Muziektijd met de Avondmatties – deel 2 van mijn radioavontuur bij BredaNu

Geschatte leestijd: 10 minuten.

Wat was dat leuk! Ik was uitgenodigd in de studio van De Avondmatties, programma van lokale omroep BredaNu. De Avondmatties zoomt in op de verhalen van onbekende én bekende Bredanaars.

In het rijtje Paul Depla (burgemeester van), Patrick Martens (en een beetje Ellie Lust), Thom Koreman (JA! Een van de Limoncello brothers) en Willem Butz (Mr. Singelloop) mocht ik, aanbeland in seizoen 5, als onbekende Bredanaar-met-een-boodschap op zaterdag 16 januari aansluiten.

De uitzending

In deel 1 van dit tweedelige blog over mijn radio-aanwezigheid bij De Avondmatties sprak ik over het eerste uur radio. Hieronder de audiofile van het tweede uur, voor wie de uitzending integraal wil terugluisteren.

Tweede uur 19:00-20:00 De Avondmatties 16-01-21:

Terug naar 2008…

Na nieuws & weer start het tweede deel met The Kid Laroi, Without You. Ook weer zo’n goed voorbeeld van een naam die me helemaal niets zegt. Een Australische rapper, zanger, singer-songwriter en producer, vertelt internet me. Maar als je dan dat liedje hoort…o, die! Vaak genoeg al gehoord en volgens Kjelwyn de zeer snel in de toekomst nieuwe nummer 1 ‘hit’ van Nederland..

Gevolgd door Mr. Jones van de Counting Crows, een van mijn songsuggesties. Natúúrlijk een nummer van de Counting Crows in de songlijst. Mijn herinneringen aan de Counting Crows gaan altijd weer terug naar Concert at Sea 2008. Met mijn vriendin bij een concert, dat gebeurt niet zo vaak, gezien onze uiteenlopende muzieksmaken. Maar de Counting Crows is gek genoeg toch een gemene deler. En ja, twee van je favoriete bandjes -BLØF is dat ook al heel lang, óók in de tijd dat ze nog niet zo bekend waren- bij één concert…dat is speciaal. Met een heel gemoedelijke mensenzee op de Brouwersdam, ondergaande zon, een fantastische setting. En zanger Adam Duritz is natuurlijk een meesterverteller, die kan al zingend verhalen vertellen. Maar onderschat ook weer de toetsenist niet, met -alweer- dat heerlijke Hammond orgel. Ik ben, al lang, ‘fan’. Overigens logeerden we toen in het hotel (appartementen) van vakantiepark Aquadelta in Bruinisse. Na afloop van het concert, in de kou en nattigheid herinner ik me nog, hebben we met de allerlaatste concertbus een tour door -naar mijn gevoel- héél Zeeland gemaakt voordat we, ergens aan het eind van de nacht, weer terug in het hotel waren. Het was het waard.

Twee waarheden, één leugen

Vast onderdeel van de Avondmatties is het spelletje ‘Twee waarheden, één leugen’. Bedoeld om “de studiogast nóg beter te leren kennen”.

Vooraf had ik ze moeten aanleveren en luisteraars konden via Instagram stemmen op wat volgens hen de leugen was.

  1. Ik heb eens een journalist in een interne mail die per ongeluk naar buiten ging een ‘flapdrop’ genoemd.
  2. Ik ben al drie keer bij een concert van Nick & Simon geweest.
  3. Ik zou heel graag een beschuitje willen eten met…Erica Terpstra.

Nou, eitje toch?

Onder het genot van een van mijn meest favoriete nummers aller tijden Racing In The Street konden de luisteraars vervolgens stemmen.

Memory for Life

Ik schreef al eerder over de bijzondere herinnering aan het concert van Springsteen in 2016 op het Malieveld, Den Haag. Lees ‘m vooral nog eens terug, zou ik zeggen. 50.000 soms uitzinnige mensen worden helemaal stil, terwijl het nummer prachtig opbouwt.

De Avondmatties draaide het origineel, uiteraard ook mooi, maar deze versie van ‘Den Haag’, met wederom piano en Hammond in de hoofdrol, bezorgt me nog steeds kippenvel:

Ik vertel na het nummer kort over de sfeer op het Malieveld én in mijn hoofd tijdens dit concert, vanaf het rolstoelpodium. Over hoe muziek je ook weer heel snel naar dat gevoel, naar die emotie, terugbrengt. En over het feit dat juist dát ook de kracht is van Muziekids en muziek in het ziekenhuis: mensen aan het praten krijgen, óók hen die dat normaal gesproken misschien wat minder doen. Daarmee wordt onderhuids een hoop verwerkt.

Maar wat is nou die leugen??

Na dit emotievolle moment op de radio tijd voor iets luchtigs; de uitslag van de waarheden-leugen pol.

erica, gaan we een beschuitje eten?

Niemand van de luisteraars geloofde dat nummer 3, het beschuitje met Erica Terpstra, een leugen was. Een heel geloofwaardige stelling dus.

En terecht. Ik heb er geen romantische gevoelens bij of zo, maar ik vind Erica een prachtmens. Altijd zo vol energie en positiviteit. En hoewel niet iedereen gelooft dat zij écht zo is, geloof ik dat wel. Heus, ze zal ook weleens een kribbige bui hebben, maar dat kan je niet keer op keer zó spelen. En al helemaal niet onder soms zware reisomstandigheden in landen met een totaal andere cultuur en tropisch klimaat. Tuurlijk, ik weet ook wel dat haar Erica op Reis programma een redelijk “this is tv-man“-gehalte heeft en dat ze buiten de camera in een goed hotel slaapt en zich samen met haar camerateam verplaatst per privé-chauffeur. Dat is niet backpack-style, zoals bij JoHo meer de insteek is. Maar hé, ze is ook in de 70 ja (77 om precies te zijn).

Een prachtmens. Gigantische carrière, van olympisch zwemster tot politica bij een verkeerde partij (VVD) en van docente Nederlands aan Chinezen tot sport-journaliste. Maar in deze reisrol zie ik haar het liefst: open, nieuwsgierig, respectvol, maf en voor alles in; met een voorliefde voor bijzondere culturele rituelen en het meest ‘onsmakelijke’ voedsel dat ze overal krijgt voorgezet.

Geen leugen; het lijkt me bijzonder leuk onder het genot van een beschuitje en kop koffie een gesprek met haar over reizen te hebben. Mag ik je een aanrader geven? Haar reisboek en fotoverslag:

Vervolgens zijn de stemmers verdeeld: is nou stelling één (die van de flapdrol) of stelling twee (die van Nick & Simon) een leugen?

NICK & SIMON

Yep. Al (minstens) drie keer was ik bij een concert van Nick & Simon. Met een vriendin die hun muziek leuk vindt en een wens om ook samen wel eens naar concerten te gaan, ben ik al vaker met haar mee geweest. En ik moet zeggen: dat is geen straf.

Wist je dat Nick & Simon een retegoeie begeleidingsband, de band van Marcel Fisser (die band van Beste Zangers), heeft? Echt topmusici, dus sowieso een genot om naar te luisteren. En, heel eerlijk, ook die gasten zelf zijn muzikaal sterk en goede songwriters. Ik schreef al eens eerder over de link tussen Simon & Garfunkel, Springsteen en Nick & Simon. En vindt hun muziek-in-het-buitenland programma leuk om naar te kijken, het ademt liefde voor muziek!

FLAPDROL

Yep. En ik schaam me nog steeds. Al was de term die ik gebruikte niet ‘flapdrol’, maar ‘domme muts’.

I rest my case.

Lees nog maar eens terug hoe ik daar achteraf op terugkijk. Sindsdien ben ik een stuk voorzichtiger geworden in oordelen én oordelen in e-mails opschrijven 😉

Pas op, bommetje!

Melissa Etheridge was niet zo aardig geweest om me vooraf te waarschuwen voor haar nummer Here Comes The Pain. Ik hoorde het voor het eerst toen ik, pas medio vorig jaar, haar in april 2019 verschenen cd ‘The Medicine Show’ opzette. En haar ‘Heal Me’ concert van afgelopen juni, weken na het overlijden van haar zoon aan een overdosis pijnmedicatie, maakte zo mogelijk nóg meer indruk. Sloeg echt even in als een bom, bij mij. Iedereen, terugkijken, echt! En lees ook even mijn terugblik op show en nummer.

Er zijn dagen voor, en dagen na, de pijn.

Mooi ook weer, hoe ze zo’n enorm persoonlijke ervaring om weet te zetten naar een universeel nummer waar ieder z’n eigen ‘pijn’ aan op kan hangen.

De uitzending gaat verder met Therefore I Am van Billie Ellish. Met die muziek heb ik dan zelf niet zoveel, maar goed, ik snap ook dat er balans moet zijn. 😉 En wel mét toetsensolo.

Over naar een proefballonnetje

Ik wilde het in de uitzending óók over reizen hebben. Omdat het onderwerp me al mijn hele leven bezighoudt, maar ook om niet een volledige uitzending over pijn en (muziek in de) zorg te krijgen.

Om te triggeren koos ik ervoor het in de vorm van een ‘maatschappelijke (reis) dienstplicht’ te gieten.

Een wat?!

Ook Kjelwyn vatte hem even verkeerd op, alsof ik de dienstplicht weer opnieuw zou willen invoeren.

Nee. Niet doen.

Maar ik vind het wel verstandig om mensen, ongeacht leeftijd, weer eens te stimuleren andere culturele ervaringen op te doen. Niet in de vorm van ‘de multiculturele samenleving’, daar is al genoeg over gezegd en daar leven we inmiddels al jaren in. Hoe graag sommigen ons ook anders willen doen laten geloven.

Maar het is voor iedereen, van vijftien tot vijfentachtig, heel gezond om periodiek eens over de grenzen heen te kijken. Het heeft mij ontzettend veel gebracht, een stagetijd in Guatemala, scriptieperiode in Maleisië en de vele reizen na mijn studietijd aan de NHTV (tegenwoordig BUAS). Hoe goed zou het zijn voor het besef dat we het hier in Nederland nog niet zo slecht geregeld hebben, voor het onderlinge culturele begrip, voor het maatschappelijk bewustzijn?

Mannen die saxofoon spelen in Guatemala
Guatemalteekse muzikanten; muziek verbindt

Corona heeft ons allemaal weer laten zien en beseffen dat we wat meer naar elkaar om moeten kijken. Maar post-corona zal dat “ik doe wat voor een ander”-gevoel vast weer wegebben. Dus laten we vanuit de overheid maar gaan stimuleren dat mensen geregeld, bijvoorbeeld midden of eind tienerjaren, eind 20, eind 30 enz. er even tussenuit kunnen. Niet op plezierreisje of strandvakantie, maar het mag heus ook wel leuk zijn. Een beetje reizen, beetje vakantievieren, veel ‘Erica Terpstra cultureel bewustzijn’ en ook wat bijdragen elders op de wereld.

Een voetbalfan die gaat voetballen met jongeren in sloppenwijken. Een muzikant die muziek meeneemt naar Cubaanse jongeren (denk aan Umoja van BLØF). Een student in de kunsten die gaat workshoppen met kids op de Filippijnen, een docent Engels die les geeft in een werkgelegenheidsproject in Peru. Enzovoort.

Ik heb met eigen ogen gezien, tussen 2005 en 2015, hoe dat het wereldbeeld van 1.500 Nederlandse jongeren veranderde. Hoe er opeens andere studie- en baankeuzes werden gemaakt, hoe wereldvreemd sommigen voor vertrek waren en wereldbewust na terugkeer. Maar ook wat het met de thuisblijvers deed, die óók opeens betrokken werden bij Verweggistan. Voor iedereen, en dus niet alleen voor jongeren, goed om regelmatig eens buiten je comfortzone te gaan. Te werken aan je eigen skills en vaardigheden, te leren én bij te dragen.

Tot zover, niet alleen in de radio-uitzending, maar ook hier, mijn ‘politieke speech’ zoals Kjelwyn al zo mooi zei. Toch een roeping gemist 😉

Hoewel hij het ‘met me eens was’, ontbrak de tijd om hem écht te overtuigen. Hij zat meer op het spoor van ‘begin eens in je eigen omgeving, bouw aan je netwerk en carrière in Nederland’. Ik zie het niet als óf óf, maar én én. Deze buitenlandervaringen zorgen er júist voor dat mensen na terugkeer ook meer open staan voor (cultuur in) hun eigen omgeving. En tegenwoordig, zeker door corona, is ‘werken op afstand’ heel gewoon geworden en kun je als ‘digital nomad’ waar ook ter wereld werken, óók aan je carrière in Nederland.

Van het politieke podium terug naar het muzikale

Typhoon volgt, met Zandloper. Een nummer speciaal gekozen omdat het me energie geeft en me naar het podium verplaatst. Het is een heerlijk nummer om live te spelen met de coverband. Deze versie van Concert at Sea zit ook zó vol energie!

Gevolgd door Avondmatties-keuze ‘Jesus he know me‘ van Genesis. Ook al met goede energie, gave clip en van een van mijn alltime favorites Phil Collins. Nóóit live gezien helaas, maar vele concerten op tv en dvd gekeken.

Kjelwyn maakt een bruggetje naar het geloof, mijn geloof, en ook het geloof dat nog steeds belangrijk is in bijvoorbeeld ziekenhuizen. Alleen daarmee is ‘ie bij mij aan een verkeerd adres. Sowieso geloof ik niet, ja, in de kracht van muziek. Maar toch heb ik ook het idee dat het geloof een steeds minder prominente rol in de maatschappij én ook in het ziekenhuis krijgt. Is het niet meer iets van oude mensen, dat meneer pastoor nog aan bed verschijnt? Natuurlijk zijn er ook nog grote groepen gelovige jongeren (bestaan de EO jongerendagen nog?!), maar het staat ver van mij af.

Het laatste muzieknummer alweer!

Een voor mij mooie afsluiter, Koud In Mijn Hart van Frank Boeijen. Alweer zo’n song die je terugbrengt naar een specifiek moment in je leven. In mijn geval naar een concert van Frank in het Chassé theater Breda. We zaten er, mijn vriendin hoogzwanger van onze jongste dochter Ana. We wisten dat zij de volgende dag geboren zou worden, middels een keizersnede. Altijd als ‘Boeijen’ ter sprake komt denken we terug aan dat bijzondere moment.

En Frank Boeijen gaat ook al mijn hele leven met me mee. Ik heb ‘m al vaak live gezien; pasgeleden nog via stream in de huiskamer, live uit Hedon Zwolle. Zo’n artiest die nooit oud lijkt te worden en altijd maatschappelijk relevant is. Zo’n nummer als Zwart Wit dat ook anno nu helaas nog heel relevant blijkt; knap toch als je dat weet te schrijven?

Het ‘bluesy’ intro van deze versie in Antwerpen vind ik heerlijk. Scheurende Hammond erin…maar ook het volledige orkest dat de song een extra dimensie geeft…

En o ja, op de valreep van de uitzending maak ik nog de afspraak om samen met presentator van “het volgende uur” (#HWTNS, de Het Wordt Toch Niks Show) Marco Legierse naar het eerstvolgende concert van Springsteen in Nederland te gaan.

Die staat, heb ik meteen vervoer geregeld, haha! Nu nog even corona uitroeien, Springsteen weer naar Nederland halen, en het altijd weer meest zenuwslopende moment in -tig jaar “de online ticketverkoop” overleven.

Leuke gast trouwens, die Marco. Ik kende hem niet, maar hij blijkt groot muziekliefhebber (ja, wat wil je, als bij de radio werkt). Maar ook vooral van live muziek te zijn, met bandjes in de studio etc. Toch weer mijn marketingmoment vergeten: géén visitekaartjes, geen cd achtergelaten. Ik leer het ook nooit 😉

Avondmatties, het was erg gezellig, deze twee uur in de gloednieuwe studio van BredaNu. Ik begon er deel 1 al mee: dit wil ik wel iedere week doen! Praten over onderwerpen die centraal staan in je leven én ook nog eens luisteren naar jouw favoriete muziek.

Misschien moet ik toch radiomaker worden.

@Kjelwyn, hoe werkt dat?

Deel je ervaringen

  • Natuurlijk ben ik benieuwd wat jij van de uitzending vindt!
  • Muziek in de zorg, Springsteen, reizen en wereldburgerschap, chronische pijn, Muziekids…en natuurlijk ook de uitgekozen songs!
  • Ben je zelf wel eens in een radio- of tv uitzending geweest? Wat vond je van die ervaring?

Deel je gedachten via de reacties hieronder of neem contact op.

Meer lezen

  • Benieuwd welke songs de uitzending niet haalden, wegens tijdgebrek (/te lang lullen)?
    • Trouble Is As Trouble Does van Striking Matches: ook al zo’n lekker energiek nummer. Ontdekt zittend in het zomerse zonnetje voor ons chalet. Ik heb ‘m geloof ik wel 10x achter elkaar geluisterd. Er zit heel veel in die song.
    • Dance Tonight van Tim Akkerman & The IvyLeague: prachtige Live versie @Muziekcafé. Akkerman is een échte muzikant, singer-songwriter én Springsteen kenner. Nog nooit live gezien, maar in 2021 móet dat gebeuren, corona of niet.
    • I-J Mot Deur van Bennie Jolink: geweldig nummer! Met een achterliggende boodschap: je moet door. Hoe dan ook.
    • Blauw van The Scene. Natuurlijk. De tent op z’n kop; een van de vaste setlist songs van coverband OnCue. En heerlijk Hammond intro. Een nummer dat al heel lang met me meegaat en steeds opnieuw weer opduikt.
  • Benieuwd naar BredaNu? Lees, kijk en luister via de site.

Muziektijd met de Avondmatties – deel 1 van mijn radioavontuur bij BredaNu

Geschatte leestijd: 20 minuten.

Ik heb mijn nieuwe roeping gevonden!

Ja echt.

Het vak van radiomaker. Wat is dat leuk! Echt, reuze interessant mijn bezoekje aan de radiostudio van BredaNu.

O wacht, ik begin nu echt te klinken als Erica Terpstra. 🙂 Altijd enthousiast.

Heb ik ADHD?

Mwah, nee, denk ik niet. Maar ik heb wel een manco bij mezelf ontdekt. Ik vind veel dingen interessant. Wil ook graag van veel dingen weten hoe ze werken. Sommigen noemen dat nieuwsgierig zijn. Ga me er dan al snel in verdiepen, om vervolgens hopeloos in allerlei details te verzanden. Het kan ook vermoeiend zijn, want je moet alles lezen om alles te kunnen doorgronden.

Wacht, ik dwaal af.

Terug naar zaterdagavond 16 januari 2021

Wat was dat leuk! Ik was uitgenodigd in de studio van De Avondmatties, programma van lokale omroep BredaNu. De Avondmatties zoomt in op de verhalen van onbekende én bekende Bredanaars.

In het rijtje Paul Depla (burgemeester van), Patrick Martens (en een beetje Ellie Lust), Thom Koreman (JA! Een van de Limoncello brothers) en Willem Butz (Mr. Singelloop) mocht ik, aanbeland in seizoen 5, als onbekende Bredanaar-met-een-boodschap op zaterdag 16 januari aansluiten.

Erg leuk om van dichtbij mee te maken hoe radio wordt gemaakt. Met Kjelwyn van Houten als presentator: Voice kids deelnemer in 2014, 538/Veronica medewerker en tegenwoordig ook baas van reclamebureau Mediamattie. We delen een BUAS opleidingsverleden; ik afgestudeerd in 1996, hij in 2019…

Oeps! dat zou een generatiekloofje kunnen zijn.

Maar, was het volgens mij niet.

Opening: natuurlijk, met de enige echte…

Hoe vet is het om je eigen radioshow-opening te mogen maken? Ik mocht 12 songs aanleveren die gedurende de 2 uur durende show gedraaid zouden worden.

Dat was nog best…een uitdaging. Ik heb nogal een brede muzieksmaak. En ben niet altijd even goed in keuzes maken 🙂

Maar de openingstrack, voor wat betreft mijn songs, dat was er zonder enige twijfel natuurlijk eentje van Bruce Springsteen. Ik koos voor het gloednieuwe Ghosts. Lekker krachtig, júist om te benadrukken dat Springsteen alive and kicking is. 71 jaar, maar nog volledig relevant.

Het leverde deze opening op:

Hoe gaaf! Precíes het gevoel dat ik aan deze song wilde meegeven: deze song, live -als het weer kan- op het Malieveld Den Haag (of welke plek dan ook in Nederland). Aftellen 1-2-3-4, en gáán.

Luister en bekijk ‘Ghosts’ op YouTube

Voorbereiding op de uitzending

Kjelwyn en ik spraken elkaar najaar 2020 over een eventuele deelname aan De Avondmatties. Een verkennend gesprekje, maar al redelijk snel daarna volgde de uitnodiging. Ter voorbereiding op de uitzending werd ik door de redactie gevraagd om een aantal zaken aan te leveren. Naast een foto en wat persoonlijke details:

  • drie kernonderwerpen, waar ik het graag over wilde hebben
  • de 12 al genoemde songs (in de uitzending aangevuld met songs van de Avondmatties zelf)
  • maar ook “2 grappige feitjes en één leugen”, voor een votingspelletje op Instagram.

Ik moest er uiteraard even over nadenken. Zoveel te vertellen, te delen. Keuzes maken, ik ben er dus nooit zo goed in.

Ik besloot er een klein projectje van te maken. Als pijnafleider en “bezigheid” volg ik een cursus Canva; nog zo’n klein droompje waar ik in het werkende leven nooit tijd voor vrijmaakte maar wel graag wilde: beter worden in designwerk (bannertjes, fotootjes etc.) voor online gebruik.

Aanrader trouwens voor iedereen die dat ook wil: de online cursus In 30 dagen een Canva kei van FanFactor (Anne Raaymaker).

Anyway; het leverde dit documentje op:

  1. Muziek in de zorg
  2. Maatschappelijke (reis)dienstplicht
  3. Chronische pijn

Die drie onderwerpen zouden het worden.

De uitzending zelf

Voor wie ‘m helemaal wil terugluisteren, hieronder de audiofile van het eerste uur van de uitzending, met dank aan BredaNu Radio Gemist.

BredaNu Radio Gemist

Eerste uur 18:00-19:00 De Avondmatties 16-01-21:

Het tweede uur 18:00-19:00 De Avondmatties 16-01-21 vind je in het vervolgblog.

Een verslag van, in totaal van de 2 delen, ruim 7.500 woorden. 120 Minuten radiotijd teruggebracht naar een (totale) leestijd van precies 30 minuten (als je leest op gemiddelde snelheid).

We starten, uiteraard, met muziek

Na het nieuws (corona, politiek en de eerste sneeuw) vliegt Billie Jean, uiteraard van Michael Jackson, erin. Top van de popmuziek, lekker nummer ook. Daarna Throw Me A Line van HAEVN. Beide muziekkeuzes zijn van de Avondmatties zelf trouwens.

Voor me een beeldscherm met daarop de hele uitzending voorgeprogrammeerd, alle muziek staat -uiteraard- klaar. Handig om te zien wat er van mijn top-12 selectie wanneer ‘klaar staat’. Vooralsnog staan ze er alle 12 in, maar afhankelijk van de spreektijd kunnen er nog songs sneuvelen natuurlijk.

Ik ben nooit goed in muziektitels geweest. Zeg mij een titel van een song en je krijgt vaak een vragende blik van mij; de topsongs en alles van Springsteen daargelaten. Dat is ook zo met ‘Throw Me A Line’. Geen idee welke song dat is, maar als ik ‘m dan hoor….ah, die! Ik denk dat dat komt omdat ik nogal muziek-gericht ben als ik luister, en minder tekstueel. Dat is eigenlijk zonde, want daarmee mis je 50% van de kracht van een song (‘de tekst’), maar ik kan er niks aan doen. Ik focus direct op de muziek. En ik luister best regelmatig radio, dus naast mijn automatische jaren-80 voorkeur (‘de muziek waar je mee opgroeit’) hoor ik ook het nieuwe materiaal…maar dan nog.

Pizza!

In de ‘pauzes’ die de muziek ons geeft praten we soms door over muziek.

Of over de pizza, die maar niet bezorgd wordt. Iedere studiogast mag zijn favoriete pizzasmaak doorgeven. En…ik kan dus niet kiezen. Nou, met nuance: ik heb soms een beetje moeite met kiezen.

New York Pizza heeft daar wat op gevonden; blijkbaar hebben meer mensen last van dat euvel 😉 Het wordt dus een duo pizza: een helft 4 kazen, een helft saté. Saté?? Ja, saté. Nooit eerder gegeten, ‘dus ik denk dat ik het wel lust’. Ik ben naast een ijsfan ook een enorme satéfan. Dat heb ik overgehouden aan mijn reizen naar Maleisië en Indonesië. De heerlijkste saté, voor een prikkie in die eetstalletjes aan de kant van de weg of straat. Veel mensen denken dan meteen aan de meest onhygiënische toestanden, maar dat valt allemaal reuze mee. En lékker! Echt, ook weer niet vergelijkbaar eigenlijk met de saté die je hier in Nederland normaliter eet. Veel, eh, verfijnder van smaak.

Een saté-pizza dus.

Alleen…hij wordt maar niet bezorgd! Dat schijnt vaker een probleem(pje) te zijn, aldus de producer die tegenover me zit in de studio. Er wordt druk gebeld met NYP (de pizzaboer, niet de politie) en er wordt druk beloofd dat ‘ie er…bijna aankomt.

In de muziekpauze hebben we het over Throw Me A Line. Volgens Kjelwyn -gekscherend- de 2021-variant van het ultieme Bohemian Rapsody van Queen. Ik frons nogal blijkbaar, ‘boos’, volgens Kjelwyn 🙂 , want…dat zijn nogal grote woorden. Héle grote woorden. Maar wel een goed nummer hoor, zeker, vol dynamiek.

De studiogast, that’s me!

Kjelwyn stelt me voor; vraagt naar mijn roots. Ofwel, ben ik een echte Bredanaar? Nee, import dus: Hoogerheide, West-Brabant, dorpje onder Bergen op Zoom, bekend van de kruisraketten in (gemeente) Woensdrecht in de jaren ’80. Mensen vragen me dat vaak…”bende gij wel unne echte Brabo”? Ja echt, alleen heb ik nooit dat Brabantse accent aangenomen. Onderwijzer als vader, dan krijg je dat; er werd netjes ABN gesproken vroeger thuis.

Maar niet geboren in Breda dus, hoewel ik er al wel sinds 1992 woon. Dat is al bijna 30 jaar dus (Heuvel -> Boschstraat -> Belcrum, met in 1996/97 een klein zijstapje naar De Meern vlakbij Utrecht).

Ik heb de Avondmatties zelf benaderd, najaar 2020. Kjelwyn vertelt dat dat normaliter niet zo gebeurt, dat zij de gasten opzoeken. Ach, ik doe wel meer dingen nét even anders dan anders 🙂 Ik wilde graag méér aandacht voor chronische pijn én voor muziek in de zorg. Laten we er nou eens voor zorgen dat de hele Nederlandse gezondheidszorg ‘muziek’ omarmt als nieuw instrument. En laten we nou eens stimuleren dat ‘chronische pijn’ als op zichzelf staande ziekte bekender wordt. Zóveel medelanders hebben er mee te maken, maar er wordt nog zó weinig over gesproken. Kortom, ik zit er met een missie, en zoals altijd, met een aantal petten tegelijkertijd op. Muziek in het algemeen, maar ook wereldburgerschap, staan ook op de (mijn) planning als gespreksonderwerp.

Wat hebben ‘zorg’ en ‘muziek’ eigenlijk met elkaar te maken?

Een van de eerste vragen van Kjelwyn.

Zo, heb je even?

Begin maar te lezen op méérmuziekindezorg, wil ik bijna zeggen. Maar hé, dit is radio. Kort en krachtig (moet je net mij hebben) en niet teveel reclame maken. Ik heb het er warm van, haha!

Ik vertel over de belangrijke functie van muziek in mijn leven, afleiding, ontspanning. En gooi voor de eerste keer Muziekids erin: muziek maken in het ziekenhuis, ter afleiding, vermaak én ontspanning van kinderen en jongeren. Zodat ze even niet aan hun ziekte denken, maar hun ziekenhuisbezoek omkleden met positieve herinneringen.

Kjelwyn benoemt de kracht van muziek als medicijn. Wist je trouwens dat er ook een stichting is die zo heet? Het is een onderzoeksproject van het Erasmus MC. Men wil wetenschappelijk vaststellen waar en wanneer muziek een positief effect heeft. Hans Jeekel, hoogleraar chirurgie en voormalig hoofd afdeling chirurgie Erasmus, is een van de kartrekkers.

Kan muziek dan ook genezen? Mwah, dat is wel erg krachtig. Maar het helpt zeker bij herstel, en kan dus ook pijn verlichten. We gaan er nog meer over spreken.

En doorrrrrrr

Hoog tijd voor muziek, mijn eerste muzikale suggestie van deze avond. Ik schreef er in het begin al over. Ghosts, van Springsteen. Bam! I hear the sound of your guitar…

En even ademhalen. Springsteen wordt direct gevolgd door ‘Flags’ van Coldplay. Prima nummer.

We zijn alweer 30 minuten onderweg. Gaat snel.

We spreken even over de leeftijd van Bruce en kompanen. De 70 gepasseerd, en nog steeds muzikaal actief op topniveau. Als je op je 71e zo’n plaat weet af te leveren, die zo relevant is en (bijna) de hele wereldpers lovende recensies laat schrijven, dan heb je ‘het vak’ wel in je vingers. Toch doet hij muzikaal gezien al tientallen jaren precies wat ‘ie wil. En spreekt net zo enthousiast weer over de volgende wereldtournee die er hopelijk aankomst, post-corona. Hij, en ik, kunnen niet wachten.

Kjelwyn wil weten waar die voorliefde (‘obsessie’ noemt hij het 🙂 voor Springsteen vandaan komt. Ik haal het bekende gezegde aan:

Er zijn twee groepen mensen. Mensen die Springsteen ‘wel ok vinden’ en mensen die ‘ooit bij een Springsteen concert zijn geweest’.

Bekend gezegde onder Springsteen fans

Want, als je hem ooit live gezien hebt, dan val je voor zijn muziek. Kan niet anders. Daar zit zó’n energie in, drie, vier uur lang; die slaat als vanzelf op je over. Gegarandeerd. Dat doet hij al z’n hele leven op die manier, samen met band, en dat doet hij nu nog steeds op 71-jarige leeftijd. Welke band doet hem dat na?

Over chronische pijn en meer muziek in de zorg

Ik vertel kort over het werk van Muziekids en waarom ik daar zo’n twee jaar geleden mijn passie heb gevonden. De kracht van muziek ter afleiding van zieke kinderen en jongeren, vanuit de muziekstudio of aan bed. Het heeft invloed op de kinderen, maar ook op hun artsen, verpleging en ouders.

We halen het onderzoek aan van Erasmus MC, naar de werking van Muziek als Medicijn. Word je geopereerd en luister je voor, tijdens en na de operatie naar muziek, dan heb je na de operatie minder pijnstilling nodig. Hoe direct wil je de invloed van muziek in de zorg hebben?

Kjelwyn vraagt naar mijn geschiedenis met pijn, hoe die is ontstaan. Ik vertel het verhaal dat ik al zo’n 23.455 keer eerder heb verteld. Zonder enige tegenzin hoor, de vraag is logisch en uiteraard relevant. En mijn frequente ziekenhuisbezoeken: Amphia, ETZ, MUMC, UZ Turnhout, en nog wat.

Ook benoemt hij dat ‘hij niets aan me zíet’. Dat hoor ik vaker. En dat is nou precies de valkuil van chronische pijn. Heb je een blessure, breek je een been, of zelfs als je kanker hebt, dan zíe je het vaak aan mensen wel. Maar ‘pijn’ is ongrijpbaar en uiteindelijk natuurlijk ook subjectief. ‘Iedereen heeft wel eens pijn’. Maar geloof me, chronische pijn is ‘another cup of tea’. Pijnmedicatie en de inwendige neurostimulator helpen de pijn onderdrukken.

Kracht van muziek

Ik maak een bruggetje terug naar de muziek. Want, als ik piano speel, dan wordt de pijn gedempt. Ik heb er in deze omgeving al vaak over geschreven. Dat effect is er écht, en heeft alles met afleiding te maken. Prof. Erik Scherder kan er prachtig en enthousiasmerend over vertellen.

Het feit dat muziek zó op mijn pijn doorwerkt, is natuurlijk de ultieme reden geweest om me te verbinden aan Muziekids. De pijn belemmert daarin natuurlijk ook, want ik ben geen ‘betrouwbaar inzetbare vrijwilliger’. Maar mijn ‘functie’ als zelfbenoemde lobbyist (ofwel, zo veel en vaak mogelijk je verhaal vertellen) is heel flexibel. Ik doe wat, waar en wanneer ik kan.

Een kritische vraag!

Luisteraar Willem wil weten waarom we moeten investeren in muziek in de zorg, als er zoveel geld en energie nodig is voor meer IC-bedden. Een bekende vraag, die eigenlijk al jarenlang wordt gesteld: moet het geld zoveel mogelijk naar de primaire zorg, of (ook) naar aanvullende activiteiten?

Ik ben blij met de vraag van Willem, want het geeft mij de gelegenheid uit te leggen. Het is niet óf óf. Natúúrlijk moet er in deze tijd veel energie naar meer IC-bedden. Dat is de ultieme prioriteit op dit moment. Maar tegelijkertijd moeten er heel veel mensen, én kinderen, vaak of soms ook lang in een ziekenhuis zijn. Die mensen herstellen sneller door ze afleiding te bieden, soms even weg te halen van hun ziekte. Zodat ze weer even zichzelf kunnen zijn, in plaats van alleen patiënt.

En uiteindelijk gaat het ook om harde cijfers. Onderzocht is dat door bijvoorbeeld muziek in te zetten patiënten meer ontspannen zijn, coöperatiever zijn rondom behandelingen, sneller herstellen en daardoor eerder plek vrijmaken voor een volgende patiënt. Voor een ziekenhuis is dat ook gewoon geld verdienen. Ik vind het dan ook vaak korte-termijn-denken als een ziekenhuis (nog) niet bereid is om eerst in muziekbeleid te investeren. Terwijl de ziekenhuizen die al met Muziekids werken stuk voor stuk razend enthousiast zijn. Gelukkig komt er wel steeds meer vraag vanuit de ziekenhuizen en zorginstellingen zelf naar Muziekids om actief te worden. Ook ziekenhuizen als AMC, WKZ en Erasmus zien sterk de waarde voor patiënt, voor de zorg en voor het ziekenhuis zelf (denk ook eens aan imago, uitstraling, positiviteit).

Vaak komen de middelen ook helemaal niet uit het directe zorgbudget, maar uit aanvullende fondsen, sponsoring en fundraising. Daarmee is Muziekids zelf-financierend, wat de continuïteit wel kwetsbaar maakt. Ook al zeg ik in de uitzending dat het terecht is dat het geld niet primair uit het zorgbudget komt, ben ik het niet helemaal met mezelf eens: de nuance ontbreekt voor even. Zéker als je ziet wat de directe waarde is voor het ziekenhuis zelf, zou misschien minimaal een deel van het budget wél uit de zorggelden mogen komen.

Kjelwyn wil graag weten hoe ver de plannen in Breda staan. Ik vertel kort over het traject bij Amphia, dat er zeker interesse is, maar dat o.a. corona voor andere prioriteiten heeft gezorgd. Toch maakt het Bredase ziekenhuis muzikale stappen met de installatie van een piano in de hal, waar pianisten én patiënten op spelen. Heel mooi, alleen moet het daar natuurlijk niet bij blijven en is ook hier structureel muziekbeleid nodig. Ook de ervaring van Muziekids is dat de meeste ziekenhuizen daar toch enkele jaren voor nodig hebben.

Muziektijd

Kan ik niet een “Muziektijd”, in het verlengde van “Koffietijd”, op tv gaan hosten? Een uur lang praten over en luisteren naar muziek. En alles wat gelieerd is aan muziek. Het bevalt me wel, praten over muziek. Ik solliciteer bij deze, haha!

Door naar een volgende muziekkeuze van mij: ‘The Late Night Show’ van ‘Bredanaar’ Thomas Lina (1973). Geboren in Breda, verhuisd naar Amsterdam, tegenwoordig woont hij in Middelburg.

Goede muzikant en singer-songwriter, prachtige song vind ik. Thomas speelde trouwens jarenlang als toetsenist in de voorheen bekende Nederlandse band Rosemary’s Sons, een feitje dat ik op radio had willen vertellen maar vergat. Ik leerde hem kennen via muziekvriend Pieter, die hem nog basisschoolles heeft gegeven geloof ik. Samen met Pieter zag en hoorde ik Thomas eind 2019 bij de Crossroads Sessies in vestzaktheater Het Zwijnshoofd, Bergen op Zoom.

Ik wil eigenlijk net een bruggetje maken met die tweede band waar ik in speel, naast OnCue: Tak&Band. “Muziek waar een boodschap in zit”, zowel bij Thomas als bij ons. Vlak voor mijn bruggetje vraagt Kjelwyn naar wélke boodschap Thomas eigenlijk met dit nummer heeft. Die vraag overvalt me even. Ik let -sorry tekstschrijvers- altijd meer op muziek dan op tekst. Stom, maar wel waar. Natuurlijk had ik moeten zeggen ‘over het verdoen van je tijd, over alsmaar ronddraaiende gedachten, over de moeilijkheid van het op een rij krijgen van die gedachten’. Bij deze, alsnog 🙂

Alleen, Tak&Band komt niet meer ter sprake: Thomas is al “aan het woord”. Jammerrrr…maar wát een lekker nummer.

The Late Night Show wordt direct gevolgd door Waiting On A War, de nieuwe van The Foo Fighters. Een band waar ik niet zo heel veel mee heb; nummers zijn wel goed hoor, ook deze, maar gewoon niet helemaal mijn voorkeurssmaak. Hoewel ik de versnelling op het eind dan wel weer heel sterk vind, power!

Muziek maken!

Kjelwyn geeft een korte samenvatting van het eerste deel van de uitzending, voor wie later inschakelt. En vraagt naar hoe ik zelf tot muziek maken ben gekomen.

Ik vertel kort de geschiedenis, van de eerste AMV (Algemene Muzikale Vorming) lessen die vroeger heel normaal waren (ja, dát was vroeger wél echt beter) tot aan de uitnodiging van mijn buurman Martien om bij coverband OnCue te komen. En dat ik toetsen, met name piano en Hammond, speel. Als echte muziekkenner is hem tóch even ontgaan wat nu eigenlijk een “Hammond-orgel” is.

Mensen moeten dan vaak denken aan dat echte, ouderwetse, soms wat oubollige, geluid van de orgelman. Sorry, #orgeljoke. 🙂

Maar ik bedoel toch echt meer iets als:

En dan vooral ook de combinatie van piano en Hammond zoals bijvoorbeeld Roy Bittan en Danny Federici/Charlie Giordano die maken in de Springsteen muziek, maar ook Pim Kops van De Dijk en Bas Kennis bij de muziek van Bløf

Bij Kjelwyn gaat dus niet direct een belletje rinkelen bij de term Hammond. Zoiets als een kerkorgel? Zo geef ik, onverwacht, een korte uitleg over wat een orgel is en hoe dat door toetsenisten in bands wordt gebruikt, samen met piano en eventuele andere geluiden als strings.

We hebben het kort over de samenstelling van met name OnCue, bijzondere coverband mét blazers waardoor we vaak een eigen sound aan bestaande nummers kunnen geven. En, al zo’n 26 jaar actief (sinds 1994); een mooi streven om net als de E Street Band straks als zeventigers nog steeds op het podium te staan! Voor meer verhalen over Tak&Band moet ik nog maar eens terugkomen bij de Avondmatties…en laten we dat dan meteen maar meteen live met band in de studio doen wat mij betreft 🙂

Afsluiter van het eerste uur

Het piano & Hammond item is een mooie brug naar Voor de Tover van De Dijk, uiteraard een eigen songkeuze. De Dijk is uiteraard buitencategorie van de Nederlandse pop&rock, of hoe je dat ‘hokje’ ook maar noemt. Een heerlijke band, in 1981 ontstaan en vernoemd naar de Amsterdamse Zeedijk. Echt een band uit mijn tienerjeugd, vaak al live gezien…en ook nog steeds actief! Dit jaar het 40 jaar-jubileum; laten we hopen dat ze dat in de tweede helft van 2021 goed met hun publiek, inclusief mezelf, kunnen vieren.

Voor de Tover is een meer dan waardige afsluiter van dit eerste radio-uur. Gekozen met name vanwege de centrale plek voor Pim Kops’ piano. Hij speelt de partij met ogenschijnlijk zoveel gemak, maar het is zó complex om het zelf te spelen. Nummers van De Dijk hebben we met OnCue vaak gespeeld, en nog. Ideale muziek voor een band met blazers. Wist je dat we ons vroeger zelfs Een dijk van een band noemden? 🙂

Dit uur vloog om. Na reclame en nieuws snel door naar het volgende uur!

Over reclame gesproken: Even Epibreren

Collega-pijnlotgenoot Bert Sloots, met wie ik regelmatig online contact heb, heeft een dichtbundel gemaakt. Ik had -met toestemming- een van zijn gedichten (‘Stilte’) meegenomen naar de Avondmatties, voor als de gelegenheid zich voor zou doen. Maar, de setting was er niet naar, het kwam er niet van in al het muzikale plezier.

Toch breng ik Bert en zijn gedichten alsnog graag onder je aandacht.

Berts gedichten zijn niet alleen verzameld in de dichtbundel ‘Chronisch Positief’, maar ook onder Facebook en Instagram account ‘Even Epibreren’. Epibreren staat voor ‘net doen alsof je iets heel belangrijks doet of gaat doen, dat in werkelijkheid eigenlijk helemaal niks voorstelt’.

Alleen, de grap is: de gedichten van Bert stellen absoluut wél iets voor. Bert weet met humor en positiviteit ‘leren leven met chronische pijn’ heel treffend te verwoorden. Soms ontroerend, vaak ontzettend raak, veelal met een lach of knipoog. Daarnaast schrijft hij ook over het leven van alledag en over allerlei onderwerpen die hem raken.

Enkele voorbeelden, waaronder het gedicht ‘Stilte’. Voor meer gedichten en de bundel kijk je bij Even Epibreren.

Deel je ervaringen

  • Wat vind je van dit eerste uur Avondmatties met Kjelwyn & Koert? Klinkt als een goed radioduo, niet?
  • Ben jij wel eens op de radio geweest? In welk verband? En wat vond je ervan?
  • Heb jij op een of andere manier te maken gehad met muziek in de zorg? Wil je daar eens iets over vertellen? Wat heeft muziek jou gebracht?

Deel je ervaringen via de reacties hieronder, of neem contact op.

Meer lezen

Zingeving en verbinding: het agoramodel toegepast op mijn leventje

Geschatte leestijd: 9 minuten.

Zingeving.

Zingeven.

Ik geef zin. Jij geeft zin. Hij geeft zin.

Het is eigenlijk een gek woord, zingeving.

Zingeving is een begrip uit de metafysica, wijsgerige antropologie en de psychologie en betekent het zoeken naar de zin, de bedoeling of het doel van het leven of van grote gebeurtenissen in het leven, of het trachten dit doel zelf te scheppen.

Wikipedia

Ik ben meer schepper dan zoeker, denk ik. Natuurlijk, ook ik zoek op gezette tijden naar het doel van dit alles. Zeker op momenten dat het lastig wordt in het leven. En geloof me, die zijn er in mijn 46 jaren al best wat geweest.

Maar ik schep wat meer vreugde in het scheppen van zin. C.q. het geven ervan.

Ik stuitte op een interessant filmpje van Peter Henk Steenhuis, journalist en filosofieredacteur bij dagblad Trouw. Een filmpje over het Agora-model, gecreëerd door René Gude: de in 2015 overleden voormalig Denker des Vaderlands.

Trouwens een bijzonder ambt, dat Denker des Vaderlands. Ik heb me altijd afgevraagd (maar er me nooit in verdiept) hoe je die functie krijgt. “Ik solliciteer voor de vacature DdV…”, mwah, nee, het zal wel anders verlopen.

Het Agora model

De agora was in vroeger tijden de marktplaats, de plek in een ‘stad’ waar alles samenkwam, waar het sociale leven zich afspeelde.

René Gude werkte aan een model rondom wereldbeschouwing, een model om de samenhang in iemands leven -en misschien ook wel in de maatschappij- te verklaren. Hij kreeg de tijd niet meer om het model ‘af’ te maken, maar zijn aantekeningen werden opgepakt door Erno Eskens, Florian Jacobs en Peter Henk Steenhuis.

De vier P’s

In het agoramodel komen de vier ‘P’s naar voren: vier gebieden waarop je leven zich kan afspelen. Ieder ook met zijn kenmerkende benamingen en bewoordingen:

  • de privésfeer met woorden als thuis, vrienden, familie, liefde
  • de private sfeer met woorden als werk, aankopen, economie, contract, collega’s
  • de publieke sfeer met woorden als vereniging, stichting, vrijwilligerswerk, engagement
  • de politieke sfeer met woorden als bestuur, rechtspraak, stemmen, politiek

Gude onderscheidt een verschil in ‘zin’ vroeger en nu. Vroeger was er meer sprake van zin-‘krijging’: de zin, het doel, van je leven kreeg je meer opgelegd vanuit religieuze overtuiging. Tegenwoordig is er meer sprake van zin-‘geving’ en zin-‘maken’: je geeft vooral zelf invulling en zin aan je leven, je maakt je leven zelf. Natuurlijk met veel gradaties, niet iedereen ervaart evenveel vrijheid in de keuzes in het leven.

De 4 Z’ten

Daarnaast zijn er de vier Z’ten; er zijn 4 ‘kanten’ aan zingeving:

  • zinnelijk: lijfelijk, energie, lust, het lekkere
  • zintuiglijk: het “schone”, esthetische, de kunst, “mooi”
  • zinrijk: het rationele, verwoorden wat je doet of moet doen
  • zinvol: achter je doelen staan van je leven of werk

De 4 sferen

Net als letterlijk in de agora, een verzamelplaats met diverse pleinen en gebouwen, vind je zingeving in 4 ‘trainings’sferen, ofwel ontwikkelsferen:

  • tempels / religie
  • theaters: kunst
  • academie: scholing, filosofie
  • sport

Op deze vier gebieden kun je zingeving ‘trainen’, zorgen dat zingeving tot z’n recht komt. Het trainen van lijf en verstand.

OK, dat is mooi. En nu?

Ik begon na te denken of ik dit model eens kon toepassen op mijn leven. En wat eigenlijk die rode draad in dat leven tot nu toe is geweest. Ik kwam erachter dat die rode draad eigenlijk toch wel vooral “verbinden” is. Niet dat ik nou zo’n netwerker ben, of altijd diegene ben die het hoogste woord heeft of de mensen staand bovenop de tafel met de mooiste moppen en verhalen vermaakt en verbindt (zeg maar, nooit). En ik ben ook niet die 100% pure verenigingsman die altijd en overal kan worden ingeschakeld. Maar ik ben denk ik wel diegene die mensen met zingeving probeert te verbinden.

Wie mij een beetje kent: denk je mee?

Toegepast op de 4 P’s:

  • privé: ik ben wel van het harmoniemodel, meer dan het conflictmodel. Ik ben binnen het gezin de verbinder, laat in groepen graag de voors en de tegens aan het woord, zoek naar nuance.
  • private sfeer: ook mijn werk draait al jarenlang om verbinding en zingeving; ik geef je hieronder een korte uitleg.
  • publieke sfeer: ‘muziek’ verbindt mijn wereld op allerlei manieren. En daarnaast is ‘pijn’ een centraal element geworden, inmiddels ook wat betreft zingeving. Beide werk ik hieronder uit.
  • politieke sfeer: ik heb wel altijd interesse in de politiek gehad, en steeds meer interesse ontwikkeld. Maar dat heb ik (nog) niet omgezet in politieke daden, los van het periodieke ‘stemmen’ natuurlijk. Je moet ook iets aan zingeving te winnen hebben 😉

Toegepast op de 4 Z’ten:

  • zinnelijk: het ‘lichaam’ is wel essentieel geworden in mijn leven, een haperend lichaam, haperende geest
  • zintuiglijk: met name de kracht van muziek die doorwerkt op lichaam én geest: pijn’vrij’ zijn tijdens het muziek maken
  • zinrijk: rationeel handelen in mijn werk stond wel centraal in mijn leven, maar ook daar had ik een verlangen naar zingeving: talentontwikkeling, persoonlijke ontwikkeling, (wereld)burgerschap. Lees verderop meer hierover.
  • zinvol: ik ben bezig met het opstarten van een Pijnvereniging, lobby doorlopend voor Muziekids, ben actief met wereldburgerschap en benut de kracht van muziek maken voor eigen en andermans gewin.

Toegepast op de 4 trainingssferen:

  • tempels / religie: ik geloof niet zo in een geloof, maar zoek wel altijd naar de sociale verbinding van mensen, harmonie, wat voor elkaar over hebben en échte interesse tonen (wereldburgerschap)
  • theaters / kunst: ik ben natuurlijk muzikaal actief, ik vind het leuk om de schoonheid én kracht van muziek te laten zien; via ‘mijn’ bands en door het werk van Muziekids te steunen.
  • academie: werken aan overdracht van kennis en ervaringen rondom pijn, bouwen aan de opstart van een Landelijke Pijn Vereniging samen met enkele initiatiefnemers, kennis en ervaring delen via eigen blogsite www.erzitmuziekinmijnleven.org, en waar haalbaar volg ik graag (e-)cursussen op allerlei terreinen
  • sport: ik ben eerder altijd sportief geweest, heb dat door rugproblemen moeten neerleggen, maar nu zorgt sport en beweging ook weer voor pijn’acceptatie’ (of tenminste ‘-berusting’)

Zingeving in de publieke & private sfeer

Twee van de vier P’s vragen om een uitwerking wat mij betreft: zingeving in de publieke en private sfeer.

Stichting JoHo & World Supporter

Voor mij geen harde, zwaar commerciële, werkomgeving. Met de vele voordelen (denk: vrijheid, respect, vertrouwen) en paar nadelen (denk: salaris) die die keuze met zich meebracht.

Begonnen in het toerisme, mijn droom, om mensen het plezier van vakantie en reizen te geven. Ontspannen, nieuwe culturen ontdekken, een leuke tijd hebben. Uiteindelijk, door toevalligheden, toch een ‘andere’ keuze gemaakt dan het 100% reisbureau en terecht gekomen bij JoHo. Een organisatie, stichting en bedrijf waarin +/- 50.000 leden zich verbonden voelen rondom talentontwikkeling, internationale samenwerking, wereldburgerschap. Waarin kennis en ervaringen worden gedeeld rondom leren, werken, reizen, helpen en wonen/leven in Nederland en het buitenland. Een echte netwerkorganisatie, waarin veel mensen én organisaties welkom zijn om te delen wat ze doen. En ik heb meegedacht over het ontwikkelen van www.worldsupporter.org: het verbinden van mensen die zich op één of andere manier betrokken voelen bij de wereld.

De verbinding en zingeving druipen er wel vanaf, zeg maar.

Ook verbinden?

Pijnplatform 2.0

Ook alweer door toevalligheden ben ik in de wereld van de (chronische) pijn gerold. Ik probeer de laatste tijd mensen rondom chronische pijn te verbinden, kennis en ervaringen te delen via deze blogsite (en ja, óók om van me af te schrijven 🙂 ), via een zeer actieve besloten Facebook groep (+/- 3.400 leden) en met een nog te ontwikkelen Platform chronische pijn / Landelijke Pijn Vereniging.

Ook verbinden?

  • Word lid van de Facebook groep.
  • Of neem contact met me op als je een goed idee hebt voor het te ontwikkelen pijnplatform. We zoeken nog mensen die graag hun mening geven, niet vies zijn van het lezen van e-mails en documenten en enkele uren per week of per maand vrij kunnen maken voor het kernteam of als lid van de vrijwilligersteams. Sta aan de basis van een nieuw, fris en modern pijnplatform voor en door mensen met chronische pijn.

Stichting Muziekids

Ik schrijf er regelmatig over; ik ben actief geworden bij Stichting Muziekids: méér muziekbeleving voor en samen met kinderen en jongeren in Nederlandse ziekenhuizen. Een van de leukste dingen om te doen vind ik het stimuleren van mensen om fondsenwervende acties op te tuigen, zodat op steeds meer plekken door steeds meer mensen de kracht van muziek kan worden ervaren en worden gegeven. Want: muziek verbindt mensen.

Ook verbinden?

OnCue en Tak&Band

Ja, muziek verbindt mensen. Als er érgens een plek is waar ik dat wekelijks zie, is het in de twee bands waarin ik op de toetsen speel: OnCue en Tak&Band. Bij de eerste al sinds 1994; over onderlinge verbinding gesproken! Bij Tak&Band sinds eind 2017. Dat gaat volledig over de kracht van muziek, ingezet voor mensen die een leuke tijd willen hebben en/of de ‘schoonheid’ van muziek willen horen. Maar dat gaat óók over een groep muzikanten die zich verbonden voelen door de muziek die wordt gemaakt. In al die jaren optreden voor publiek heb ik duizenden mensen voor me gezien die zich -in ieder geval voor de duur van het optreden- één voelden, juist door de muziek die we maakten.

Ook verbinden?

  • Luister (en kijk) naar de muziek van OnCue en Tak&Band.
  • Heb je een mogelijkheid voor een optreden? Mail naar info [at] oncue.nl of pietertak [at] icloud.com.

Zingeving & persoonlijke ontwikkeling

Best gek, om via zo’n model eens na te denken over de rode draad in je leven-tot-nu-toe. Maar eigenlijk ook best leuk.

Had ik er ook zo bewust over nagedacht als de pijn niet op de rem had getrapt in mijn leven? Als er niet zoveel onverwachte verandering was gekomen? Waarschijnlijk niet. Natuurlijk ben je je ergens wel bewust van die rode draden en worden in je onderbewuste de keuzes gemaakt rekening houdend met dat wat voor jou belangrijk is.

Maar eigenlijk gun ik het iedereen wel eens, of periodiek, om bewust het agoramodel toe te passen op zijn of haar leven’tje’.

En laat dat nu net ook weer het spoor zijn waarop Stichting JoHo zich de laatste jaren steeds actiever begeeft: persoonlijke ontwikkeling en internationale samenwerking. Bewust nadenken over de ontwikkeling van je talenten, vaardigheden, over je beroepskeuzes, carrièreswitches, de invulling van een lang verlof en over alles dat je drijft. Welke keuzes maak je daarin, waarom, en wat kun je ondernemen om de invulling van je leven in lijn te brengen -en houden- met wat jij belangrijk vindt. Wat JoHo betreft óók rekening houdend met een ander en voor wat betreft de invulling van je keuzes vaak ook met een internationale dimensie. Privé, privaat, publiek en voor sommigen misschien ook politiek.

Dit ben ik

Ik vind het wel gek hoor, om in een blogomgeving als deze te schrijven over mezelf.

Begin dit jaar nam ik me voor ‘objectief’ te gaan bloggen over een aantal voor mij belangrijke onderdelen van mijn leven: muziek, reizen, pleegzorg, pijn, talentontwikkeling, wereldburgerschap.

In de loop van het jaar kwam ik er achter dat de voor mij -en voor de ander- leukere blogs vaak die waren waarin ik meer van mezelf liet zien. Tenminste, dat was mijn eigen ervaring en hoorde ik ook terug.

Maar als ik narcistische trekjes krijg: waarschuw me op tijd! 🙂

Oké, ééntje dan: het interview dat enige tijd terug in NRC’s rubriek “Dit Ben Ik” stond. Misschien moet je je beeldscherm even inzoomen, of bekijk het artikel online.

Deel je ervaringen

  • In hoeverre is ‘zingeving’ voor jou belangrijk? En op welke manier(en)?
  • Zie jij net als ik een rode draad, als je van een afstandje kijkt naar jouw privé, private, publieke en misschien zelfs wel politieke leven?
  • Op welke manier(en) ontwikkel jij zingeving via religie, kunst, scholing en sport?
  • Voel jij -net als ik- ook voor de invoering van een maatschappelijke ‘dienst’plicht? Een flexibel (!) in te vullen vorm van burgerschap, bijvoorbeeld op ijkpunten in je leven (post-middelbare school, post-studie, eind 20, begin 40, begin 50, rond je 65e). Om daarmee voor even écht betrokken te zijn bij de maatschappij, meer begrip voor een ander te kweken en na te denken over jezelf?

Deel je gedachten via de reacties onderaan of neem contact met me op.

Meer lezen

Het leven ís soms ook gewoon…bewerkelijk. René Gude @ DWDD.

Koreman’s Limoncello: ‘wereld’beroemde Bredase citroenlikeur

Geschatte leestijd: 8 minuten.

Citroen. En limoen. Ik hou er van. Dat is begonnen in Guatemala. Ik was er in 1995 voor mijn stage aan de Nationale Hogeschool voor Toerisme en Verkeer. Ik heb toen ontzettend veel heel lekker fruit mogen eten, maar vooral ontdekte ik de smaak van limoen. Dat had destijds ook een alcoholisch tintje; ik woonde in het huis van een wat rijkere Amerikaanse vrouw, die al jaren in Guatemala Ciudad woonde, de hoofdstad. En zij…hield wel van een glaasje rum. Daar ging dan veel ijs in, en uiteraard limoen. Ik heb wat glaasjes genuttigd destijds. Maar limoen was ook een basisingrediënt in veel Guatemalteekse gerechten. Voor mij staat limoen, en terug in Nederland ook de beter verkrijgbare citroen, sindsdien altijd gelijk aan de prachtige geuren en kleuren van Guatemala. Enkele jaren terug ontdekte ik het drankje Limocello, de zuid-Italiaanse citroenlikeur. Een paar maanden geleden las ik over Koreman’s limoncello; initiatief van de Bredase ondernemers Thom en Frank. Lees je mee in hun mooie verhaal?

Limoncello

Drink ‘m ijs- en ijskoud. Het is de slogan van Jägermeister, maar geldt evenzo voor Limoncello. En ijskoude drankjes, naast citroen nog een favoriet van mij.

In de regio rond Napels heeft elke Italiaanse mama haar eigen recept voor de beste limoncello. Maar, los van het recept, staat of valt een goede limoncello met de kwaliteit van de citroenen. Én met de manier van schillen van de citroen: het is de truc om zoveel mogelijk van de gele schil, maar niet! het witte eronder, te schillen. Het wit is bitter en komt de smaak niet ten goede.

De basis van het recept van limoncello is heel simpel, een combinatie van citroenschil, pure alcohol (96%), water en suiker. Naast de kwaliteit van de citroenen en de manier van schillen gaat het om de juiste combinatie, hoeveelheid en timing van de vier ingrediënten om een zo optimaal mogelijk resultaat te bereiken. Een echte limoncello heeft een stevig alcoholpercentage, rond de 30%. Dat maakt het frisse drankje ook best verraderlijk. De hoeveelheid suiker die je gebruikt bepaalt het uiteindelijke alcoholpercentage. Het mengsel van citroenschillen en alcohol moet zo’n 3 weken in een koele donkere ruimte rijpen.

Gebroeders Koreman

Een tijdje terug hoorde ik over het verhaal van Thom en Frank Koreman.

Twee Bredase jongens uit een echt bourgondisch ondernemersgezin. Met een moeder met een delicatessenzaak en een vader met een eigen zaak in de kantoorautomatisering werd ‘ondernemen’ letterlijk met de paplepel ingegoten. Vanuit de delicatessenzaak kwamen goede wijnen en echte kazen vanzelf en vaak op tafel, bij een van de vele zakelijke of familie-feestjes. Tijdens een van de wijnreizen die de familie maakte kregen ze een uiteraard ‘geheim’ recept van limoncello. Toen Thom en Frank op een Nederlands terras een glaasje limoncello dronken, moesten ze terugdenken aan dat recept. Wat als ze het zelf zouden proberen, en dan beter als dit fabrieksdrankje?

Het idee was snel geboren, voor de uitvoer namen ze de tijd. Als ware laboranten gingen Thom en Frank vervolgens experimenteren met het uit Italië verkregen recept. De juiste kwaliteit citroenen, variëren met het alcoholpercentage (uiteindelijk 31%), ja zelfs het type schilmesje varieert omdat ook de citroenvorm niet altijd dezelfde is.

De eerste afzet zijn gebottelde flessen die ze cadeau doen aan vrienden en bekenden. De eerste bestellingen volgen al snel in de familie- en vriendenkring, tot het moment dat het al om tientallen gaat. Er wordt geïnvesteerd in apparatuur om de productie op te schroeven en uiteindelijk volgt in 2020 een eigen kantoor- en productiepand. Koreman’s limoncello is geboren. Er gaan dan al 500 tot 600 flessen per maand de deur en webshop uit, de productie is een in jaar tijd al drie keer verdubbeld. Dat gaat zeker in het begin van een bedrijf natuurlijk sowieso hard. Vlak voor corona volgt een eerste bestelling uit China; een bijzonder interessante groeimarkt.

Ondertussen runt Thom ook nog een financieel adviesbureau en is Frank actief als coach en consultant op het gebied van ict, organisatie en marketing. Geen verkeerde vaardigheden, voor een eigen bedrijf. Ook over de marketing is goed nagedacht met een eigen webshop én deals met streng geselecteerde slijterijen en horeca, gericht op persoonlijke advisering.

Eigen boomgaard: Koreman’s Famiglia

Thom en Frank denken duurzaam. Voor de limoncello is de schil van de citroen nodig, maar…wat doe je dan met de citroen zelf? Er wordt een deal gesloten met ijsbereider/chocolatier Nagelkerke uit Oudenbosch, die blij is met het citroensap. Het sap wordt verwerkt in vers citroenijs (had ik al gezegd dat ik ook ijsliefhebber ben?!), maar ook in chocolade-bonbons: de limoncello bonbon! Het ‘bittere wit’ van de schil is eveneens afval, maar zonde om weg te gooien. Onderzocht wordt of het ‘afval’ verkocht kan worden aan fabrikanten van zeep of veevoeder. Of -ik denk hardop- wellicht kan het bedrijf van mijn oom, Eco-Point in West-Brabant, er wel wat mee in het kader van haar ecologische onderhoud- en reinigingsproducten? Er wordt daar al gewerkt met sinaasappel, melkzuur, bladgroen, kokosnoot ingrediënten én…citroenzuur.

Juist omdat de kwaliteit van de citroenen zo belangrijk is, ontstaat het idee van een eigen citroenboomgaard.

Het doel? Een geheel Hollandse limoncello, met een eigen citroenboomgaard in Nederland.

Gebroeders Koreman

Onder de naam Koreman’s Famiglia (Familie Koreman) vindt crowdfunding plaats om een eigen citroenboomgaard te realiseren, zodat nóg meer grip is op de kwaliteit van de citroenen. Als co-funder adopteer je je eigen citroenboompje. De Koremans gaan het boompje opvoeden en zorgen dat er een mooie oogst van komt. Van de oogsten wordt een limited edition limoncello gemaakt, die de eerste drie jaar verdeeld wordt onder alle tuinders. En vind je het leuk, dan kan je als schilmeester zelf komen schillen!

Prijswinnende limoncello & toekomst

Alsof het (bijna) niets is wordt ‘tussen de bedrijven door’ een zilveren medaille gewonnen op de International Wine & Spirits Competition 2020. The International Wine & Spirit Competition, een internationale competitie op het gebied van wijnen en gedistilleerde dranken, heeft als doel om excellentie te belonen. Een jury van experts selecteert de beste producten door middel van een blindproeverij en een technische keuring. Ook in 2020 werden er dranken van over de hele wereld ingezonden. Per categorie worden een bronzen, zilveren en gouden medaille uitgereikt. Koreman´s Limoncello ging er vandoor met een zilveren medaille.

Inmiddels is er eveneens een koffielikeur ontwikkeld, en er zitten nog meer smaken aan te komen. “Een eigen bubbel” lijkt de heren ook wel leuk. En die eigen citroenboomgaard, die moet er natuurlijk komen.

Alles uiteraard binnen de ondernemende familie-tradities:

  • ambachtelijk
  • zo vers mogelijk
  • en zo rechtstreeks mogelijk gedistribueerd.

Het lijkt wel een reclamespot.

Mijn ervaring met Koreman’s limoncello

Een mooi verhaal vind ik het, van deze Bredase ondernemers. Een verhaal met een mooie toekomst, zo hoop ik.

Maar: wat vind ik nu van hun limoncello? Het antwoord volgt binnenkort. Door het succes van de eerste helft van 2020 en de diverse media-aandacht ging het ineens hard met de flessen limoncello. Zó hard, dat het drankje even lastiger te krijgen was.

Maar, inmiddels draait de productie weer op volle toeren en heb ik een eerste fles te pakken, via de slijterij bij Jumbo XL, bij het NAC stadion.

Deze staat nu ijs-en-ijskoud te worden, zodat ‘ie binnenkort geproefd kan worden. Even wegdromen, terug naar de limoenen en citroenen in het Guatemala van 1995.

Ik wil voorstellen om dat proeven te doen met een klein groepje vrienden én buurtgenoten; het ‘toeval’ wil dat we onze gezamenlijke app-groep al jarenlang de ‘Limoncello crew’ noemen. Een naam bedacht tijdens een geslaagde en zeer gezellige (lees nog maar eens terug over dat alcoholpercentage) proefsessie limoncello in 2012.

Glaasje proeven? Je bent van harte welkom in Breda.

Zelf limoncello maken?

Omdat het basisrecept zo eenvoudig is, is het heel leuk om eens zelf limoncello te maken. Zo kreeg ik voor een verjaardag eens een volledig pakket met limoncello-ingrediënten, inclusief recept. Tot mijn schande moet ik toegeven dat het er nog nooit van gekomen is om zelf aan de slag te gaan…

De kwaliteit van Koreman’s zal je niet meteen evenaren, maar ga gewoon eens experimenteren. Het is makkelijk om te doen, je moet alleen wat geduld hebben. Met maar 4 ingrediënten maak je in ongeveer 5 weken tijd een heerlijke eigengemaakte limoncello.

(basisrecept: met dank aan slijterij Gall)

Wat heb je er voor nodig:

  • 1 liter pure alcohol 
  • 1 liter water
  • 7 citroenen
  • 800 gram suiker 
  • Tools: dunschiller en een weckpot 

hoe maak je het:

  1. Was de citroenen goed en droog ze af
  2. Schil de citroenen zo dun mogelijk. Probeer geen wit van de citroen mee te schillen, dit maakt de limoncello bitter van smaak
  3. Doe de schillen in een weckpot en schenk de pure alcohol (of wodka) erbij
  4. Dek de pot af en zet deze 3 weken op een donkere, koele plek
  5. Breng na 3 weken een pan met suiker en water aan de kook
  6. Roer tot de suiker helemaal is opgelost en laat het suikerwater afkoelen
  7. Giet daarna het suikerwater bij de met citroenschillen gevulde alcohol
  8. Zeef het geheel
  9. Schenk de limoncello in een fles. Sluit de fles goed af en zet deze op een koele, donkere plek
  10. Je kunt de limoncello 1 of 2 weken op smaak laten komen, daarna is hij klaar om van te genieten! 

Tip: Ongeopende limoncello is wel 4 tot 6 maanden houdbaar. Je kan deze op een donkere koele plek bewaren of in de vriezer.

Recepten met Koreman’s limoncello

Van een dadeltaart tot een limoncello apple gin herfst bramble, van een moccarum tot blue vintage cocktail en van een corona lemon ‘quarantini’ cocktail tot een traditioneel Italiaans dessert met passievrucht: Koreman’s limoncello combineert goed in allerlei recepten.

Op het Koreman’s blog en op de social media kanalen vind je verschillende verrassende limoncello recepten.

Dit bericht bekijken op Instagram

Koreman’s Limoncello smaakt op zichzelf al geweldig, maar heb je het al eens geprobeerd te mixen in een cocktail? 🍹⁠ Zoals onze heerlijke Lemon Quarantini, gemaakt door de Deense cocktailshaker @cocktailpete. ⁠ ⁠ ⁠⠀ Zelf uitproberen? Volg onderstaande link voor het volledige recept https://www.koremanslimoncello.nl/post/lemon-quarantini-virtual-happy-hour ⬅️⬅️⁠⠀ 🇬🇧 The Koreman’s Limoncello tastes amazing on its own but have you thought of trying it as part of a cocktail?🍹⁠ Let us introduce to you the Lemon Quarantini created by the Danish cocktail shaker @cocktailpete. ⁠ ⁠ ⁠⠀ Interested in recreating it? ⁠ Follow the link below for the full recipe https://www.koremanslimoncello.nl/post/lemon-quarantini-virtual-happy-hour ⬅️⬅️⁠ ⁠ ⁠⠀ .⁠⠀ .⁠⠀ .⁠⠀ .⁠⠀ .⁠⠀ .⁠⠀ .⁠⠀ .⁠⠀ .⁠⠀ .⁠⠀ .⁠⠀ #cocktail #limoncello #lemon #koremanslimoncello #cocktailrecipe #tasty #delicious #easyrecipe #lemony ⁠ #limoncello #likeur #drinks #lemon #cocktails #cocktailgram #cocktailrecipe #ginspiration #homebar #drinksrecipe #liqueur #cheers #koremanbrothers #liqueurs #homemade #bourgondisch #ginandtonic #gincocktails #instadrinks #quarantini #thuisaandeborrel

Een bericht gedeeld door Koreman’s (@koreman_s) op

Deel je ervaringen

Wat ik nog een beetje mis in de marketing- en communicatie van de Koreman broers, is het authentieke verhaal van de limoncello. De Italiaanse geschiedenis, de citroenboomgaarden in Amalfi en Sorrento, in de Zuid-Italiaanse regio Campania; de oeroude familierecepturen die van generatie op generatie door werden gegeven. Oké, het drankje is 100% Bredaas, maar leunt op een oude Italiaanse traditie.

  • Hou jij van citroenlikeur? Zo ja, welk merk drink je regelmatig?
  • Ken je de Koreman’s limoncello toevallig al?
  • Heb jij ook een favoriet drankje, en zo ja: welke?

Deel je gedachten en ervaringen via de reacties onderaan.

Ps alcohol en chronische pijn, medicatie? Mwah, niet zo’n goede combi. Ik drink alcohol tegenwoordig dus zeker met mate!

Meer lezen

Ik schrijf regelmatig over wereldburgerschap en internationaal ondernemende Nederlanders.

Zelf limoncello maken? Lees de basic tips in het e-book van Ben Mazzola en voorkom dat je er na een aantal weken achterkomt dat je limoncello productie in de soep loopt door een eenvoudig te voorkomen fout of misrekening…

Internationalisering in het onderwijs: nog steeds een wereld te winnen

Geschatte leestijd: 9 minuten.

Het is mijn overtuiging dat het kennen van andere culturen en andere professionele praktijken een verrijking is voor de beroepspraktijk van alle studenten.

Een uitspraak van Susana Menéndez in het inmiddels ter ziele gegane Transfer Magazine, vakblad over internationalisering in het hoger onderwijs. Mevrouw Menéndez nam in 2018 afscheid als bestuurder van de Haagse Hogeschool. Zoals vaker bij afscheid van bestuurders gebeurt dat met stevige, prikkelende uitspraken, hoewel ik het niet méér eens kon zijn met deze uitspraak.

Ontwikkeling tot Wereldburgers

Voor de beroepspraktijk in dit millennium is het zó belangrijk dat studenten internationale en interculturele competenties kunnen opdoen. Verder kunnen kijken dan de Nederlandse blik op hun beroep. De verschillen leren zien tussen de Nederlandse cultuur en die in andere landen, binnen en buiten Europa. Maar, zoals mijn stage-ervaring in Guatemala en Maleisië mij deed inzien, ook met een frisse blik leren kijken op Nederland als welvarend en vrij land, waar heel veel dingen juist ontzettend goed geregeld zijn.

Internationalisering: de discussie versmalt

In Nederland is al langer een tendens gaande waarin de discussie rondom internationalisering alleen gaat over de vraag of colleges wel in het Engels moeten worden gegeven. Of internationale studenten hun Nederlandse collega’s niet verdringen. Of de financiering van het internationale onderwijs, sterk gericht op aantallen studenten, wel goed in elkaar zit. Internationalisering zou om meer moeten gaan dan deze drie aspecten, zeker in een land dat zo afhankelijk is van handel met het buitenland. In een tijd waarin alles gericht is op het creëren van nieuwe kansen in de internationale economie, zijn ook internationale competenties nodig in dat internationale Nederlandse bedrijfsleven. En dat begint bij goed onderwijs.

“Nederland kan het zich niet permitteren om alleen naar binnen te kijken.”

– Susana Menendéz, ex-bestuurder Haagse Hogeschool

Migratie versus internationalisering

De discussie rondom internationalisering raakt teveel vertroebeld met elementen uit de discussie rondom migratie. Toenemende werkloosheid door goedkope arbeidsmigranten uit het buitenland, steeds meer mensen in je directe woonomgeving die de Nederlandse taal en cultuur niet kennen, de nadelige gevolgen van globalisering, het negatieve sentiment rondom de effecten van ontwikkelingssamenwerking: het zijn allemaal factoren die ook gaan meespelen in de discussie over de vraag of het internationaler maken van het Nederlandse onderwijs wel zo nodig is. Of Nederlandse onderwijsinstellingen wel zo open moeten staan voor ‘al die’ buitenlandse studenten die snel even kennis komen halen.

Internationale ervaring voor iedere student

Gelijktijdig met deze discussie is er een andere ontwikkeling gaande wat betreft internationalisering. Steeds meer opleidingen zien gelukkig de waarde van internationale ervaringen voor de studenten die ze opleiden. Internationalisering is al jaren een strategisch instrument voor de Haagse Hogeschool, met veel aandacht voor culturele integratie in de international classroom, met bewuste keuzes van docenten om lessen wel, of niet, in de Engelse taal te geven. Maar het speelt op meerdere opleidingen, bijvoorbeeld op ‘mijn eigen’ NHTV, tegenwoordig BUAS in Breda. Traditioneel al erg op het buitenland georiënteerd, natuurlijk door de toerisme en recreatie studierichtingen. Of op een mbo-school als Aventus, waar internationalisering toeneemt.

‘Het is voor mbo-studenten steeds belangrijker zich internationaal te oriënteren. Ze leren heel veel over hun beroep in een andere cultuur met collega’s die andere gewoontes hebben. Ze leren dus ook heel veel over zichzelf! Je moet je aanpassen en flexibel zijn om je staande te houden in een heel andere omgeving. De studenten hebben hier dus ook veel voordeel van in hun verdere carrière,’ aldus Jacoline Grunbauer, projectleider internationalisering van Aventus.

‘Ik sta nu veel steviger in mijn schoenen. Ik moest aandacht opeisen voor mezelf en door de heersende hiërarchie in het ziekenhuis breken om mijn verblijf als stagiaire waardevol te maken. Dat is gelukt!’

Aventus studente die stage liep in een Spaans ziekenhuis

Online studieprojecten

Iedere student dus per definitie naar het buitenland? Dat is niet persé nodig, aldus Menendéz. Natuurlijk is een volledige onderdompeling door een periode in het buitenland te verblijven goed voor taal-en cultuurkennis en persoonlijke ontwikkeling. Maar tegenwoordig kan er door internet en digitalisering zoveel meer.

Steeds meer universiteiten bieden vormen van collaborative online international learning. Hiermee kunnen studenten wereldwijd samen internationale studieprojecten oppakken: letterlijk samenwerken tussen studenten die overal over de wereld verspreid zitten en werken vanuit allerlei culturen.

Ook de opkomst van de summer schools is een instrument waarbij docenten in de zomer lesgeven aan zeer gemotiveerde studenten die een relatief korte periode aan een universiteit of hogeschool in het buitenland (of omgekeerd in Nederland) onderwijs volgen.

Wat mij betreft worden al deze internationale elementen in het onderwijs van de toekomst gecombineerd. Internet biedt inderdaad zoveel meer mogelijkheden voor interculturele uitwisseling. Helemaal nu, door de COVID_19 pandemie in 2020, het nog veel normaler geworden is om online te vergaderen, les te volgen, uit te wisselen. Maar die periode in het buitenland, ik had hem voor geen goud willen missen. Het voegt zóveel toe aan je interculturele vaardigheden. Daarbij denk ik bijvoorbeeld terug aan de off-the-record ‘colleges’ die een Guatemalteekse collega bij INGUAT (Instituto Guatemalteco de Turismo) me gaf over de onderdrukking van de Maya’s in Guatemala. Iets wat hij nóóit gedaan zou hebben via een internetverbinding, met het risico te worden opgenomen of erger nog, afgetapt. Het gaf me veel achtergronden bij en inzicht in de ontwikkelingen in Guatemala.

Internationaliseringsagenda

Medio 2018 is er een internationaliseringsagenda opgesteld door de Vereniging Hogescholen en de Vereniging van Universiteiten.

In de gezamenlijke internationaliseringsagenda hebben hogescholen en universiteiten de benodigde acties uitgewerkt aan de hand van vier speerpunten:

  • Inclusief internationaliseren gericht op kwaliteit
  • Aantrekken en binden van internationaal talent
  • Versterken van de internationale positie
  • Meer balans in mobiliteit

Uitgangspunt is een meer beheerste groei van internationale studenten in Nederland en het wegnemen van financiële drempels voor een studieperiode van Nederlandse studenten in het buitenland.

Bekijk de Internationaliseringsagenda uit 2018:

Instrumenten voor een ‘betere’ stageperiode in het buitenland

Laten we eens inzoomen op één onderdeel van die agenda, nl. de stage in het buitenland. Naar mijn idee is er nog veel te winnen wat betreft het stimuleren door de Nederlandse overheid van een stageperiode in het buitenland. Een aantal instrumenten is daarbij nodig:

  • beurzenstelsel waarbij het voor veel grotere aantallen studenten met relatief kleine financiële prikkels haalbaar wordt een aantal maanden praktijkervaring op te doen in het buitenland
  • netwerk van kwalitatief hoogwaardige lokale coördinatoren (stagebegeleidende bedrijven), die fungeren als tussenschakel tussen opleiding, student, stagebedrijf en overheid bij het regelen én behouden van stageplekken die aansluiten op persoonlijke en studie-gerelateerde ontwikkelingspunten van de student. Nu vaak nog een adhoc taak die iedere opleiding voor zich invult, hetgeen leidt tot veel versnippering en weinig structureel onderhoud.
  • betere begeleiding en monitoring van de student in het buitenland -nu is dat vaak een taak voor de docent of stagebegeleider op afstand vanuit Nederland. Een taak die nauwelijks wordt ingevuld. Het lokaal meerdere keren bezoeken van studenten tijdens hun stage is essentieel in de voortgang en voor het wegwerken van hobbels.
  • beter systeem voor het monitoren en vastleggen van groei van de student op persoonlijk vlak en beroepsterrein: wat wordt geleerd, wat heeft de student daar concreet aan, welke competenties zijn op welke manier verder ontwikkeld, hoe vertaalt zich dat naar de toekomstige beroepspraktijk
  • beter systeem voor gestructureerde verslaglegging door de student van het in de praktijk geleerde en diens persoonlijke ervaringen; onderdeel van het persoonlijk studiedossier, kennisoverdracht naar volgende studenten én onderdeel van wereldburgerschap -delen van culturele ervaringen met anderen in de directe en indirecte omgeving, eenmaal terug in Nederland.

De rol van het stagebemiddelende bureau op locatie

Ik weet nog vanuit mijn tijd (1995!) aan NHTV/BUAS hoe dat vaak ging: de meeste studenten waren niet zo geïnteresseerd in die buitenlandstage: hadden de ambitie niet, vonden het ‘eng’ of konden het simpelweg niet financieren (of het financiële plaatje niet overzien). Die studenten die wél wilden overspoelden het stagebureau in hun zoektocht naar stageplekken. De meest gewilde plaatsen waren zo weg, maar een deel van de beschikbare plekken werd ook niet ingevuld. Tegelijkertijd was er altijd discussie en gedoe rondom de door de student zélf geregelde stageplaats (ik regelde destijds -nog via fax- zo’n 15 potentieel nieuwe stagecontacten in Latijns-Amerika): men kende het bedrijf niet, de kwaliteit was onbekend, de omstandigheden ter plaatse waren onbekend. Ik vond het destijds doodzonde dat de 14 contacten die ik níet koos nooit meer door het stagebureau/international office werden opgevolgd, alleen maar omwille van ‘te weinig inzicht’. Mijn stagebegeleider vanuit de opleiding had geen tijd noch middelen om mij in Guatemala te bezoeken, had eigenlijk bijzonder weinig idee van, laat staan grip op, de kwaliteit van mijn stage en toonde ook weinig interesse in de inhoud van mijn stage.

Met een goed lokaal netwerk van stagebureaus (in ieder land één, eventueel met regiovertegenwoordiging) voorkom je dat, is er méér grip op kwaliteit én kunnen mbo’s, hogescholen en universiteiten daar centraal beroep op doen. Waarom geen landelijk georganiseerde en gecoördineerde database van internationale bedrijven, instanties, ngo’s en overheden die stages bieden aan Nederlandse studenten, waarom moet iedere opleiding dat voor zich organiseren? Ik weet zeker dat er ter plaatse Nederlanders te vinden zijn (denk bv. aan de partner van de uitgezonden expat) die die rol op zich wil nemen.

Natuurlijk is het noodzakelijk om die rol dan wel te financieren; nu moeten de stagebureaus die er terplekke al zijn vaak nog noodgedwongen bemiddelingskosten aan de student vragen en worden dan onterecht als ‘commercieel’ bestempeld, terwijl ze eigenlijk gewoon de rol van het stagebureau/international office beter invullen. Idealiter wordt de financiering via een verdeelsleutel netjes verdeeld tussen bureau in Nederland en bureau op locatie en werkt men goed samen. Met vaste bureaus daar waar de aantallen groot zijn, met regiocoördinatoren, met expatpartners in de voorhoede, met onderlinge kennisuitwisseling, bijvoorbeeld over het werven van nieuwe stageplaatsen, het begeleiden van studenten, het handelen bij problemen of noodsituaties, met protocollen bij veranderende reisadviezen van het ministerie, met checklists voor periodieke kwaliteitscontrole, met vaste rapportagefaciliteiten richting de opleiding in Nederland, etc.

Een wereld te winnen

Ongetwijfeld is in de loop der jaren e.e.a. verbeterd, al is het maar op het gebied van online communicatie tussen stagebedrijf, student en opleiding in Nederland.

Maar toch valt er nog steeds ‘een wereld te winnen’ waar het gaat om bemiddeling, begeleiding, monitoring, risico’s en handelen bij nood. Ook de ontwikkelingen rondom de recente COVID_19 pandemie lieten weer de nodige chaos zien: moeten studenten worden teruggeroepen, zo ja wanneer, hoe bereiken we ze, wat als de studenten zelf niet willen, hoe komen ze terug naar Nederland, etc.

Ik weet zeker dat partijen als Wereldstage (Curaçao), Jongleren (Spanje), JoHo (Nederland – wereldwijd) en diverse andere organisaties hele goede coöperatieve ideeën én jarenlange expertise hebben om veel van bovengenoemde instrumenten vorm te geven en in te richten. Sámen met de mbo’s, hogescholen en universiteiten in Nederland.

Daarmee kan eindelijk eens écht goed invulling worden gegeven aan de ambities op het gebied van internationalisering en wereldbugerschap van de Nederlandse overheid én de Nederlandse student. En beklijven opgedane internationale en interculturele ervaringen, competenties en vaardigheden ook nog eens beter en duurzamer.

Deel je ervaringen

  • Wat vind jij van de discussie rondom internationalisering in het hoger onderwijs? Welke voors en tegens zie jij?
  • Heb je zelf als docent wellicht te maken met internationalisering van het curriculum? Hoe geef je daar invulling aan voor wat betreft jouw vak en studiedomein?
  • Of werk je als student samen met studenten uit andere landen, fysiek of in de online wereld? Welke extra’s levert het je op en waar zie je nadelen?
  • Heb jij zelf de ambitie, tijdens je studie of misschien wel in je werk, om een internationale dimensie te geven aan je opleiding of carrière? Hoe organiseer je dat?
  • Wat zijn jouw ervaringen rondom je stage in het buitenland? Welke positieve punten heeft jouw stage in het buitenland je opgeleverd en welke verbeterpunten zag je zelf? Voor wie?

Deel je ervaringen via de reacties hieronder.

Meer lezen

Ik zoomde al eens eerder in op organisaties die met een internationale dimensie invulling geven aan talentontwikkeling van jongeren en studenten, bijvoorbeeld via een tussenjaar. Ook vrijwilligerswerk in het buitenland is een manier om internationale vaardigheden op te doen en te werken aan interculturele vaardigheden.

  • Concreet op zoek naar internationale talentontwikkeling en mogelijkheden om een deel va je studie in het buitenland door te brengen? JoHo zet je op het spoor van je internationale ontwikkeling, bijvoorbeeld via studie of stage in het buitenland.
  • Nuffic houdt een themadossier ‘internationalisering’ bij met veel feiten en cijfers over uitgaande en inkomende studentenmobiliteit. Ook het rapport ‘Internationalisering in beeld’ over 2018 geeft een goede blik op diverse thema’s rondom internationalisering van de Nederlandse student.

“Als pabo-studenten internationale bewustwording op hun toekomstige leerlingen weten over te brengen, en zelf weten om te gaan met diversiteit, dan zijn we goed bezig.”

Internationalisering in beeld, Nuffic, 2018

Chronisch positief: ziek zijn en toch je eigen toekomst inrichten.

Geschatte leestijd: 7 minuten.

De enige die je echt kan stoppen om dat doel te bereiken ben je zelf.

Emma at Work

Die zin, uit een filmpje van Emma at Work, galmde een tijdje na in de kamer.

Jongeren met een beperking, die via het netwerk van Emma at Work gestimuleerd worden om aan de slag te gaan. Nou ja, gestimuleerd worden, de drie jongeren die in het filmpje aan bod komen hoeven volgens mij helemaal niet gestimuleerd te worden. Ze barsten namelijk van de motivatie.

De golf van de galm in de kamer passeerde een aantal onderwerpen in mijn hoofd. Ik ben ook de beroerdste niet 🙂 dus laat je graag even in mijn hoofd kijken.

Neehee, niet schrikken van wat je daar allemaal tegenkomt.

Watten vooral, hersenmist, oftewel brain fog; Google het maar eens. Een bijwerking van de morfine en pijn.

Het stimuleren van zelfinzicht en het ontwikkelen van talenten is wel een rode draad geworden in mijn werkzame leven. De laatste jaren is daar het stimuleren van kansen voor chronisch zieken bij gekomen. Mensen die ongevraagd met een (chronische) ziekte worden geconfronteerd, stimuleren om tóch maatschappelijk actief te blijven. Voor henzelf, de eigenwaarde, én om ‘die ander’ te blijven helpen.

Chronisch positief, is een term die in mijn hoofd is blijven hangen. “Wat nou, die ziekte, let jij maar eens op”, zo’n soort gedachte. Misschien is het ook wel een soort eigenwijsheid, rebelsheid, in het gevecht tegen (het omgaan met) de chronische pijn. Psychologen zouden zeggen ‘je legt je nog steeds niet neer bij het feit dat je ziekte je nu eenmaal belemmert in je werkzaamheden’…maar dat is iets voor een andere keer 😉

Chronisch positief dus. Ik dacht natuurlijk een unieke combinatie van woorden te hebben gevonden, maar niets is minder waar. Chronischenhappy.com bestaat al, een initiatief van Jessica Poel. Een blogsite waarmee ze chronisch zieke positivo’s, waaronder zijzelf, aan het woord laat. We hebben afgesproken dat ik ook een blog aanlever, binnenkort. En zo is er ook chronischpositief.nl, een soortgelijk initiatief, van Kim.

Het lijkt mij een goed idee om eens wat talent stimulerende organisaties en initiatieven aan te stippen die ik in de loop der tijd ben tegengekomen. Instanties die zich op iedereen richten die zijn talenten wil ontwikkelen, of zich specifiek richten op mensen met een beperking of chronische ziekte.

JoHo

JoHo, natuurlijk JoHo. Sinds 1998 mijn werkgever, helaas voor mij een weinig tot geen productieve rol de laatste jaren.

JoHo biedt veel nuttige informatie, keuzehulp, checklists en oefenvragen voor wie een beter zelfinzicht wil krijgen en gestructureerd talenten wil ontwikkelen. Geen ‘hapklare’ brokken en snel naar de eindbestemming; werken met de instrumenten van JoHo is echt als een ontdekkingsreis waar je diverse zijpaden bewandeld, verrast wordt door mooie vergezichten en waar de reis zelf, vaak letterlijk met internationale component, net zo belangrijk is als de eventuele eindbestemming.

JoHo biedt keuzehulp voor student, scholier, reiziger, vrijwilliger, werkzoeker, expat en emigrant.

Emma at Work

Emma at Work gelooft in een samenleving waarin iedereen mee kan doen. Emma at Work ondersteunt jongeren met een fysieke aandoening naar een zelfstandige toekomst. De organisatie dicht de kloof tussen deze jongeren en de maatschappij.

Met de GAP Track focust men op ontwikkeling en training van jongeren vanaf 15 jaar, en samen met het partnernetwerk GAP200 zorgt men ervoor dat deze groep een kans krijgt op de arbeidsmarkt.

JongPIT

Missie van JongPIT is om alle jongeren (15 t/m 30 jaar) in Nederland met een chronische aandoening volwaardig mee te laten doen in de maatschappij.

Met volwaardig meedoen wordt bedoeld dat je op jouw manier je studie kunt volgen, met de juiste aanpassingen kunt werken, weet hoe je kunt omgaan met je aandoening en krijgt waar je recht op hebt.

Wereldstage

Wereldstage wil bijdragen aan het internationaliseren van het onderwijs. Wereldstage wil binnen een veranderend en ontwikkelend Curaçao een constante factor zijn die studenten kan helpen bij de kennisontwikkeling, persoonlijke ontplooiing, ontwikkelen van de zelfstandigheid en het opdoen van praktijkervaring.

Of je nu student bent en een stage zoekt, internationaal wilt werken of een invulling van een tussenjaar zoekt: Wereldstage helpt je op weg en zorgt voor de juiste begeleiding om jouw talent verder te ontwikkelen.

UWV Perspectief

Perspectief is het UWV platform voor en door mensen met een arbeidsongeschiktheidsuitkering. Op de Perspectief website vind je tips, ervaringsverhalen, interviews en reportages over mensen met een Wajong, WIA of WAO uitkering.

Ook word je geïnspireerd, door verhalen van anderen, om te kijken op welke manier jouw talenten maatschappelijk kunnen worden ingezet. In de rubrieken Werken, Actief blijven, Hulp geven/krijgen, Geld en Mijn ziekte/beperking vind je veel nuttige tips en achtergronden.

MYJourney

MYJourney helpt jou de keuze te maken
tussen studeren, werken of een tussenjaar door middel van een
online programma. Het programma bestaat uit korte lesvideo’s met Your Turn sheets waarbij je echt de diepte in gaat.

In de korte videolessen ontmoet je een coach die je, door de juiste vragen te stellen, aan het denken, zodat jij écht actie gaat ondernemen. De coach kan jou leren om bij jouw eigen antwoorden en keuzes te komen en
laten zien dat het helemaal oke is om te twijfelen of het niet te weten.

Chronisch & Happy

Chronisch & Happy is een website van Jessica Poel. Jessica weet dat ze niet de enige is met chronische aandoeningen die positief in het leven staat. Daarom vertelt ze op de website niet alleen haar verhaal maar heeft ze ook subplatforms met de verhalen van van mede chronisch zieke “collega’s” (zichtbaar én onzichtbaar ziek). Dat is nodig, omdat er echt teveel onbegrip is en vooroordelen plus aannames zijn over chronisch zieken. 

Onder het mom: “openheid leidt tot begrip” lees je blogs & columns van Jessica én haar chronisch zieke “collega’s”, met als rode draad positiviteit. Ook hoopt ze daar o.a. werkgeversorganisaties, het UWV en de WMO mee te inspireren om zaken anders te organiseren.

Viel mee, toch, die kleine wandeling langs inspirerende organisaties die in mijn hoofd ronddwalen? Ik vind het mooi te zien hóeveel organisaties en instanties zich inzetten om mensen zoals jij en ik betere keuzes te laten maken…of althans ‘beter’…soms gewoon überhaupt ‘een’ keuze te laten maken. Daarnaast is een flink aantal organisaties begaan met mensen die om een of andere reden buiten de reguliere arbeidsmarkt vallen maar nog lang niet achter de geraniums willen belanden.

Er kan vaak zóveel, er zijn zoveel mogelijkheden en regelingen om toch je talenten maatschappelijk in te kunnen zetten. Het overbekende tegeltje…

Waar een wil is, is een weg

…is natuurlijk maar o zo waar.

Je hebt er alleen wel een dosis chronische positiviteit voor nodig.

Terug naar het filmpje.

De enige die je echt kan stoppen om dat doel te bereiken ben je zelf. Luister zelf naar deze wijze woorden van Ralph. En laat ze even goed tot je doordringen…

Help mee, denk mee, doe mee

Er zijn zóveel mensen met een chronische ziekte die juist niet (altijd) bij de pakken neer gaan zitten. Maar chronisch positief naar de eigen mogelijkheden kijken en maatschappelijk actief willen zijn.

Ik vind dat dit soort initiatieven véél meer in de spotlights mogen komen. Dat je ondanks je ziekte iets wilt betekenen voor een ander, dat mag dagelijks in de krant en bij het 8-uur journaal worden uitgelicht.

Ik werk aan een chronisch positief plannetje voor een overkoepelend platform waar mensen met een chronische ziekte hun eigen initiatief, product, project of campagne kunnen profileren, anderen daarmee kunnen inspireren, elkaar kunnen ondersteunen in acties of misschien zelf wel eens in het zonnetje worden gezet. Ik zoek financiering, mede-bouwers, ict’ers, verhalen…en laten we dan ook direct maar een app bouwen, chronisch positieve wedstrijd in het leven roepen en een spin-off tv-programma maken 😉

Een soort World Supporter voor iedereen met een chronische ziekte dus. Goed idee? Slecht idee? Ook jouw idee? Deel je gedachten via de reacties hieronder en/of neem contact met me op.

Deel je ervaringen

  • Heb jij tegenwerking ondervonden bij het ontwikkelen van je talenten en realiseren van je doelen? Hoe ben je met die tegenwerking omgegaan?
  • Wat denk jij zijn de grootste uitdagingen waar chronisch zieken mee te maken krijgen bij het vinden van werk?
  • Wat zou er in Nederland moeten veranderen om de kansen voor chronisch zieken op een reguliere baan of vrijwilligersjob te vergroten?

Deel je gedachten, ervaringen of ideeën via de reacties hieronder.

Meer lezen

  • Lees bij Emma at Work ervaringen van jongeren met een fysieke beperking rondom het vinden van werk.
  • Lees het artikel Op de bank bij de psych, op pagina 12 van UWV Magazine Perspectief. Check ook de achtergrondverhalen en nuttige tips in eerdere edities.
  • MEE & De Wering bieden jongeren met een beperking een Toekomstcoach, die jongeren helpt hun toekomst vast te pakken en vorm te geven. Van huisvestiging tot baan: een hulplijn naar volwassen worden.

Eilandhoppen in Griekenland, met opgroeiende kinderen én chronische pijn in coronatijd.

Geschatte leestijd: 20 minuten.

Ik ben nogal gek van reizen. C.q. ‘op vakantie gaan’. Dat eerste, ‘reizen’, vind ik meer backpacken: rugzak op, Lonely Planet -al dan niet digitaal- mee en een land of regio verkennen. Dat tweede, ‘op vakantie gaan’, is meer een ticket en accommodatie(s) boeken, relaxen en uitstapjes maken. Deze zomer kozen we voor de vakantie. Een vakantie samen met onze drie opgroeiende kinderen, samen met mijn eeuwige reisgenoot die chronische pijn heet én samen met het covid-19 virus, ofwel middenin coronatijd. Drie elementen die het reizen niet hoefden te belemmeren, wat ons betreft, maar waar we wel degelijk rekening mee moesten houden. Een verslag over eilandhoppen in Griekenland, maar vooral over hoe we als gezin omgingen met deze drie ‘uitdagingen’.

Maar voordat we in Griekenland belanden, eerst een korte terugblik op onze reis’carrière’.

Reizen in de pré-kindertijd

Er zit geen ‘waardeoordeel’ in, alsof “reizen” hoger op de avontuurlijke ladder geplaatst zou moeten worden dan “vakantie vieren”. Maar het is wel ánders natuurlijk. In de tijd vóórdat we kinderen kregen reisden Carina en ik samen heel wat af. Geholpen door goede contacten in de reisbranche, waar mijn bedrijf tegenaan schuurt, kon ik vaak goede ticketdeals bemachtigen. Dat was in de jaren eind ’90, begin ’00, toen lowcost vliegen in de kinderschoenen stond en reguliere airlines nog agententarieven beschikbaar stelden. Zo’n agententarief was écht voordelig, je vloog bijvoorbeeld voor 100 of 200 euro p.p. naar Mexico, Costa Rica, Sri Lanka, Bali of China -toevallig ook bestemmingen die we inderdaad bereisden :-). Het was vaak geluk hebben en snel beslissen, zo’n agententicket was populair en het ging meestal om de laatste stoelen. Maar regelmatig hadden we beet en reisden we goedkoop naar mooie bestemmingen.

Tropisch regenwoud, Costa Rica
Op reis naar het tropisch regenwoud van Costa Rica, 2006

Reizen in de tijd van onze nog jonge kinderen

In de tijd van de geboortes van de kinderen pasten we, als vanzelf, ons reispatroon aan. Kleine baby’s en verre bestemmingen matchen gewoon niet zo goed, vind ik. We kwamen ze daarvóór wel tegen hoor, al backpackend, van die blije families die met kleine kids bovenin de rugzak in volgepropte veel te hete lokale bussen avontuurlijk de highlights afreisden. Ik had er altijd respect voor, maar het was tegelijkertijd ‘not my cup of tea’. Wij ontdekten Spanje, het vasteland maar zeker ook de Balearen, met Mallorca als kindvriendelijke topper.

Veel mensen hebben een vooroordeel over Mallorca, geholpen door de zon-zee-zuipen tv-programma’s. En ja, op Mallorca is massatoerisme en je vindt er in sommige plaatsen de feestende tieners en twintigers die zich geregeld een coma zuipen. We wilden onze kleuters niet al vroeg op ideeën brengen 😉 dus kozen voor andere plekken op het eiland…en die zijn er maar genoeg. Kleinere ‘zus’ Menorca heeft als bijnaam ‘het buggy-eiland’, naar de vele buggy’s die je aan boord van vliegtuigen met eindbestemming Mahon vindt, maar Mallorca is zeker ook kindvriendelijk. Het eiland is te overzien qua grootte, heeft goede (bus en trein-)verbindingen, heerlijk grote stranden en een leuke shopwaardige hoofdstad. En de Spanjaarden zijn…gewoon dol op kinderen. Regelmatig vlogen we in de beginjaren dus naar Palma (niet te verwarren met het eiland La Palma in de Atlantische oceaan).

Straatbeeld Mallorca
Met nog jonge kinderen op ons favoriete eiland Mallorca, 2011

Reizen anno 2020: islandhopping in Griekenland

Eind 2019, begin 2020 hadden we weer familieberaad aan de keukentafel. Met kids in de leeftijden 13, 10 en 8 kom je in de fase dat ze écht meepraten over de eerstvolgende vakantieplannen. Een aantal zomers hadden we al in Nederland doorgebracht, een prima bestemming als het weer wat meezit én we wilden de torenhoge hoogseizoenprijzen in (/naar) het buitenland vermijden. We reisden dan vaak in voor- of najaar naar landen buiten Nederland, maar niet in de zomer. Dit jaar was het anders. Al snel bleek iedereen, om variërende redenen, behoefte te hebben aan échte zon en een échte buitenlandse vakantiebestemming. Maar ook aan ‘een bijzondere reis’, zo’n reis die een aantal jaren in herinnering bij je blijft.

Met een pleegzoon aan het werk in Athene kwam al snel het idee om Griekenland als hoofdbestemming voor 2020 te kiezen. Konden we mooi even bij hem op bezoek, het was anders dan Spanje én we konden de reis maken die we onze kinderen graag een keer wilden laten maken: eilandhoppen. Met z’n tweeën hadden we dat al, semi-georganiseerd, een keer eerder gedaan naar de Dodecanese eilandengroep in het zuidoosten van Griekenland (we bezochten Patmos, Kalymnos, Leros en Kos). Dat was destijds een hele mooie ervaring en we wilden ook onze kinderen die reisbeleving graag een keer meegeven.

In februari van dit jaar planden we met z’n tweeën een weekend weg (we hebben nog de luxe! van opa’s en oma’s die willen en kunnen oppassen) en bogen we ons eens goed over bestemming Griekenland.

Islandhopping do-it-yourself: Interrail

Ik ben fan van Interrail. Treinen door Europa; vroeger voor eind-tieners / begin twintigers, tegenwoordig voor alle leeftijden. Na mijn middelbare school maakte ik een treinreis met twee vrienden dwars door Europa: hoeveel vrijheid wil je als net-ex-scholier nog meer. Een fantastische ervaring. Sindsdien ben ik Interrail blijven volgen. Een e-mailing zette mij op het spoor van een hele interessante bootpas in Griekenland: de Greek Islands Pass. Bedoeld als aanvulling op een treinpas; als je in Griekenland of Italië bent beland kun je voordelig een aantal Griekse eilanden bezoeken. Maar de pas bleek boekbaar voor iedereen en bood ook nog eens een fraaie korting voor kinderen; Jans en Tijs betaalden nog niets, Ana kreeg een flinke korting.

Voor nog geen €250 (in totaal!) mochten we binnen één maand 5 bootreizen maken, startend in Athene (Piraeus-haven) en varend met het netwerk van Blue Star Ferries en Hellenic Seaways. Er is trouwens ook een pas-optie waarbij je van Italië naar Griekenland kunt reizen: 2 overtochten zijn dan inbegrepen tussen Venetië, Ancona of Bari en Patras of Igoumenitsa. Het volledige netwerk van beide maatschappijen bedient 53! eilanden.

Meer weten? Download de infobrochure van Interrail over de Greek Islands Pass hier:

We zochten een goede werkplek in de lobby van het hotel (conferentie-hotel NH Leeuwenhorst in Noordwijk) en hebben een volledige dag zitten puzzelen. Het vinden van de ideale combinatie van voordelige ticketmogelijkheden, bootschema’s en accommodatie-opties was een behoorlijke puzzel, maar met allebei een toerisme-opleiding als achtergrond ook een leuke uitdaging. Aan het eind van de dag stond er een mooi schema en boekten we de bootpas, de vliegtickets (Brussel Charleroi – Athene) en legden we de meeste accommodaties ook vast. We wilden een mooie reis maken, maar ook lekker uitrusten en niet terplekke met drie kids nog op zoek moeten naar leuke en betaalbare gezinsaccommodaties. En de eilanden konden wel eens druk bezocht zijn, zo midden in de zomer, dus we kozen voor zekerheid en gemak.

Eiland-hoppen in Griekenland anno 2020: prachtige reis, met wat extra ‘uitdagingen’

Ons reisschema stond vast. In drie weken (+ één dag) zouden we achtereenvolgens Athene, Santorini, Naxos, Syros en Tinos bezoeken, om de laatste paar nachten weer in Athene te zijn om onze pleegzoon nog even te zien. We kozen bewust voor drie weken, zodat we een rustig reisschema hadden. We wilden we op de eilanden voldoende tijd hebben om uit te rusten en anderzijds ook wat van de eilanden te zien. We boekten minimaal vier, soms vijf nachten per eiland, in één accommodatie per eiland.

De route in beeld:

nb:

  • nee, we hebben de route niet per auto gedaan…ik vind de optie in Google Maps niet om de auto-afstand niet te tonen 🙂
  • het punt tussen Naxos en Tinos is het eiland Syros

Uitdaging 1: Reizen met opgroeiende kinderen

Het klinkt wat decadent, om eilandhoppen met je eigen kinderen een ‘uitdaging’ te noemen. Er zijn immers heel wat gezinnen die voor échte, veel grotere, uitdagingen staan. Die zouden wíllen dat ze zo’n mooie reis konden maken. Toch is het uiteindelijk iets dat niet helemaal vanzelf gaat en moet je je wel degelijk goed voorbereiden op zo’n reis.

Onze kinderen zijn gewend aan reizen c.q. op vakantie gaan. Op het moment dat ze een handbagage-rolkoffertje kónden hanteren, kregen ze die ook van ons in handen ‘gedrukt’. Oftewel, we hebben ze opgevoed met regelmatig op vakantie gaan. Daarbij reizen we altijd lowcost en op lichtgewicht handbagage -geen gesleep met grote koffers. Dat heeft met gemak te maken, met kosten (bezuinigen op dure incheck-koffers) én…met uitdaging 2.

Tijdens onze vakanties in met name Spanje, maar ook in Nederland, waren we al gewend aan het tussentijds regelmatig veranderen van hotels. Niets zo leuk als eens in de paar dagen wisselen van accommodatie: een ander uitzicht, andere te ontdekken plaats, nieuw zwembad, andere eetzaal of restaurantjes, andere souvenirshops. We wisten dus dat het regelmatig in-en-uitpakken en op naar het volgende Griekse eiland “goed te doen” zou zijn. De enige ‘voorwaarde’ die onze kinderen vooraf hadden gesteld was dat er regelmatig een mogelijkheid zou zijn om een duik in het water te nemen. Ofwel: kustplaatsen opzoeken en/of een zwembad bij het hotel. Daar selecteerden we de dorpjes en accommodaties op die we vooraf boekten.

Het reizen an sich zou dus wel meevallen, zo was onze inschatting. Een factor die we vooraf niet zo goed konden inschatten was het Griekse klimaat. Met name onze middelste, Tijs, heeft het nogal eens snel te warm; hij kan zijn warmte minder goed kwijt. We wisten dat het in Griekenland in de zomer standaard 30 (of meer) graden kan zijn, dagen achtereen. Hoe zou dat uitpakken?

eilandhoppen in Griekenland met opgroeiende kinderen: de praktijk

De praktijk viel reuze mee. Het reizen op zichzelf was prima te doen, zoals we ook hadden verwacht. Het ritme van inpakken, bootreis, transfer naar de accommodatie, uitpakken, relaxen, ontdekken, inpakken, transfer naar de haven en volgende bootreis was prima te doen in de geplande vier of vijf dagen per eiland. Natuurlijk scheelt het dat onze kinderen zoals gezegd al gewend waren aan deze manier van reizen. We maakten het onszelf regelmatig gemakkelijk, ook rekening houdend met uitdaging 2, door vooraf (meestal op de boot) contact te leggen met de volgende accommodatie. Soms was een ophaalservice zelfs inbegrepen, als de afstand naar de haven klein was. Soms betaalden we een beperkte fee van 20-25 euro voor een ritje van een aantal kilometers in een transferbusje voor 5 personen. Soms kozen we voor de lokale bus en betaalden we 10 tot 15 euro (afhankelijk van de chauffeur en zijn bijrijder betaalden we voor één, twee of incidenteel drie kinderen).

De warmte? Ja het was warm en zonnig. Drie weken lang hebben we strakblauwe luchten gezien en het werd niet kouder dan 25 graden, meestal inderdaad boven de dertig. De ingepakte lange broeken en truien bleven drie weken lang in de koffer. Toch had niemand, inclusief Tijs, er eigenlijk last van; vooral niet omdat er op de eiland een (soms stevige!) wind staat die het aangenamer maakt. Waar de hitte in Nederland al snel klammig wordt, is de warmte in zuid-Europa en zeker in Griekenland droger. Prima te doen dus, zolang je maar regelmatig de schaduw opzoekt, goede zonnecrème gebruikt en zwembad of zee in de buurt houdt voor een frisse duik.

Toch waren er twee dingen die we enigszins onderschat hebben.

De boottochten die we maakten varieerden in tijdsduur van 30 minuten (Syros-Tinos) tot 7 à 8 uur (Pireaus-Santorini). Voor ons als volwassenen waren ook de lange overtochten heerlijk; je leest een boek, praat wat, dommelt eens weg. Maar voor de kinderen was die 7 uur op het dek (werd uiteindelijk door vertraging bijna 8 uur) toch wel erg lang. iPads, smartphones en meegenomen spelletjes konden een deel van de tijd wel overbruggen, maar het was toch…lang.

Tweede onderschatting was de hoeveelheid tijd die we kwijt waren aan ‘wachten’. Uiteraard wil je op tijd in de haven zijn en calculeerden we vertraging in van accommodatie naar de havenplaats. Daardoor waren we vaak toch ruim een uur voor vertrektijd van de boot aanwezig. De meeste boten vertrokken op tijd, een enkele te laat. Ook rondom de transfers zelf was het vaak wachten…je komt niet last-minute bij bus of transferbusje aanzetten. Alles bij elkaar hebben we in drie weken tijd ook wel behoorlijk wat gewacht en rondgehangen, ook op plekken waar niet altijd voldoende schaduw te vinden was.

Mobiele apparaten bieden afleiding tijdens de lange vaartocht
iPads en smartphones komen ook bij ons van pas tijdens de lange vaartochten

Uitdaging 2: Reizen met chronische pijn als beperkende factor

Er is nog niet zoveel geschreven over reizen met chronische pijn. Anna Raymann besteedde in haar meest recente boek Overleven met chronische pijn een hoofdstuk aan ‘Op vakantie gaan’ en er zijn her en der wat praktijkblogs geschreven van chronisch pijnpatiënten -of meer algemeen mensen met een chronische ziekte- die op reis gingen. Maar, voor zover mij bekend, is het dat dan ook wel.

Vooraf bedachten we een paar dingen die wellicht handig zouden zijn, rekening houdend met de beperkingen die chronische pijn nu eenmaal met zich meebrengen.

  • een relatief rustig reisschema, met minimaal vier en soms vijf nachten op één locatie
  • kwalitatief goede accommodaties, waarbij we extra letten op (de recensies van) de kwaliteit van de bedden. Het aantal sterren van een hotel zegt al iets, maar vaak door recensies te lezen krijg je wel een goede indruk van de staat van kamers en bedden.
  • voldoende rust op locatie. Natúúrlijk kan je vier of vijf dagen prima vullen met het hele eiland ontdekken en alles willen zien, maar dat werd niet het doel van deze reis. We beperkten ons vooraf tot met name het ontdekken van de locatie waar ons hotel zich bevond; we kozen dan ook veelal voor de wat grotere plaatsen.
  • lichtgewicht reizen; iets dat we sowieso al wel doen. Geen gesleep met grote koffers; maximaal een trolley en dagrugzakje.
  • gebruik maken van transfers, zodat we na aankomst op een eiland vrij snel in het hotel zijn

Waar ik mij persoonlijk enorm op verheugde bij deze reis was de haast gegarandeerde zon-zekerheid op de Griekse eilanden (zeldzame ‘tropische’ stormen daargelaten). Chronische pijn wordt niet minder door zon en warmte, anders was ik ongetwijfeld al geëmigreerd 🙂 Maar over het algemeen gedij ik beter met warmte om me heen; dat is wellicht ook iets lichamelijks, maar vooral toch iets mentaals.

eilandHOPPEN IN GRIEKENLAND MET chronische pijn: DE PRAKTIJK

Reizen met chronische pijn is niet voor iedereen (helaas) haalbaar. Ook ik heb fasen gehad waarin ik nauwelijks goed kon bewegen, veel minder de deur uitkwam en niet over vakanties hoefde na te denken. Maar in de huidige fase is reizen en op vakantie gaan weer meer haalbaar, haal ik er ook energie uit in plaats van dat het alleen maar nóg meer energie kost. En ik moet ook zeggen dat mijn huidige (stevige) pijnmedicatie op de meeste dagen een bepaalde goede balans geeft, waardoor er ook weer wat meer mogelijk wordt.

Ons reisschema gaf inderdaad voldoende rust. Ook al hadden we een aantal best intensieve reisdagen, de dagen erna gaven voldoende ruimte om te herstellen, mijn lijf weer rust te gunnen. Dat betekende ook meer liggen op de rustdagen, het tempo laag houden, gebruik maken van de ligbedden aan de rand van het zwembad of op het strand, etc. We hadden niet bespaard op kwaliteit van hotels en dat betaalde zich dubbel en dwars uit in goede faciliteiten en kwalitatief goede bedden. Ook de transferservices waren prettig, zodat je na aankomst in de haven snel op bestemming bent.

Het reizen met (alleen) handbagage is iets dat je moet willen en moet kunnen. Niet ieder gezin zal zo willen reizen. Ons gaf het de mogelijkheid om lichtgewicht te reizen. Dat bleek al snel een voordeel op de ‘bootdagen’: je bent toch meer aan het tillen, zeker bij binnenkomst in de boot waar je vaak enkele trappen of roltrappen op moet, inclusief bagage. Het feit dat de kinderen oud genoeg zijn om hun eigen bagage te tillen (alleen Jans hielpen we af en toe) scheelt uiteraard ook. De faciliteiten aan boord van de veerboten verrasten mij in positieve zin; als je wilde kon je op de meeste boten óók als economy-passagier gebruikmaken van een soort brede vliegtuigstoelen die prettig zitten -en liggen. Ik moet wel zeggen dat Uitdaging 3 (zie verderop) er voor zorgde dat de boten niet vol- of overbezet waren, waardoor er ook meer ruimte was om even ergens te gaan liggen.

Reizen met chronische pijn dóet pijn, dat klopt. De reisdagen leveren meer pijn op dan gewoonlijk, dat is iets waar je je mentaal op in moet stellen. De soms lange boottochten zijn niet bevorderlijk, zeker als je langere tijd moet zitten. Ik zorgde ervoor dat ik voldoende bewoog, door wat vaker een rondje over het schip te lopen. Moest er iemand naar het toilet, dan liep ik vaak mee om weer even een andere houding te hebben en in beweging te zijn. En ik zorgde dus voor meer rust op de niet-reisdagen, waardoor de balans gelukkig goed bleef.

Veel chronisch pijnpatiënten gebruiken pijnmedicatie. Ook ik slik dagelijks een behoorlijke cocktail van pillen, waaronder opiaten. Ga je drie weken op reis, én heb je ook nog eens te maken met Uitdaging 3, dan betekent dat een enorme hoeveelheid mee te nemen medicijnen. Ik calculeerde in dat we wellicht onverwacht vast zouden komen te zitten op het Griekse vasteland of op een van de Griekse eilanden; ik nam dan ook een extra voorraad medicijnen mee voor nog eens drie weken. Dat betekende een goed gevulde dagrugzak aan medicatie die deels onder de Nederlandse opiumwet vallen. Belangrijk is het dan om de juiste verklaringen bij je te hebben, zeker omdat er ook opiaten tussen de medicatie zitten. Het CAK (Centraal Administratie Kantoor) verstrekt medicijnverklaringen, die je zelf invult, laat ondertekenen door je huisarts of medisch specialist en laat valideren door het CAK. Dat is een (digitaal) proces waar enige tijd overheen gaat; begin dus op tijd met invullen! Mijn ervaringen met het CAK zijn tot nu toe erg positief; ook al is het een extra handeling en vergt het tijd en heen-en-weer sturen van documenten, ze werken bij het CAK snel en efficiënt. Daarnaast heb ik -voor de volledigheid- altijd ook een Engelstalige uitdraai van de apotheek bij me, waar ook de internationale werkzame stof in de medicatie op vermeld staat. Ik heb altijd het idee dat men bij de douane mij apart zal nemen vanwege die rugzak vol pillen, maar tot nu toe is dat nog nooit gebeurd (ook niet op reizen buiten Europa) en heb ik nog nooit verklaringen hoeven laten te zien.

Faciliteiten bij het zwembad van Tinos Beach Hotel
Prettige hotelfaciliteiten als gratis loungebedden maken het verblijf beter ‘doenbaar’ met chronische pijn

Uitdaging 3: op vakantie in coronatijd

We hadden mid/eind februari 2020 alles geboekt. Tickets, accommodaties, bootpas: alles was vastgelegd en ook maar direct betaald, in het kader van ‘dan staat het maar vast en betalen moeten we toch’. Een groot deel van de accommodaties waren non-refundable (de goedkoopste optie).

En toen kwam corona, Covid-19.

Vanaf maart 2020 werd alles anders. Wereldwijde reisbeperkingen, lockdowns, overheidsmaatregelen. Volledige landen gingen op slot. Onze pleegzoon was halverwege februari vertrokken, om in een callcenter in Athene te gaan werken. Training gevolgd, eerste (in)werkdagen gehad, appartement, werkvergunning en bankrekening geregeld. Maar ook hij kwam letterlijk vast te zitten door corona.

Griekenland nam, als een van de eerste landen in Europa, zware maatregelen. Het hele land ging op slot. Onze pleegzoon mocht niet meer naar zijn werk reizen binnen Athene, moest zelfs sms-toestemming krijgen om een boodschap in de dichtstbijzijnde supermarkt te doen. Na een aantal dagen thuiswerken in zijn appartement koos hij er toch voor om met een van de laatste vluchten terug naar Brussel te vliegen. Weg werkvakantie.

Het was natuurlijk superleuk geweest als we hem in Athene hadden kunnen opzoeken. Maar, zeiden we in maart, ondanks zijn terugkeer naar België “gaat onze islandhopping-trip in Griekenland natuurlijk gewoon door”. Totdat de berichten kwamen dat ook Nederland, net als veel andere landen, op slot ging. Reisverkeer was niet meer mogelijk, zelfs binnen Nederland moest het verkeer zoveel mogelijk worden beperkt. Lang hebben we gedacht dat we deze reis in 2020 niet meer zouden maken; tot ver in juni, begin juli, leek de kans op vertrek minimaal. Vanaf begin juni werden wel versoepelingen doorgevoerd, ook het reisverkeer ging vanaf half juni weer open, er werd weer voorzichtig gesproken over ‘vakantie in eigen land’. Veel mensen verschoven hun (geboekte) vakanties naar 2021, gebruikmakend van de vouchers in de reisbranche.

Maar hé, wij hadden losse Ryanair tickets, een losse bootpas, zeven! reserveringen bij hotels…lang leve dynamic packaging 😉 ! We hielden toch de optie open om alsnog te vertrekken, zeker toen vanaf mid-juni de landen binnen Europa teruggingen van ‘code oranje’ naar ‘code geel’: vakantiereizen mogelijk, maar er zijn risico’s. Toerisme-ministers pleitten weer voor langzaam herstel van het Europese toerisme, luchtvaartmaatschappijen gingen weer vliegen. We hadden goede hoop dat Ryanair als lowcost airline, wellicht als een van de eerste, weer zou gaan vliegen op Athene. Griekenland kende, mede door zijn snelle en scherpe maatregelen, relatief weinig coronabesmettingen. Het land dat al met een zo sterke financiële crisis te maken had en zo afhankelijk was van toerisme ging weer open voor toeristen. We legden halverwege juni contact met alle accommodaties; iedereen was weer en nog in business, services werden vanaf begin of half juli weer opgestart: we waren welkom. Overigens boden ze ook allemaal de optie om gebruik te maken van een voucher en de reis te verplaatsen naar 2021; volop flexibiliteit dus.

Moet je wel op vakantie willen, zo nog midden in de coronacrisis?

Dat was een lastig dilemma. Los van het financiële (zouden we wel geld terug krijgen als we zelf besloten niet te gaan terwijl services wel operationeel waren) was er de emotionele afweging: welke risico’s lopen we, nemen we corona vanuit Griekenland niet ‘mee naar huis’…de discussie was volop gaande in de Nederlandse media. Overigens waren we natuurlijk bereid in quarantaine te gaan na terugkeer, als daar reden toe was geweest en/of als de beleidsregels waren aangescherpt.

Mondkapjes op in al het openbaar vervoer, dus ook in de waterbus
Mondkapjes vormen in coronatijd het standaardbeeld overal in Griekenland

eilandHOPPEN IN GRIEKENLAND IN CORONA TIJD: DE PRAKTIJK

Begin juli kwamen eigenlijk alle seinen op groen…we besloten te vertrekken. Na vier, vijf maanden corona waren we er wel aan toe. Alles was operationeel. Geluiden uit Griekenland waren juist relatief positief: toeristen waren meer dan welkom (inkomsten) en zeker op de eilanden waren er weinig -tot geen- corona-besmettingen.

Én…we hadden een troefkaart. Een collega van Carina heeft een Griekse man; ze wonen samen in Breda maar hebben uiteraard familie, op het Griekse vasteland. Die waren bekend met onze situatie en wilden maar al te graag helpen -waar nodig. Als Griekse tolk optreden mocht het nodig zijn, als binnenlandse opvanglocatie fungeren mochten de grenzen toch weer worden gesloten: we waren meer dan welkom om in een ‘nood’situatie contact te leggen en ze zouden ons met liefde helpen. Dat gaf een gerust gevoel, én het laatste zetje om daadwerkelijk te vertrekken.

Wat hebben we van corona gemerkt tijdens onze reis? Eigenlijk vrij weinig. Op airport Brussel Charleroi werden de dames van het gezin door een aparte tent geleid waarbij temperatuur werd opgemeten (die gender’discriminatie’ 🙂 konden we niet helemaal plaatsen). Op Athene airport werden we richting coronatest ge’drild’: niets vrijwillig, geen discussie, testen maar. Voor vertrek hadden we een Passenger Locator Form moeten invullen met al onze gegevens en een QR code; die werd bij aankomst gescand. Achteraf hoorden we verhalen van mensen die zo’n formulier niet hadden geregeld en zonder pardon werden teruggestuurd naar land van vertrek.

Natuurlijk, iedereen had een mondkapje op. Op de airport, in het vliegtuig, in de metro in Athene, in de winkels en supermarkten, op de boten (tenzij je buiten was); eigenlijk overal. De Grieken leken dat ook volledig te accepteren, wezen elkaar er ook op als iemand (even) geen mondkapje droeg. Voor wat we er van meekregen was er nauwelijks discussie over deze mondkapjesplicht…maar natuurlijk kregen we weinig mee van de Griekse media. Dat reizen met een mondkapje op wende heel snel, zelfs in de warmte van Griekenland was het goed te doen. Ook de kinderen hadden er eigenlijk weinig moeite mee, er was weinig discussie over en mondkapjes werden overal braaf opgezet. Iedereen die actief was in het Griekse toerisme droeg er een, soms merkte je dat mensen het fysiek onaangenaam vonden zo’n mondkapje, maar dat waren toch uitzonderingen.

En ja, corona zorgde ervoor dat het overal in Griekenland relatief nog rustig was. Geen overvolle metro’s, geen drukte bij de toeristische highlights, dat was iets dat wél erg opviel. Corona was niet ‘bad voor business’, het was ‘catastrophic for business’, aldus de Grieken. Hoteleigenaren spraken van 90 tot 95% minder omzet dan normaal gesproken. Enerzijds was men dus erg blij dat er weer toeristen kwamen, er kon weer wat inkomen worden gegenereerd. Anderzijds spraken we ook wel Grieken die benoemden dat met de weer toenemende stroom toeristen, de kans op méér corona in Griekenland ook weer toenam. Een dubbel gevoel dus, bij de Grieken. Andersom gaan er geluiden op in Nederland dat bij toeristen die naar andere landen reizen, de kans ook weer toeneemt dat ze corona uit het buitenland meenemen. We spraken winkeliers in souvenir shops dichtbij de Akropolis in Athene, die aangeven dat je normaal gesproken de -toch behoorlijk grote- winkel bijna niet binnenkwam, zó overvol met toeristen kon het er zijn. Nu waren we de enige klanten in zijn shop.

In drie weken tijd hebben we, los van de mondkapjes, eigenlijk weinig van corona gemerkt tijdens het reizen en in de hotels. De eerste week was het ook op de veerboten behoorlijk rustig, de tweede en derde week merkte je dat het verkeer naar de eilanden weer meer op gang kwam. Bij inscheping in Piraeus stonden cameraploegen en werden Grieken en toeristen geïnterviewd; in Griekenland was het nieuws dat de veerboten weer naar de eilanden gingen varen en dat er weer meer toeristen kwamen. Vanuit de Grieks/Nederlandse collega in Nederland hoorden we dat we zelfs nog in beeld zijn geweest in het Griekse journaal, terwijl we de boot op gingen 😉 Natuurlijk waren er wat extra administratieve handelingen en formuliertjes bij het inchecken in hotels of binnengaan van de veerboten. Heel soms werden we gescand op lichaamstemperatuur, met name bij de veerboten.

Maar al met al viel reizen in Griekenland in coronatijd reuze mee. Het was niet veel anders dan de situatie in Nederland. Sterker nog, we vonden het op de Griekse eilanden soms makkelijker om drukte te vermijden dan eenmaal terug in Breda. Iedereen bleef gezond, na terugkeer bleek niemand van het gezin in Griekenland corona opgelopen te hebben, we zijn naar aanleiding van de tests onderweg ook niet benaderd.

Eilandhoppen in Griekenland met je gezin: doen?

Hoe kijken we terug op onze Griekenland reis, rekening houdend met onze opgroeiende kinderen, chronische pijn en het coronavirus? 100% positief.

  • Eilandhoppen met opgroeiende kinderen? Prima te doen. Zorg voor wat extra vermaak op de lange veerboottrips en reis zo licht mogelijk qua bagage. Boek bij voorbaat de boottochten, accommodaties en eventueel ook transfers al vóór vertrek, zodat je tijdens de reis vooral van het land kunt genieten en niet in de regelstand hoeft.
  • Eilandhoppen met chronische pijn? Is haalbaar. Zorg voor een rustig reisschema met voldoende rustdagen na een boot-dag. En kies voor de betere accommodaties met voldoende faciliteiten. Zorg uiteraard voor een goede balans tussen rust en activiteiten. En stel je in op wachtmomenten rondom de vaartochten.
  • Eilandhoppen in corona tijd? Uiteraard een uitzonderlijke situatie die hopelijk in de loop van 2021 is geminimaliseerd. Maar los van het dragen van een mondkapje, wat extra formaliteiten en testjes en het vermijden van potentiële ‘drukke plekken’ was ook dit prima te doen. Zonder dat je extra risico’s loopt ten opzichte van de situatie in Nederland.

Eén kanttekening nog.

Wij kozen er bewust voor om langer dan twee weken weg te gaan, om vier eilanden te bezoeken in drie weken tijd (met een zijtripje naar een vijfde eiland, Mykonos). Achteraf gezien is drie weken eilandhoppen best lang, vonden wij. Er komt ook een zekere mate van ‘sleur’ (klinkt negatiever dan bedoeld) of gewenning in, boot op, boot af, volgende eiland verkennen, drie weken Griekse maaltijden eten, etcetera. Volgende keer zouden we het waarschijnlijk toch beperken tot twee (ruime) weken, wellicht een eiland minder.

Eilandhoppen Griekenland, in beeld

Deel je ervaringen

  • Heb jij een soortgelijke reis gemaakt met je kinderen? Wat zijn jouw ervaringen? Heb je tips & tricks voor mensen die er over nadenken ook te gaan eilandhoppen met kinderen?
  • Als je ook te maken hebt met chronische pijn: in welke mate belemmert deze pijn je om een dergelijke reis nog te maken? Heb je wellicht andere manieren gevonden om toch een ‘vakantiegevoel’ te krijgen?
  • Reizen in coronatijd, zou het nog wel ‘moeten mogen’? Zijn we egoïstisch en onbezonnen door toch zo’n reis nu te maken, of is het een kwestie van ‘ingecalculeerde risico’s’?

Deel je gedachten en ervaringen via de reacties hieronder.

Meer lezen

  • JoHo heeft uitgebreide keuzehulp met vraag & antwoord samengesteld over het onderwerp Reizen met kinderen in het buitenland.
  • Sluit altijd een goede aflopende of doorlopende reisverzekering af, óók als je binnen Europa op pad gaat.
  • Ook op pad in coronatijd? Lees de informatie van de Rijksoverheid.
  • Onze ‘uitdagingen’ komen in een volledig ander licht te staan als je dit artikel in de Volkskrant leest (augustus 2020), over de vluchtelingen’problematiek’ op een ander Grieks eiland, Lesbos.
  • Meer informatie over de Greek Islands Pass vind je bij Interrail. Je schaft de pas eenvoudig aan, deze wordt naar je huisadres toegestuurd.
  • Gebruik de website van het CAK om te achterhalen of je een medicijnverklaring nodig hebt om op reis te kunnen (douane!), en zo ja wélke verklaring. Ik had inderdaad een Schengenverklaring nodig; een voorbeeld van het formulier vind je hieronder. Je vult het zelf in, de huisarts ondertekent, het CAK valideert het formulier met een stempel. Per medicijn (dat onder de opiumwet valt) vul je een apart formulier in.

NB gebruik altijd de meest recente versie van het formulier, die je op de website van het CAK vindt.

Op naar een volgend eiland!

Duurzaam leven. Ik worstel voorlopig nog.

Geschatte leestijd: 7 minuten.

Duurzaamheid. Ik vind het een moeilijk begrip. Het is ook zo’n containerbegrip, dat je naar gelang je voorkeuren of (zakelijke) bezigheden op allerlei manieren kunt uitleggen. Dat maakt het ook zo lastig om duurzaamheid te definiëren. Duurzaam leven, hoe doe je dat?

Duurzaamheid, een definitie.

Eerst maar eens een definitie.

Duurzame ontwikkeling is een ontwikkeling waarbij de huidige wereldbevolking in haar behoeften voorziet zonder de komende generaties te beperken om in hun behoeften te voorzien.

Wikipedia

Ok…dat is geen exacte definitie van duurzaamheid maar meer van duurzame ontwikkeling. Maar ik kan hem wel gebruiken: duurzaamheid is een status, een toestand, waarin ik leef op een manier waarbij de huidige wereldbevolking in haar behoeften voorziet zonder de komende generaties te beperken om in hun behoeften te voorzien.

Mmm.

Da’s nogal een grote stap, van mijn leventje naar dat van de hele wereldbevolking.

Toch ben ik er van overtuigd dat mijn gedrag, mijn handelen, wel degelijk kan bijdragen aan het algehele duurzame gedrag van veel mensen op de wereld en dat van toekomstige generaties. Als je het bij jezelf houdt, zelf duurzaam probeert te leven, inspireer je vanzelf anderen om dat ook te doen.

Een uitstapje in de tijd. Terug naar 2011.

Ik werk bij JoHo, al een tijd en ook nog geruime tijd. Al zit ik nu (anno 2020) in een flinke dip qua gezondheid (lees: Chronische pijn), er komt een tijd dat dat weer veranderd is. Daar is JoHo me veel te dierbaar voor.

Maar goed, 2011 dus. We geven onszelf, met financiële hulp van het Ministerie van Buitenlandse Zaken, de opdracht om in vier jaar tijd 1.000 jongeren (14-25) te inspireren, motiveren en faciliteren om een ervaring in het buitenland (‘ontwikkelingsland’) op te doen. Een programma rondom wereldburgerschap. Niet alleen om hier eigen talenten en competenties mee te ontwikkelen, en ook niet alleen om elders op de wereld voor enkele weken of maanden een kleine bijdrage te leveren, maar (vooral) ook om eenmaal terug in Nederland die ervaring om te zetten in duurzaam gedrag.

MillenniumDoen!, heet het programma; met een verwijzing naar de millenniumdoelen (tegenwoordig: sustainable development goals) én een krachtige actie (Doen!) erin.

We geven jongeren een aantal tools om hen te stimuleren de ervaring daadwerkelijk om te zetten in duurzaam gedrag. Hieruit is het anno 2020 nog steeds actieve platform World Supporter ontstaan, met profielen van minimaal 1.000 jongeren die online delen wat ze doen om bij te dragen aan een betere wereld.

Het blijkt, met hulp van diverse partners in Nederland en verspreid over de wereld, geen enkel probleem om jongeren te vinden die deze kans willen benutten. Ook het vinden van eigen financiering en regelen van extra fundraising voor de projecten waar ze aan de slag gaan lukt meestal goed. Zoals vaak in dit soort programma’s ontstaat er een kopgroep van ongeveer 100 à 150 jongeren die zich als échte wereldburgers gedragen, maar door- en doorgaan om bij te dragen aan onze wereld en anderen uit hun directe en indirecte achterban daar bij te betrekken. Daarnaast een grote middengroep van zo’n 750 jongeren die de kans en (financiële en inhoudelijke) hulp aangrijpen om een eerste wereldervaring op te doen en vooral met hun directe omgeving te delen wat ze meemaken en terug in Nederland uitvoeren. Tot slot een groep van 100 à 150 jongeren die wat meer achter de broek moet worden aangezeten en meer hulp van begeleiders nodig heeft.

Dol Dwaze Duurzamen

Vooral die kopgroep heeft me al die tijd, verspreid over vier projectjaren, gegrepen en positief verrast. Het begrip duurzaamheid leeft écht bij hen en ze weten hun ervaringen ook heel tastbaar om te zetten in duurzaam gedrag. Daar is niets vaags aan, het is heel concreet. Van eigen duurzaam dagelijks gedrag tot fundraising acties voor goede doelen, van lezingen overal in het land waarmee men duizenden anderen motiveert tot online acties en campagnes, van het betrekken van basisscholen tot studie- en carrièreswitches in de richting van social businesses of antropologie opleidingen.

De volhardendheid van deze kopgroep om niet alleen eigen gedrag te verduurzamen maar ook -op een leuke, creatieve en niet belerende manier- anderen te stimuleren tot duurzaamheid is aanstekelijk.

We krijgen uiteindelijk een dikke pluim van het Ministerie voor de uitvoer van en rapportage over het programma in z’n geheel. Het programma is kwalitatief goed uitgevoerd, er zijn tientallen partners bij betrokken en zowel het directe als indirecte bereik van alle deelnemers is groot én groter dan vooraf in de aanvraag beschreven.

Maar meer dan dat vind ik het mooi om te zien hoe duurzaamheid leeft onder jongeren.

Nieuwsgierig naar de manier waarop jongeren invulling gaven aan hun wereldburgerschap, met stimulansen van MillenniumDoen!? Bekijk de Portretreeks die we destijds maakten van acht World Supporters die meededen aan het programma.

Terug naar mijn eigen leven, anno 2020

MillenniumDoen! inspireerde ook mij om wat vaker te letten op mijn eigen duurzame gedrag. Het niet in de grootsheid van landelijke campagnes, wereldwijde development goals of in het werk van grote ontwikkelingsorganisaties te zoeken, maar juist in het kleinschalige. Vaker korter te douchen, eens wat vaker te kiezen voor fair-trade producten, tijdens reizen vooral lokaal te eten en lang niet altijd af te dingen maar de ander wat meer te gunnen. En, nog steeds blog ik over wereldburgerschap op het World Supporter platform en in het Magazine Wereldburgerschap op deze site.

Maar.

Er is één grote maar.

Ik doe het niet consequent.

Ik heb duurzaam leven niet tot tweede natuur gemaakt.

Ik heb in 2019 (voor het eerst) een ‘allesvernietigende’ maar o zo mooie cruise gemaakt rondom de Verenigde Arabische Emiraten. Álles vernietigend, want cruisen staat geloof ik niet heel erg hoog op de duurzaamheidslijstjes… 😬 Ik vlieg vaak. En dan ook echt zo goedkoop mogelijk, zonder mijlen te compenseren (want daar geloof ik niet in). Ik eet niet biologisch. Ik hop per (logge, vervuilende) ferry’s tussen Griekse eilanden (2020). Ik verblijf in hotels van internationale ketens, in plaats van dat kleinschalige eco-hotelletje. Allemaal niet erg duurzaam gedrag dus.

Dus vertel het mij maar – wat is de definitie van duurzaam leven?

Ik leef met een dubbele duurzame moraal. Soms wel duurzaam, soms ook helemaal niet. Toch vertel ik mezelf wereldburger te zijn (meer dan ‘Nederlander’ of ‘Europeaan’). En wereldburgerschap als een van de centrale thema’s in mijn leven te hebben.

Dat landen en culturen verschillen nam niet weg dat de mensen in die verschillende landen en culturen zich heel universeel gedroegen. Ze zochten eten, drinken, een dak boven hun hoofd, geborgenheid, liefde.

Uit: De slag om Srebrenica, Frank Westerman

Ik lees veel over sustainability en mondiaal burgerschap. Ik praat en schrijf erover. Ik ga graag de discussie aan wat nu eigenlijk duurzamer is; dat grotere hotel aan de kust met werkgelegenheid voor tientallen mensen en evenzoveel toeleveranciers of dat kleine ecohotel in de jungle waar tien mensen per week verblijven. Ik volg de discussies op Oneworld. Ik ben genuanceerd in het vluchtelingendebat. En: is reizen niet per definitie een uiting van wereldburgerschap, van meer begrip ontwikkelen voor andere culturen en levensvisies? Een vorm van duurzaam gedrag, gewoon als activiteit op zichzelf?

Ik ben me hoe dan ook bewust van het belang van duurzaam leven, voor het nu én voor de toekomst.

Duurzaam leven, maar niet ten koste van alles.

Het moet wel leuk blijven. Enig opportunisme is mij niet vreemd en ik maak vaak prijsgedreven keuzes. Het klimaatdrammerige van sommige mensen, daar hou ik niet zo van. Geen ecofanatisme, alsjeblieft.

Wat dat betreft geloof ik heilig in de opzet van MillenniumDoen! destijds. Mensen al vroeg, op belangrijke beslismomenten in hun leven (studie, eerste baankeuze, etc.) in aanraking laten komen met ‘de wereld buiten Nederland’. Laten ervaren hoe goed wij het hebben over het algemeen én dat er mensen elders op de wereld in totaal andere omstandigheden leven. Hoe belangrijk het is om welvaart eerlijk(er) te verdelen. Om ecozones en wildlife te beschermen. En om anderen op een positieve manier mee te nemen in jouw eigen ervaringen.

Een MillenniumDoen! voor iedereen.

Ik pleit voor een MillenniumDoen! programma op ieder belangrijk beslismoment in je leven. Weer even actief stil te staan bij welke keuzes je waarom gaat maken. Ik schreef recent al over het belang van een gapyear (of gap’moment’) voor iedere leeftijdsklasse. Nou, laten we zo’n gap-periode dan ook maar wat aankleden met wereldburgerschap-elementen.

Twee duurzame vliegen in een klap.

Op belangrijke momenten in je leven even bewust stilstaan bij welke vervolgkeuzes je gaat maken. En tijdens zo’n keuzemoment niet alleen aan jezelf denken, maar ook aan de gevolgen van je keuze voor een ander – in het nú en in de toekomst.

Dát is pas duurzaam.

Deel je ervaringen

  • Wat is duurzaamheid of duurzaam leven voor jou?
  • Is ‘duurzaamheid’ voor jou vooral iets van de grote internationale c.q. mondiale campagnes, wereldwijde klimaatdoelen en beleidsmaatregelen van overheidsorganisaties? Of is duurzaamheid iets van ons allemaal, van jou en mij?
  • Op welke manieren hou jij in je dagelijkse gedrag rekening met de belangen van anderen en die van generaties na de onze?
  • Doe jij, net als ik, ook wel eens iets dat (volledig) botst met de duurzame idealen? Zo ja, wat?

Ik ben nieuwsgierig naar jouw visie op duurzaamheid en duurzaam gedrag. Deel je gedachten via de reacties hieronder.

Meer lezen over duurzaam leven

Ik blog regelmatig over wereldburgerschap. Lees er alles over in mijn Magazine Wereldburgerschap.

SDG’s – Direct in actie

Wil je direct in actie komen en bijdragen aan de sustainable development goals? Neem vanaf augustus 2020 deel aan de SDG Action Talks. Met online meetups via Zoom kun je je mening laten horen én je ideeën delen hoe jij en iedereen kan bijdragen aan een wereld waarin het heel normaal is dat we elkaar helpen.

Deelgenomen aan een Action Talk? Deel je ideeën en een kort verslag ook op World Supporter om anderen te inspireren.

Bewuster keuzes maken met een tussenjaar

Geschatte leestijd: 10 minuten.

Ik was een jaar of 11, 12 misschien.

Ik besteedde er uren aan. Ja echt, uren.

Per week, soms.

Aan wat? Computeren?

Nee, dat was toen…een andere tijd.

Aan meisjes?

Nope, te vroeg nog toen. 😉

Aan piano spelen?

Ook niet. Ik zat destijds nog vol in ‘de blokfluit’. En tafeltennis, andere hobby.

Aan turen in de bosatlas.

Ja echt, met m’n hoofd in die atlas. Prachtig vond ik dat -en 35 jaar later nog steeds. Hoe landen in elkaar zitten, hoe grenzen lopen, al die dorpen, steden, metropolen, gebergtes, rivieren, nationale parken. Nou ja, alles dus wat je in een atlas vindt. Je kunt er heerlijk bij wegdromen.

‘Aardrijkskunde’ was mijn favoriete vak op de middelbare school. Niet alle elementen trouwens, dat gedoe over grondsamenstellingen enzo neigde net iets te veel naar biologie, natuurkunde of scheikunde. Not ‘my cup of tea’. Maar de rest wel.

Ik vertaalde dat in de laatste jaren van mijn middelbare school naar ‘reizen’ en ‘toerisme’. Kreeg een gezonde honger naar het buitenland, erop uit trekken. Gelukkig had je destijds nog een voordelige versie van Interrail (dat heette toen ook al zo), dus treinde ik met twee middelbare schoolvrienden dwars door Europa. Prachtig. Ik was ‘opperhoofd treinschema’…niets leuker dan treintijden puzzelen en verbindingen zoeken…als we nu eerst naar zus reizen, dan kunnen we vanuit zus weer verder naar zo…enzovoort. Een mooie treinzomer was dat.

Je praatte eens wat met de decaan, vroeg her en der opleidingsbrochures op (er was nog geen internet, althans niet de openbaar toegankelijke versie), deed op papier een beroepskeuzetest. Maar het was voor mij al heel lang duidelijk: die interesse in landen, volkeren en ‘buitenland’ ging ik in een studie toerisme vertalen. Nationale Hogeschool voor Toerisme en Verkeer (NHTV, tegenwoordig BUAS), in Breda. Lekker dichtbij het ouderlijk huis, maar wel op kamers natuurlijk.

Studie-uitval

Op Nederlandse hogescholen stopt gemiddeld bijna 1 op de 3 studenten in het eerste jaar met een studie. Op universiteiten ongeveer 1 op 5. Dat zijn studenten die niet van studie wisselen, maar helemaal stoppen met hun studie. In de jaren na het eerste studiejaar zijn de getallen rondom uitval zelfs nóg hoger: méér studenten stoppen dus ná het eerste studiejaar dan tíjdens het eerste jaar. Wel kan het zijn dat een deel van de studenten een jaar later weer terugkomt; men is er ‘tijdelijk’ tussenuit. Maar een aanzienlijk deel verdwijnt dus helemaal uit het hoger onderwijs. Een onderzoek onder Fontys studenten liet twee hoofdredenen zien voor uitval: ‘gebrek aan motivatie’ en ‘het maken van een verkeerde studiekeuze’.

Deze uitval leidt niet alleen tot financiële schade, maar uiteraard heeft het mentaal ook flinke gevolgen. Onzekerheid over keuzes, kan ik het wel, is mijn volgende keuze dan wél goed, de financiële druk wordt groter.

Ik heb mijn toerisme hbo met veel plezier doorlopen. Ik vond de (meeste) vakken leuk, het was een goede combinatie van ‘leren’ en ‘doen’ (hoewel ik wel iets meer theorie en iets minder groepswerk had gewild). Een prima brede opleiding gericht op managementfuncties in de wereld van toerisme en vrijetijd. En we konden zelfs extra cursussen SEPR doen (vakbekwaamheid reisburobedrijf), waar ‘topografie’ een groot onderdeel van was. Rijtjes stampen dus met de wereldtopografie; ik vond het leuk. Weet nu nog zo te zeggen wat de hoofdsteden van -bijvoorbeeld- Madagaskar en Burkina Faso zijn*.

Maar achteraf, vijfentwintig jaar later, twijfel ik toch of die “toerisme-opleiding” nu wel de juiste is geweest. Ik had vooral interesse in de wereldproblematiek en in volkeren wereldwijd. Het had dus net zo goed een wetenschappelijke studie ‘culturele antropologie’ kunnen zijn. En óók vanaf kinds-af-aan had ik een interesse in schrijven. Waarom niet gekozen voor een journalistieke studie, al dan niet gecombineerd met een schrijversvakschool of cursussen ‘schrijven’? Ook vond ik ‘bibliotheken’ hele prettige omgevingen en zag ik mij er later zo werken. Na twee eerste min of meer mislukte banen bij touroperators (ik ben niet zo voor werken in teamverband, vergaderen, enz.) koos ik een andere werkrichting, die wel weer zijdelings met ‘toerisme’ te maken had.

Ondanks mijn 100% overtuiging ‘toen’, heb ik een twijfel achteraf.

Het proces van keuzes maken

Er is in de loop der tijd al veel geschreven over het maken van een goede studiekeuze. Er zijn allerlei tips, checklists en tools om zo’n keuze te maken. Maar ik (en niet alleen ik) kom er steeds meer achter dat voor het maken van een écht goede keuze, het belangrijk is om eerst even een periode ‘stil’ te staan. Even op de rem te trappen voordat je keuzes gaat maken. Tijd te besteden aan processen die voorafgaan aan die definitieve keuzes.

Hoe kan je in hemelsnaam ‘goede’ keuzes maken als je nog niet weet waar je talenten nu écht liggen? Wat je eigenlijk zelf wilt kúnnen, waar je ambities liggen. Waar je nu écht gelukkig van wordt? En als je antwoord geeft op dat soort vragen…hoe eerlijk ben je dan naar jezelf?

JoHo, de organisatie waar ik al ruim 20 jaar werkzaam ben, heeft er informatiepagina’s over gemaakt. Je leest er over ‘Talenten & Mogelijkheden‘, over ‘Zelfkennis & Zelfinzicht‘, maar ook over ‘Waarden & Normen‘ – waar hecht niet J.P. Balkenende maar jijzélf nu echt waarde aan? Daarnaast werkt JoHo aan de ontwikkeling van een competentietool en biedt de organisatie uitgebreide info en wegwijzers voor de mogelijke invulling van een tussenjaar, vaak met een internationale component.

Keuzes maken met een tussenjaar

Uit onderzoek (helaas nog beperkt in aantal) blijkt dat het kiezen van een tussenjaar, veelal tussen middelbare school en vervolgopleiding, de kansen op studiesucces in het hoger onderwijs vergroot. Ruim de helft van de scholieren die een tussenjaar nemen, doet dit vanwege twijfel over studiekeuze. En meer dan 33,3% (!) kiest tijdens of na het tussenjaar een ander studie dan daarvoor gedacht. Dat vind ik bizar veel: 33% van de duizenden jongeren die een tussenjaar nemen kiest voor een (heel) ander levensvervolg dan eerst gedacht.

De jarenlange praktijk van Joyce (Yourjourney.academy en Jongleren) wijst uit dat veel jongeren vastlopen tijdens keuzes rondom studie, werk en tussenjaar en hierdoor ook vaak last hebben van stress (fysiek en emotioneel). Jongeren ontwikkelen allerlei lichaamsklachten omdat ze twijfelen over de te maken vervolgkeuzes. Joyce vindt het belangrijk ze te helpen relativeren en te laten beseffen dat het antwoord al in henzelf zit. Te laten zien dat ‘keuzes maken’ vaak helemaal niet zo moeilijk is, dat je bijna nooit ‘keuzes for life’ maakt (want je kan altijd weer een ander pad op gaan). Maar, dan is het wél belangrijk dat je als jongere de tijd neemt voor het stilstaan bij jezelf vóórdat je je keuze maakt én dat je goede begeleiding krijgt bij de verschillende stappen in het keuzeproces.

Is een tussenjaar alleen voor jongeren?

Nee. Bij een ‘tussenjaar’ wordt vaak gedacht aan twijfelende middelbare scholieren. En ook nog wel eens aan het stereotiepe van de rijkeluiszoon of -dochter met hoogopgeleide ouders die hun kind ‘even op tussenjaar sturen’. In de praktijk is die groep natuurlijk veel breder en diverser.

Maar wat mij betreft zouden er veel meer momenten in je leven moeten zijn om een ‘tussenjaar’ of ‘tussenperiode’ in te plannen. Het moment tussen studie en je eerste baan. Het moment vóórdat je de meer serieuze vaste relatie in gaat. Het moment rondom het ‘dertigersdilemma’: je gaan settelen met een vast huis, vaste relatie, wel of geen kinderen. En ook de veertigers kennen zo’n dilemma en de bekende zingevingsvragen: trouw blijven aan je werkgever of toch nog eenmaal die grotere carrièremove maken, het gevoel van ‘is dit het nu’? Over de midlife crisis bij man en vrouw wordt dan weer wel wat meer geschreven, maar een mooi moment zou wat mij betreft ook het pensioenmoment kunnen zijn: wat gaan we nu doen, welke (levens)keuzes maken we nu, waar willen we onze energie (al dan niet nuttig of maatschappelijk) aan gaan besteden.

Soms wordt het hip een ‘sabattical’ genoemd -er even tussenuit, een adempauze- maar wat mij betreft zijn dit allemaal momenten voor een periode waarin je een pas op de plaats maakt en heel bewust nadenkt over waar je staat en waar je naar toe wilt. Ideale momenten voor dat tussen’jaar’.

Benut aanwezige expertise voor een beter tussenjaar

Hiervoor benoemde ik al de voorwaarde die Joyce van YourJourney stelt bij de relativering van de keuzestress: mits goed begeleid. En: er zitten ook risico’s aan zo’n tussenjaar.

Het TussenjaarKenniscentrum bracht enkele risico’s in kaart:

  • na het tussenjaar nog niet weten wat je moet kiezen
  • teveel verveling tijdens het jaar
  • moeite met het oppakken van activiteiten na de break
  • geen zin meer hebben in geplande activiteiten
  • omgekeerde cultuurschok, na terugkeer van een periode in het buitenland

Zaak is dus om deze risico’s zoveel mogelijk te overzien en te beperken. In de loop der jaren is er veel ervaring opgedaan rondom het effectief invullen van een tussenjaar, júist er op gericht om te komen tot een beter zelfinzicht, betere zelfkennis en slimmere keuzes.

De combinatie van

  • een afgebakend programma waarin je, in een ongedwongen setting en buiten je comfortzone, écht aan het werk wordt gezet om je zelfinzicht te vergroten en
  • een periode waarin je jezelf uitdaagt, kan proeven aan je vervolgkeuze(s), kunt experimenteren met subkeuzes en je te maken keuzes in de praktijk kan testen en
  • een reflectiemoment of reflectieperiode waarin je, samen met begeleiders en anderen, terugkijkt op deze ervaringen en vooruit kijkt naar zelfstandig te maken vervolgkeuzes

blijkt daarin voor veel mensen, ongeacht hun leeftijd, goed te werken.

Twee voorbeelden

De theorie is leuk maar…’hoe doe je dat dan’? Twee voorbeelden van programma’s die speciaal ontwikkeld zijn voor iedereen die nadenkt over een Tussen’jaar’.

Wereldroute

Student Prepare Programme Curaçao

  • 6-weeks programma op Curaçao
  • bereid je voor op het studentenleven en world citizenship
  • ontwikkelen van personal skills, zelfstandigheid
  • verdiepingssessies om stapsgewijs te komen tot studie-inzichten en studiekeuze
  • global engagement onderdeel om je snel aan te passen aan andere culturen
  • véél extra activiteiten als duiken, surfen, suppen, catamaran zeilen, dansen, zwemmen, hiken
  • incl. huisvesting, verzekering en praktische ondersteuning
  • mogelijkheden voor aanvullende stage of werken op Curaçao

YourJourney

MYJourney Málaga – Special Edition Stad

  • een week in Málaga, zuid-Spanje vol persoonlijke ontwikkeling, nieuwe energie, groei en hernieuwde focus
  • sportieve, culturele en ontspannende activiteiten
  • verblijf in het centrum van Málaga, eigen kamer en gedeelde faciliteiten
  • 1:1 en groepscoachingssessies, zéér ervaren coach
  • toegang tot online programma met lesvideo’s en werkboek
  • naar keuze extra activiteiten in je vrije tijd: yoga, koken, tarot, massage: er kan veel
  • mogelijkheden voor aanvullende taalcursus of stage in en om Málaga; ook kun je kiezen voor alleen het online programma

Er zijn legio activiteiten te benoemen die je, los van leeftijd, tijdens een tussenjaar kan ondernemen; JoHo brengt er veel in kaart op de informatiepagina Gap Year & Tussenjaar en via de daar opgenomen crossroads en organisatieprofielen. Of je nu een wereldreis of lange reis wilt maken, een of meerdere taalcursussen wilt volgen, een stage, werkervaringsplaats of baan zoekt om je skills te verbeteren of ergens op de wereld wilt bijdragen en leren met vrijwilligerswerk.

Wereldplicht?

Met het tussenjaar stimuleer je dus het bewuster keuzes maken op belangrijke beslissingsmomenten. Maar een internationale invulling van zo’n tussenjaar lost mogelijk ook een ander probleem op. Ik vind dat er vanuit overheid en politiek ook wel eens meer aandacht mag komen voor onze internationale mobiliteit…verdergaand dan ‘de jaarlijkse vakantie naar Zuid-Europa’. We groeien allemaal op als wereldburgers, we hebben het over culturele integratie en meer begrip voor elkaar, maar los van een incidenteel Europees subsidieprogrammaatje voor scholieren of studenten wordt nergens gestimuleerd dat grotere groepen Nederlanders eens over de Nederlandse of Europese grenzen heen kijkt.

Waarom niet een vervangend ‘iets’ bedenken voor wat vroeger ‘dienstplicht’ of ‘maatschappelijke stage’ heette? Waarom niet een (semi-verplicht) ‘Wereldjaar’ waarin je heerlijk de tijd krijgt na te denken over jezelf en je vervolgkeuzes? Ongeacht leeftijd, opleidingsniveau en achtergrond. Waarin je gestimuleerd wordt in contact te komen met andere culturen, met activiteiten die je leuk vindt maar ook een beetje buiten je comfortzone liggen? Waarin grotere groepen mensen de mogelijkheid (keuzehulp & financiële prikkel) krijgen een periode in het buitenland door te brengen?

Ik denk dat, als we dat structureel en over langere periode stimuleren, er na verloop van tijd ook heel wat issues op het gebied van cultureel onbegrip, racisme, vluchtelingen en nieuw kolonialisme opgelost raken. Ik schreef er al eens eerder over: Meer informele culturele ontmoetingen zijn nodig om culturele diversiteit niet steeds (vaker) te laten ontsporen.

Terug naar de bosatlas.

Mijn huis ligt vol met wereldbollen. Aan de muren hangen landkaarten van Spanje (favoriete land) en Mallorca (favoriete eiland). Ik kreeg vorig jaar de nieuwste versie van de good old Bosatlas cadeau. Met die honger naar topografie en landkaarten is het dus best goed gekomen. In de periode voorafgaand aan ons ouderschap hebben Carina en ik behoorlijk wat kunnen reizen, profiterend van goede ticketdeals (destijds nog een voordeel als je zijdelings met de reissector te maken hebt). Daarna is het een aantal jaren ‘Europa’ geworden, wat ook prima was.

Nu komt langzamerhand de tijd weer dat we ook weer eens buiten ons eigen continent kunnen gaan kijken; vorig jaar met de Midden-Oosten cruise en hopelijk ook binnen enkele jaren met de drie kids. Als ‘wereldburger’ laat ik ze graag kennismaken met al die andere mooie, soms ruwe, soms hartverwarmende, soms totaal andere en soms verrassend gelijke culturen op ons wereldbolletje.

* die hoofdsteden zijn respectievelijk Antananarivo en Ouagadougou

Deel je ervaringen

  • Welke keuze(s) heb jij gemaakt aan het eind van je middelbare schooltijd, of welke denk je te gaan maken? En waar waren of zijn die op gebaseerd?
  • Welke voor- en nadelen zie jij bij een tussenjaar en welke onderdelen zou jouw ideale tussenjaar moeten bevatten?
  • Wat vind jij van het idee van een ‘wereldplicht’ als vervanging van de vroegere militaire dienstplicht of maatschappelijke stage? Denk je dat een of meerdere internationale ervaringen kunnen bijdragen aan meer begrip voor andere culturen, buiten en binnen Nederland?
  • In welke levensfase bevind jij je nu? Heb je tot nu toe al eens een ‘pas op de plaats’ ingepland om bewust na te denken over je volgende stappen in studie, werk of privéleven?

Meer lezen

Luister de Spotify Podcast-serie van YourJourney over studie, stress en het maken van (eigen) keuzes. In onderstaande aflevering gaat het over het zélf maken van keuzes. Joyce vertelt over haar keuze om te gaan emigreren naar Spanje, waar zeker niet iedereen in haar omgeving het mee eens was. Maar alle goedbedoelde adviezen, tips of waarschuwingen ten spijt: het was háár keuze.

Leren solliciteren en werk vinden in Cambodja

Geschatte leestijd: 7 minuten.

Athit Kong werd in 2002 ontslagen vanwege zijn inzet voor de Cambodjaanse vakbond. Hij werkte toen zo’n 2,5 jaar als assistent-machineoperator op de wasafdeling van een textielfabriek. Maar van de een op de andere dag was het voorbij. Sindsdien maakt hij carrière bij de bond; nu is hij vice-voorzitter. Athit zorgde er samen met anderen voor dat de vakbond groeide van 5.000 naar ruim 50.000 leden. ‘Het is echt een leerproces, werken bij een vakbond. Maar langzaamaan zie ik resultaten. We groeien, de werkomstandigheden verbeteren en er is een minimumloon bereikt’.

Waarom een artikel over de vakbond in Cambodja?

Normaliter heb ik niet zoveel met vakbonden. Ik heb er gewoon bijzonder weinig mee te maken gehad, in mijn werkzame jaren tot nu toe. Via een klik hier en een klik daar ben ik terecht gekomen op de website van CNV Internationaal. En daar klik ik, uit nieuwsgierigheid, op de pagina ‘projecten waarvoor financiering wordt gezocht’. Om uit te komen bij de Cambodja pagina. De informatie en het interview met Athit Kong triggeren me. En specifieker, één zin blijft in mijn achterhoofd hangen.

De vakbond in Cambodja wil graag een project uitvoeren waarbij 150 jongeren een sollicitatietraining krijgen, leren hoe ze een baan kunnen vinden en wat hun rechten zijn.

Leren solliciteren en werk vinden dus. Mmm, dat komt me ergens bekend van voor.

Wie of wat is CNV Internationaal?

CNV Internationaal komt wereldwijd op voor arbeidsrechten en helpt werkenden om sterk te staan en zich te organiseren in vakbonden. Zo kunnen werknemers wereldwijd ook zélf hun werkomstandigheden verbeteren. CNV werkt samen met lokale vakbondsorganisaties. Zij weten immers zelf het beste wat er nodig is voor de mensen ter plekke, op de werkvloer.

  • CNV Internationaal is een afdeling binnen de CNV Vakcentrale, het op 1 na grootste vakverbond in Nederland met ruim 235.000 leden.
  • Het uitgangspunt van CNV? Iedereen heeft recht op goed werk.
  • CNV Internationaal heeft drie focusregio’s: Latijns-Amerika (5 kernlanden), Afrika (6 kernlanden) en Azië (3 kernlanden)
  • Binnen de drie regio’s onderscheidt CNV Internationaal drie werkterreinen: arbeidsrechten, werkgelegenheid voor jongeren en de ‘sociale dialoog’.
  • Binnen die werkterreinen focust CNV weer op vier kernthema’s: palmolie, mijnbouw, suikerriet en kleding.

Maar goed, Cambodja dus.

Ik lees verder op de website van CNV Internationaal. CNV steunt in Cambodja het werk van de jonge vakbondsorganisatie CLC, met CCAWDU als grootste aangesloten organisatie en dé bond voor de arbeiders in de textielfabrieken. Deze organisatie groeit van vijfduizend leden in 2000 naar ruim vijftigduizend nu. De werkomstandigheden van arbeiders in de textielfabrieken zijn inmiddels verbeterd en er is in de textielsector een minimumloon bereikt.

CLC richtte bijvoorbeeld in 2015 bij zes bedrijven CLC-bonden op, onder meer in de horeca en de toeristische sector. Door dat te doen, kunnen de rechten van steeds meer werknemers worden gewaarborgd. Maar belangrijker nog: kunnen werknemers een normaal, fatsoenlijk loon verdienen waarmee ze in hun dagelijkse levensbehoefte (voedsel, woonruimte, onderwijs en toegang tot gezondheidszorg) kunnen voorzien.

Werkgelegenheid voor jongeren in Cambodja

Ook in Cambodja heeft de jeugd de toekomst. Maar om een goede toekomst te kunnen realiseren is naast goed onderwijs ook voldoende toegang tot de arbeidsmarkt nodig. Voldoende werkgelegenheid dus voor jongeren en -een andere deels overlappende focusdoelgroep- vrouwen. Maar ook fatsoenlijke werktijden, een veilige en gezonde werkomgeving, een normaal uurloon dat past bij de levensstandaard in Cambodja en normale werknemersrechten.

Aan de ene kant kun je zorgen voor voldoende werkgelegenheid, maar dan moeten aan de andere kant de Cambodjaanse jongeren voldoende vaardigheden hebben om die banen te bemachtigen. Zie hier de zin waarmee ik dit artikel begon: De vakbond in Cambodja wil graag een project uitvoeren waarbij 150 jongeren een sollicitatietraining krijgen, leren hoe ze een baan kunnen vinden en wat hun rechten zijn.


Promoting core labour standards,  towards a decent job for Cambodian workers

Onder deze projectnaam slaan CNV International en CLC in Cambodja de handen ineen, met financiële steun van de EU -ja, Europa dus. Dat Europa dat wij als Nederlanders zo steunen of bekritiseren.

Belangrijkste doelen van het project, voor wat betreft de ‘arbeidsrechten’:

  • tegengaan van overmatige werkuren
  • steunen van het recht van werknemers om zich te verenigen
  • stimuleren van een gezonde werkomgeving, tegengaan van regelmatig flauwvallen van werknemers
  • versterken van onderhandelingsvaardigheden van vakbondsleiders

Mede door de website van CNV had ik de gedachte dat dit project volop actief is, totdat ik in een nieuwsbericht lees dat het project met een ‘final conference’ tussen 13 en 16 maart 2017 is beëindigd. Er zijn trainingen georganiseerd over onderhandelen en gelijke rechten voor vrouwen en mannen en er zijn festiviteiten geweest rondom belangrijke internationale dagen van de arbeid, jeugd en mensenrechten. Er zijn nieuwe allianties gevormd voor een betere dialoog tussen overheid, werkgevers en maatschappelijke organisaties.

OK – project afgerond dus. De gedachte die ik bij afgeronde projecten altijd heb bekruipt me ook nu: “En daarna dan?” Hoe staat het nu met die arbeidsrechten? En zijn die 150 jongeren nou eigenlijk getraind in sollicitatietechnieken? Zijn de werkuren en werkomstandigheden in Cambodja nu echt verbeterd? Wat doet CNV nu dan in Cambodja, in de periode 2018, 2019 en 2020?

Ik blijf over met teveel vragen. Tegelijkertijd snap ik dat je arbeidsomstandigheden in een land met ruim 16 miljoen inwoners niet zomaar even met een ‘EU projectje’ verandert. Dat zijn processen van de lange adem. En ook snap ik dat een website niet altijd de meest up-to-date stand van zaken laat zien.

Nog even over sollicitatietrainingen

De hele tijd tijdens het lezen van de achtergronden van dit project blijft dat zinnetje maar in mijn hoofd hangen…150 Cambodjaanse jongeren leren te solliciteren. Wat een toeval dat mijn werkgever, Stichting JoHo, ‘talentontwikkeling’ al jaren als speerpunt heeft. Het stimuleren van vragen als (en antwoorden op) hoe krijg ik een beter zelfinzicht, wie ben ik, wat kan ik, wat wil ik ontwikkelen, waar wil ik werken, en wat past daar dan bij qua werkplek, soort werkgever en baan. Dat we al sinds jaar en dag informatie ontwikkelen over het ontwikkelen van je talenten, solliciteren, assessments, opdoen van werkervaring.

Nu weet ik ook wel dat de bestaande info van JoHo vooral gericht is op Nederlanders. Nederlanders, die vooral in Nederland willen werken. Maar; niet voor niets heeft JoHo “talentontwikkeling” en “internationale samenwerking” als speerpunten. JoHo bereikt toch ook wel erg vaak Nederlanders die in een internationale en/of interculturele context willen werken, of ervaring in het buitenland willen opdoen. Om daar weer persoonlijk of arbeidstechnisch door te groeien. Nu weet ik ook wel dat je dat wat in Nederland werkt, niet zomaar kan doorkopiëren naar een land in Zuidoost-Azië. Laten we de culturele context niet vergeten.

Laat mij nou even dagdromen

Wat zou ik het mooi vinden wanneer JoHo, JoHo donateurs en andere World Supporters, samen met CNV, CLC en bijvoorbeeld partners van Nederlandse expats in Cambodja (die vaak om zingevende projecten zitten te springen) praktische, ‘hand-on’ trainingen opzetten en tools ontwikkelen die in beide landen duurzaam werken. Hoe krijg je meer inzicht in jezelf? Hoe leer je een baan vinden? Wat zijn je vaardigheden en competenties en welke banen passen daar bij? Hoe solliciteer je? Hoe presenteer je jezelf? Welke passies drijven je? Waar wil je over vijf jaar staan? Ook al is de context wellicht volledig anders; dit soort vragen leven zowel bij Nederlandse als Cambodjaanse jongeren (en niet-jongeren, trouwens).

Trainingen, tools en e-courses die, telkens voorzien van een ‘lokale module’, wereldwijd functioneren. De ontwikkeling ervan gefinancierd door de EU en Nederlandse en Cambodjaanse ministeries.

Laat mij nou even dagdromen…

Wakkerrrrrr

Natúúrlijk gebeurt er post-2017 al een hele hoop in Cambodja op het gebied van toegang tot arbeid. Zo wees Google me al heel snel op een lijvig, bijna 100 pagina’s tellend rapport ‘Kingdom of Cambodja Decent Work Country Programme 2019-2023’. Dit programma formuleert drie ambitieuze doelen voor de periode tot aan 2023, en verder tot aan 2030:

  1. stimuleren van fatsoenlijke werkgelegenheid en duurzame ondernemingen, gecombineerd met het ontwikkelen van relevante vaardigheden en competenties van werknemers
  2. versterken en uitbreiden van bescherming van werknemers, hun veiligheid en gezondheid
  3. verbeteren van arbeidsomstandigheden en arbeidsrechten, inclusief het bespreekbaar maken van seksuele intimidatie en bescherming van het moederschap

Dat overlapt toch behoorlijk met de ambities van CLC en CCAWDU, is mijn eerste gedachte.

Voor de geïnteresseerden:

Ondanks gerealiseerde projecten en lijvige plannen vol mooie doelen, is er ook een realiteit van alledag. Begin 2020 plaatste Trouw een artikel over de meest recente invoerheffingen van de EU op Cambodjaanse producten, omdat het land structureel achterblijft in het verbeteren van mensenrechten en arbeidsrechten. Vakbonden en arbeiders die willen staken worden geïntimideerd, het land van boeren wordt ‘afgepakt’ door groeiende suikerrietplantages en het bestuur heeft de oppositie en media monddood gemaakt.

De EU wil dat arbeiders een betere positie krijgen in Cambodja. Maar textielwerkers, meestal vrouwen, kunnen hun baan kwijtraken als de export afneemt. Tegelijkertijd, zonder maatregelen geen structurele verandering. Een duivels dilemma dus. De maatregelen gelden voor ongeveer 20% van de exporthandel; opkomende en dus nog kwetsbare industrieën in Cambodja worden ontzien.

O ja, die 150 jongeren…

Ze laten me niet los.

Wie hen nu precies helpt om betere sollicitatieskills te bemachtigen? Ik weet het nog steeds niet. Wie het weet, mag het zeggen. Of gaan doen. Een mooie pilot-onderzoeksklus, internationale stagetaak, een mooie casestudy voor een MBO/HBO opleiding P&O / HR die over de grenzen kijkt. Samen met JoHo, CNV, CLC en die potentiële financierders?

In de woorden van Athit Kong:

“In Cambodja zijn de werkomstandigheden slecht en er is te weinig werk. Daarom vind ik het belangrijk om te strijden en de vakbeweging te steunen. Ik wil voor mensen een fatsoenlijk leven bereiken. Om successen te bereiken, moet je met elkaar praten. Sociale dialoog is een instrument om een platform te creëren voor de werkende klasse. Stapje voor stapje kom je verder. Hoe? Door je organisatie sterker te maken.”

Athit Kong, website CNV Internationaal

Ik lees graag nog eens opnieuw over Kongs gedachten in 2023, of 2030, in hoeverre het ‘Decent Work Programme’ duurzame verandering heeft gebracht. Ik hoop dat CNV deze ontwikkeling blijft volgen. En wellicht vinden CNV en JoHo elkaar nog eens, in de toekomst.

Deel je ervaringen

  • Ben je zelf actief (geweest) met ontwikkeling van kennis & vaardigheden in Cambodja of op bijvoorbeeld het gebied van arbeidsrechten en mensenrechten? Deel je ervaringen.
  • Ken jij of steun je CNV International? Vertel over je ervaringen!
  • Hoe zou Nederland of de EU moeten omgaan met het duivelse dilemma rondom de export uit Cambodja?
  • Wat is volgens jou de sleutel tot duurzame ontwikkeling in Cambodja? Hoe krijgen vooral vrouwen, jongeren en andere kwetsbare groepen voldoende toegang tot de arbeidsmarkt?

Ik hoor graag meer van je, via de reacties hieronder.

Meer lezen