Mijn pijn is niet weg. En dat is ook niet meer het doel. Herstel is geen rechte lijn, maar een voortdurend zoeken naar balans, betekenis en mildheid. Herstel gaat eerder over het integreren van pijn in je leven dan over het accepteren, of erin berusten (zoals ik eerder altijd dacht).
Soms hoor ik het mensen zeggen:
“Ja, lekker makkelijk praten, Koert. Jij hebt de pijn overwonnen, jouw leven is weer op de rails. Maar ik, ik zit middenin die pijn. Niks ‘leuke dingen doen’. En medicatie afbouwen? Ik moet er niet aan denken!”
En eerlijk? Ik snap die gedachte. Mijn blogposts of berichten op social media ademen de laatste tijd vaak veerkracht, hoop en positiviteit. En ook in mijn presentaties vertel ik graag over wat er weer wél kan, ondanks en met pijn. Het gaat over ‘knoppen omzetten‘ en het integreren van pijn in mijn leven. En dat ook nog eens zónder opiaten.
Maar laat ik één misverstand wegnemen: mijn pijn is niet weg. Ik heb die niet ‘overwonnen’, of ‘verslagen’.
Ik leef nog steeds met aanhoudende pijn. Elke dag. Alleen is de manier waarop ik ermee omga veranderd. Dat is geen ’trucje’, maar hard werken. Wat je ziet, is niet de afwezigheid van pijn, maar de aanwezigheid van nieuwe betekenis en veerkracht. Met vallen-en-opstaan.
Herstel is geen rechte lijn
Herstel is geen route die je één keer uitstippelt en daarna netjes volgt.
Het is een kronkelig pad, met bochten, hobbels, terugvallen en momenten waarop je denkt: waarom dit nu weer?
Soms voel ik me sterk, soms loop ik tegen muren op.
Soms lukt het me om goed voor mezelf te zorgen, soms val ik terug in oude patronen. Dat hoort erbij, maar maakt het niet leuker. Aan herstel en aan het integreren van pijn in je leven blijf je werken, een leven lang.
Laat ik dit keer eens inzoomen op die valkuilen
Aan de hand van zes thema’s benoem ik dat wat me nog al te vaak hindert. Het eerlijke verhaal dus…al ben ik eigenlijk áltijd eerlijk.
> Balans: een dun draadje
Veel mensen met pijn zullen het herkennen, maar: een van mijn grootste valkuilen is over mijn grenzen gaan.
Ik wil graag veel doen: schrijven, presenteren, optreden, bewegen, anderen helpen. Maar de balans is dun. Soms zo dun dat het draadje knapt.
Dan is de rek er weer uit. Ik lig dan uitgeput op de bank of in bed. Of ik merk dat ik gejaagder word. Dingen afraffel. Alles nét niet naar (eigen) tevredenheid doe. Ik herken dat patroon inmiddels beter dan vroeger, maar voorkomen lukt ook mij niet altijd.
Je grenzen niet altijd goed bewaken is mens eigen, of je nu wel of geen pijn hebt. Alleen mét aanhoudende pijn, of met een andere ziekte die niet weggaat, krijg je de deksel extra hard op je neus.
Wat helpt, is vooruitdenken. Als ik weet dat ik een presentatie geef of met een van mijn bands optreed, plan ik nog altijd bewust de dagen ervoor en erna rustiger in. Die bijkomtijd is geen luxe, maar noodzaak. Zonder die extra ruimte zou het niet vol te houden zijn.

> Medicatie: minder zwaar, maar niet zonder gevolgen
Ik ben al een tijdje, sinds medio 2024, 100% opiaatvrij. En dat is iets waar ik trots op ben.
Maar medicatievrij ben ik nog niet. Zenuwpijnmedicatie helpt me nog steeds om het vol te houden, al heb ik ook die dosis al flink kunnen verlagen. Toch blijft het ook nu weer zoeken naar de juiste balans: te veel bijwerkingen, te weinig effect, te snel afbouwen.
Sommige bijwerkingen die ik eerder benoemde zijn er nog steeds. Minder heftig dan vroeger, maar aanwezig: vermoeidheid (ik val nog regelmatig in slaap op momenten dat ik dat niet wil), concentratieproblemen, darmen die niet meewerken.
En over die darmen gesproken…
> De ongemakkelijke waarheid van mijn lijf
Niet het meest charmante onderwerp, maar wél een eerlijk onderdeel van mijn dagelijks leven: mijn darmen functioneren niet goed.
Noem het een prikkelbare darm, noem het spastisch, ik weet niet precies wat het is. Feit is dat ze me regelmatig dwarszitten. En dat beïnvloedt mijn energie, mijn stemming, mijn concentratie, mijn dag.
Het zijn van die klachten die je niet snel deelt, al benoem ik ze wel in lezingen. En ze zijn er dus wel. Ze herinneren me er ook aan dat herstel niet hetzelfde is als “klaar zijn”.
> Beperking en betekenis
Ik kan niet alles doen wat ik zou willen. Niet qua (betaald of vrijwillig) werk, niet qua zingeving, niet qua bijdragen.
Ik doe veel meer dan een paar jaar geleden, maar ik blijf leven met pijn en beperkingen. Soms betekent dat dat ik mezelf teleurstel. Soms anderen. Bewuste keuzes zijn dat tegenwoordig wel vaak, al maakt het dat niet prettiger.
Ja, ook dat doet af en toe pijn. Niet alleen fysiek, maar ook mentaal. En dat kan dan weer doorwerken op de fysieke pijn.
Toch is het ook onderdeel van herstel: leren omgaan met het verschil tussen wat je wilt en wat haalbaar is, zonder je eigenwaarde eraan op te hangen.
> Af en toe minder tolerant, eerlijker misschien?
Ik merk dat ik minder geduld heb met mensen die klagen over pietluttigheden.
Dat klinkt wellicht onaardig, maar het is wel de waarheid.
Na jaren van fysieke en mentale strijd ben ik gevoeliger geworden voor onechtheid, voor zelfbeklag om kleine dingen.
Wat ‘klein’ of ‘pietluttig’ is? Dat is voor iedereen anders, afhankelijk ook van je referentiekader. Maar goed, ik schrijf nu vanuit mijn kader.
Misschien is het ook wel ‘leeftijd’. Misschien een overlevingsmechanisme. Of misschien gewoon eerlijkheid: mijn pijngrens is veranderd, maar mijn bullshit-grens ook.
> Bewegen: jaahaa, het is goed voor me
Beweging heeft mijn leven veranderd. Letterlijk.
Door de geleidelijke opbouw, graded activity, kan ik meer en voel ik me fysiek weer sterker. Mijn lijf is beter in balans.
Maar als ik eerlijk ben: ik heb nog niet iets gevonden dat ik écht leuk vind én dat haalbaar is. Hardlopen is goed voor me, en ik ben supertrots op wat ik daarin bereikt heb. Afgelopen zondag weer met de Singelloop. Maar het voelt niet als iets wat ik nog jarenlang ga volhouden. Datzelfde had ik een paar jaar terug met ‘zwemmen’ en ‘wandelen’. Pfff.
Ik weet: het mag ook gewoon “genoeg” zijn, zonder prestatiedrang. Maar van een beetje competitie in sporten als tennis, tafeltennis of badminton word ik blijer.
Herstel is werk. Elke dag weer.
Herstel betekent voor mij niet: geen pijn meer hebben.
Het betekent: erin slagen om pijn te integreren in mijn leven. En ondertussen ruimte maken voor alles wat er wél toe doet.
Er zijn dagen waarop ik me sterk voel en veel lukt.
Er zijn dagen waarop ik mijn grenzen voel in elke vezel.
En er zijn dagen waarop ik terugval.
Ik weet nu: dat is geen falen.
De reden dat ik mijn verhaal vaker deel, en ook déze kant van de medaille, is niet om te zeggen dat het makkelijk is. Dat je het kunt ‘overwinnen’. Maar juist om te laten zien dat het níet makkelijk is, en dat je toch kunt blijven kiezen voor hoop.
Herstel is weer perspectief kunnen zien, Koert. Als je dat lukt, is het alsof je de ‘Champions League van de pijn’ wint. Als dat (nog) niet lukt, luister dan naar verhalen van mensen die hoop uitstralen.
Specialistisch pijnverpleegkundige Frisius MC, vorige week tijdens een gezamenlijke scholing op Ameland
Deel je ervaringen
- Wat gebeurt er bij jou, als je bovenstaande leest? Herkenbaar? Of helemaal niet?
- Pijn of geen pijn, hoe ga jij om met valkuilen in je dagelijks leven? Met het soms verliezen van hoop of perspectief, om die op een ander moment weer terug te vinden?
- Wat doe jij om perspectief te blijven zien?
Deel je gedachten en ervaringen. Vind ik leuk!
Dat kan via de reacties hieronder (dan leest iedereen mee), of door contact op te nemen (dan lees alleen ik).
Meer lezen
Mijn eerdere blogs:
Over de zoektocht naar balans tussen pijn, herstel en middelengebruik schreven we uitgebreid in het boek Pijn en verslaving (Hogrefe). Een boek over veerkracht, terugval, nieuw perspectief en de kunst van blijven bewegen, in je lijf én in je leven.

Wat vind jij?