Geschatte leestijd: 33 minuten.

Professor Bart Morlion is een wereldwijd bekende pijnarts, hij heeft zijn levenswerk gemaakt van de bestrijding van chronische pijn. De van het tv programma Topdokters bekende arts heeft in de loop der jaren een enorme kennis opgebouwd omtrent chronische pijn, is voorzitter van EFIC (de Europese pijnfederatie) geweest en staat bekend als positief-kritische én empathische pijnarts. Als zo’n autoriteit een nieuw boek -met de nietsontziende titel PIJN- publiceert over pijnbestrijding, gericht op de patiënt zelf, dan verdient dat uiteraard een samenvatting.

De tijd heelt alle wonden, zeggen ze. Dat klopt. Maar de tijd heelt niet elke pijn.

Voorwoord PIJN, Bart Morlion

Pijn is de meest complexe menselijke ervaring: het raakt je verleden, heden en toekomst, je interacties en relaties. Morlion pleit voor bewuster leven: preventie, zelfmanagement, minder medicatie, meer beweging, isolement te doorbreken en jezelf te activeren. Van lijdend voorwerp naar leidend voorwerp!

Waarom deze samenvatting?

  • Op het eerste gezicht wordt er nog niet zoveel gepubliceerd over chronische pijn. Zoom je in, dan zijn er in de loop der tijd toch al behoorlijk wat pijnboeken geschreven. Door samenvattingen aan te bieden krijg je grip op wat er zoal verkrijgbaar is…en wat waarde toevoegt aan de kennis die je al hebt.
  • Een samenvatting van een boek is handig voor het snelle overzicht. Om te beoordelen of het de moeite waard is om het hele boek te gaan lezen, lenen of kopen. Een samenvatting is te beknopt om het boek te kunnen vervangen.
  • Een samenvatting van een boek is ook ná het lezen van het volledige boek handig. Je vindt er snel een compleet overzicht, je kan het later nog eens nalezen als bijvoorbeeld de inhoud wat is weggezakt.
  • Een samenvatting bevat uiteraard weinig nuance. Het heeft geen toelichtende anekdotes of voorbeeldverhalen waardoor stof tastbaar wordt. Het heeft geen illustraties…soms zegt één beeld meer dan 1000 woorden. Het heeft geen toelichtende tabellen en het bevat vaak niet de retourvragen aan de lezer, die je aan het denken zetten.

Kortom: Een samenvatting geeft grip, maar is ook altijd beperkt.

Tips bij het lezen van PIJN

  • Probeer bij alles wat je leest hetgeen je leest op je eigen situatie toe te passen. Wat vind jij van, hoe denk jij over, in hoeverre pas jij al toe wat je leest, in hoeverre wíl je toepassen wat je leest.
  • Uiteraard is de samenvatting deels ook míjn interpretatie van wat ik lees; het zijn de zaken die mij in het boek zijn opgevallen of triggeren die ik opschrijf. Daarmee ben ik verre van volledig, dat is ook niet het doel van de samenvatting. Het kan dus zijn dat jij juist andere zaken haalt uit het oorspronkelijke boek dan ik.

Inhoudsopgave PIJN- Bart Morlion

De versie die ik heb gelezen is de 1e druk, 2020. In 269 pagina’s spreekt ‘dé pijnspecialist van Europa’ in eigen woorden over alles dat met pijn en pijnbestrijding -zijn levenswerk- te maken heeft.

Over Bart – Professor Morlion

Bart Morlion -liever ‘u’ dan ‘je’- is een man die geen blad voor de mond neemt. Empathisch, maar met zekere afstand tot de patiënt. Hij is de professional, de expert, de medisch coördinator van zijn pijncentrum op Campus Pellenberg van het UZ (Universitair Ziekenhuis) Leuven, België. Deze campus wordt ook wel de afdeling ‘algologie’ genoemd (algos is Grieks voor ‘bestudering van de pijn’.)

Morlion is opgeleid op verschillende plekken. Het Limburgs Universitair Centrum in Diepenbeek, de KU Leuven, het Sint-Elisabethziekenhuis in Turnhout (afdeling anesthesie), het Frère Hospital in Oost-Londen en het Groote Schuur-hospitaal in Kaapstad, Zuid-Afrika. Zijn specialisatie volgde hij in het Marien Hospital Herne, het Universitätsklinikum in het Rurhgebied. Eerst een algemene opleiding, maar vanaf het tweede jaar bemachtigde Morlion een plek in het voor kandidaat-arts-specialisten gewilde beroemde pijncentrum van de kliniek.

Morlion vergaarde zijn kennis over chronische pijn uit boeken, tijdschriften en door congressen te volgen van o.a. de beroemde pijnarts uit Seattle, Amerika: John Bonica. Bonica benaderde chronische pijn holistisch, multi-disciplinair. Ook richtte hij de Wereldpijnorganisatie op. Het hoofd van de kliniek in Herne introduceerde pijnbehandelingstechnieken gebaseerd op Bonica’s visie: gedragstherapie, modderbaden, fysio, diëten.

Het hoofd anesthesiologie van het UZ Leuven haalde Morlion en gezin terug naar België, met de belofte van fulltime mogen werken aan pijnbestrijding. De Belgian Pain Society vormde zich rondom een groep gelijkgezinde Belgische pijntherapeuten en er ontstond een interdisciplinair pijncentrum (MPC), later Leuvens Algologisch Centrum (LAC): campus Pellenberg. Morlion organiseerde ook een op Duits idee gestaafde pijnweek voor in pijn geïnteresseerde assistenten en artsen, de ‘Cursus van Spa’, erkend als officiële universitaire opleiding. Pellenberg en het werk van Morlion trekt ondertussen interesse van artsen en studenten pijnbestrijding uit de hele wereld. Ook geeft hij wereldwijd lezingen en is als expert aanwezig op congressen. Hij neemt veel aan en is overal aanwezig -omwille van méér aandacht voor pijn.

Drie pijlers in het werk van Morlion

De aanpak van ‘team Morlion’ is gebaseerd op een uitgebreide intake, een constante dialoog met de patiënt, groeps-informatiesessies, aandacht voor het psychosociale aspect en een gelijkwaardig multi-disciplinair team met o.a. anesthesisten, revalidatieartsen, psychiaters, neurochirurgen, fysiotherapeuten, verpleegkundigen, maatschappelijk werkers en psychologen. Natuurlijk wordt er ook fysiek ‘ingegrepen’ (injecties, zenuwbehandelingen, stimulatie), maar niet onnodig. Ook al brengt het technische meer geld op dan een consultatiekamer.

Pijn rijmt op brein. We willen weten wat je denkt en voelt, inzicht krijgen in het verband tussen je leven en je lijden.

Bart Morlion

Uitgangspunt van Morlion en team is om, met goede begeleiding, het pijnprobleem minder prominent te maken in het leven van de patiënt:

  • met medisch-technische behandeling: medicatie, herhaalde periodieke ingrepen – dat levert vaak pijnvermindering tot 40% (of soms nog meer) op
  • door meer te bewegen – Morlion geeft een paar keer per week zelf het goede voorbeeld, ook al is hij niet het sportieve type
  • via het psychosociale: het ontwikkelen van kracht waarmee je je brein beter kunt gebruiken; soms ook met een deel heropvoeding en het afleren van bepaalde gewoontes

Bij chronische pijn is sprake van een storing in het breinproces. Een zenuwnetwerk dat uit balans is en maar niet hersteld raakt, miscommunicatie tussen neurotransmitters (de overdrachtsstofjes tussen zenuwen). Morlion pleit voor meer aandacht voor het mentale in de artsenopleiding, voor psychosociale vaardigheden en holistisch leren denken; idealiter via een eigen postgraduate richting. Ook ziekenhuizen en zorgverzekeraars moeten snel meegroeien in de groeiende aandacht voor de psychosociale zorg, vindt Morlion. ‘Het huidige gezondheidsbeleid is zelf chronisch ziek!’

Inspiratiebron: John Bonica

De Italiaan John Bonica (1917-1994) is de grondlegger van de International Association for the Study of Pain. Ook wordt hij in en buiten de Verenigde Staten gezien als ‘de grondlegger van de pijnbestrijding’. Bonica, die veel ervaring opdeed in een legerkliniek voor gewonde oorlogsslachtoffers, streed jarenlang voor de erkenning van de patiënt en zijn pijn. In 1953 schreef hij zijn ‘Bijbel van de Pijn’, The Management of Pain. Tevens ontwikkelde hij voorlopers van de huidige zenuwinjecties en -blokkades, werd door hem wereldwijd steeds meer kennis over pijnbestrijding gedeeld en ontstonden overal ter wereld pijnklinieken. Als professioneel ex-worstelaar had hij zelf vreselijke chronische pijnen.

Als patiënt op bezoek bij Dr. Morlion

Wanneer je als pijnpatiënt -vaak na wachttijd van een jaar- op consult komt bij Dr. Morlion in De Pellenberg, heb je eerst een grondige intake met een arts-assistent. Deze introduceert jouw dossier met een briefing van 10-20 minuten bij Dr. Morlion, gezamenlijk wordt een pijnbestrijdingsplan opgezet. Daarna volgt altijd een persoonlijk gesprek met Morlion zelf; soms ziet hij tot drie patiënten gelijktijdig in naast elkaar gelegen consultruimtes. Hij verdeelt de rest van zijn tijd tussen dagkliniek, operatiekamers en ‘kantoor’.

Een vraag die vaak in de consulten terugkomt is ‘Wat weegt het meest door: de fysieke pijn, of de pijn vanuit iemands gemoedstoestand?’ Vaak, maar zeker ook weer niet altijd, leiden psychische klachten tot lichamelijke pijn.

Het eerste consult is ook gericht op verwachtingenmanagement: het probleem zal niet (volledig) verholpen kunnen worden. Aanvaarding en verlichting is eerder het te bereiken effect, niet een totale oplossing. Meer kunnen doen, beter kunnen functioneren, ondanks de pijn. In het multidisciplinaire team wordt samen met de patiënt een strategie uitgewerkt, soms aangevuld met het Multidisciplinair Pijn Educatie Programma (MPEP).

Júist dat laatste is typisch voor de aanpak van Morlion, samen werken aan een beter bewustzijn en de patiënt actief mee laten werken aan eigen herstel. Lang niet altijd wordt technisch ingegrepen. Regelmatig ziet hij ‘professionele patiënten’ op het spreekuur: chronisch zieken die voor geen enkele therapie vatbaar zijn en vaak letterlijk verslaafd zijn aan medicatie. Mensen gáán maar door om een ‘reparatie’ voor hun medisch probleem te vinden, soms zijn ze te oud of te vastgeroest voor een andere manier van denken, voor acceptatie of berusting. Soms doet de partner daar in mee. De ‘medicalisering van problemen’ noemt Morlion het, met een epidemie van chronische pijn als gevolg.

Wat is pijn, soorten pijn

Pijn heeft een alarmerende functie; is er voor het behoud van je gezondheid. Maar soms gaat acute pijn over in chronische pijn. Een op de vijf mensen ervaart in een of andere vorm chronische pijn, dat zijn alleen al in de VS 50 miljoen mensen die dagelijks strijden met pijn. Een op de twintig mensen zijn beperkt in dagelijkse activiteiten.

Pijn is (IASP) ‘een onplezierige, sensorische en emotionele ervaring die gepaard gaat met feitelijke of mogelijke weefselbeschadiging of die beschreven wordt in termen van een dergelijke beschadiging’.

  • pijn heeft dus ook altijd een emotionele impact
  • pijn is een biopsychosociaal fenomeen

Bovenstaande definitie wordt binnenkort uitgebreid tot ‘Pijn is een zorgwekkende ervaring, die gepaard gaat met feitelijke of mogelijke weefselbeschadiging, met sensorische, emotionele, cognitieve en sociale elementen’.

Pijn kan je indelen op grond van:

  • tijd: acuut, chronisch
  • de relatie tot orgaansystemen: bv. muscoloskeletaal of visceraal
  • aandoeningen: bv. kankerpijn
  • medische behandelingen: bv. postoperatieve pijn
  • het onderliggende mechanisme: bv. neuropathische pijn (zenuwpijn, ontstaat na beschadiging van zenuwen, ruggenmerg of hersenen), nociceptieve pijn (ontstaat door prikkeling van het normale waarschuwingssysteem) of nociplastische pijn (pijnsyndromen die geen kenmerken vertonen van nociceptieve of neuropathische pijn; vaak is er dan pijn over het hele lichaam)

Soorten chronische pijn

Chronische pijn is pijn die langer dan drie maanden aanhoudt (6-12 maanden in klinisch onderzoek). Chronische pijn is ook pijn die langer blijft bestaan dan de verwachte hersteltijd. Chronische pijn komt nooit alleen, gaat vaak gepaard met andere aandoeningen. Chronische pijn is een slechte aanpassing aan een verstoorde prikkeloverdracht, ook als er geen schadelijke prikkels aanwezig zijn. De Europese Pijnfederatie beschouwt chronische pijn als een disease in its own right.

Er zijn zeven soorten chronische pijn:

  • chronisch primaire pijn (nociplastische pijnsyndromen -zonder activatie van pijnreceptoren- zoals fibromyalgie)
  • kankerpijn
  • postchirurgische en posttraumatische pijn (bv. pijn die ontstaat na doneren van een nier -ontstaat in 6 tot 34%! van de gevallen)
  • neuropathische pijn (stoornis in het zenuwstelsel)
  • hoofdpijn en orofaciale pijn (mond en aangezicht)
  • viscerale pijn (holle organen)
  • musculoskeletale pijn (spieren en botten)

Lage rugpijn

Daarnaast heeft de evolutie, bv. het feit dat we rechtop zijn gaan lopen, gevolgen gehad: meer druk op de wervelkolom, meer slijtage -met pijnklachten als gevolg.

Er is een aantal alarmsymptomen bij lage rugpijn:

  • medische risicofactoren: infectie, tumor of wervelbreuk -bv. koorts, urineverlies, verlies van kracht, onverwacht afvallen wijzen hier op
  • psychosociale risicofactoren: overtuigingen en emotionele reacties, onnodig zorgen maken, vermijding
  • psychiatrische risicofactoren: angst, depressie
  • relatie werk-gezondheid: gebrek aan steun of voldoening, lage werktevredenheid
  • contextuele risicofactoren: overbeschermende partner, omgeving die ziektegedrag versterkt of juist bagatelliseert.

De lage rugpijn ontstaat vaak door scheurtjes in de tussenwervelschijven. Als de geleiachtige inhoudt lekt heet dat een hernia, die vaak zorgt voor uitstralingspijn (ischias). Als therapie bij ‘niet-specifieke mechanische lage rugpijn’ (meestal door overbelasting) wordt vaak een combinatie van zelfmanagement, fysiotherapie en/of psychologische hulp ingezet. Er wordt niet snel ingegrepen, vaak herstelt men vanzelf. Bewegen en van houding wisselen helpen echt. Duurt de pijn langer dan kan een operatie volgen.

Pijn vanuit spieren

Fibromyalgie is tegenwoordig een verzamelnaam voor pijn (in gewrichten en op aanhechting tussen spieren en pezen) die in combinatie met slaapstoornissen, vermoeidheid, angst/depressie, darmproblemen en concentratiestoornissen komt. Vaak is er geen onderliggend ziekteproces of slijtage te zien. Ook wordt het wel benoemd als breuk tussen body en mind. Bij fibromyalgie is vaak het hele lichaam pijnlijk. De verwerking van (pijn)prikkels door het centrale zenuwstelsel is verstoord geraakt, ook wel centrale sensitisatie genoemd.

Een ziek brein of SOLK: onverklaarde lichamelijke klachten

Neuropathische pijn is zenuwpijn die het gevolg is van letsel of ziekte in het brein of ruggenmerg, bv. pijn bij CVA (beroerte), MS of verlamming. Er is geen duidelijke lichamelijke oorzaak te vinden, maar de pijn is reëel.

Ook kan pijn het gevolg zijn van een eerder trauma, of stress. Omdat er geen lichamelijke oorzaak te vinden is, zijn dan vaak zowel pijnspecialisten als psychiaters betrokken bij behandeling. Ook hier zijn de klachten zeer reëel en niet ingebeeld, er is alleen geen directe lichamelijke oorzaak te vinden. Er wordt gesproken van somatische symptoomstoornis: er zijn lichamelijke klachten zonder een lichamelijke ziekte.

Bij conversiestoornissen gaat er iets mis in de communicatie tussen hersenen en de aansturing van bepaalde delen van het lichaam. Bijvoorbeeld verlamming, verlies van zintuiglijke waarneming of motorische bewegingsstoornissen treden op. Ook hier is geen aanwijsbare biologische oorzaak voor de klachten.

Bij simulatie veinst een patiënt een lichamelijke of psychische stoornis welbewust, vaak voor materieel gewin. Bij een nagebootste stoornis, een psychische aandoening, is de motivatie vaak ‘aandacht’ ipv materieel gewin. Soms gaat het zo ver dat mensen zichzelf of anderen letsel toebrengen om aandacht te krijgen.

Welke factoren spelen mee bij de ontwikkeling van chronische pijn?

  • fysieke factoren: ten gevolge van bv. ontstekingen, stress, spierspanning, slechte houding, weefselbeschadiging
  • mentale en omgevingsfactoren: bv. door depressie, angsten, misbruik, posttraumatische stress
  • genetische factoren
  • milieugebonden factoren: kansarmoede, middelenmisbruik
  • sociale factoren: echtscheiding, vereenzaming

Chronische pijn begint vaak met acute pijn. Als dat langer duurt krijgt de pijn ook invloed op het centrale zenuwstelsel (brein en ruggenmerg), bv. overgevoelige zenuwbanen. De impact is voelbaar op de patiënt maar zeker ook op zijn omgeving. Afleiding en beweging helpen de chronische pijn onder controle te krijgen.

Hoe werkt pijn

Pijn wordt altijd in het brein geregistreerd, óók als die pijn ergens anders in het lichaam voelbaar is. Het ‘zit dus tussen de oren’.

Pijn werkt als een alarmsysteem. Dat alarm stuurt elektrische stroompjes richting het ruggenmerg. Dat verwerkt de stroompjes en sluist ze door via een poort (lees over de Gate Control Theory van Melzack en Wall). Deze staat normaal gesproken half gesloten: alleen prikkels die wijzen op gevaar worden doorgelaten. Neurotransmitters (noradrenaline, serotonine) sturen vanuit de hersenen de pijnpoorten aan. Aangename prikkels, zoals wrijven (tastzin) kunnen de pijnpoorten sluiten.

Tussen pijn en emotie (somberheid, angst, zorgen maar ook blijheid, positiviteit) zit een grote overlap in de hersenen. Negatieve emoties werken door op pijn, of kunnen er zelfs de oorzaak van zijn. Dat begint vaak al in de kinderjaren: trauma’s kunnen lang doorwerken op pijn. Ook al is de pijn niet (meer) aanwijsbaar: als de poorten open staan doordat prikkels fout worden verwerkt is de pijn voelbaar, niet ingebeeld. Er ontstaat een vicieuze cirkel. Aandacht en afleiding, maar ook je gemoed, kunnen de pijnperceptie sterk beïnvloeden: ze sluiten de pijnpoorten. Vooral muziek lijkt je hersenen goed af te leiden, maar bijvoorbeeld ook het vasthouden van een hand van je dierbare.

Bij chronische pijn wordt het alarmsysteem overbeschermend. Er is echter geen gevaar (meer), dus kan er ook niets ‘gerepareerd’ worden maar moet juist het breinproces zelf, het systeem zelf, worden gemanipuleerd: je brein moet opnieuw aanleren wat gevaarlijke prikkels zijn, en wat niet.

Chronische pijn beïnvloedt veel. Er ontstaat vaak somberheid en boosheid. De nachtrust wordt minder (minder goed herstel). De zin om te bewegen wordt minder, je lichaam verslapt. Je wordt minder scherp (fibro fog: hersenmist) of krijgt darmklachten. Ook hier ontstaat een vicieuze cirkel.

De invloed van leeftijd op pijn

Tot voor kort dacht men dat pasgeborenen nog geen pijn kunnen voelen; tegenwoordig weten we dat ook een foetus van 20 weken oud dat al kan. Ook rondom de hielprik of vaccinaties wordt tegenwoordig aandacht besteed aan (milde) pijnbestrijding. Pas vanaf zes jaar kunnen kinderen pijn beter waarnemen en benoemen. Vanaf het achtste jaar kunnen ze ook pijnscores benoemen. Angst voor pijn gaat dan meespelen en er zijn meer factoren die pijn kunnen triggeren, zoals angst, heimwee, verveling, isolement. Juist bij ouderen nemen pijnklachten ook vaak toe: meer kwalen, pijnlijke gewrichten, meer kankerpijn en zenuwpijn. Je eigen pijndemping functioneert minder naarmate je ouder wordt. Dementie zorgt er voor dat ouderen pijnscores minder goed kunnen aangeven; net als bij baby’s is pijn dan meer af te lezen aan gedrag.

De invloed van genen op pijn

Roodharigen zijn gevoeliger voor warmte- en koudeprikkels. Tegelijkertijd hebben ze vaak een hogere pijngrens en hebben ze bijvoorbeeld een hogere dosis anesthesie nodig. Ook zijn er verschillen in gevoeligheid voor pijnprikkels tussen volkeren en is ook geslacht van invloed op pijnervaring. Er zijn meer vrouwen dan mannen met chronische pijn. Wetenschappelijk onderzoek zou eigenlijk ook altijd verschil moeten maken tussen man en vrouw; de soorten pijn zijn vaak anders (denk bv. aan migraine bij vrouwen, clusterhoofdpijn bij mannen), de reactie op pijnstillers is anders, vrouwen reageren vaak heftiger op schokkende gebeurtenissen. De wisselwerking tussen zenuwen en hormonen is een deel van de oorzaak. Ook hebben vrouwen meer trauma’s vanuit de kindertijd dan mannen.

De wisselwerking tussen virussen en pijn

Eerdere virussen, zoals het griepvirus of hiv-virus lieten al zien dat het kan leiden tot verhoogde gevoeligheid voor pijn. Bijvoorbeeld pijn aan (long)weefsel, meer ontstekingen, spier- en gewrichtspijnen en verlaagde pijndrempels. Virale infecties kunnen uiteindelijk zorgen voor chronische pijn. Andersom kan chronische pijn leiden tot uitputting van het stresssysteem, wat weer kan leiden tot een verlaagd immuunsysteem. Mensen met chronische pijn kunnen dus vatbaarder zijn voor virussen.

Crisissituaties, oorlogen, rampen en grote maatschappelijke veranderingen kunnen -bij burgers en soldaten- ook leiden tot meer chronische pijn, bijvoorbeeld de wijdverspreide pijn, centrale sensitisatie en (spier)pijnklachten zonder fysieke oorzaak. Vaak gaat dat gepaard met chronische vermoeidheid, slaapstoornissen, depressie: de tekenen van bv. fibromyalgie.

Pijnbeleving

Er zijn drie dimensies in pijnbeleving:

  1. Sensorische: zintuiglijke hoedanigheid van pijn in termen van tijd (hoelang al), ruimte (waar) en druk en temperatuur (soort gevoel)
  2. Affectieve: hoedanigheid van pijn in termen van spanning, angst en autonome reacties
  3. Evaluatieve: subjectieve beleving van de pijn

De pijnzin (het nociceptieve systeem) is het vermogen om (dreigende) weefselbeschadiging waar te nemen ter behoud van je welzijn. Iedere pijnzin (pijnprikkel of kwetsende situatie) triggert een netwerk van hersengebieden dat de drie dimensies van pijnbeleving in kaart brengt. Als er geen fysieke prikkel is, gaat het om sociale pijn die invloed heeft op het hechtingssysteem (denk aan iemand die overlijdt, een relatie die uitgaat). Tegenwoordig wordt de psychosociale dimensie van pijn steeds belangrijker, denk bv. aan de fysieke pijn die op kan treden als je online wordt gepest, of de ‘wanhoop’ die je voelt als online likes uitblijven. Pijn kan dus zowel fysiek als mentaal optreden.

Chronische pijn volgt zijn eigen timing; de intensiteit wisselt van week tot week, dag tot dag, uur tot uur.

Op weg naar een duurzame oplossing: beter leren leven mét pijn

Een interdisciplinaire aanpak is nodig om de vicieuze cirkel te doorbreken. Idealiter vanaf het begin een combinatie van de volgende drie pijlers:

  • eerste pijler: medicatie -vaak juist een afbouw van medicatie die herstel van chronische pijn in de weg zit, bv. morfine. Dat werkt tijdelijk wel, maar het verdooft bij langer gebruik ook je hele wezen.
  • tweede pijler: medisch-technische ingrepen, bv. injecties of chirurgie. Vaak is al veel geprobeerd en ben je ‘uitbehandeld’.
  • derde pijler: de duurzame oplossing: aanvaarding en toewijding.

Onderdeel van de derde pijler kan ACT zijn: Acceptance and Commitment Therapy. Een combinatie van fysio, revalidatie, aanpak van breinprocessen en vooral ook beweging en een gezonde levensstijl. Dat alles bij elkaar moet het pijn’monster’ minder groot maken, minder onderdeel laten zijn van je identiteit. De waarden volgens welke je wil leven zijn hierin belangrijk; je moet teruggaan naar die waarden en er weer naar gaan handelen.

Het is belangrijk dat ook de gehele gezondheidszorg, en de financiering ervan, meebeweegt: niet alleen meer focus op het medisch-technische, maar zeker ook op gesprekken/consulten en therapie. Meer aandacht voor de sociale kant van de patiënt kan veel (medisch-technisch en maatschappelijk) geld besparen…zelfredzame patiënten kunnen ook weer meer deelnemen aan de maatschappij. Maar dan moet er wel ruimte voor komen en moet het werk van de pijnspecialist zowel in de medische wereld als in de politiek beter worden erkend. Morlion lobbyt veel, in België én als voorzitter van de Europese Pijnfederatie.

Interdisciplinaire pijnteams werken sámen met de patiënt aan een gezamenlijke doelstelling, waarbij idealiter collega-artsen taken van elkaar overnemen en grenzen tussen disciplines vervagen. De samenwerking betekent ook gezamenlijke motivatie, preventie, anticiperen. De patiënt uit de slachtofferrol krijgen, een grondige verandering in levenshouding bewerkstelligen, te laten werken aan eigen pijnmanagement. Vertrouwen en zorgvuldige communicatie is nodig, essentieel. Het haalt angst en stress weg, wat ook de pijnbeleving kan veranderen.

Morlion gelooft sterk in het practice what you preach-principe. Zelf óók voldoende bewegen en een gezonde levensstijl aanhouden. Patiënten die écht niet willen veranderen, daar kan hij weinig mee. Chronische pijn is voor hem niet een 100% technisch medisch probleem, het probleem wordt vaak, niet altijd, op de langere termijn alleen maar groter door technische ingrepen. Doelstelling van het Morlion team is niet volledige genezing, maar verbetering van het welbevinden.

Technische behandelingen

Morlion is niet tégen medisch-technische behandelingen, maar deze moeten wel op het juiste moment bij de juiste patiënt worden ingezet. En altijd in combinatie met iets anders.

Injecties

  • zenuwblokkade (infiltratie): het tijdelijk onderbreken van de pijngeleiding door het inspuiten van een lokaal verdovend middel. Risico: infectiekans, krachtverlies spieren.
  • blokkade van aantal zenuwen tegelijkertijd: bijvoorbeeld bij CRPS (complex regionaal pijn syndroom, vaak na fracturen aan ledematen)
  • neuraxiale techniek (epidurale injectie, spinale anesthesie): verdoven van zenuwen en ruggenmerg, al dan niet rechtstreeks in hersenvocht

Deze technieken hebben alleen bij een kleine groep chronische pijn patiënten op de langere termijn effect.

TENS

  • transcutane elektrische neurostimulatie, ofwel elektrische zenuwstimulatie door de huid heen, proces op de plek waar het pijn doet

Infuustherapie

  • tijdelijke pijnstilling waarbij via een infuus lidocaïne of ketamine wordt toegediend; hooguit één op de acht patiënten heeft een duurzaam effect

Denervatie

  • radiofrequente ontzenuwing: het uitschakelen van zenuwen met radiofrequente stroom, via verhitting. Biedt tot een paar maanden uitkomst, vooral bij rug- en nekpijn.

Ruggenmergstimulatie

  • spinal cord stimulation (SCS): het stimuleren van de zenuwbanen ter hoogte van het ruggenmerg met kleine elektrische impulsen, zodat pijnsignalen worden geblokkeerd voordat ze de hersenen bereiken. Een techniek waar Morlion zeker achter staat, maar ook een kostbare techniek. En mag vooralsnog pas worden toegepast als andere rug-ingrepen (die juist tot pijn kunnen leiden) hebben gefaald.

Hersenstimulatie

  • diepe hersenstimulatie (DBS, deep brain stimulation) en/of oppervlakkige hersenschorsstimulatie: implanteren van elektroden en stimulator die met stroompulsen de pijnimpulsen naar het brein onderbreken
  • magnetische stimulatie van het brein (TMS): opwekken van een stroompje in bepaalde hersengebieden via een korte magneetshock. Eventueel repetitief: rTMS.

De hierboven vermelde neuromodulatie technieken worden vooral met succes toegepast na het Failed Back Surgery Syndrom (FBSS, gefaald rugoperatie syndroom met blijvende zenuwpijn) en CRPS.

Fantoompijn

Een veel gestelde vraag onder pijnpatiënten: kan de zenuw, of het hele lichaamsdeel niet weg? Helaas helpt het volledig doorsnijden of wegbranden van de dikke zenuw niet en bovendien bestaat bij amputatie de kans op fantoompijn, die nóg moeilijker te controleren valt.

Kankerpijn

Opioïden zijn de basis van pijnstilling bij kanker. Werkt dit onvoldoende, dan kiest men soms voor neurolyse (stukmaken van de zenuw), ondanks het risico op fantoompijn. Een andere optie is het plaatsen van een katheter met pijnpomp. Vaak zijn dit ingrepen in de laatste levensfase, om het leven nog voor relatief korte tijd aangenamer te maken.

Over pijnstillers

Veel chronisch pijnpatiënten gebruiken te veel pijnstillers. Combineren mensen diverse medicijnen dan bestaat de kans op ondergebruik (te lage totale dosering) of juist overgebruik (te hoge totale dosering). Toch zijn de meeste pijnstillers niet geschikt voor duurzame effecten; vaak is er slechts een kleine tot gemiddelde afname van de pijnintensiteit.

Er zijn drie soorten pijnstillers.

Niet-opioïde pijnstillers

De bast van de witte wilg heeft van oudsher pijnstillende eigenschappen en werkt goed tegen ontstekingen en koorts. Salicylzuur is de pijnstillende stof van de wilgenbast. In de loop der tijd is het op de markt gekomen, eerst als aspirine en later in de vorm van paracetamol. Met name de lever kan beschadigd raken bij te hoog gebruik (bij de meeste patiënten max. 4 x 1 gram per dag, soms 3 x 1 gram). Paracetamol werkt het best bij acute pijn, soms in combinatie met andere medicijnen ook bij chronische pijn. Ibuprofen, Diclofenac en Naproxen zijn andere niet-opioïde pijnstillers met ontstekingsremmende werking, alleen werken ze niet goed bij chronische pijn en kennen teveel risico’s bij langdurig gebruik.

Opioïde pijnstillers

Opioïde pijnstillers, in tablet, capsule of pleister, dempen zowel de pijnsensatie als de reactie op de pijnsensatie. Veel morfineachtige, opioïde pijnstillers zijn een stuk veiliger in gebruik dan ontstekingsremmers. Alleen kunnen er bij langdurig gebruik vervelende bijwerkingen (o.a. verstopping) ontstaan en is er het risico op verslaving.

Atypische pijnstillers

Dit type pijnstillers, het meest gebruikt tegen chronische pijn, is primair ontwikkeld voor andere aandoeningen, maar blijkt ook een pijnstillende werking te hebben.

  • antidepressiva: versterken de pijndempende stoffen in de hersenen en geven het hele pijnremmende systeem in het lichaam een boost. O.a. amitryptiline, nortiptyline, duloxetine.
  • epileptica: met name bij zenuwpijn effectief, omdat ook daar net als bij epilepsie ontregelde ontladingen van elektriciteit in het zenuwstelsel voorkomen

Lokale pijnstillers

Geen vierde categorie, maar meer een ander soort toedieningsvorm: gels, crèmes en pleisters. Ze hebben vaak een goede plaatselijke pijnstilling: de pijn wordt bestreden op de plek waar het pijn doet. Werken ze goed, dan kunnen behandelingen als lokale zenuwbehandelingen of ingrepen nog zinvol zijn. Soms leidt het tot huidirritatie en roodheid, maar de bijwerkingen zijn vaak miniem.

Bijwerkingen

Bij het nemen van pijnstilling moet de afweging altijd zijn: wat levert het op aan pijnstilling en hoe gaat het ten koste van algehele welzijn. Zo’n hoge dosis dat je verder niet veel meer kan is geen goede levenskwaliteit. Start slow, go low. Het nemen van pijnstillers moet ook altijd weer gebeuren in combinatie met andere behandeling: multimodale aanpak.

Misbruik en verslaving

Middelenverslaving en gedragsverslaving komt vaak voor bij chronische pijnpatiënten. Er zijn duidelijke overeenkomsten in breinprocessen en gedragselementen tussen chronische pijn en verslaving, met daarin centraal het beloningssysteem. Ook bij pijnstillers zijn er steeds sterkere prikkels nodig om het beloningssysteem te bevredigen. Dopamine is de stof die zorgt voor een goed gevoel, maar zorgt ook voor communicatie tussen zenuwcellen. Mensen met chronische pijn hebben een tekort aan dopamine (groter risico op depressie en verslaving). Ook endorfines spelen een rol, lichaamseigen morfine-achtige stoffen.

Ontspanningstechnieken en andere mind-body interventies kunnen helpen om angstgevoelens en impulsen te leren beheersen, wat zowel voor verslaving als chronische pijn van nut kan zijn.

Alcohol speelt ook vaak een factor rondom het leven van een chronische pijnpatiënt. Bij hemzelf, bij de partner, of bij een ongeluk met pijn tot gevolg. Alcohol wordt dan ook vaak gebruikt als pijnstiller, soms ook drugs, om de onrust van de chronische pijn in het hoofd te verdoven. Roken is funest bij de behandeling van chronische pijn, het versterkt de pijn. Stoppen met roken is dan ook een harde voorwaarde in de praktijk van Morlion.

In steeds meer landen, zeker Canada, USA en Australië, is een ware opioïdencrisis ontstaan. Alleen al in de USA sterven 46 (!) mensen per dag aan een overdosis opioïden. Het voorschrijfgedrag van malafide artsen, de effectieve drugsbestrijding (illegaliteit), socioculturele factoren (armoede, werkloosheid) én de agressieve marketingcampagnes van de farmaceuten zijn de boosdoeners.

Impact van het computertijdperk

Fysieke effecten

Door overdadig computer- en smartphonegebruik ontstaan tegenwoordig veel blessures aan spieren van de arm, nek, pols, schouder en hoge en lage rug. De spierspanning stijgt door overbelasting, wat tot uitstralende pijn leidt. Bij kinderen leidt het direct al tot klachten, en op latere leeftijd tot artrose. Bovendien komt men minder buiten, wordt er minder bewogen, waardoor de spieren die die overbelasting moeten opvangen minder goed zijn getraind. Bij kinderen en jongeren leidt het zelfs tot een smartphoneschedel: een extra stukje bot in de vorm van een achterhoofdsknobbel.

Psychosociale effecten

Vooral mensen met weinig zelfvertrouwen voelen zich slecht als ze geen positieve feedback krijgen op social media. Of wanneer in het ‘echte’ leven de partner meer aandacht heeft voor het virtuele leven in smartphone of tablet dan voor het echte leven: sociale uitsluiting (een vorm van pesten), afwijzing en verbanning. Bij herhaling kan de fysieke en mentale schade chronisch worden; hersengebieden worden geactiveerd die te maken hebben met lichamelijke pijn.

De chronische pijnpatiënt in de online wereld

Juist mensen met chronische pijn zijn geneigd het ‘echte’ leven in te ruilen voor een virtueel leven: je bent fysiek beperkter, dus duik je in de online wereld. Maar ook daar schuilt het gevaar van pesten en uitsluiting. Tegelijkertijd kan het ook een plek zijn voor verbinding, lotgenotencontact, uitwisselen van kennis en ervaring ‘peer-to-peer communicatie’. Bij positieve ervaringen kan het een opstap zijn naar steun, kracht en herintegratie in de echte samenleving.

Ook de medische wereld werkt veel al digitaal. Dossiers staan online en kunnen eenvoudig worden bekeken. Artsen worden online bereikbaarder, toegankelijker. Ook pijndagboeken en patiëntdata rondom de pijnbeleving worden digitaal verwerkt. Data van steeds grotere aantallen pijnpatiënten wordt met hulp van artifical intelligence en computer-based decision support ingezet om het beleid rondom pijnmanagement bij patiënten te verbeteren en artsen optimaal in te zetten. Ethisch lastiger wordt het als het gaat om het managen van pijn op afstand via therapieën die op afstand te programmeren zijn, bv. neurostimulatoren en morfinepompen. Wat als het systeem op afstand gehackt wordt?

Meer aandacht voor mindfulness

Acceptance and Commitment Therapy

Een relatief nieuwe ‘trend’ in de pijnbestrijding is Acceptance and Commitment Therapy (ACT), ofwel ‘aanvaarding en toewijding’. Ook Morlion heeft moeten wennen aan ideeën vanuit de mindfulness; wat eerst vooral ‘zweverig’ was is tegenwoordig steeds sterker wetenschappelijk onderbouwd. Grotere aantallen patiënten die met mind-body technieken worden behandeld, betere opzet van het onderzoek met controlegroepen en placebo-interventies.

‘Een open geest geneest sneller’ – die gedachte. Mentale kracht kan binnen een behandelplan wel degelijk worden ingezet om anders te leren denken over pijn, ja zelfs om de invloed van die pijn te verminderen. Zónder nare bijwerkingen. Noch de fysieke noch de mentale interventie zijn ‘quick fixes’, helaas. Er is geen tovermiddel voor chronische pijn.

Homeopathie

Morlion heeft het moeilijker met homeopathie en homeopathische ‘genees’middelen. Wetenschappelijk niet tot nauwelijks bewezen, ‘wonder’middeltjes waar nauwelijks nog werkzame stof in zit. Het zijn eerder placebo’s, veelal gebracht in een setting die medisch aandoet waardoor het een (mentaal) effect op de patiënt kan hebben. Een open geest geneest sneller.

Mind-Body interventies

Cognitieve gedragstherapie (CGT)

Zowel het denken als het gedrag hebben invloed op het gevoel en op het handelen. Maar het denken heeft ook invloed op gedrag, en het gedrag op het denken. Met dit uitgangspunt kan CGT je helpen om je gedrag te beheersen en beter te leren omgaan met (emotionele) problemen als angst, boosheid, stress en schuldgevoel. Door een periode te oefenen en opdrachten uit te voeren kom je uiteindelijk tot positiever gedrag.

Ademhalingstechnieken

Ademhalingsoefeningen kunnen met name bij volwassenen met lage rugpijn effectief zijn om pijn terug te dringen.

Spierontspaning (Relaxatie)

Een techniek waarbij je met je gedachten de werking van je lichaam kunt beïnvloeden, je fysieke en emotionele stress kunt verminderen. Door deze techniek verandert je bloeddruk, hartfrequentie en spierspanning.

Meditatie en Mindfulness

Een techniek die wetenschappelijk bewezen effect aantoont op onder andere chronische pijn, stress en slaapstoornissen. Bovendien veel goedkoper dan medisch-technische interventies.

Yoga

Stretchoefeningen waarmee het lichaamsbewustzijn wordt verhoogd en stresssignalen worden herkend.

Tai Chi

Bewegingen in groepsverband die het emotionele evenwicht versterken en een compassievolle levenshouding stimuleren.

Qi Gong

Stretchpatronen die intentie en visualisatie combineren met beweging en ademhaling. Doel is om de spierspanning te verlagen, flexibiliteit te verbeteren, innerlijke rust te vinden en de algehele vitaliteit te verbeteren.

(Auto-)hypnose

Bewerkstelligen van veranderingen op het diepste niveau van je persoon, in je onderbewustzijn. Doel is om meer mentale harmonie te bereiken. Dit kun je ook zelf bereiken (auto-hypnose). Sommigen vinden het gewoon fijn te ontspannen, anderen kunnen daadwerkelijk denkpatronen veranderen en gewoontes afleren.

Guided Imagery

Al je vijf zintuigen worden ingezet om helende prikkels door je lichaam te zenden, inclusief je brein. Doel is om angst en stress te verminderen. Wordt effectief ingezet bij o.a. hoofdpijn en om onrust te verminderen bij kankerpatiënten.

Visualisatie

Mentale concentratie, geleide fantasie en verbeelding om verandering te bereiken op zowel fysiek, psychologisch als spiritueel niveau.

Biofeedback

Meten van lichaamssignalen om grip te krijgen op spierspanning, ademhaling, hartslag, temperatuur en andere lichaamsfuncties. Wordt met name ingezet als psychische problemen leiden tot fysieke klachten (stress, pijn, hoge bloeddruk e.a.). Draagt bij aan het verantwoordelijkheidsgevoel van de patiënt.

De kracht van muziek

Muziek vermindert chronische pijn en depressieve symptomen en wordt ingezet als aanvullende therapie bij chronische pijn. Het luisteren naar muziek kan een pijnstillend effect hebben. Onderzoek laat zien dat er tot 40% minder morfine nodig is als de patiënt ontwaakt uit een operatie met aangename muziek. Zelf actief muziek maken heeft een nog grotere invloed op klachten, al helemaal als dat in groepsverband is (sociale aspect).

Wie meer wil weten leest de boeken van professor en neuropsycholoog Erik Scherder of volgt het werk van professor psychologie Günther Bernatzky.

Revalidatie en fysiotherapie

Beweging, beweging, beweging. Zelfs mét pijn is het veilig om te bewegen. Forceren is uiteraard nooit goed, maar ook met chronische pijn kan je volgens een rustig schema je tolerantiegrens stapsgewijs uitbouwen. Actieve revalidatie vergt een inspanning van de patiënt, in tegenstelling tot de meer passieve medicijnen en spuiten. Binnen die revalidatie wordt uiteraard rekening gehouden met de lichamelijke beperkingen die chronische pijn met zich meebrengt, maar dat mag nooit activering in de weg staan. Revalidatie is alles wat onder het proces ná de technische ingreep door arts of specialist valt: dat is dus zowel fysieke revalidatie (activatie door bv. een fysiotherapeut) als mentale revalidatie (leren omgaan met de gevolgen, samen met bv. een psycholoog en maatschappelijk werker).

  • zorg bij revalidatie áltijd voor begeleiding
  • vermijd te lange rust, die kan zelfs contra-productief op je gezondheid werken: je spieren worden slapper, je beweegt nog minder, dat heeft weer gevolgen voor hart- en bloedvaten, enz.
  • omdat pijn wisselt in intensiteit, bestaat het gevaar dat je gaat inhalen als het ‘beter’ gaat, met het risico van overbelasting. Gelijkmatigheid, balans, is het doel.
    • vaak is het nodig om iemands normen en waarden te veranderen, wat je vindt dat je ‘zou moeten kunnen doen’ op een dag
    • omdat je lichaam anders reageert dan voorheen heb je tijd nodig om dat nieuwe lichaam te leren kennen, om de nieuwe balans te ontdekken
    • anderen gaan juist ‘vermijden’: te weinig doen

Belangrijk bij revalidatie is om samen (revalidatieteam + patiënt) te kiezen voor de juiste controlestrategie. Een aanpak te kiezen die positief werkt op de pijn, maar de patiënt ook voldoende ruimte blijft bieden om te doen wat hij wil doen (mits realistisch). Dat is een continue balans tussen actief zijn en rust nemen, maar ook níet over je grens heen gaan en taken opdelen in subtaken. De oefeningen die je doet moet je op de juiste manier uitvoeren, uitgaand van waar je op dat moment toe in staat bent (niet: in staat zou willen zijn).

Een doorlopende afweging van belasting en belastbaarheid. En: een aanpak die niet zozeer de pijn gaat wegnemen of verkleinen, maar wel een die je meer laat doen ondanks, of met de pijn. Binnen die aanpak staat de pijn niet ter discussie en wordt ook niet veel meer gepraat over de pijn zelf; die is bekend.

De patiënt geeft tijdens het revalidatietraject doorlopend input: welke activiteiten onderneemt hij allemaal, zonder dat het leidt tot extra pijn. Dat geeft uiteindelijk inzicht in onder- of overbelasting en kan aanleiding zijn om bepaalde taken of klussen onder te verdelen in kleinere stukken.

Over cannabis

Morlion is er helder in: zolang iets niet wetenschappelijk is bewezen, kan hij er weinig mee. Het risico van ‘toeval’ is simpelweg te groot, net zo als het risico op onverwachte bijwerkingen. De lobby rondom de inzet van cannabis voor chronische pijn wordt sterker de laatste jaren, maar cannabis werkt slechts ten dele bij enkele aandoeningen.

Cannabis bevat zoals wellicht bekend zowel BDC (cannabidiol) als THC (tetrahydrocannabinol), waarvan THC de meest hallucinogene is. Er zijn tot nu toe weinig cannabis-geneesmiddelen geregistreerd; het meeste aanbod is dan ook niet legaal en/of bevat geen THC of zelfs een hele lage dosis CBD. Maar omdat er weinig controle is, ben je nooit helemaal zeker van de werkzame stoffen in bijvoorbeeld oliën en sprays.

Mensen die vragen om medicinale cannabis hebben vaak:

  • chronische niet-kankerpijn (31%, meestal rugklachten)
  • chronischevermoeidheidssyndroom of fibromyalgie (23%)
  • kanker (15%)

Doordat ook in de pijnpoli’s steeds vaker gevraagd wordt om cannabis hebben de Belgian Pain Society (BPS) en de Vlaamse Anesthesiologische Vereniging voor Pijnbestrijding (VAVP) gewaarschuwd voor te snelle maatschappelijke aanvaarding van cannabis als geneesmiddel om pijn te bestrijden. De werking is vaak klein (‘marginaal’, aldus Morlion) en er kunnen stevige bijwerkingen zijn. Een paar medische indicaties kunnen in goed overleg leiden tot inzet van cannabis, waaronder MS, kankerpijn, neuropathische pijn en misselijkheid bij chemotherapie.

Morlion herhaalt het regelmatig in zijn boek: chronische pijn kan niet met één medicijn worden verholpen, er is een multidisciplinaire biopsychosociale aanpak nodig met aandacht voor fysieke én mentale aspecten. En daarbij komt; de introductie van een regulier medicijn vergt vaak een lang traject met veel controles en registraties (en een enorme investering); eenzelfde proces zou ook cannabis moeten doorlopen anders wordt er met twee maten gemeten. Hij is niet tégen cannabis, maar vóór sluitende bewijzen, gedegen onderzoek en zorgvuldige registratie. Hij is wel tegen het misbruik van de medische variant van cannabis door partijen die het als makkelijke opmaat voor de legalisatie van de recreatieve variant zien: iets wat medisch ‘goed’ is, kan in de vrije tijd toch ook prima?

Over kruiden

Kruidengeneeskunde is van alle tijden, van generatie op generatie wordt kennis over planten en hun geneeskrachtige werking overgedragen. De invloed van planten op chronische pijn is nog weinig onderzocht. Als hobbykok heeft Morlion een bijzondere interesse in planten en kruiden.

Citroenverbena (ijzerhardkruid)

Antibacterieel, ontstekingsremmend, pijnstillend, angstreducerend, spierrelaxerend. Extracten uit de bladeren worden ingezet tegen migraine, griep, neuropathische pijn, buikpijn en tegen slapeloosheid. Steeds meer onderzoeken bevestigen deze werking.

Pepermunt

Menthol, het hoofdbestanddeel van pepermunt, heeft aantoonbaar pijnstillende eigenschappen. Pepermuntolie wordt ingezet in de pijnbestrijding, bijvoorbeeld bij hoofdpijn, migraine, het brandendemondsyndroom, darmspasmen, buikkrampen (prikkelbaredarmsyndroom); soms vermengd met karwij-olie. Een speciale behandeling is wel nodig, omdat de menthol anders direct in de maag wordt afgebroken en er geen pijnstillende werking meer is.

Kaneel

Kaneel kan gebruikt worden als bewaarmiddel van voedsel (antimicrobieel), het kan symptomen van oprispingen verlichten, stabiliseert de glucosespiegel bij diabetespatiënten en kan een reducerend effect hebben op gewicht. Ook kan het menstruatiepijn en pijnlijke artrose verlichten en je breinactiviteit aanscherpen. Zenuwpijnen in voeten en handen kunnen gunstig reageren op kaneel en bijwerkingen van paracetamol tegengaan. De invloed van kaneel komt doordat het bestanddeel cinnamaldehyde goed inwerkt op pijnreceptoren.

Gember

De ontstekingsremmende en pijnstillende werking wordt al sinds de oudheid ingezet tegen veel verschillende klachten, zoals tandpijn, reuma, zenuwaandoeningen, astma, diabetes en migraine. Ook bij osteoartritis, spierpijn, aspecifieke chronische lage rugpijn en pijnlijke menstruatie lijkt gember pijnstillend te werken, al is daar nog meer onderzoek nodig.

Kamille

Kuidentherapie in het algemeen, en zeker kamille, werkt bij (chronische) spanningshoofdpijn. Maar ook bij hooikoorts, ontstekingen, osteoartritis, neuropathische pijn, spierspasmen, slapeloosheid, aambeien en reumatische pijn lijkt kamille pijnstillend en ontstekingsremmend te werken. Kamille wordt in verschillende vormen toegepast, bv. in gel of olie.

Chilipeper

Capsaïcine is de prikkelende stof in chilipeper, een stof die direct reageert met hittereceptoren in het lichaam. Hoe gek ook, maar overprikkeling van deze hittereceptoren kan pijnstillend werken. Het wordt ingezet bij zenuwpijnen met gevoelsstoornissen. Pijnlijke huidgebieden kunnen -onder begeleiding- worden behandeld met een capsaïcinepleister; dat kan tot 3 maanden pijnstilling geven doordat de kleine pijnzenuwen zich terugtrekken en verschrompelen. Daarna herstellen ze zich langzaam, vandaar de werking van drie maanden. Capsaïcine wordt ook ingezet bij het brandendemondsyndroom.

Kurkuma

In China en India worden dermatologische aandoeningen, infecties, stress en depressie al eeuwenlang behandeld met kurkuma, met het actieve bestanddeel curcumine. Het werkt als een hulpstof bij de vermindering van de afhankelijkheid van en tolerantie voor opioïden en wordt ook ingezet bij postoperatieve pijnstilling. Curcumine werkt ook ontstekingsremmend, daardoor wordt het ook gebruikt bij ontstekingspijn, zoals artrose. Lastig is dat het nauwelijks wordt opgenomen door de darmen, hetgeen verbetert als je het mengt met olie en piperine.

Kruidnagel

Eugenol is het hoofdbestanddeel uit de essentiële olie van de kruidnagel en heeft verdovende eigenschappen; handig bij bijvoorbeeld tandpijn. Ook werkt kruidnagelolie bij chronische jeuk, postnatale lage rugpijn en slecht werkende zenuwen in het aangezicht.

Saffraan

Crocine, het actieve bestanddeel in saffraan, werkt ontstekingsremmend en pijnstillend; het vermindert in een aantal gevallen ook de ontwikkeling van tolerantie voor morfine.

Alliantie tussen gezondheidszorg en voedingsleer

De geneeskunde begint steeds vaker de link te leggen met het belang van gezonde voeding en een gezonde leefstijl. Ook Morlion heeft, als ‘Dr. Foodie’, zelf de link weten te leggen tussen zijn passie als hobbykok en zijn missie als pijnspecialist. Er verschijnen zelfs publicaties over culinary medicine en het maken van medisch verantwoorde keuzes in voedsel en dranken die ziektes helpen voorkomen, beter behandelen of het herstel versnellen: de keuken als laboratorium, de maaltijd als medicijn.

Pijnsyndromen behoren inmiddels tot de top van niet-besmettelijke ziektes die tot een vermindering van levenskwaliteit én van de levensduur zelf leiden. Chronische hoofdpijn is de hoofdoorzaak van mentale en fysieke beperkingen. Maar ook: bijna 80% van de chronische aandoeningen kan vermeden worden door een gezondere levensstijl met betere eetpatronen. De gezondheidszorg heeft alleen maar baat dus bij een alliantie met lifestyle en voedingsleer. De kosten van het veranderen van gedrag van mensen en ze stimuleren om gezonder te eten zullen vele malen lager uitvallen dan de huidige kosten van operaties en medicijnen nodig voor de behandeling van chronische pijnpatiënten.

Preventie: het sleutelwoord

Als je het hebt over preventief gedrag, dan zijn er drie vormen van preventie:

  • primaire preventie: het voorkomen van acute pijn
  • secundaire preventie: het voorkomen dat acute pijn chronische pijn wordt
  • tertiaire preventie: het verminderen van de impact van chronische pijn op de levenskwaliteit

Het is bizar dat er eigenlijk nog zo weinig aandacht voor preventie is, hoewel dat iets aan het veranderen is. De sociale én economische gevolgen en kosten van chronische pijn zijn zó groot dat er véél meer aandacht voor preventie zou moeten zijn. Preventie is gemiddeld 3% van het totale gezondheidsbudget in iedere Europese staat en ook buiten Europa schommelt dat tussen de 2 en 4%. Zowel op individueel niveau (eetgewoontes, roken, drinken etc.) als op het niveau van de maatschappij (screenings, vaccinaties, voorlichting) kan en moet er veel meer gebeuren.

Morlion noemt het ‘reparatiegeneeskunde’: in plaats van te investeren in het voorkomen dat mensen ziek worden, wordt al het geld besteed aan de medisch-technische handelingen áls mensen eenmaal ziek zijn. Met campagnes als On the move en slogans als Zitten is het nieuwe roken probeert Morlion met collega’s meer bewustzijn te creëren omtrent de noodzaak van preventief gezondheidsbeleid. Fysieke activiteiten (iedere vorm van beweging) én oefenen/bewegen (geplande beweging) zijn effectief om pijn en vermoeidheid te reduceren en tegelijkertijd de functionaliteit te bevorderen. Heel veel (chronische) pijnklachten maar ook veel mentale problemen kunnen daar mee worden voorkomen.

Bij chronische pijn is een combinatie van strategieën en tactieken nodig om te leren omgaan met verschillende lagen en schakeringen. Doel is om naar behoren te kunnen functioneren in een dagelijkse setting. Pijnvermindering is niet het doel.

PIJN, Bart Morlion

Morlions Top-8 van tips om chronische pijn te voorkomen

  1. Gezond eetpatroon en gezond gewicht
  2. Voldoende water drinken
  3. Overmatig alcoholgebruik stoppen en niet roken
  4. Correcte basishouding
  5. Regelmatig van houding wisselen (werk en privé)
  6. Ontspannen en ademhalingstechnieken toepassen om stress te vermijden
  7. Gebruik maken van psycholoog of gedragsondersteuning indien nodig
  8. Regelmatig bewegen

Een paar andere waardevolle activiteiten voor een gebalanceerd leven: levensdoel hebben, zingeving, hechte banden met familie en vrienden, verbondenheid. Morlion is geïnspireerd door het principe van de Blue Zone: een aantal gebieden op de wereld waar mensen in harmonie en tevredenheid leven, bovenstaande principes toepassen en…gemiddeld langer leven. Wie wil zijn leven met chronische pijn nu niet inwisselen voor een leven in de blue zone?

Lees een ion 2018 verschenen artikel over de Blue Zones:

De ontwikkeling van de pijngeneeskunde

De echte pioniers rondom chronische pijn experimenteerden enkele tientallen jaren geleden, zonder specifieke pijnopleiding, met het verdoven van zenuwen. Die experimenten leidden tot ‘spuitklinieken’ verspreid over het land waar de nadruk lag op het behandelen van zoveel mogelijk patiënten met injecties. Na verloop van tijd wist men beter en kwam de multidisciplinaire behandelwijze in opkomst: naast medisch-technisch ingrijpen ook aandacht voor psychosociale aspecten van de chronische pijn.

Tegenwoordig volgen artsen specialistische (vervolg)opleidingen 100% gericht op pijnbestrijding en waarin het individu centraal staat met aandacht voor zijn individuele behoeften. Maar ook met de wetenschap dat de gedachte ‘als iets pijn doet, betekent het dat er iets in het lichaam stuk is dat gerepareerd moet worden’ bij chronische pijn niet meer opgaat. De mentaliteit van de ‘quick fix’ overheerst echter nog wel, mede gedreven door ondernemende artsen die met goede marketing ‘de patiënt wel even snel van zijn probleem wil verlossen’.

Er moet een verdere verschuiving gaan optreden waarbij de aandacht van arts en patiënt gaat naar het centrale zenuwstelsel en brein, in plaats van de anatomische plekken in het lichaam waar ‘het pijn doet’. Gezondheidszorg moet centraal komen te staan in plaats van het engere geneeskunde: aandacht voor het sociaal, psychologisch en fysiek welbevinden van alle burgers, niet alleen van de zieken. De grootste successen in de multidisciplinaire pijnbestrijding worden geboekt bij patiënten die de omslag weten te maken van dure technische interventies naar preventie, zelfmanagement, empowerment en sociale participatie.

Functionele pijnklachten zijn een symptoom van een zieke samenleving, waarbij stress en het afbrokkelen van familiale en sociale netwerken een grotere rol spelen dan weefselschade. Het aanpakken van de pijnlijke samenleving is de oplossing om het lot van individuele pijnlijders te verbeteren. Het is een taak van ons allemaal.

Bart Morlion over de kracht van het brein op de pijn

Deel je ervaringen

Dit boek over chronische pijn is wat anders opgezet dan andere pijnboeken. Het leest lekker weg, met veel anekdotes en de typerende ‘Morlion’-humor: droog, met ironie en een tikkeltje afstandelijk. Het boek volgt soms letterlijk Professor Morlion in zijn dagelijkse werk en zoomt ook regelmatig in op zijn privé-leven. Ik vind het een must-read, ik raad je zeker aan niet alleen deze samenvatting maar het volledige boek te lezen.

  • Heb jij het boek ook gelezen en mis je iets in deze samenvatting?
  • Wat vond je positieve en minder positieve dingen in PIJN – Beter leren leven met pijn? Heeft het boek je geholpen, en zo ja op welke manier?
  • Welke impact heeft het boek op jouw aanpak van chronische pijn gehad?

Deel je ervaringen via de reacties hieronder.

Heb je zelf een samenvatting van dit boek gemaakt?

  • Ik vind het leuk en nuttig deze te lezen.
  • Wellicht heb jij aanvullingen gemaakt die ik, met jouw toestemming, kan toevoegen aan bovenstaande samenvatting.
  • Laat het me weten door contact op te nemen.

Van welk boek zou jij graag een samenvatting lezen?

  • Reageer via de reacties hieronder en ik zet het boek op de leeslijst.

Meer lezen

Meer lezen over chronische pijn? Blader eens door het Blogmagazine Chronische Pijn.

  • In PIJN vind je trouwens ook een Pijn-ABC (p. 54 – 66), met een begrijpelijke uitleg van termen die je rondom chronische pijn vaak tegenkomt. Van Algologie (‘bestudering van pijn’) tot Coping (‘reactievermogen op stressvolle situaties’) en van Inflammatoir (‘mbt ontstekingen’) tot Neuropathie (‘niet goed functioneren van zenuwstructuren’).
  • Op de pagina’s 215-219 vind je een aantal tips over slapen en slaappatronen. Heb je moeite met (voldoende) slapen, lees deze dan eens door.
  • Op de pagina’s 242 en 243 vind je tips omtrent gezonde voeding bij chronische pijn; van het eten van meer vezels tot 2-3 liter water drinken per dag en van het beperken van suiker tot voldoende omega-3 vetzuren en olijfolie.
  • Heb je het boek zelf nog niet gelezen, kijk dan eens of je eigen bibliotheek een exemplaar uitleent.
  • Wil je het boek in je eigen boekenkast plaatsen, schaf het dan via onderstaande link aan. Je aankoop draagt bij aan Muziekids: méér opvang en beleving met muziek voor kinderen en jongeren in ziekenhuizen.
  • In 2015 werd door Latif Nasser een Ted Talk gegeven in memoriam van John Bonica.
  • Pijn en de poorttheorie van Melzack en Wall:
  • Lees meer over de Blue Zones methode – gelukkig en gezond oud worden:

Wat vind jij?

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.