop op een arts die communicatief is en openingen biedt voor een nieuwe behandeling.

Zonder hoop geen toekomst. Ook ik houd me vast aan hoop op betere pijntijden. Die ‘hoop’ of ‘verwachting’ staat trouwens wel ter discussie, bijvoorbeeld in de ACT (Acceptance and Commitment Therapy) die ik volgde bij een Bredaas revalidatiecentrum. Juist de hoop op verbetering weerhoudt je van het écht aangaan van acceptatie van de situatie zoals hij is en zal blijven. Als je maar blijft hopen op “dat wondermiddel dat alles verbetert” kom je nooit aan bij de fase van échte acceptatie. Nu heb ik ook het idee dat “accepteren” van dagelijkse pijn onmogelijk is, daarom kies ik eerder voor het woord “berusting”. Ik zie datzelfde proces bij andere pijnpatiënten. Een vorm van hoop is nodig om te leren berusten. Hoop is het enige dat sterker is dan angst.

Stellige meningen

Een heerlijke quote voor iemand die houdt van nuance. Er zitten altijd meerdere kanten aan een zaak, er zijn (vrijwel) altijd voors en tegens. Daarom hou ik niet van mensen die al te stellig zijn in hun beweringen. Ik kijk vaak met grote verbazing naar politici, die één kant van een verhaal vaak heel fel kunnen verdedigen, alsof de andere kanten gewoon écht niet bestaan. Ik snap best dat je in een discussie soms wel eens vasthoudt aan een bepaald standpunt, in je wens de ander te overtuigen van jouw gelijk. Maar ik vind het vaak veel dapperder om óók de andere kant te benoemen, te laten zien dat je hebt nagedacht over die voors en tegens en dat je daarin een genuanceerde keuze hebt gemaakt. De harde schreeuwers, die we tegenwoordig vooral ook op Twitter tegenkomen, met maar één mening die ze fel delen met iedereen die het (niet) wil horen: ik geloof er niet in en ik hou er niet van.

En dat is natuurlijk ook een stellige mening. Want tegelijkertijd is het nuttig te onderzoeken wáárom ze zo fel zijn, waar die felheid vandaan komt. Wat drijft iemand om zo hard en zo vaak zijn of haar mening de bühne op te schreeuwen? Wat denkt iemand er mee te bereiken?

Meer quotes

Zo af en toe noteer ik zinnen, of korte alinea’s, die me aanspreken. Het is al haast een archiefje aan het worden. Een snelle keuze uit andermans werk, quotes die ik met name werkgerelateerd opschreef.

Als je snel wil gaan: werk alleen, als je ver wil komen: werk samen.

oud Afrikaans gezegde

Samenwerken, we vinden het vaak zo moeilijk. Elkaars belangen in de gaten hebben, elkaar wat gunnen in een samenwerking: waarom lukt dat toch vaak niet?

De Engelse taal door een Nederlander uitgesproken. Waarom willen we toch zo graag dat het zo native mogelijk klinkt?

Marjolein Verspoor, Hoogleraar Engelse taalvaardigheid

Over het algemeen wordt in Nederland best goed Engels gesproken. Maar Nederlanders zijn vaak erg kritisch op zichzelf en elkaar. Elders op de wereld waar Engels wordt gesproken maakt een local accent helemaal niet uit. Is men er soms zelfs trots op. Engels is een global language, waarbij het -wat Marjolein en mij betreft- vooral belangrijk is dat je je goed verstaanbaar kunt maken en je boodschap kunt overbrengen. Het zal je niet verbazen dat mijn uitspraak niet zo heel goed is 😉

Concepten komen pas tot wasdom als je met de uitvoering begint. Dus laten we beginnen.

Matthieu Filippo, Achmea, voorzitter Solvency II werkgroep binnen Verbond voor Verzekeraars

Bij veel projecten, zeker die waarbij verschillende partijen met elkaar samenwerken, worden vaak ellenlang plannen voorbereid, beleidsdocumenten opgesteld, nog eens en nog eens en nog eens vergaderd, bijgeschaafd, juristen gaan hun zegje doen, enzovoort. Natuurlijk kunnen de belangen groot zijn en is het zaak je goed voor te bereiden, maar vaak haalt dat zó de vaart uit een samenwerkingsproject dat niemand er meer zin in heeft als het project nog moet starten.

Ik hou, net als Matthieu Filippo, meer van projecten en samenwerkingen waarbij de samenwerking zich geleidelijk aan wederzijds ontwikkelt. Waarbij er groeifasen zijn in uitbouw van die samenwerking, waarbij partners wederzijds de tijd nemen om samen te groeien, elkaar gedurende het project gelijke waarde bieden (evenwichtig), waarbij risico’s beheersbaar zijn en men wederzijds periodiek contact houdt of kort rapporteert. Zonder dat alles “bij de start op 1 januari” tot in de puntjes is doodgeregeld. En natúúrlijk zijn er dan dingen die gaandeweg beter kunnen; die pas je gaandeweg dan aan.

Wil je vertrouwen krijgen, dan moet je beginnen met vertrouwen te geven

Loek Dijkman, Topa Groep

Een basisbeginsel. Eentje in het kader van “Wat gij niet wilt dat u geschiedt, doet gij dat ook een ander niet”, het oude gezegde van de Chinese filosoof Confucius. Het is zó makkelijk om een ander te wantrouwen, uit te gaan van het slechte van iemand. Maar begin gewoon eens met iemand te vertrouwen, als je wilt dat de ander jou ook vertrouwt. Naïef? Ja, wel een beetje. Maar ik geloof, net als Rutger Bregman, dat je best uit mag gaan van het goede in de mens. Dat je ervan uit mag gaan dat iemand deugt, te vertrouwen is, totdat het tegendeel bewezen is.

Ik heb dit beginsel ook zo vaak gezien én toegepast binnen ons pleegzorg vrijwilligerswerk. Kinderen voelen vaak haarfijn aan of je ze vertrouwt, of niet. Hoe zou je in hemelsnaam het vertrouwen van een pleegkind in jou als pleegouder moeten opbouwen, als jij uitstraalt hem of haar andersom niet te vertrouwen? Een pleegkind heeft vaak al zoveel meegemaakt, is het vertrouwen in veel mensen (volwassenen) om hem heen vaak al kwijtgeraakt. Geef een kind vooral het gevoel dat je hem vertrouwt, écht vertrouwt, en dan krijg je dat vertrouwen vaak ook terug. En ja, soms duurt dat een tijdje, afhankelijk van de voorgeschiedenis. En ja, soms wordt dat vertrouwen alsnog geschaad. Wijs dan vooral hem (of haar) niet af, maar het gedrag.

Nu we het toch over Confucius hebben…

Confucius. Denker en filosoof uit het oude China, hij leefde zo’n 500 jaar vóór Christus. Confucius probeerde destijds mensen (opnieuw) met elkaar te verbinden en wordt daarnaast nog steeds gezien als een voorbeeld voor alle leraren. Quotes die inspireren, ditmaal van Confucius:

  • “Alle mensen zijn hetzelfde. Het zijn slechts hun gebruiken die verschillen.”
  • “Wie voor niets bang is, wordt door het gevaar verrast.”
  • “Alleen de waarlijk deugdzame kan anderen liefhebben of haten.”
  • “Alles heeft z’n schoonheid alleen ziet niet iedereen dat altijd.”
  • “De hele kunst van het spreken is: begrepen te worden.”
  • “Alleen de allerwijsten en de allerdwaasten veranderen nooit van mening.”
  • “Een mens heeft twee oren en één mond om twee keer zoveel te luisteren dan te praten.”
  • “Het is beter een mijl te reizen dan om duizend boeken te lezen.”
  • “Hoe wilt u de dood begrijpen? U begrijpt het leven nog niet eens.”
  • “Als de rijken vermageren, zijn het de armen die van honger omkomen.”
  • “Overwin een probleem en houd er daarmee honderd op een afstand.”
  • “Weten wat juist is en het niet in praktijk brengen, is gelijk aan gebrek aan moed.”
  • “Wilt u weten of een land goed geregeerd wordt en goed van zeden is? Luister naar zijn muziek.”

Bron van dit overzicht: Historiek.net

Ook op Bedrock vond ik een mooi -deels overlappend- lijstje quotes van Confucius.

Deel je ervaringen

  • Heb jij een favoriete quote? En waarom?
  • Heb jij moed, hoop of een stellige mening :-)? Ik ben altijd nieuwsgierig.

Deel je reactie(s) hieronder.

Meer lezen

Een (klein) deeltje van je aankoopbedrag komt ten goede aan Stichting Muziekids.

Rennen voor het goede doel

Loop je mee met Monné? Ik doe dat al jaren :-)

Geschatte leestijd: 7 minuten.

Loopmeemetmonne-punt-nl. Oftewel: Loop mee met Monné voor Muziekids, tijdens de Singelloop in 2020. Eén mogelijke stoorzender: als corona in de weg blijft lopen dan wordt het wellicht 2021. De projectsite van mijn vaste fysiopraktijk glimlacht me al een tijdje tegemoet. Een mooi voorbeeld van waar werelden samenkomen -en in dit geval ook meerdere van mijn werelden.

Fysiopraktijk Monné & ik

Ik loop al een tijdje mee met Monné. Toen ik tussen 1992 en 1996 studeerde aan de “toerisme hogeschool” NHTV (tegenwoordig BUas, Breda University of Applied Sciences) kwam ik er als ‘import-Bredanaar’ voor het eerst. Destijds nog bij Pim Monné -vandaar de naam-, initiatiefnemer en specialist in alles wat met wervels, spieren en gewrichten te maken had. Ik zeg ‘had’; hij leeft gelukkig nog wel maar sloot in 2014 zijn werkzame leven bij “zijn praktijk” af. Pim gaf deze ongetwijfeld -hem een klein beetje kennende- zorgvuldig, met een lach én met een beetje weemoed over aan een jongere generatie. Om zich vervolgens te storten op andere passies.

Ik kwam er met wat eerste rugklachten, pijn, die zich ontwikkelde tot een hernia. De meeste hernia’s, ik geloof 9 van de 10, verdwijnen vanzelf weer. Die van mij niet. Pim -en collega Ilse- deden destijds wat ze konden om de boel weer op z’n plek te krijgen; uiteindelijk volgde de ‘verplichte bedrust’ van een week of drie. Ook die mocht niet baten -tegenwoordig ‘met de kennis van nu’ weten we ook wel beter. Mijn herniacarrière was geboren.

Pim Monné met zijn 2e passie die tot bloei kwam na zijn werkzame leven als fysio: museum ‘Weest op uw Hoede’, over de mobilisatie van het Nederlandse leger aan het begin van WOII

Werelden komen samen bij Monné

Ook al kwam er uiteindelijk geen oplossing, ik kwam -en kom- altijd graag bij Monné. Ik zie er altijd een mooie mengeling van de volledig Nederlandse -Bredase- samenleving. Begonnen in ‘volkswijk’ de Belcrum, tegenwoordig een behoorlijk hippe Bredase wijk. De overdracht aan de jongere generatie zorgde voor uitbouw van de praktijk, met inmiddels ook vestigingen in het Ginneken, Breda-Noord, Driesprong en Haagse Beemden. Maar Monné bleef altijd kleinschalig genoeg, men kende je, sprak je aan bij voor- of achternaam. De hoofdvestiging aan de Terheijdenseweg had iets kneuterigs, een tot praktijk verbouwd woonhuis met behandelkamers beneden en boven. Terecht verhuisde de praktijk eind 2018 naar een prachtig pand aan de Industriekade; een pand vol nieuwe mogelijkheden.

Het klinkt wellicht gek ‘ik kom altijd graag bij Monné’. Bij een fysiopraktijk kom je normaliter niet echt ‘voor je lol’, meestal is er dan iets aan de hand waar je last van hebt. Maar de nieuwe generatie fysio’s bij Monné zag -samen met de wat ouder gedienden- heel goed dat een fysiopraktijk van de 21e eeuw méér is dan ‘letsel behandelen’. Al vóór de verhuizing naar het nieuwe pand, wellicht? ingegeven door de uitbreiding in het Ginneken, startte men met fitness en de eerste loopgroepen.

Sportief Monné werd geboren.

Monné zag heel goed dat ‘preventie’ het sleutelwoord voor de toekomst zou worden. Dat nieuwe generaties méér met hun lijf en gezondheid bezig willen zijn dan de generaties hiervoor. Dat je je onderscheidt van andere fysiopraktijken door niet alleen te behandelen als het fout gaat (of dreigt te gaan), maar dat je de mensen ook aan je bindt door preventieve programma’s te bieden. Of gewoon ‘lekker sporten’ aan te bieden.

Er ontstonden loopgroepen, programma’s als Belcrum Fit, BelcrumTelt. Tegenwoordig kan je er -corona daargelaten- op meerdere locaties fitnessen, boksen, bewegen. Mag het even niet binnen? Dan verhuist Monné de boel naar buiten. De locaties ogen fris, van deze tijd. En ja, laten we eerlijk zijn, dat was ook wel een beetje nodig. Ze hadden vast nog járen aan de Terheijdenseweg kunnen blijven, maar het was ook goed om in 2018 een sprong voorwaarts te zetten. Ook de naam veranderde, van Fysiotherapie Monné naar Monné Zorg & Beweging.

Ook ik kwam, enkele hernia’s, rugoperaties, een neurostimulator en véél medicatie verder, weer terug bij Monné. Om te revalideren dit keer van een (voorlopig?) laatste rugoperatie, maar vooral om er de beweeglijn komende jaren voort te zetten. Werken -en blijven werken, want de truc zit ‘m volgens mij in volhouden- aan conditie, basisfitheid, soepele gewrichten en sterkere spieren rondom die kwetsbare ruggengraat.

BredaTelt & BelcrumTelt – beweegprogramma’s voor gezonde en vitale inwoners van Breda, in samenwerking met Monné Zorg & Beweging

Sociaal Monn̩ Рde verbindende functie van een fysiopraktijk

Ik schreef het al: ‘Werelden komen samen bij Monné’. Natuurlijk bedient men met beweeggroepen en ‘ouderwetse’ fysiotherapie en ergotherapie een mix van de samenleving. In die zin alleen al zie je er ‘alles en iedereen’ binnen komen lopen; van alle leeftijden, met alle achtergronden en cultureel heerlijk divers.

Maar bijvoorbeeld de beweeggroepen en fitnessuren hebben naast ‘gezondheid bevorderen’ nog een tweede functie. En ik kan het weten, want naam aan beide reeds deel. Het brengt mensen bij elkaar. Samen aan de wandel, samen werken aan die -soms bloedirritante- fitnessapparaten, samen sparren tijdens het boksen, een praatje vooraf en een drankje achteraf. Jong en oud beweegt met elkaar. Prachtig om te zien hoe verhalen werden uitgewisseld tijdens de vele wandeltochten door de wijk en in Breda. ‘Oud(er)’ Breda vertelde maar al te graag aan ‘jong(er)’ Breda hoe het er vroeger uitzag, wie daar en daar woonde, welke winkel daar op de hoek was gevestigd. Monné brengt het samen.

Hoeveel relaties zouden er al in de loop der jaren gestart zijn bij Monné? Hoeveel vriendschappen heeft het trainen, behandelen en sporten bij Monné al opgeleverd? Laat ik voor mezelf spreken…ik ontmoette er Pieter, met wie ik nu alweer enkele jaren muziek maak bij Tak & Band. We revalideerden er tegelijkertijd, na een rugoperatie in dezelfde maand door dezelfde neurochirurg in hetzelfde ziekenhuis. Zonder Monné hadden we zeer waarschijnlijk niet samen een cd opgenomen, concerten gegeven en talloze muzieksessies gepland. Monné verbindt.

LOOP MEE MET Monné voor Muziekids

En nu brengt Monné twee van mijn werelden samen. ‘Muziekids’ en sporten voor het goede doel, sporten voor ‘gezondheid’. Tijdens mijn behandelingen vertelde ik over het goede werk van Muziekids: muziek maken samen met kinderen en jongeren in ziekenhuizen. Mijn fysio vertelde dat Monné al even op zoek was naar een goed en passend ‘goed doel’, om activiteiten voor de komende tijd aan te koppelen.

Een lang verhaal kort: Monné voor Muziekids was geboren. Met als een van de eerste uitingen Loopmeemetmonne.nl. “Rennen voor het goede doel” dus, tijdens de Bredase Singelloop 2020. Verbinden én bijdragen, dat zijn de twee kerndoelen van deze Monné actie voor Muziekids. Met hopelijk veel deelnemers die 5, 10, 21 kilometer of de familieloop gaan lopen op 4 oktober aanstaande. Per deelname gaat een bedrag naar Muziekids. Als de ontwikkelingen bij Amphia het toelaten komende tijd, hopelijk ten bate van muziek maken in het Amphia, ofwel “Muziekids Breda”!

En corona dan? Gaat die Singelloop 2020 wel door, zo’n massa-evenement in Breda? Die vraag stelt half Breda momenteel aan het bestuur van de Singelloop (35e! editie dit jaar). Mocht het niet lukken, dan is er altijd nog de ‘virtuele variant’: zie het voorbeeld van de virtuele Hilversum city run 2020.

Heeft Monné de toekomst?

Wie zal het zeggen. Vrijwel ieder goed functionerend bedrijf in Nederland -op de wereld- heeft het moeilijk door de economische klappen van corona. Zo is ook Monné een flinke tijd dicht geweest en heeft het te lijden onder de relatief late heropening. Ik kan niet in de boeken kijken bij deze fysio -gelukkig ook maar-, maar ik hoop van harte dat ze deze periode doorkomen.

Geluk bij een ongeluk is dat ‘fysiotherapie’ en ‘gezondheid’ van alle tijden zijn. Mensen hadden het vroeger nodig, hebben het nu nodig en zullen het ook altijd wel nodig blijven hebben. Totdat we ons als robots zelf kunnen resetten, waar nodig. Of een goede uitvinding hebben uitgevonden tegen al dat ‘zitten’ 😉 Maar ik heb wel vertrouwen in Monné, met de ontwikkelingen die ik de laatste tijd als ‘overbuurman’ van de vestiging aan de Industriekade van dichtbij heb mogen zien.

En trouwens…is het iemand al opgevallen dat de locatie van Monné aan de Industriekade héél strategisch ligt tussen ‘oud-Belcrum’ en ‘nieuw-Belcrum’? Dat mag je zo niet zeggen natuurlijk, laten we het nog te bouwen ‘Havenkwartier’ -euh…‘Crossmark Breda’– vooral niet ‘nieuw-Belcrum’ noemen. Maar er komt zo ongeveer een heel nieuw ‘dorp’ bij daar tegenover die Monné vestiging. ‘De nieuwe creatieve thuishaven van Breda’, wordt het al genoemd. Met duizenden nieuwe bewoners die gráág werken aan gezondheid en vitaliteit. Bij wie??? Juist. Ik voorspel een goede toekomst voor ‘mijn’ oude vertrouwde fysio.

Nieuwe Bredase wijk biedt extra kansen voor de strategische locatie van Monné aan de Industriekade

Loopmeemetmonné.nl kijkt me nog steeds vanaf mijn computerscherm aan. Een prachtactie vind ik het, voor ‘mijn’ goede doel Muziekids. Mijn omgeving (hè Syb 🙂 heeft me al vaker gestimuleerd om me in te schrijven voor de Singelloop, mijn kids lopen al jaren mee. Ze zouden me op alle manieren steunen, maar pijntechnisch durf ik het (nog) niet aan. Daarvoor moet het toch eerst echt nog een aantal tandjes beter gaan en zou ik af moeten zijn van medicatie.

En conditietechnisch moet ik eerst nog maar eens een paar keer binnenlopen bij Monné, post-corona 😉

Deel je ervaringen

  • Ben jij bekend met fysio Monné, in oude of vernieuwde vorm? Wat is je relatie met deze praktijk en welke ervaringen heb je?
  • Ben je wellicht fervent of af-en-toe deelnemer aan de Singelloop Breda en draag je kinderen en jongeren in ziekenhuizen een warm hart toe? Geef je op als deelnemer via Monné-voor-Muziekids en/of stuur een mail naar singelloop@monne-zorgenbeweging.nl.

Op moment van schrijven (begin juni 2020) is nog niet alles bekend rondom het wel of niet doorgaan van Singelloop 2020. Toch kun je je al wel opgeven bij Monné…graag zelfs. En mocht het dit jaar niet doorgaan en er ook geen virtuele variant gaan plaatsvinden…dan zijn er ongetwijfeld nieuwe kansen in 2021!

Meer lezen